• donderdag 23 April 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

CACAOPRODUCTIE WORDT VERDER GEPROFESSIONALISEERD MET ‘NO BEAN LEFT BEHIND’

Ingediend door admin op

FOTO BRON: CACAO VRUCHT

Om de Surinaamse cacaosector te professionaliseren, is op 18 maart 2026 een driedaagse veldtraining in Good Agricultural Practices (GAP) afgerond in Tijgerkreek, Saramacca. De training, onderdeel van het project “No Bean Left Behind”, richtte zich op het verbeteren van zowel de productiviteit als de duurzaamheid van cacao

in Suriname.

Landbouwers uit Brokopondo, Tijgerkreek en Witagron kregen certificaten uitgereikt door Soedeshchand Jairam, directeur van CELOS, en Ellen Ligteringen, CEO van Tan Bun Skrati N.V., als erkenning voor hun deelname. De training werd ontwikkeld door CELOS in samenwerking met Tan Bun Skrati N.V., met ondersteuning van IDB Lab van de

Inter-American Development Bank Group. Theorie en praktijk werden gecombineerd om telers direct toepasbare kennis te bieden.

Tijdens de intensieve sessies leerden de deelnemers onder meer over bodemgezondheid, plantverzorging, ziektebeheer, agroforestry en efficiënte productietechnieken volgens internationale standaarden. De praktische aanpak stelt boeren in staat om hun productie te verhogen, terwijl ook aandacht

wordt besteed aan milieubehoud en duurzame landontwikkeling.

Het project “No Bean Left Behind” ontstond uit de behoefte om de wisselende opbrengsten en kwaliteit van Surinaamse cacao aan te pakken en de sector inclusiever te maken.

De samenwerking met Tan Bun Skrati N.V., tot stand gekomen via het Suriname Agriculture Market Access Project

van het ministerie van LVV, zorgde voor een bredere betrokkenheid van lokale cacaotelers. Volgens Ligteringen “bepaalt de kwaliteit van de cacaoaanplant uiteindelijk ook de kwaliteit van het eindproduct,” terwijl Rutger Lem benadrukt dat de behoefte aan diepgaande kennis over teelt en aanplant de directe aanleiding vormde voor de training.

Naast de

training introduceert CELOS het CELOS Agroforestry-systeem (CAFS), een innovatief model dat landbouw combineert met bosbeheer. Dit systeem biedt mogelijkheden om cacao structureel te integreren binnen een duurzaam en veerkrachtig ecosysteem. “Het doel is om cacao niet alleen productiever, maar ook veerkrachtiger en duurzamer te maken binnen het ecosysteem”, stelt Jairam.

UNITEDNEWS

 

Guyanese president Irfaan Ali protesteert tegen Surinaamse heffingen op Corantijnrivier

Ingediend door admin op

De Guyanese president Irfaan Ali heeft fel gereageerd op berichten dat de Surinaamse autoriteiten kosten in rekening brengen voor het gebruik van de Corantijnrivier. Volgens hem raken die maatregelen vooral hout- en steengroevebedrijven en dreigen ze de handelsrelatie tussen Guyana en Suriname onder druk te zetten.

Ali stelt dat de regering

van Guyana inmiddels formeel protest heeft aangetekend bij de Surinaamse autoriteiten en nu wacht op een reactie. Daarbij zegt hij dat Georgetown de kwestie heeft aangekaart in een geest van dialoog en wederzijds respect, met het oog op het behoud van de vriendschappelijke en coöperatieve banden tussen beide landen.

De Guyanese

president noemt de ontwikkeling zorgwekkend, omdat dergelijke heffingen volgens hem onnodige barrières kunnen opwerpen voor de handel. Ook waarschuwt hij dat dit het vertrouwen kan schaden van ondernemers die afhankelijk zijn van voorspelbare en eerlijke voorwaarden om zaken te doen.

Ali benadrukt verder dat Surinaamse bedrijven en investeerders al jarenlang kansen

krijgen binnen de Guyanese economie zonder discriminatie of onnodige beperkingen. Volgens hem is die open houding altijd een belangrijk onderdeel geweest van de relatie tussen beide landen.

Tegen die achtergrond wijst de Guyanese leider op het belang van wederkerigheid. Hij verwacht daarom dat Suriname de genomen stappen zal heroverwegen en uiteindelijk

zal afzien van maatregelen die als willekeurig of schadelijk voor de samenwerking kunnen worden gezien.

Met zijn verklaring voert Ali de druk op Paramaribo op om de kwestie snel op te lossen. Volgens hem is snelle aandacht nodig om de bilaterale handel, de ontwikkeling van de private sector en de goede

nabuurschapsrelatie tussen Guyana en Suriname niet in gevaar te brengen.

Currie: “Op dit moment zijn er vijf studenten die terug willen uit Cuba”

Ingediend door admin op

Vijf Surinaamse studenten in Cuba hebben volgens minister Dirk Currie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur (MINOWC) aangegeven dat zij vanwege de huidige situatie in dat land willen terugkeren naar Suriname. Afgelopen dinsdag is er vanuit het MINOWC en BIS overleg met de groep studenten geweest.

“We kijken aan dat we ongeveer

over 22 studenten praten die zich in verschillende fasen bevinden. Natuurlijk wil je ook hun ondersteuning hebben, maar op dit moment zijn er vijf studenten die terug willen. Gisteren waren het er zes en intussen zijn het er vijf geworden. De anderen hebben ervoor gekozen om daar te blijven”, zei
de minister woensdag voor aanvang van de Raad van Ministers (RvM)-vergadering.

Eén van de zorgpunten waarmee de studenten zitten, is hoe zij hun studie bij terugkeer gaan voortzetten. Hierover is er contact geweest met het bestuur van de Anton de Kom Universiteit om te bekijken hoe zij kunnen worden opgevangen. Deze

studenten zitten in verschillende studiejaren, waarvan enkele nog vier of vijf maanden te gaan hebben. Zij willen daarom eerst hun studie in Cuba afronden alvorens zij terugkeren.

In één geval gaat het om een student die Tandheelkunde studeert, een opleiding die niet mogelijk is in Suriname. Er wordt bekeken hoe hiermee

zal worden omgegaan.

Volgens Currie heeft hij woensdagochtend nog een gesprek gehad met de aankomende ambassadeur van Suriname in Cuba om voorbereidingen te treffen. Er is een lijst opgesteld die gebruikt kan worden om hulpgoederen als ondersteuning te sturen. Er is vervolgens een gesprek geweest met BIS-minister Melvin Bouva over hoe

deze hulpgoederen op een centrale plaats ontvangen kunnen worden, waarna deze aanstaande vrijdag kunnen worden overgevlogen naar Cuba.

Wat de achterstallige gelden van deze studenten betreft, zal hij dit in de RvM bespreken, aangezien de kosten zijn gestegen.

REGERING HAKT IN GOVERNMENT TAKE OM POMPPRIJS TE BEHEERSEN

Ingediend door admin op

De Surinaamse overheid grijpt in om een verdere stijging van de brandstofprijzen te beperken door een deel van de belastinginkomsten op brandstof, de zogeheten government take, op te offeren.

Volgens recente gegevens ligt deze bijdrage momenteel boven de SRD 10 per liter, waarmee de staatskas jaarlijks minimaal SRD 4 miljard

ontvangt. De regering is bereid een deel hiervan in te zetten om de pompprijzen binnen de vastgestelde ‘cap’ te houden.

Internationaal noteerde de oliemarkt donderdagochtend rond 5:30 Surinaamse tijd USD 94 per vat. Dit is aanzienlijk lager dan de USD 119 die volgde op de recente aanvallen van de Verenigde Staten

en Israël op de Iraanse oliemarkt, maar nog steeds ruim boven de USD 68 die gold vóór de incidenten. De gevolgen van deze prijsschommelingen zijn voelbaar in wereldwijde goederen- en dienstenketens, wat ook de binnenlandse prijzen kan beïnvloeden.

Volgens vicepresident Gregory Rusland biedt de regeling met de ‘cap’ tijdelijk verlichting voor

consumenten. “Als wij boven die prijzen gaan, dan gaat het af van de government take. Dus de overheid, de regering, levert daarmee een deel van de inkomsten in, om het volk gedeeltelijk tegemoet te komen.

Maar hierdoor hebben we de komende weken even rust”, zegt vicepresident Gregory Rusland.

UNITEDNEWS

President onderstreept belang agrosector bij overhandiging Japanse cassaveverwerkingsmachines

Ingediend door admin op

De agrarische vrouwencoöperatie Wi! Uma Fu Sranan heeft nieuwe machines ontvangen voor de uitbreiding van haar cassaveverwerkingsbedrijf. De overhandigingsceremonie vond plaats op 25 maart 2026. Deze donatie maakt deel uit van het Japanse Grant Assistance for Grassroots Human Security Projects (GGP). De geste stond verder in het kader van

het 50-jarig jubileum van de diplomatieke betrekkingen tussen Japan en Suriname. President Jennifer Simons sprak bij deze gelegenheid de vrouwen bemoedigend toe.

“Ik ben vandaag trots. De vrouwen van Wi! Uma Fu Sranan maken mij trots”, sprak het staatshoofd. Zij onderstreepte het belang van landbouwontwikkeling als volgt: “Eigen productie is belangrijk.

We moeten zorgen voor ons eigen eten, voordat we denken aan export.” Het staatshoofd riep op tot nationale inzet voor de agrosector. “Het is niet alleen de overheid of het geld; het is het volk van Suriname dat bereid moet zijn om te planten en te verwerken.” Ze benadrukte dat
de agrosector van groot belang is ten opzichte van de olie- en gasontwikkelingen.

Tania Lieuw-A-Soe, voorzitter van Wi! Uma Fu Sranan, gaf aan dat de donatie een grote stap betekent voor de coöperatie. “Deze donatie houdt in dat wij onze cassavemeelproductie kunnen opschalen, speciaal voor onze babyvoeding. En we kunnen dus

nu het tienvoudige aan meel maken.” De organisatie, actief sinds 2010, exporteert via Surivit NV al producten zoals pomburgers, cassaveballetjes en cassavefriet naar Nederland. Volgens Lieuw-A-Soe is de ondersteuning tot stand gekomen via een internationale projectaanvraag. “We hebben meegedaan aan een call for proposals van Japan en zijn na een
intensief traject van bijna twee jaar geselecteerd.”

De Japanse ambassadeur, Akima Umezawa, benadrukte dat het project bijdraagt aan duurzame ontwikkeling en vrouwelijk ondernemerschap in Suriname. “Ik ben ervan overtuigd dat dit project het vrouwelijke ondernemerschap zal versterken door de pas geïnstalleerde cassaveverwerkingsmachines”, zei de diplomaat. Elizabeth Bradley, directeur Internationale Samenwerking van

het ministerie van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking stelde: “Dit project laat zien dat internationale samenwerking tastbare resultaten oplevert voor het volk van Suriname. Results-based diplomacy is waar we voor staan.”

De aanwezigheid van president Simons werd door de organisatie als inspirerend ervaren. Lieuw-A-Soe: “Het is een krachtig signaal voor

alle vrouwen in Suriname dat zij grote hoogten kunnen bereiken.” Met deze investering wordt een belangrijke stap gezet in de versterking van de lokale agro-industrie en voedselzekerheid in Suriname.