• woensdag 19 August 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Suriname steelt land met wetten en wast zijn handen met verklaringen

Suriname steelt land met wetten en wast zijn handen met verklaringen

| starnieuws | Door: Redactie

Bijna elf jaar geleden, op 25 november 2015, veroordeelde het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens Suriname wegens schending van de rechten van de Kaliña- en Lokono-volken. Het vonnis was bindend. De staat moest hun collectieve gronden erkennen, afbakenen en demarceren, uiterlijk binnen drie jaar. In 2018 had dit geregeld moeten zijn.

Anno 2026 liggen de traditionele gebieden nog altijd onbeschermd, terwijl concessies voor houtkap, goudwinning en olie-exploratie worden verleend. Op de Internationale Dag van de Inheemse Volken deed
het Inheems Kollektief Suriname (IKSur) opnieuw een oproep. De oorspronkelijke bewoners hebben gelijk. De politieke klasse schaamt zich niet.

Het is geen nieuw patroon. Al in 2007 werd Suriname veroordeeld in de Samaaka-zaak over de rechten van de Saramaccaners. Toenmalig minister Stanley Betterson beloofde in 2013 dat dit vonnis binnen een jaar volledig zou worden uitgevoerd. Bijna twee decennia later zien we hetzelfde: vonnis, belofte, stilstand, een volgend vonnis. Wat vooral stoort, is de hypocrisie. Partijen die zich vandaag achter de Inheemse zaak scharen, hebben in een andere rol nagelaten wat zij nu van anderen eisen.

Neem de NDP. In mei 2023 eiste de fractie dat alle gronden in Inheems gebied onmiddellijk nietig zouden worden verklaard. De partij sprak over rechtszekerheid en rechtsbescherming. Zij had daar, zoals toenmalig vicepresident Ronnie Brunswijk terecht opmerkte, zelf tien jaar voor gehad onder president Desi Bouterse. Er kwam geen wet.

Toen
in 2025 een aangepast wetsontwerp werd ingediend, verleende de NDP-fractie geen quorum. In de regering laat men het liggen; in de oppositie eist men perfectie. De rol wisselt, het gedrag niet. Ook de ABOP heeft weinig morele autoriteit. Brunswijk beloofde bij de verkiezingen van 2020 dat de grondenrechten zouden worden geregeld. Vijf jaar later diende hij een ontwerpwet in die hij zelf “niet correct” noemde en omschreef als “het minimale dat je kunt geven”. De leefgebieden van in stamverband levende gemeenschappen werden niet afgebakend.

Een vicepresident die zijn eigen wetsvoorstel tekortkomingen toedicht en vervolgens de oppositie de schuld geeft, kan moeilijk als redder optreden. Het oorspronkelijke wetsontwerp lag bovendien jarenlang zonder behandeling in het parlement en bij de regering. Ook de NPS kent de rituele verklaringen. Op 9 augustus 2024 riep de partij de autoriteiten op de vonnissen van het Inter-Amerikaans Hof na te komen en de VN-Verklaring inzake de

Rechten van Inheemse Volken in nationale wetgeving te verankeren. Juiste woorden, maar zonder machtsconsequenties. Politieke partijen gebruiken Inheemse rechten als oppositiewapen en als regeringslast, maar zelden als basis voor daadwerkelijke wetgeving.


Intussen presenteert de regering een Wet Bescherming Woon- en Leefgebieden die slechts een strook van vijf kilometer rond dorpen beschermt. IKSur noemt dit terecht onvoldoende. De traditionele gebieden van de Kaliña en Lokono omvatten bossen, rivieren en jachtgronden die veel verder reiken.

Erger nog: de wet kwam volgens IKSur tot stand zonder betekenisvolle betrokkenheid van de Inheemse gemeenschappen. Dat staat haaks op het internationaal erkende principe van vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming. Er wordt over hun land beslist zonder hen, waarna van hen dankbaarheid wordt verwacht voor vijf kilometer bescherming.


Daar komt de criminalisering van Inheemse grondverdedigers bij. Mensen die hun leefgebied verdedigen tegen houtkap, mijnbouw en vervuiling worden vervolgd, terwijl wetgeving die hun rechten moet beschermen uitblijft. Het
recht wordt daarmee omgekeerd: wie het land beschermt, wordt vervolgd, terwijl gronduitgifte en concessieverlening doorgaan.

Lloyd Read van IKSur benadrukt terecht dat de strijd niet tegen ontwikkeling is, maar tegen ontwikkeling zonder deelname en instemming. Het gaat niet om een gunst, maar om een recht. Een bindend vonnis ligt er al bijna elf jaar. Suriname blijft in gebreke. De vraag van IKSur is daarom ook aan de samenleving gericht: hoe is het mogelijk dat oorspronkelijke bewoners nauwelijks zeggenschap hebben over hun eigen land, terwijl hun leefomgeving wordt bedreigd door vervuiling en exploitatie?

Het antwoord is ongemakkelijk. Het kan omdat de samenleving het toelaat, omdat Inheemse rechten te vaak worden afgedaan als een etnische kwestie in plaats van een mensenrechtenkwestie en omdat politici weten dat verklaringen op 9 augustus voldoende zijn om de schijn van betrokkenheid te wekken.


De Inheemsen hebben gelijk. De politieke partijen niet. Hun verklaringen klinken op
9 augustus als klokken, maar op 10 augustus zwijgen ze weer — tot het volgende seizoen, het volgende vonnis en het volgende onrecht. Suriname steelt land met wetten en wast zijn handen met verklaringen. Het is tijd dat iemand dat zegt. IKSur zegt het. De vraag is of iemand luistert — en of de politiek ditmaal meer biedt dan een jaarlijkse lege belofte.


Colvin Overdiep


U kunt het gehele artikel en de bijlage hier downloaden. 



Documenten: Bijlage_Suriname_steelt._._.pdf SURINAME_STEELT_LAND-II-1.pdf

| starnieuws | Door: Redactie