• donderdag 23 April 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Grote regentijd meldt zich 5 weken eerder aan; logistieke planning in de war

Ingediend door admin op

Suriname bevindt zich normaliter in de kleine drogetijd rond deze periode van het jaar. De grote regentijd begint rond eind april dan wel begin mei. Echter is de grote regentijd vijf weken eerder begonnen. Dit zou te maken kunnen hebben door klimaatsverandering, zegt minister Stephen Tsang van Openbare Werken

en Ruimtelijke Ordening (OWRO).

De logistieke planning voor het oplossen van de wateroverlast is hierdoor in de war geschopt, zegt Tsang. Zorg & Hoop heeft 57 mm neerslag gehad; in Nickerie is het 90.7mm. De grenswaarde voor zware regenval is tussen 30 en 40 mm per uur; wat dus inhoudt

dat er zware neerslag was.

Door stroomstoring kon het pompgemaal op Leonsberg niet optimaal ingezet worden. Hierdoor zijn bepaalde gebieden rondom Leonsberg getroffen door wateroverlast.

BIBIS bekijkt verschillende scenarios voor studenten in Cuba

Ingediend door admin op

Minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) zegt dat vanuit zijn ministerie verschillende scenario’s zijn uitgewerkt als het gaat om Surinaamse studenten in Cuba.

Cuba kampt met eeen stroomcrisis waar de studenten ook zijn getroffen. Zij kunnen geen onderwijs genieten en hun leefomstandigheden zijn slecht.

Verder beschikken zij niet over voedingsmiddelen om dagelijks te voorzien in hun levensbehoefte. Onder meer wordt gekeken naar een samenwerking met luchtvaartmaatschappijen voor de levering van goederen.

Hij verwacht dat de studenten hun achterstallige vergoeding deze week uitbetaald zullen krijgen. Belangrijk is dat ook de financiële middelen waarvan er een

achterstand is in uitbetaling, dat zij dat krijgen.

Suriname heeft een duidelijk Taalbeleid nodig, stelt Taalraad

Ingediend door admin op

Vandaag organiseerde het Sarnami Instituut Nederland het symposium “Taal als fundament van natievorming: de emancipatie, erkenning en toekomst van de Surinaamse talen.”

Tijdens het symposium werd besproken welke talen officieel worden erkend, welke worden ondersteund in onderwijs en cultuur, en welke vooral informeel gebruikt blijven. Dit laat zien dat

taal in een meertalige samenleving nooit neutraal is: sommige talen hebben een hogere maatschappelijke status dan andere.

Moenisha Hiwat-Mahabiersing, lid van de Nationale Taalraad Suriname zegt dat Suriname een duidelijk taalbeleid en een taalwet nodig heeft om het gebruik van talen in het land beter te regelen.

WWF Guianas organiseert 20ste editie van Earth Hour

Ingediend door admin op

Op zaterdag 28 maart vindt de 20ste editie van Earth Hour plaats in Clevia Park. Dit jaarlijkse evenement wordt georganiseerd door WWF Guianas en staat in het teken van bewustwording over natuurbehoud en klimaatverandering. Adley Breeveld, communicatiemedewerker van WWF Guianas, zegt dat Earth Hour een belangrijk moment om mensen

samen te brengen en aandacht te vragen voor de bescherming van de natuur.

Het thema van dit jaar is “We Need Wildlife, Wildlife Needs Us”, waarmee wordt benadrukt dat mens en natuur onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Het programma bestaat uit verschillende educatieve en recreatieve activiteiten voor jong en oud.

In de middag, van 16.00 tot 19.00 uur, kunnen bezoekers deelnemen aan onder andere een Wildlife Trail, een educatieve speurtocht door de natuur, en creatieve activiteiten zoals het schilderen van dieren. Ook is er een Knowledge Park, waar meer informatie wordt gegeven over natuurbescherming in Suriname, en kunnen bezoekers kennismaken
met wildlife rangers.

In de avond vindt het hoofdprogramma plaats op het podium. Dit begint om 19.00 uur met een welkomstwoord, gevolgd door een wildlife quiz en een Animal Parade, waarbij kinderen in dierenkostuums deelnemen. Om 20.00 uur worden traditioneel de lichten gedoofd tijdens de Lights Off Show, een symbolisch moment

waarmee wereldwijd aandacht wordt gevraagd voor klimaatverandering en natuurverlies.

Guyana dient protest in tegen Surinaamse heffingen op Corantijnrivier

Ingediend door admin op

De president van Guyana, Irfaan Ali, heeft scherpe kritiek geuit op nieuwe heffingen die Suriname zou hebben ingevoerd voor het gebruik van de Corantijnrivier. Volgens Ali hebben deze maatregelen met name gevolgen voor hout- en steengroevebedrijven die actief zijn in het grensgebied.

In een verklaring stelt de Guyanese president dat

zijn regering formeel protest heeft aangetekend bij de autoriteiten van Suriname. Guyana wacht momenteel op een officiële reactie. “Deze ontwikkeling is zorgwekkend en heeft implicaties voor economische activiteiten en de langdurige afspraken tussen beide landen,” aldus Ali.

De president benadrukt dat het protest is ingediend in een geest van dialoog en

wederzijds respect, met het oog op het behoud van de goede bilaterale betrekkingen. Tegelijkertijd waarschuwt hij dat dergelijke maatregelen het handelsverkeer kunnen belemmeren en het vertrouwen van bedrijven kunnen ondermijnen. “Dit soort stappen kan onnodige barrières opwerpen voor ondernemers die afhankelijk zijn van voorspelbare en eerlijke voorwaarden,” stelt hij.

Ali wijst

er verder op dat Surinaamse bedrijven en investeerders in Guyana volgens hem altijd zonder discriminatie of beperkingen hebben kunnen opereren. Die open houding vormt volgens hem een belangrijk uitgangspunt in de samenwerking tussen beide landen.

De Guyanese regering doet daarom een beroep op Suriname om de genomen maatregelen te heroverwegen. Daarbij

wordt gewezen op het principe van wederkerigheid als basis voor de bilaterale relatie. “Wij verwachten dat Suriname afziet van acties die als willekeurig of schadelijk kunnen worden ervaren voor onze gezamenlijke doelstelling om de samenwerking te verdiepen,” aldus de president.

De kwestie rond de Corantijnrivier dreigt daarmee een nieuw spanningspunt te

worden in de relatie tussen beide buurlanden, die traditioneel wordt gekenmerkt door nauwe economische en historische banden.

Cubaanse ambassadeur op beleefdsheidsbezoek bij minister Currie voor vertrek naar Cuba

Ingediend door admin op

Minister van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur, Dirk Currie, heeft op woensdag 25 maart 2026  de nieuwbakken Surinaamse ambasasadeur in Cuba, Genia Lank-Corinde, ontvangen. Tijdens dit onderhoud zijn kansen voor samenwerking op het gebied van onderwijs en cultuur besproken.

Tijdens het gesprek werd er stilgestaan bij de situatie van de Surinaamse

studenten in Cuba die, eerder deze week hebben aangegeven terug te willen komen naar Suriname ten gevolge van de de energiecrisis, gebrek aan basisvoorzieningen en aanhoudende stroomuitval, wat hun veiligheid en studievoortgang direct bedreigt.

De minister is van mening dat de studenten ondersteund moeten worden, want daar is de overheid voor

verantwoordelijk. Samen met zijn collega’s Melvin Bouva van het Ministerie van Buitenlandse Zaken,Internationale Handel & Samenwerking en Adelien Wijnerman  van Financiën en Planning kijkt de minister uit naar een passende oplossing voor de situatie. Voor de studenten die, ondanks de aangeboden hulp terug wensen te komen, zoekt de bewindsman naar
een oplossing. Er is voorgesteld dat ze hun studie voortzetten op de Anton de Kom Universiteit of in Nederland.

Corinde wenst  zo gauw ze is aangetreden een effectieve samenwerking op het gebied van onderwijs, gezondheidszorg,landbouw en cultuur tussen beide landen te faciliteren. Currie ziet graag dat cultureel erfgoed ook op de

agenda geplaatst wordt, vooral in het licht van de Heritge Month die dit jaar in augustus gehouden zal worden.

 De minister wenst de ambassadeur veel succes in het vervullen van haar taken. Corinde vertrekt officieel op 5 April naar haar standplaats in Havana, Cuba.

“Price cap brandstof nodig, maar niet onbeperkt houdbaar”

Ingediend door admin op

De vastgestelde price cap voor brandstof is nodig, maar op lange termijn niet houdbaar voor de regering. Dit zegt Edgar Dikan, coördinator van het presidentieel Crisisbeheersingsteam, op woensdag 25 maart 2026 in gesprek met de Communicatie Dienst Suriname (CDS). Zijn reactie volgt op de beslissing van oliemaatschappij GOw2 om

– onder invloed van de internationale ontwikkelingen – haar brandstofprijzen te verhogen tot het door de overheid vastgestelde maximum (price cap). Dit besluit maakt dat de prijs voor een liter diesel en een liter unleaded naar respectievelijk SRD 53,27 en SRD 48,32 is gebracht.

Hiermee is tevens het prijsvoordeel ten opzichte

van andere oliemaatschappijen komen te vervallen. De price cap, die op 18 maart door de regering is ingesteld, heeft volgens Dikan als doel: het behouden van orde en rust in de economie en het tegengaan van inflatie. Deze regeling geldt voor alle nieuwe ladingen vanaf 18 maart 2026. Toch is
de maatregel niet onbeperkt houdbaar. De hogere internationale brandstofkosten worden momenteel opgevangen door de governmentake. “Als het verschil tussen de internationale prijs en de cap te groot wordt, neemt de druk op het overheidsbudget toe. Op een gegeven moment zal je moeten bijstellen”, legt de coördinator uit.

Bovendien kan de financiële

impact voor de overheid verder oplopen. Waar er aanvankelijk sprake is van minder inkomsten, kan dit omslaan in extra uitgaven. “Als het gat groter wordt dan de governmenttake, ga je als overheid zelf moeten betalen”, stelt Dikan. Over verdere aanpassing van de price cap zegt hij concreet dat de zaak
gemonitord wordt. Maar de scenario’s die zich voordoen, wijzen volgens de coördinator erop dat het inderdaad moet gebeuren. “Dat besluit zal tijdig worden genomen door de regering. Door deze schommelingen zullen we bij elkaar komen om het traject te bepalen”, voegt hij eraan toe.

Hoewel de prijsverhoging merkbaar is, benadrukt Dikan

dat de prijzen van GOw2 zich niet boven de vastgestelde grens bevinden en dat het dus positief te noemen is. Elke verhoging van de brandstofprijzen heeft impact op de samenleving, omdat dit volgens de coördinator doorwerkt in budgetten en bedrijfsvoering. Gezien de onzekere internationale ontwikkelingen roept hij de samenleving op
tot bezuiniging. Burgers worden geadviseerd bewuster om te gaan met brandstofgebruik en hun uitgaven beter te plannen.

“Let op uw rijgedrag en voorkom onnodige ritten. Plan uw trajecten efficiënt om verspilling tegen te gaan”, geeft Dikan de samenleving mee. Ook de productiesector krijgt het advies te kijken naar kostenbesparingen. Volgens Dikan

is het belangrijk om voorbereid te zijn op een periode van aanhoudende onzekerheid. “We hebben nog geen zicht wanneer de situatie genormaliseerd zal worden. Gewoon omdat we geen invloed daarop hebben.”