• vrijdag 17 April 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Spoken Dance 2.0 brengt inclusieve kunsteducatie naar Paramaribo

Ingediend door admin op

In Paramaribo gaat van 9 tot en met 12 maart 2026 een opvallend kunstproject van start waarbij leerlingen uit het speciaal onderwijs centraal staan. Tijdens de projectweek Dancing Words – Spoken Dance 2.0 maken jongeren met een fysieke en/of verstandelijke beperking kennis met een bijzondere mix van dans en spoken word. Daarmee wordt niet alleen ingezet op kunstbeleving, maar ook op expressie, zelfvertrouwen en zichtbare participatie van een doelgroep die in culturele trajecten vaak minder nadrukkelijk op de voorgrond staat.

Het project vormt een vervolg op een eerdere editie die vorig jaar al met succes werd uitgevoerd. Ditmaal slaan Introdans, de

Ilonka Elmont Foundation, Fonds Kind & Handicap en het Bureau Speciaal Onderwijs Suriname opnieuw de handen ineen om inclusieve kunsteducatie verder vorm te geven in Suriname. De activiteiten vinden plaats op de Mytylschool Suriname en de SO Grietjebieschool, waar in totaal ongeveer 93 leerlingen deelnemen aan een programma dat volledig is afgestemd op hun mogelijkheden en belevingswereld.

De kracht van het project zit in de combinatie van beweging, taal en verbeelding. De deelnemende jongeren worden uitgedaagd om via dans en gesproken woord uitdrukking te geven aan hun eigen ervaringen, emoties en leefwereld. Daarbij komen verschillende elementen samen: Surinaamse dansstijlen, het repertoire

van Introdans en spoken word als creatieve vorm van persoonlijke en culturele uiting. Juist die kruisbestuiving maakt het project opvallend en geeft het een eigen karakter.

De projectweek eindigt niet in stilte, maar mondt uit in een presentatie voor medeleerlingen, leerkrachten en genodigden. Daarmee krijgen de deelnemers letterlijk en figuurlijk een podium. Wat in de workshops wordt opgebouwd, wordt aan het eind van het traject zichtbaar gemaakt voor de omgeving, waardoor de leerlingen niet alleen deelnemers zijn, maar ook makers en performers.

Een ander markant onderdeel is het zogenoemde Teacher-to-Teacher programma, waarin Surinaamse en Nederlandse cultuur- en onderwijsprofessionals intensief met elkaar samenwerken. In deze co-teaching opzet draait het niet alleen om het begeleiden van leerlingen, maar ook om kennisdeling, didactische verdieping en het versterken van inclusieve werkmethoden. De bedoeling is dat het project daardoor verder reikt dan vier projectdagen en ook op langere termijn een impuls geeft aan het speciaal onderwijs en de culturele sector in Suriname.

Voor de invulling van de projectweek is een breed team van deskundigen samengesteld. Vanuit Introdans zijn choreograaf Adriaan Luteijn en dansdocent Mironne Gerritsen verantwoordelijk voor de dansinhoud en de coördinatie van de workshops. Op het gebied van spoken word en visuele kunst is Georgios Lazakis uit Nederland betrokken, terwijl de Surinaamse spoken word-artiest Jean-Luc “Koloku” Josafath de leerlingen begeleidt bij ritme, taal en persoonlijke verhaallijnen.

Ook vanuit Suriname wordt nadrukkelijk lokale deskundigheid ingebracht. Ariëlla Abas-Eriks, Ilan Myr en Zabdai Zamuel ondersteunen de workshops met aandacht voor lokale dansvormen, fysieke begeleiding en culturele inbedding. Daarnaast versterken een muziekdocent of ritmecoach, een cultuurpedagoog en een zorgprofessional het team, zodat niet alleen de creatieve inhoud, maar ook de toegankelijkheid en afstemming op de doelgroep gewaarborgd zijn.

De begeleiding van het Teacher-to-Teacher programma ligt in handen van Sarah Mensink en Nico Teunissen. Met die samenwerking tussen Surinaamse en Nederlandse professionals wil het project niet alleen leerlingen inspireren, maar ook bouwen aan blijvende deskundigheid op het gebied van inclusieve kunsteducatie. Precies daarin schuilt het meest opvallende van deze projectweek: een kunstinitiatief dat niet alleen optredens oplevert, maar ook structureel wil bijdragen aan meer inclusie, kennisuitwisseling en zichtbaarheid van speciaal onderwijs in de culturele wereld.

Echtpaar Plein-Thomas 50 jaar getrouwd

Ingediend door admin op

Het echtpaar Plein-Thomas heeft op woensdag 4 maart in stilte hun 50-jarig huwelijksjubileum herdacht in Paramaribo.

Ronald August Plein en zijn echtgenote Alma Marie‑Threse Thomas zijn al een halve eeuw met elkaar verbonden en kijken terug op een leven dat in het teken stond van onderwijs, kerk en gemeenschap.

Plein werd geboren op 3 april 1942 te Paramaribo. Hij komt uit een gezin van zeven kinderen en is het vierde kind. Van de zeven kinderen zijn er momenteel nog vier in leven. Hij belijdt het rooms-katholieke geloof en doorliep de lagere school en de MULO. Daarna schreef hij zich in op

de kweekschool, waar hij in vijf jaar de hoofdakten A, B en C behaalde.

In 1966 trad hij in dienst bij het onderwijs van het Rooms-Katholiek Bijzonder Onderwijs, waar hij 37 jaar werkzaam was. Zijn jeugd omschrijft hij als fantastisch, al was die ook streng. Zijn vader was politieagent, waardoor er volgens hem altijd sprake was van sociale controle.

Sport speelde een belangrijke rol in zijn leven. Hij beoefende onder meer voetbal en basketbal en kwam uit voor de voetbalverenigingen Jong Suriname, Victoria en Sunny Boys. Daarnaast was hij supporter van het basketbalteam Ravens.

Binnen de kerk was hij eveneens actief. Zo was

hij het jongste lid van de parochieraad en als jeugdleider verantwoordelijk voor de misdienaars van de Sint Bonifaciuskerk.

Verder was hij voorzitter van de fanclub van zanger Clyde Phatter en de muziekgroep Impression. Droevige momenten in zijn leven waren het overlijden van zijn moeder, een broer en een zus.

Thomas werd geboren op 5 juni 1950 te Paramaribo. Na haar geboorte groeide zij op aan de Anton de Komstraat en de Broodboomstraat. Haar ouders waren afkomstig uit Saint Lucia; haar vader stond bekend als de oudste Saint Luciaan in Suriname en overleed op de gezegende leeftijd van 105 jaar.

Ook zij doorliep de lagere school en de MULO, bezocht de kweekschool en behaalde haar hoofdakte in Handelswetenschappen. In 1971 trad zij in dienst van het Rooms-Katholiek Bijzonder Onderwijs, waar zij 43 jaar in het onderwijs werkzaam was. Zij gaf les op verschillende scholen en sloot haar loopbaan af als onderwijsinspecteur op een VOJ-school.

Haar jeugd omschrijft zij als positief en vol uitdagingen. Als hobby zet zij zich graag in voor anderen; zo is zij in haar kerk betrokken bij armenzorg. Daarnaast was zij actief binnen de meisjesbeweging van de Sint Bonifaciuskerk, onder meer in de padvinderij en de Mope-kring, eerst als kabouter en later als gids van het wit-gele kruis.

Ook was Thomas lid van de parochieraad van de kerk. Verdrietige momenten in haar leven waren het overlijden van haar ouders en haar zus.

Het echtpaar leerde elkaar kennen tijdens een zogenoemd “bijlegfeestje”. Toen Alma de ruimte binnenkwam, viel zij meteen op bij Ronald. Hij raakte met haar in gesprek en al snel volgden afspraakjes om samen naar feestjes en de bioscoop te gaan.

De ouders van Alma wilden graag weten met wie hun dochter uitging en nodigden hem uit voor een kennismaking. Niet lang daarna kwamen ook beide families samen op een feestje.

Op 4 maart 1976 trad het paar in het huwelijk in de Sint Bonifaciuskerk. Uit hun huwelijk werden twee zonen geboren en inmiddels zijn zij gezegend met vijf kleinkinderen.

Volgens het echtpaar ligt het geheim van hun langdurige huwelijk in doorzettingsvermogen, respect voor elkaar en een goede planning. Alma heeft daarnaast een boodschap voor jongeren: “Doe je best en zorg voor een dak boven je hoofd.”

Ter gelegenheid van hun 50-jarig huwelijk werd het echtpaar gehuldigd door de districtscommissaris van Paramaribo Midden, Ruchsana Ilahibaks. Zij overhandigde namens president Jennifer Simons een enveloppe aan het jubilerende paar. Tevens ontvingen zij een huwelijksoorkonde van het districtscommissariaat.