• woensdag 04 November 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Mennonieten zien af van kort geding tegen uitzetting, rechter beslist nog over proceskosten

Mennonieten zien af van kort geding tegen uitzetting, rechter beslist nog over proceskosten

| starnieuws | Door: Redactie

Persrechter Marjory Sanches licht de ontwikkelingen toe. (Foto: René Gompers) De mennonieten hebben hun kort geding tegen de uitzetting ingetrokken. Ook de zes achtergebleven personen willen Suriname verlaten voor gezinshereniging. Zij hadden via advocaat Derrick Veira een kort geding aangespannen tegen de Staat. Alleen over de proceskosten moet de rechter nog beslissen. Dat gebeurt maandag 9 november.

Persrechter Marjory Sanches heeft na de zitting vandaag een toelichting gegeven op de rolbeschikking die de kantonrechter in deze zaak heeft uitgesproken. Volgens haar
is de situatie sinds het indienen van het kort geding op 29 oktober ingrijpend veranderd, doordat het grootste deel van de groep inmiddels is uitgezet.

Advocaat Veira had namens de Mennonieten verschillende voorzieningen gevraagd. Hij wilde dat de Staat de voorgenomen uitzetting onmiddellijk zou opschorten en zijn cliënten toegang zou geven tot rechtsbijstand. Ook vroeg hij om een dwangsom van SRD 10 miljoen per dag bij het niet naleven van de gevraagde rechterlijke bevelen. Daarnaast vorderde hij een veroordeling van de Staat in de proceskosten, waaronder zijn advocaatkosten, die op SRD 150.000 waren begroot, of een door de rechter vast te stellen bedrag.

Volgens de persrechter hadden de eisers aangevoerd dat zij op uitnodiging van de Surinaamse overheid naar het land waren gekomen om landbouwactiviteiten te ontwikkelen. Zij stelden dat toestemming was gegeven aan vijftig gezinnen om in Suriname een toekomst in de landbouw op te bouwen. De
mennonieten voerden verder aan dat zij in 2024 aanvragen voor een machtiging tot kort verblijf hadden ingediend, maar daarop geen reactie hadden ontvangen. Daardoor zouden zij niet in staat zijn geweest het verdere traject voor het verkrijgen van een legale verblijfsstatus af te ronden.

Volgens hun advocaat hadden zij via de media vernomen dat hun aanvragen waren afgewezen. Daarop zouden zij de president om herziening hebben gevraagd. De Staat voerde als verweer aan dat de Vreemdelingenwet geen mogelijkheid biedt om op die manier herziening van het besluit te vragen.

Gezinshereniging

Tijdens de behandeling van het kort geding op maandag 2 november werd vastgesteld dat de omstandigheden waren veranderd. Het grootste deel van de 56 eisers was inmiddels uitgezet. Zes personen, onder wie moeders met jonge kinderen, waren nog in Suriname achtergebleven.

Volgens Sanches werd tijdens de zitting afgesproken dat advocaat Veira zijn achtergebleven cliënten op Kraka zou bezoeken om na
te gaan of zij hun vordering tot opschorting van de uitzetting wilden handhaven. Uit de verklaring die de advocaat dinsdag bij het gerecht indiende, blijkt dat de betrokken moeders ervoor hebben gekozen eveneens te vertrekken. Zij willen met hun partners, echtgenoten en overige kinderen worden herenigd.

Daarmee verviel volgens de persrechter hun belang bij het voortzetten van de vordering om de uitzetting tegen te houden. Ook de overige gevraagde voorzieningen, waaronder de toegang tot rechtsbijstand en de daaraan gekoppelde dwangsommen, zijn ingetrokken.

Onduidelijkheid over achtergebleven kinderen
Op vragen waarom de zes personen niet gelijktijdig met de rest van de groep waren uitgezet, antwoordde Sanches dat de rolbeschikking daarover geen uitsluitsel geeft. Zij wees erop dat bij de uitzetting van jonge kinderen mogelijk eerst hun nationaliteit moet worden vastgesteld. Daarbij verwees zij naar de Wet op het Surinamerschap en Ingezetenschap.

Volgens de persrechter kan een kind dat in
Suriname is geboren onder bepaalde omstandigheden de Surinaamse nationaliteit hebben. Of dat in deze zaak een rol heeft gespeeld, kon zij niet bevestigen. Uit de gerechtelijke stukken blijkt volgens haar niet waarom de betrokken moeders en kinderen aanvankelijk zijn achtergebleven.

De verklaring van de advocaat vermeldt dat de zes achtergebleven personen op 3 november in het kader van gezinshereniging willen worden uitgezet. Of hun vertrek daadwerkelijk dinsdag heeft plaatsgevonden, is nog niet bevestigd.

Uitspraak over proceskosten
De kantonrechter heeft vastgesteld dat de vorderingen tot opschorting van de uitzetting en de daaraan verbonden dwangsommen zijn ingetrokken. Over de resterende vordering betreffende de proceskosten wordt op maandag 9 november om 13.30 uur uitspraak gedaan.

Daarmee is het kort geding inhoudelijk grotendeels beëindigd zonder dat de rechter een oordeel heeft gegeven over de rechtmatigheid van de uitzetting. De enige openstaande beslissing betreft de vraag of de Staat de proceskosten moet
betalen.

| starnieuws | Door: Redactie