• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

“Aanbesteding Nickerie-Apoera verliep volgens regels”, stelt Nurmohamed

Ingediend door admin op

Minister Riad Nurmohamed van Openbare Werken (OW) zei tijdens een regeringspersconferentie vandaag dat alle aanbestedingen volgens geldende regels verlopen. Bij projecten van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB), is volgens de geldende specifieke procedures gehandeld.

Hij reageerde hiermee op kritieken over de gunning van het project ‘Rehabilitatie van de wegstrekking Southdrain tot Apoera’. Volgens de minister is de gunning rechtmatig en transparant verlopen.

De rechter heeft echter tijdelijk verboden dat het project wordt uitgevoerd, in afwachting van een juridisch onderzoek naar de gunning. De opdracht werd gegund door LVV aan Shiwan Tushan Suriname N.V.

Sewdien: Baitali heeft niet meegedaan aan openbare aanbesteding weg naar Apoera

Ingediend door admin op

Aannemingsbedrijf Baitali heeft niet meegedaan aan de openbare aanbesteding van het project “Rehabilitatie wegstrekking Southdrain – Apoera”. Dat vertelde minister Prahlad Sewdien vanmorgen op een regeringspersconferentie. Volgens hem was in eerste instantie het ministerie van Openbare Werken (OW) belast met het project.

Op een gegeven moment gaf OW aan geen geld meer te hebben voor de rehabilitatie van die wegstrekking, en vroeg aan LVV om dit over te nemen. LVV heeft toen een openbare aanbesteding gehouden, waaraan Baitali niet heeft meegedaan, zegt Sewdien.

Officiële overhandiging verkiezingsmateriaal door UNDP aan Biza

Ingediend door admin op

Op 8 april 2025 heeft de officiële overhandiging plaatsgevonden van het nieuwe verkiezingsmateriaal door de United Nations Development Programme (UNDP) aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken (BiZa). Het verkiezingsmateriaal is aangeschaft via een enkelvoudige aanbesteding in samenwerking met de UNDP. De overdracht werd formeel ondertekend door Bryan Drankenstein, Programme Officer van de UNDP, Biza-directeur Mohamad Eskak en lid van het Managementteam Rihanto Hardjopawiro. 

Versterking 

De samenwerking met de UNDP heeft geleid tot de aanschaf van onder andere moderne stembussen, stemhokjes en kabelbinders. “Dankzij deze samenwerking kunnen we afstappen van de traditionele melkbussen en overstappen naar internationaal gangbaar verkiezingsmateriaal”, zegt Eskak. Volgens

hem is dit een belangrijke stap richting internationale standaarden voor verkiezingsmateriaal. Drankenstein van de UNDP sprak zijn waardering uit: “Deze gezamenlijke inspanning heeft ertoe geleid dat het verkiezingsmateriaal op tijd aanwezig is, wat bijdraagt aan een vlot verloop van het Surinaamse verkiezingsproces.” Hardjopawiro wees op de waarde van voortzetting van de samenwerking met de UNDP: “We gaan in de toekomst de samenwerking continueren. Er zijn nog vele uitdagingen binnen het verkiezingsproces en via platforms zoals dat van de Verbetering Geïntegreerde Processen (VGP) kijken we samen met de UNDP naar mogelijkheden om deze verder uit te bouwen.”

Bredere samenwerking 

Er werd ook stilgestaan

bij het bredere samenwerkingskader tussen het Ministerie en de UNDP. Directeur Eskak gaf aan dat de ondersteuning verder reikt dan alleen verkiezingsmateriaal. “Ook op het gebied van gendergelijkheid hebben we ondersteuning ontvangen van de UNDP. Zo zien we inmiddels een grotere zichtbaarheid van vrouwen op de kandidatenlijsten van politieke organisaties – een positieve ontwikkeling en één van de concrete resultaten van deze samenwerking.”

SRD 700.000 verduisterd bij broodlevering door medewerker Fernandes

Ingediend door admin op

S.G., een broodleverancier in dienst van Fernandes Bakkerij, wordt ervan verdacht SRD 700.000 te hebben verduisterd door het apparaat dat het aantal geleverde broden per winkel registreert, te manipuleren. Omdat de verdachte
bij de vorige zitting bezwaar maakte tegen het feit dat het volledige bedrag aan hem werd toegeschreven, heeft kantonrechter Maureen Dayala een medewerker van de afdeling Interne Controle opgeroepen om als getuige te worden gehoord.


De medewerker van Interne Controle verklaarde woensdag dat Fernandes zich niet heeft vergist in het bedrag. “We hebben gekeken naar alle variaties, elke keer dat S.G. is uitgereden. Ook zijn alle routes van alle chauffeurs onderzocht. Daarna is onze rapportage opnieuw beoordeeld door de hoofdauditor van het bedrijf,” stelde de medewerker.

De raadsman van de verdachte, Irwin Kanhai, merkte op dat een andere getuige – eveneens een
medewerker van Fernandes – had verklaard dat het systeem waarmee de chauffeurs werken, op sommige momenten uitviel. De medewerker van Interne Controle verzekerde echter de rechter dat alle technische problemen zijn uitgesloten bij het berekenen van het verduisterde bedrag.

Tijdens een eerdere zitting gaf de verdachte aan dat hij ‘slechts’ SRD 100.000 had weggenomen. Er zijn meerdere chauffeurs en hun assistenten die geld hebben verduisterd tijdens de broodleveringen. De verduisterde bedragen variëren van SRD 45.000 tot SRD 175.000. De meesten hebben een betalingsregeling getroffen en zijn daarop in vrijheid gesteld.

S.G., die een van de hoogste bedragen zou hebben verduisterd, verzocht de rechter eveneens om in vrijheid te worden gesteld zodat hij kon beginnen met het terugbetalen aan Fernandes Bakkerij. De rechter gaf aan dat dit pas mogelijk zou zijn wanneer S.G. ten minste SRD 100.000 had terugbetaald. De verdachte werd emotioneel. “Mijn leven gaat achteruit, ik heb geen inkomsten en moet ook mijn advocaat betalen. Mijn kinderen kunnen niet eens elke dag naar school omdat er geen brood is,” zei hij huilend.

“U had aan uw gezin moeten denken toen u besloot strafbare handelingen te plegen,” reageerde de kantonrechter. De zaak wordt op 11 juni voortgezet.

Sewdien: Financiering gevonden voor wegstrekking Nickerie-Apoera

Ingediend door admin op

Minister Parmanand Sewdien van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft donderdag tijdens een persconferentie aangegeven dat de regering financiering heeft gezocht én gevonden voor het infrastructurele project ‘Wegstrekking Nickerie–Apoera’. “Deze zaak is
voor ons een non-case,” verklaarde Sewdien, als reactie op de onrust die is ontstaan nadat de kantonrechter de Staat heeft bevolen om alle werkzaamheden van dit project te staken, totdat er onderzoek is gedaan en een uitspraak is gedaan.


De rechtszaak is aangespannen door het Aannemingsbedrijf Baitali NV, dat naar eigen zeggen is uitgesloten van deelname aan de aanbesteding. Het project is gegund aan Shiwan Tushan Suriname N.V. voor een bedrag van bijkans US$ 44 miljoen.

Nu de zaak voor de rechter ligt, zegt Sewdien dat de regering toch besloten heeft om enige verduidelijking te geven aan de samenleving omdat er zoveel
ruis is ontstaan. Volgens hem zou het project aanvankelijk worden uitgevoerd door het ministerie van Openbare Werken (OW). In februari kreeg hij echter van OW-minister Riad Nurmohamed te horen dat er geen financiële middelen beschikbaar waren. Nurmohamed stelde voor dat LVV het project zou overnemen en uitbesteden, wat vervolgens ook gebeurde. “We zijn toen op zoek gegaan naar fondsen, en die hebben we ook gevonden,” deelde Sewdien mee.

Er volgde een openbare inschrijving voor bedrijven om het project uit te voeren. Volgens Sewdien zijn alle regels die gelden voor een aanbesteding nageleefd. De meeste van de vijf deelnemende bedrijven werden gediskwalificeerd omdat zij ofwel te hoog, ofwel te laag hadden ingeschreven. Het werk werd gegund aan Shiwan Tushan Suriname N.V. “Baitali is voor ons geen gesprekspartner, omdat zij niet hebben ingeschreven,” zei de minister.

Op de persconferentie was ook minister Nurmohamed aanwezig. Hij reageerde op de commotie rond een ander infrastructureel IDB-project aan de Van ’t Hogerhuys- en de Slangenhoutstraat. Ook daar heeft de rechter de Staat verboden het project uit te voeren of verdere stappen te ondernemen, nadat Baitali een rechtszaak had aangespannen. Nurmohamed stelt dat ook bij dat project de aanbesteding correct is verlopen.


Persconferentie OPTSU

Een uur na de persconferentie van de ministers hield de politieke organisatie OPTSU ook een persbijeenkomst. Daaruit bleek dat de financiering voor het project ‘Wegstrekking Nickerie-Apoera’ ten laste komt van de begrotingen voor de jaren 2026, 2027, 2028 en 2029. Hoewel het inschrijfbedrag voor het project US$ 10 miljoen bedroeg, werd het gegund aan Shiwan Tushan Suriname N.V. voor bijkans US$ 44 miljoen, omdat het bedrijf het project zal voorfinancieren. President Chan Santokhi heeft hiervoor een missive ondertekend.

Tijdens de persconferentie van OPTSU werd meegedeeld dat er een strafrechtelijke klacht is ingediend tegen de president en de twee ministers in verband met dit project. Volgens de organisatie is er sprake van fraude en machtsmisbruik. “Omdat deze regering weet dat zij niet zal terugkeren, heeft zij alvast de begrotingen van de komende jaren belast en de toekomstige regering opgezadeld met een schuld,” verklaarde Henk Ramnandanlal van de organisatie.



Advocaat Irvin Kanhai gaf aan dat er voldoende gronden zijn voor de strafklacht, omdat zowel ambtelijke procedures als de regels voor openbare aanbesteding zouden zijn geschonden. Dat de begrotingen van komende jaren nu al worden belast, terwijl ze nog niet eens in ontwerp zijn, noemt Kanhai een zeer ernstige zaak.


Kanhai trekt in twijfel als Shiwan Tushan Suriname N.V. wel de technische competentie heeft om dit infrastructureel project uit te kunnen voeren. Uit een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel en Fabrieken blijkt dat de onderneming is opgericht in 2012 door de ondernemer in de rijstsector Bhagwatpersad Ramadhin, die de Nederlandse nationaliteit bezit. In het KKF-uitstreksel  zijn de doelen van het bedrijf breed omschreven met werkgebieden in tal van technische en niet technische sectoren, zoals het bouwen van wegen en bruggen maar ook als import en exportbedrijf,  terwijl het ook als agent kan optreden ten behoeve van derden. Bij de inschrijving had Shiwan Tushan Suriname N.V. een werkkapitaal van SRD 50.000, terwijl er een gestort kapitaal staat vermeld van SRD 10.000.

Lidmaatschapstermijn als antwoord op malversaties met kandidatenlijsten

Ingediend door admin op

"Het is onacceptabel dat een verkiezingssysteem op zo’n onzuivere wijze beïnvloed kan worden door burgers. Het ondermijnt de kracht van ons kiessysteem. Politieke partijen worden nu gedwongen met minder kandidaten deel te
nemen, omdat dezelfde personen op meerdere lijsten verschijnen." — President Chan Santokhi


De kandidatenlijst is veel meer dan slechts een rij namen. Het is het visitekaartje van een politieke partij richting de kiezer – een weerspiegeling van haar programma, visie en diversiteit. Kiezers stemmen niet alleen op een partij, maar ook op de personen die namens hen het beleid vormgeven. Een goed doordachte lijst, met een sterke lijsttrekker en vertegenwoordigers uit verschillende maatschappelijke groepen, vergroot de kans op electorale winst.


Kracht sterke kandidatenlijst
De samenstelling van kandidatenlijsten verandert mee met de tijd. Digitalisering, globalisering en veranderend stemgedrag beïnvloeden steeds meer hoe partijen hun
kandidaten selecteren. Social media en data-analyse zullen in de toekomst ongetwijfeld een grotere rol spelen bij het aantrekken en profileren van kandidaten.

Het samenstellen van een kandidatenlijst is vaak een zorgvuldig proces van overleg en afweging. Partijleden dragen namen voor, waarna afdelingen of regio’s deze bespreken. Bij de uiteindelijke volgorde spelen uiteenlopende factoren een rol: populariteit, ervaring, inhoudelijke deskundigheid, en een goede balans in geslacht, leeftijd en achtergrond. In partijen met een democratische structuur worden de lijsten doorgaans vastgesteld door het partijbestuur en in sommige gevallen goedgekeurd door de algemene ledenvergadering of het partijcongres.

Kandidaten: representanten van partijwaarden

Kandidaten behoren de kernwaarden en doelstellingen van hun partij uit te dragen. Er worden selectiecriteria gehanteerd, zoals deskundigheid, maatschappelijke betrokkenheid, representativiteit (leeftijd, gender, etniciteit) én persoonlijke integriteit. Fatsoen, betrouwbaarheid en onkreukbaarheid zijn daarbij essentieel.


Structurele malversaties: symptoom dieper probleem

De recente misstanden rondom de kandidatenlijsten zijn geen incidenten, maar symptomen van een structureel probleem dat al tientallen jaren speelt. Zolang politieke partijen geen betalende ledenbestand hebben dat zich committeert aan een integriteitscode, blijven deze praktijken voortbestaan.


Een effectieve integriteitscode zou onder meer moeten vastleggen dat leden niet tegelijkertijd betalend lid mogen zijn van meerdere partijen. Daarnaast geeft een solide ledenbestand inzicht in het maatschappelijke draagvlak voor de ideologie van de partij.


Zonder gezamenlijke afspraken tussen partijen, zoals het hanteren van een minimale lidmaatschapstermijn van zes maanden voordat iemand kandidaat kan worden, blijft de deur openstaan voor beïnvloeding en corruptie. Hoe groter het aantal betrokken, betalende leden, hoe sterker het fundament van een partij in de samenleving.


Tijd voor fundamentele hervorming

De oplossing ligt niet enkel in digitalisering van het verkiezingsproces, maar in diepgaande structurele hervormingen binnen de partijen zelf. Het faciliteren van malversaties moet stoppen. Een belangrijke stap is het invoeren van een minimale lidmaatschapstermijn voor kandidaatstelling.


Daarnaast is het tijd voor een Wet op de financiering van politieke partijen. Politieke partijen zouden op basis van transparante criteria subsidie moeten ontvangen: afhankelijk van het aantal parlementszetels én het aantal geregistreerde leden. Alleen partijen die hebben deelgenomen aan de laatste verkiezingen en ten minste één zetel hebben behaald, zouden hiervoor in aanmerking moeten komen.


Een dergelijk systeem versterkt de democratie, verhoogt de transparantie en zet integriteit centraal in het politieke proces.

Drs. John Brewster




Akkoord over tijdelijke vergoeding voor meteorologen

Ingediend door admin op
Glenn Swamipersad, voorzitter MWO.

De Meteorologische Werknemersorganisatie (MWO), onder leiding van Glenn Swamipersad, heeft een akkoord bereikt met het ministerie van Openbare Werken, afdeling Onderzoek en Dienstverlening. De overeenkomst voorziet in een
tijdelijke toeslag van 10 procent op het salaris en een verantwoordelijkheidsvergoeding voor adjunct-meteorologen en meteorologen, in afwachting van een officiële functiebeschrijving.


Volgens de MWO is minister Riad Nurmohamed reeds op de hoogte gesteld van de herwaardering die plaatsvindt binnen deze beroepsgroep. Adjunct-meteorologen zullen worden opgewaardeerd van schaal 7B naar 9B, terwijl meteorologen zullen doorstromen van schaal 8B naar 10B. Twee medewerkers hebben de herwaardering inmiddels ontvangen; de rest wacht hier nog op.

De bond benadrukt dat deze herwaardering al jaren geleden had moeten plaatsvinden, mede gezien de verantwoordelijkheden richting belanghebbenden en gebruikers van de meteorologische informatie. Per weerbericht worden inkomsten in Amerikaanse
dollars gegenereerd, maar het is volgens de MWO onduidelijk waar deze gelden naartoe gaan. Tegelijkertijd zou er nauwelijks worden geïnvesteerd in noodzakelijke apparatuur.

De verschillen in beloning zorgen bovendien voor spanningen binnen de sector. Zo verdienen luchtverkeersleiders momenteel meer dan SRD 40.000, terwijl adjunct-meteorologen het moeten stellen met een salaris van iets meer dan SRD 14.000.

Toerisme is essentiële motor voor economische groei en ontwikkeling

Ingediend door admin op

Toerisme vormt een essentiële motor voor economische groei en ontwikkeling. Dit is naar voren gekomen tijdens het National Tourism Validation Roundtable event op donderdag 10 april in het Lalla Rookh-gebouw. Tijdens dit evenement zijn de bevindingen van een onderzoek naar de waardecreatie van toerisme gepresenteerd aan diverse belanghebbenden uit de sector. Dit onderzoek – Tourism Value Chain Analysis and the Development of Local Tourism in Suriname – is uitgevoerd met steun van de Wereldbank en richtte zich op het identificeren van kansen om de toeristische waardeketen te versterken. Het onderzoek was een initiatief van de ministeries van Economische Zaken,

Ondernemerschap en Technologische Innovatie (EZ) en Transport, Communicatie en Toerisme (TCT).

President Chandrikapersad Santokhi legde als gastspreker de nadruk op de noodzaak van samenwerking met alle betrokken partijen om te komen tot duurzaam toerismebeleid. “Een van de eerste maatregelen van mijn regering was het visumvrij maken van reizen naar Suriname, om het land toegankelijker en aantrekkelijker te maken voor toeristen”, aldus het staatshoofd. Hij onderstreepte dat Suriname over unieke troeven beschikt die sterker in de internationale markt gepositioneerd moeten worden.

President Santokhi noemde onder meer zangvogelwedstrijden, culturele festivals en de rijkdom aan ongerepte natuur. “Suriname moet zijn unieke eigenschappen, zoals het carbon-negatieve

profiel en de natuurlijke rijkdom, actief promoten als toeristisch product”, voegde de president eraan toe. Hij riep op tot concrete beleidsacties, tijdsplanningen en structurele maatregelen om toerisme uit te bouwen tot een van de belangrijkste inkomstenbronnen van het land.

Bij de presentatie waren diverse belanghebbenden uit de sector aanwezig, waaronder toerismebedrijven, districtscommissarissen en vertegenwoordigers van verschillende ministeries. De bijeenkomst bood ruimte voor actieve discussie over de implementatie van de aanbevelingen uit het onderzoek, met als gezamenlijk doel het realiseren van een duurzame en inclusieve groei van toerisme in Suriname.

EZ-minister Rishma Kuldipsingh benadrukte dat het onderzoek onderdeel is van een breder project, geïnitieerd met ondersteuning van de Wereldbank, waarbij ook internationale experts betrokken zijn. Het rapport is inmiddels samengesteld en zal voor verdere uitvoering worden overhandigd aan het ministerie van TCT.

“De studie heeft zich gericht op alle tien districten, waarbij per regio is onderzocht welke toeristische speerpunten het meest geschikt zijn om te ontwikkelen. Het is niet de bedoeling dat het bij dit onderzoek blijft – er wordt daadwerkelijk gewerkt aan implementatie. De Wereldbank zal ons blijven begeleiden en monitoren om ervoor te zorgen dat de resultaten ook daadwerkelijk worden gerealiseerd”, aldus de bewindsvrouw.

Minister Kuldipsingh gaf verder aan dat haar departement reeds diverse projecten uitvoert die raakvlakken hebben met toerisme. Zo noemde zij het KMO-fonds en het SURGE-programma, waarmee kleine en middelgrote ondernemers toegang krijgen tot financiële middelen, trainingen en apparatuur om hun producten en diensten te verbeteren en beter op de markt te brengen.

De paradox van het denken en de macht (deel 2)

Ingediend door admin op

In deel 1 van De paradox van het denken en de macht besprak ik enkele westerse denkers over democratie. In dit deel wil ik niet-westerse filosofen belichten die ook belangrijke bijdragen hebben
geleverd aan het begrip van democratie. Deze denkers bieden vaak andere perspectieven dan de westerse traditie, met nadruk op collectief bestuur, gemeenschap en rechtvaardigheid.

1. Confucius (551–479 v.Chr.) – China
Confucius pleitte voor deugdzaam leiderschap in plaats van macht of willekeur. In zijn werk Analecta benadrukt hij dat leiders ethisch moeten handelen en dienen als voorbeelden voor hun volk. Hij bevorderde een samenleving gebaseerd op harmonie en sociale orde, wat indirect bijdraagt aan een rechtvaardige samenleving.

2. Mahatma Gandhi (1869–1948) – India
Gandhi stelde een 'natuurlijke' democratie voor, gebaseerd op zelfbestuur (Swaraj) en zelfdiscipline. Voor hem was democratie niet alleen politiek, maar een manier
van leven waarin mensen actief bijdragen aan hun gemeenschap. Hij benadrukte sociale rechtvaardigheid, gelijke behandeling van alle groepen en decentralisatie van macht.

3. Mao Zedong (1893–1976) – China
Mao’s visie op democratie was sterk verbonden met marxistische theorieën. In plaats van de westerse liberale democratie stelde hij een democratische dictatuur voor, waarin de arbeiders- en boerenklassen de macht hadden om het kapitalisme te bestrijden en de revolutie voort te zetten.

4. Al-Farabi (872–950) – Islamitische filosofie
Al-Farabi pleitte voor een ideale samenleving geleid door een filosoof-koning, geïnspireerd door Plato. Zijn visie was gebaseerd op ethische principes, collectieve samenwerking en solidariteit, eerder dan op de individuele vrijheden die typisch zijn voor westerse democratieën.

5. Amartya Sen (1933–) – India
Sen benadrukt dat democratie essentieel is voor menselijke ontwikkeling. In Development as Freedom betoogt hij dat democratie, vrijheid van meningsuiting en eerlijke verdeling van hulpbronnen noodzakelijk zijn voor een rechtvaardige samenleving.

6. Ngũgĩ wa Thiong'o (1938–) – Kenia
Ngũgĩ wa Thiong'o pleit voor een democratie die loskomt van de koloniale invloeden en geworteld is in de traditionele gemeenschappen. Hij benadrukt de rol van cultuur en taal in de democratisering van postkoloniale samenlevingen.

7. Ibn Khaldun (1332–1406) – Islamitische wereld
Ibn Khaldun introduceerde het concept ‘asabiya’ (sociale solidariteit), wat essentieel is voor de stabiliteit van een gemeenschap. Zijn werk benadrukt dat een regering afhankelijk is van de steun van de bevolking en de morele kwaliteit van leiders.

Samenvatting
Niet-westerse filosofen bieden diverse benaderingen van democratie die vaak focussen op gemeenschapsleven, sociale rechtvaardigheid en moreel leiderschap. In plaats van de nadruk op individuele rechten leggen zij de focus op collectieve verantwoordelijkheid en ethische waarden. De ideeën van Confucius, Gandhi, Mao, Al-Farabi en anderen bieden waardevolle inzichten voor democratie in niet-westerse contexten.

In de volgende serie zal ik kort ingaan op Socrates’ visie op democratie.

Ismaël Kalaykhan


Zie ook:

deel 1

Ruzie over brood eindigt in schietincident

Ingediend door admin op

Bij een schietincident in de omgeving van 32 Pasie is J.V. (25) gewond geraakt nadat hij door zijn jongere broer T.R. werd neergeschoten. Hij liep een schotwond op aan zijn linkerdijbeen en werd door arbeiders overgebracht naar de polikliniek van de Medische Zending te Brownsweg.

Het incident vond plaats op dinsdag 8 april 2025 en zou zijn ontstaan na een ruzie over brood. J.V. beschuldigde T.R. ervan dat hij een medewerker in de keuken had gevraagd om hem geen brood te geven. De ruzie liep uit de hand, waarna T.R. een jachtgeweer pakte en gericht op zijn broer schoot.

De politie

van Brownsweg wist T.R. aan te houden. Bij zijn arrestatie werd het jachtgeweer aangetroffen en in beslag genomen. Na overleg met het Openbaar Ministerie is de verdachte in verzekering gesteld.