• woensdag 22 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Column: De regering of het totale volk?

Column: De regering of het totale volk?

| starnieuws | Door: Redactie

Hans Breeveld Het is gebruikelijk om het beleid van regeringen na het eerste regeerjaar tegen het licht te houden. Of dat de moeite waard is, is nog maar de vraag. Maar als je dat doet, moet er wel consistentie, dan wel eenvormigheid, aan de dag worden gelegd.

Een ideale situatie zou zijn dat deze evaluatie plaatsvindt aan de hand van een gepresenteerd regeerprogramma. Maar ook die vergelijking kan imperfecties vertonen. De meest ideale situatie zou zijn wanneer het een regering lukt
haar voornemens voor de komende regeerperiode puntsgewijs weer te geven en deze ook nog te periodiseren op grond van belangrijkheid. Of dat mogelijk is, is nog maar de vraag.

Helaas hebben velen die zich waagden aan een evaluatie van "één jaar regering-Simons" dit gedaan aan de hand van enkele verkiezingsslogans en oneliners. Het grote bezwaar dat daaraan kleeft, is dat er tijdens de verkiezingscampagnes weinig of geen aandacht werd besteed aan slogans als: "W'o kenki a systeem, a nyun pasi." Ze vormen geen functioneel onderdeel van de toespraken. Ze worden niet verdiept. Slogans worden erbij gehaald omdat sommigen denken dat ze erbij horen. Het gevolg hiervan is dat iedereen er een eigen draai aan geeft. Gefrustreerde kiezers – en die zullen er altijd zijn – krijgen daardoor voldoende gelegenheid om met behulp van deze slecht begrepen slogans regeringen het graf in te praten.


Slogans en oneliners zijn geen Surinaamse uitvindingen.
De verkiezingscampagne van Barack Obama in 2008 werd gedomineerd door de slogan: "Yes we can!" Het verschil zit in de wijze waarop in de Verenigde Staten respectievelijk Suriname slogans worden gelanceerd en, vooral, in de politieke cultuur die daar en hier wordt gehanteerd.

In Suriname brengen politici slogans alsof zij persoonlijk – of hooguit samen met hun politieke partij – de klus zullen klaren. In de Verenigde Staten begrijpen burgers dat niet de regering-Obama alleen de klus zal klaren, maar dat het "We" slaat op het Amerikaanse volk.

Van structurele ontwikkeling zal slechts dan sprake zijn als politici grote delen van de bevolking enthousiast weten te maken om mee te werken aan de ontwikkeling van Suriname. De president zal daarbij de inspirator moeten zijn en het volk voorgaan door zelf het goede voorbeeld te geven. Politici in ons mooie land presenteren zich te vaak als een 'Hercules' die
zichzelf laat inhuren om zogenaamd de achtergelaten 'Augiasstal' schoon te maken.

Een ander geluid hoorden wij van president John F. Kennedy tijdens zijn inaugurele rede op 20 januari 1961, toen hij de inmiddels wereldberoemde woorden uitsprak: "Ask not what your country can do for you – ask what you can do for your country."

Dezelfde rol vervulde ruim twee decennia eerder de Amerikaanse president Franklin D. Roosevelt tijdens zijn inaugurele rede op 4 maart 1933. Het was toen het dieptepunt van een wereldwijde economische crisis. Roosevelt stak het Amerikaanse volk – dat met grote angsten leefde – een hart onder de riem met de volgende beroemde woorden: "The only thing we have to fear is fear itself."

Niet iedereen kan zulke mooie volzinnen formuleren. Maar het gaat primair ook niet om die zinnen, maar om de bescheiden opstelling van regeerders, die het volk willen voorgaan door positieve
prestaties neer te zetten en het daar vooral actief bij te betrekken.

Onze politici moeten ophouden te suggereren dat zij het werk alleen zullen doen. Zij zullen het volk steeds vaker moeten oproepen en inspireren om zelf een wezenlijk deel van die taak op zich te nemen. Misschien werken er momenteel meer mensen in de publieke sector dan in het bedrijfsleven, maar als wij meer welvaart in ons land willen, zal de particuliere sector in omvang de publieke sector uiteindelijk op afstand achter zich moeten laten.

Er ligt inmiddels een jaar beleid achter ons. Ik complimenteer de huidige regering met de correctie van het gevoerde grondbeleid. Die zogenaamde grondconversie van de vorige regering gaf te veel de indruk dat de deur wagenwijd werd opengezet voor grondspeculatie. Ook de ontwikkelingen in de volkshuisvestingssector zijn veelbelovend.

Maar spannen de regering en vooral het parlement zich voldoende in om de
randvoorwaarden op orde te hebben voor het zo geroemde jaar 2028? Na de vele gemiste kansen uit het verleden krijgt Suriname opnieuw een kans om grote prestaties te leveren. Zal Suriname eindelijk schitteren zoals het altijd had moeten schitteren?

Als je echter te veel ministeries, te veel districtscommissariaten, te veel regeringsadviseurs, te veel ambassadeposten en te veel ambassadeurs uit de grond stampt, moet het je niet verbazen dat er uiteindelijk te weinig middelen overblijven om de geplande projecten te financieren.

Hans Breeveld

| starnieuws | Door: Redactie