• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Unieke historische betaalmiddelen verrijken Numismatisch Museum in Suriname

Ingediend door admin op

Het Numismatisch Museum van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) is een museum over geld in het pand van de Centrale Bank van Suriname aan de Mr. F.H.R. Lim A Postraat in Paramaribo.

Het museum is sinds eergisteren de trotse bezitter van bijzondere historische betaalmiddelen, afkomstig uit Nederland. Deze artefacten, waarvan de oudste dateert uit 1773, werden officieel overgedragen door De Nederlandsche Bank (DNB).

De collectie omvat unieke stukken, waaronder:

Deze objecten bieden niet alleen een kijkje in de geschiedenis van betaalmiddelen, maar vertellen ook verhalen over de historische banden tussen Suriname en Nederland.

De overhandiging vond plaats in aanwezigheid van prominente gasten, waaronder

Maurice Roemer, governor van de CBvS, Cees Ullersma van DNB en de Nederlandse ambassadeur Walter Oostelbos. Tijdens de ceremonie werd stilgestaan bij de waarde van deze historische objecten en de blijvende band tussen de twee landen.

Ambassadeur Oostelbos sprak zijn trots uit: “Deze objecten zijn niet alleen artefacten, maar symbool van een gedeelde geschiedenis. Het is mooi dat deze stukken nu in Suriname te zien zijn.”

Het Numismatisch Museum nodigt iedereen uit om de nieuwe aanwinsten te komen bewonderen. De collectie biedt bezoekers een kans om de rijke geschiedenis van betaalmiddelen in Suriname en de historische connectie met Nederland te ontdekken.

Met deze

overdracht benadrukken de CBvS en DNB niet alleen de historische waarde van deze objecten, maar ook de blijvende samenwerking tussen Suriname en Nederland. Het is een nieuwe mijlpaal in de culturele en historische relatie tussen beide landen.

Cubaanse landbouw wankelt nu orkaan Rafael voedseltekorten verergert

Ingediend door admin op
Boer Erwin Sanchez (52) plukt bonen op een veld in Caimito, Cuba. (Foto: Reuters)

De Cubaanse boer Leonardo Abreu klom over omgevallen bananenplanten in een veld naast zijn huis en nam de puinhoop in zich op, twee weken nadat orkaan Rafael van categorie 3 over Cuba raasde. Hij verloor bonen, yucca, mango- en avocadobomen en een bijna onvoorstelbaar aantal bananen. Ook
hekken. Zijn elektriciteitskabels zijn kapot, zijn generator is kapot. Hij heeft al twee weken geen elektriciteit. Hij heeft geen water om gewassen te irrigeren."We beginnen helemaal opnieuw", zei de 47-jarige inwoner van Caimito, met zijn hoofd in zijn handen. "Alles is weggevaagd."De pijn van zijn familie zal weerklinken in de hoofdstad van Cuba, Havana. Bijna 2 miljoen inwoners daar zijn afhankelijk van boerderijen als deze, in de aangrenzende provincie Artemisa, voor voedsel.Zelfs vóór de storm hadden Cubanen op het hele eiland - inclusief Havana - gezien dat de prijzen omhoog schoten, de overheidssubsidies opdroogden en voedsel steeds schaarser werd, het
resultaat van de ergste economische crisis in decennia op het eiland.De orkaan onderstreepte de toenemende kwetsbaarheid van Cuba's toch al kwakkelende landbouwsysteem - en de moeilijkheden die veel Cubanen ondervinden bij het vinden van voedsel."Als je denkt dat het nu slecht gaat, wacht dan een maand", zegt Abreu, die zijn leven heeft gewijd aan het boeren op land dat hij van zijn grootvader heeft geërfd. "We eten de schillen van de bananen."Boeren als Abreu "redden" zoveel mogelijk gewassen vóór en direct na de storm, oogstten niet helemaal rijpe vruchten en groenten en brachten ze naar de markt.Maar het vervangen van wat verloren is gegaan, is het volgende grote probleem, zei Jorge Luis Gonzalez, een 60-jarige veehouder die maandag te paard zijn vee door de weide volgde.In het beste geval, zei hij, zal het winterse plantseizoen - wanneer basisproducten als kool, sla en tomaten wortel schieten - worden uitgesteld."We kunnen niet planten. Er is geen water. De pompen werken op elektriciteit en zonder elektriciteit kunnen we niets doen", zei hij.De Cubaanse regering zei dinsdag dat ze de elektriciteit in 62% van de provincie Artemisa had hersteld.Instorting landbouwDe landbouwsector van het eiland was al in vrije val toen Rafael toesloeg. Cuba geeft de schuld aan Amerikaanse handels- en economische sancties, die het volgens de regering moeilijk maken om landbouwinputs en infrastructuur te kopen.Minister van Landbouw Ydael Perez Brito zei in oktober dat boeren werkten met slechts 10% van de brandstof die ze nodig hadden. Slechts 7% van het landbouwareaal in Cuba is geïrrigeerd, zei hij, en het land had de afgelopen vijf jaar slechts kleine hoeveelheden kunstmest, kippen- en varkensvoer kunnen kopen.Een recordbrekende exodus van migranten en slechte lonen hebben ook het platteland van werknemers uitgeput.Wat de reden ook is, de scherpe daling van de landbouw is duidelijk.Officiële statistieken tonen aan dat het aantal kippen, inclusief leghennen, sinds 2020 met 62% is gedaald, terwijl het aantal zeugen in de vruchtbare leeftijd in dezelfde periode met 73% is gedaald. Zowel eieren als varkensvlees, ooit hoofdbestanddelen van het Cubaanse dieet, zijn schaars en duur geworden.De prijzen voor fruit en groenten zijn ook omhooggeschoten, terwijl de hoeveelheid en de variëteit zijn gedaald. Volgens officiële statistieken bereikte de inflatie in augustus 30%.Alejandro Castillo, een gepensioneerde inwoner van Havana, zei dat hij zich zorgen begon te maken over het op tafel zetten van eten toen hij een zak groenten buiten een markt in Havana sleepte."Ik kom regelmatig op deze markt en de prijzen blijven maar stijgen. Er zijn nu producten, maar wat blijft er over voor het einde van het jaar?"

Wegenrehabilitatie Saramacca in volle gang

Ingediend door admin op

In Saramacca zijn er momenteel vanuit de rotonde, te Driesprong asfalteringsprojecten gaande. Het gaat om twee programma’s; een asfalteringsprogramma vanuit Paramaribo, door het ministerie van Openbare Werken (OW) en simultaan een rehabilitatieprogramma van de Wegenautoriteit, waarbij de Oost-Westverbinding wordt aangepakt. OW-minister Riad Nurmohamed sprak op dinsdag 19 november 2024 bij de start van de werkzaamheden over het belang hiervan.

Het asfalteringsprogramma van het ministerie omvat vier wegen die gefinancierd worden door de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) en OW. De Sidodadieweg is een van de vier wegen die aangepakt wordt, naast de Annemoestraat, de Gomperstraat en de Tourtonnelaan. Minister Nurmohamed benadrukte: “De

Sidodadieweg heeft hoge prioriteit. Deze weg was zwaar beschadigd en bijna onbegaanbaar voor personenauto’s, terwijl er ook veel zwaar verkeer overheen rijdt.”

Het tweede initiatief, dat gelijktijdig verloopt, betreft de rehabilitatie van wegen en de asfaltering van nieuwe wegen door de Wegenautoriteit. Het verschil tussen de twee programma’s is dat de Wegenautoriteit werkt volgens een specifieke lijst van wegen waarop zij bevoegd is om te werken. De Oost-Westverbinding is hierbij een van de belangrijkste prioriteiten. Momenteel worden er rehabilitatiewerkzaamheden uitgevoerd op de Oost-Westverbinding tussen Monkshoop (Kwatta) en de eerste brug in Saramacca. Het beleid van zowel het ministerie van OW als

de Wegenautoriteit is dat deze weg altijd in goede staat moet verkeren, vanwege het belang van de route voor transport van goederen, mensen en daarbij toeristen.

Bij de aanpak van de Sidodadieweg zal bovendien gebruik worden gemaakt van een nieuwe technologie. “Gezien het zware verkeer dat hier veelvuldig rijdt, zullen innovatieve methoden worden toegepast waarbij de fundering van de weg wordt versterkt, zodat deze de duurzaamheid en rijdbaarheid veel langer behoudt dan traditionele methoden”, meldt minister Nurmohamed. De wegwerkzaamheden in Saramacca zullen bijdragen aan het verbeteren van de infrastructuur en het bevorderen van de economische groei en mobiliteit in het gebied.

Statement Nationaal Jeugd Instituut i.v.m. 35 jaar Viering Internationaal Kinderrechtendag

Ingediend door admin op

Vandaag, op 20 november 2024, vieren we 35 jaar sinds de wereld de Verklaring van de Rechten van het Kind omarmde. Deze historische mijlpaal herinnert ons eraan dat elk kind recht heeft op bescherming, onderwijs, gezondheid en participatie in besluitvorming die hun toekomst bepaalt. 

Het Nationaal Jeugd Instituut benadrukt dat jeugdparticipatie niet alleen een recht is, maar een essentiële bouwsteen voor duurzame ontwikkeling en sociale rechtvaardigheid. Het actief betrekken van jongeren bij besluitvormingsprocessen zorgt ervoor dat hun perspectieven gehoord worden, en hun creatieve oplossingen bijdragen aan een betere samenleving. 

In Suriname vervullen de Jeugdraad Suriname, de CARICOM Jeugdambassadeurs, en de SDG

Jeugdambassadeurs een voortrekkersrol in het bevorderen van jeugdparticipatie. Zij vertegenwoordigen niet alleen de stem van de jeugd, maar werken ook als bruggenbouwers tussen beleidsmakers en jonge burgers. Dankzij hun inzet zien we steeds meer jongeren betrokken raken bij beleid en projecten die gericht zijn op hun eigen welzijn en de toekomst van ons land. 

Een belangrijke mijlpaal die we vandaag willen vieren, is de behandeling van de wet inzake het instellen van een Kinderombudspersoon in Suriname. Deze wet, die momenteel in behandeling is, markeert een cruciaal moment in de bescherming van kinderrechten. Met de instelling van een Kinderombudspersoon wordt een onafhankelijk

instituut gecreëerd dat waakt over de naleving van de rechten van het kind en als klankbord dient voor kinderen en jongeren. Dit toont aan dat Suriname niet alleen zijn internationale verplichtingen serieus neemt, maar ook een stap zet naar een toekomst waarin kinderen en jongeren een sterke stem hebben in hun eigen ontwikkeling. 

Als Nationaal Jeugd Instituut zullen wij ons blijven inzetten voor de versterking van jeugdparticipatie in beleid en besluitvorming. Samen met onze partners bouwen we aan een Suriname waarin kinderrechten niet alleen gevierd, maar ook gegarandeerd worden. 

Laten we deze dag aangrijpen om te reflecteren op onze verantwoordelijkheid jegens kinderen en jongeren, en samen te werken aan een rechtvaardige en inclusieve samenleving waarin zij volop kunnen groeien en bloeien. 

Paramaribo 20 november 2024

Nationaal Jeugd Instituut

Nieuw NIP-gebouw moet vaccinatiegraad helpen verhogen

Ingediend door admin op

Het Nationaal Immunisatie Programma (NIP) van het Bureau voor de Openbare Gezondheidszorg (BOG) is ondergebracht in een nieuw gebouw. De opening werd op woensdag 20 november 2024 verricht door minister Amar Ramadhin van Volksgezondheid. Volgens de bewindsman zal deze ontwikkeling eraan moeten bijdragen dat de vaccinatiegraad in Suriname verhoogd wordt. De nieuwbouw is tot stand gekomen met financiering en ondersteuning van respectievelijk de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) en de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO).

PAHO-vertegenwoordiger dr. Yafflo Quattara merkt op dat Suriname onder het vaccinatiegemiddelde in de regio zit. De PAHO-functionaris, minister Ramadhin, NIP-manager drs. Richard Kartomo en IDB-vertegenwoordiger Ian Ho-A-Shu hebben stilgestaan

bij het belang van het versterken van het NIP en het nut van vaccineren. Minister Ranadhin noemt vaccineren een preventie handeling en de rol van het BOG moet niet onderschat worden bij het beschermen van de samenleving tegen infectieziekten. “Het gebouw zal een belangrijke rol spelen in de verdere bewaking onze gezondheidszorg. Hiermee is ook een goede start gezet in de verdere ontwikkeling van onze volksgezondheid.”

Drs. Kartomo zegt dat de samenwerking met de PAHO, IDB en Volksgezondheid/BOG om tot deze mijlpaal te komen, aangeeft welke voorname plaats vaccinatie inneemt. Het NIP streeft ernaar om zijn doel van 95 procent gevaccineerde

kinderen in Suriname te halen. Drs. Kartomo toont zich dan ook ingenomen met de moderne opslag en verruimde koelingsruimten. Dr. Quattara zegt dat de PAHO toegewijd blijft om het nationaal immunisatieprogramma te ondersteunen. Ook hij kijkt ernaar uit dat de immunisatiedekking vergroot wordt. Volgens Ho-A-Shu moet de wereld zich niet afvragen of máár wanneer de volgende pandemie zich aanmeldt. Hij benadrukt dat het daarom van belang is om middels vaccinatie te bouwen aan een veerkrachtige gezondheidszorg.

Het nieuwe gebouw is volgens minister Ramadhin het eerste dat in het kader van het constructieproject – als onderdeel van het door de IDB gefinancierde Health Services Improvement Project – wordt opgeleverd. Binnen dit project vallen ook de nieuwbouw van het ministerie van Volksgezondheid, én het vervangen van het 97 jaar oude BOG-gebouw door een nieuw pand. Hiermee zullen alle diensten van het BOG verruimd worden. “Het heeft allemaal te maken met de herinrichting van de publieke gezondheidszorg”, aldus minister Ramadhin.

Aankomst president Santokhi in Guyana voor deelname aan CARICOM-India Summit

Ingediend door admin op

President Chandrikapersad Santokhi is aangekomen in Guyana. Het staatshoofd en zijn delegatie werden in de vroege ochtend van woensdag 20 november, officieel met militaire eer ontvangen. Deze ceremoniële verwelkoming benadrukt de sterke diplomatieke banden tussen de CARICOM-landen en India, evenals de betekenis van de CARICOM-India Summit.

Tijdens deze top zullen de leiders van de CARICOM-landen, onder leiding van premier Narendra Modi van India, bespreken hoe de samenwerking kan worden versterkt op belangrijke gebieden zoals handel, technologie, klimaatbestendigheid en duurzame ontwikkeling. De top biedt ook een platform om de historische banden en gedeelde waarden tussen India en de Caribische regio verder

te versterken.

President Santokhi’s aanwezigheid symboliseert Surinames toewijding aan het bevorderen van regionale samenwerking en het verkennen van mogelijkheden voor economische groei en innovatie. De president benadrukt dat Suriname als lidstaat van de CARICOM vastberaden is om samen met andere landen oplossingen te vinden voor gemeenschappelijke uitdagingen en te werken aan een meer geïntegreerde toekomst.

Naast de summit zal het staatshoofd deelnemen aan bilaterale gesprekken en andere activiteiten die gericht zijn op het versterken van Surinames diplomatieke en economische positie in de regio.

President Santokhi bespreekt versterking economische samenwerking met Suriname-Guyana Chamber of Commerce

Ingediend door admin op

Bij aankomst in Guyana heeft president Chandrikapersad Santokhi, samen met zijn delegatie direct een ontmoeting gehad met vertegenwoordigers van de Suriname-Guyana Chamber of Commerce. Tijdens deze bespreking werden belangrijke thema’s besproken die bijdragen aan het versterken van de economische samenwerking tussen beide landen. Hierbij is ook benadrukt dat er een goede samenwerking bestaat tussen de ambassade en de Chamber die uit meer dan 100 Surinaamse en Guyanese bedrijven bestaat.

De ontmoeting bood een platform voor een terugblik op de succesvolle International Business Conference (IBC) die in oktober van dit jaar werd georganiseerd in Guyana door de Chamber. Meer dan 40

Surinaamse bedrijven hebben meegedaan aan de IBC met daaruit voorvloeiende succesvolle partnerschappen en Memoranda of Understanding (MoU’s). Een uitgebreid rapport werd aan de president gepresenteerd, waarin de resultaten en impact van de conferentie werden geanalyseerd.

Een ander belangrijk onderwerp van discussie was de ontwikkeling van de bauxietsector in Suriname. Beide partijen verkenden de mogelijkheden voor samenwerking op dit gebied, waarbij werd benadrukt hoe gezamenlijke inspanningen kunnen leiden tot wederzijds voordeel en economische groei voor beide landen.

Voorts, werd aangekondigd dat de volgende editie van de International Business Conference van 4 tot en met 6 februari 2025 zal plaatsvinden in Paramaribo. De Suriname

Investment Trade Agency (SITA) speelt daarbij een cruciale rol. Verschillende beleidsterreinen en initiatieven zullen tijdens deze IBC Paramaribo uitgebreid aan de orde komen, waaronder: samenwerking in olie en gas, strategische trilaterale samenwerking tussen Guyana, Brazilië en Suriname, West-Suriname ontwikkeling. Een belangrijk deel van de IBC Paramaribo zal ook besteed worden aan business to business meetings.

President Santokhi benadrukte eveneens tijdens de gesprekken het belang van een hechte en dynamische samenwerking tussen Suriname en Guyana, niet alleen op het gebied van handel en investeringen, maar ook binnen strategische sectoren zoals natuurlijke hulpbronnen, infrastructuur en duurzame ontwikkeling. De president sprak zijn waardering uit voor de inspanningen van de Suriname-Guyana Chamber of Commerce en gaf aan dat de regering van Suriname zich blijft inzetten om de bilaterale relatie verder te verdiepen.

Deze bilaterale ontmoeting vormt een cruciale stap in het bevorderen van grensoverschrijdende economische partnerschappen, die een belangrijke bijdrage leveren aan de duurzame groei en welvaart van zowel Suriname als Guyana.

SAO brengt na 20 jaar weer trainingen naar Albina

Ingediend door admin op

De Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO) verzorgt na 20 jaar weer trainingen op Albina. Deze trainingen komen tot stand dankzij inspanningen van de presidentiële werkgroep “Albina in Ontwikkeling”, die het binnen twee weken voor elkaar heeft kunnen krijgen om de SAO-opleidingen te laten verzorgen in het grensstadje. Op vrijdag 15 november heeft de officiële start plaatsgevonden van de trainingen Elektro Huisinstallatie, Textiele Werkvormen en Barber.

“Van de cursisten worden inzet en motivatie verwacht om de training tot een goed eind te brengen”, sprak Arnold Boekoeroe, voorzitter van de werkgroep. Ook minister Henry Ori die de training opende, sprak de deelnemers

bemoedigend toe. De bewindsman zegt dat momenteel het landelijk trainingsproject “Wroko fu mek moni” wordt aangeboden, aangezien veel Surinamers behoefte hebben aan een vakopleiding; omdat zij de school vroegtijdig hebben verlaten en/of zich verder willen ontwikkelen. 

De trainingen binnen het project worden kosteloos aangeboden. De cursisten krijgen alle materiaal en de instructeurs komen naar Albina. Het zijn volgens de bewindsman zeer gemotiveerde instructeurs met ervaring, die ook met alle liefde en geduld de trainingen verzorgen. “De oproep is om mensen een vak te leren en kennis en vaardigheden bijbrengen”, aldus minister Ori. Ook hij vroeg de cursisten om motivatie, inzet en

tijd aan de dag te leggen.

Volgens Boekoeroe krijgt Albina met deze ontwikkeling uiteindelijk een betere toekomst. Hij zegt dat er bij gebrek aan kennis en wijsheid, sprake is van achteruitgang. “Nu is de tijd aangebroken dat kennis en wijsheid hun intrede doen in Albina, zodat het gebied rijk zal zijn aan ondernemers.” Boekoeroe benadrukt dat de trainingen ten goede komen aan jongeren en personen die eerder de kans niet hebben gekregen.