• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Amerikaanse militaire contractanten mogen wapens in Oekraïne repareren

Ingediend door admin op
Een bewoner staat naast vernielde auto's en een beschadigd appartementengebouw dat is geraakt door een Russische drone-aanval, in Odessa, Oekraïne. (Foto: Reuters)

Volgens Amerikaanse functionarissen staan ​​de Verenigde Staten een klein aantal Amerikaanse defensiecontractanten toe om in Oekraïne te werken om door het Pentagon geleverde wapens te onderhouden en te repareren. De VS is een belangrijke militaire steunpilaar van Oekraïne geweest
en heeft meer dan $ 60 miljard aan veiligheidshulp toegezegd sinds de grootschalige invasie van Rusland in februari 2022. Maar het heeft Amerikaanse militaire contractanten niet toegestaan ​​om in Oekraïne te werken, uit angst dat het land in een direct conflict met Rusland zou kunnen worden betrokken.
De Amerikaanse president Joe Biden nam de beslissing in een significante beleidswijziging voordat hij in januari zijn ambt neerlegde, meldden Amerikaanse media op vrijdag, vóór de presidentsverkiezingen van 5 november, gewonnen door Donald Trump.Biden is ook van plan om miljarden dollars aan veiligheidshulp naar Oekraïne te sturen voordat zijn termijn afloopt. Trump heeft kritiek
geuit op de omvang van de Amerikaanse militaire en financiële steun aan Oekraïne en heeft beloofd de oorlog met Rusland snel te beëindigen – zonder te zeggen hoe.De afgelopen twee jaar hebben Amerikaanse en geallieerde troepen realtime onderhoudsadvies gegeven via telefoons en tablets om te communiceren in gecodeerde chatrooms met Oekraïense troepen.Ambtenaren zeiden dat het Pentagon de aannemers toestaat te gaan omdat sommige apparatuur – waaronder F-16 straaljagers en Patriot luchtverdedigingssystemen – hightech expertise nodig heeft om te repareren. Door de aannemers in te schakelen, zeiden ze, kunnen de wapens snel worden gerepareerd, zodat Oekraïense troepen ze in gevechten kunnen blijven gebruiken.Het aantal contractanten zou klein zijn en ver van de frontlinies liggen. Ze zouden niet betrokken zijn bij directe gevechten, zeiden de functionarissen. De bedrijven zullen verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van hun werknemers.De beperkingen hebben soms reparaties vertraagd en bleken steeds moeilijker te zijn, omdat de VS Oekraïne heeft voorzien van ingewikkeldere systemen, zoals de F-16's en Patriot-systemen.Veel apparatuur wordt niet gebruikt omdat het beschadigd is. In augustus stortte een F-16-straaljager neer tijdens het afslaan van een Russische aanval, waarbij de piloot omkwam.De beleidswijziging zou het Pentagon in lijn brengen met het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken en het Amerikaanse Agentschap voor Internationale Ontwikkeling, die al Amerikaanse contractanten in Oekraïne hebben.De beslissing komt op een kritiek moment in het conflict, aangezien Rusland meer opmars maakt op Oekraïens grondgebied.Het is echter onduidelijk hoe duurzaam de beleidswijziging zal zijn met zo weinig tijd over in Bidens regering. Trump treedt op 20 januari aan.President Volodymyr Zelensky heeft zijn westerse bondgenoten opgeroepen om Oekraïne toe te staan ​​langeafstandsraketten te gebruiken om doelen in Rusland te raken en de druk op Moskou op te voeren om de oorlog te beëindigen.

DE KOERS SPOOKT | GOEDKOPE SRD’S EN DURE USD’S

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Minister van Financiën, Stanley Raghoebarsing. | Auteur: Kenneth Sukul.

De recente stijging van de wisselkoers in Suriname is volgens de Centrale Bank van Suriname (CBvS) en minister van Financiën Stanley Raghoebarsing niet het gevolg van het monetaire beleid van de CBvS of het financieel beleid van de regering.

Tijdens een persconferentie op vrijdag 8 november verklaarden Maurice Roemer, governor van de CBvS, en minister Raghoebarsing dat de koersstijging vooral wordt veroorzaakt door exporteurs die zich niet aan de retentieregeling houden. Hierdoor is er minder aanbod van Amerikaanse dollars (USD) op de markt. Bovendien zijn er volgens hen krachten op de markt

die de koers opdrijven.

Exportopbrengsten

Op dit moment circuleert jaarlijks ruim 250 miljoen USD in het financiële verkeer van Suriname, volgens de CBvS. De export van de kleinschalige goud-, hout-, rijst- en vissector bedroeg in 2021 ongeveer 0,9 miljard USD. Wanneer men dit bedrag als maatstaf neemt voor 2024 en exporteurs zich aan de retentieregeling houden, waarbij 35% van de exportopbrengsten aan lokale banken verkocht moet worden, zou er jaarlijks 315 miljoen USD beschikbaar zijn bij particuliere banken. Dit is 22% (101 miljoen USD) meer dan de jaarlijkse vraag naar USD’s.

Exporteurs hebben echter aanzienlijke lokale kosten, waaronder betalingen aan lokale producenten die

zelf personeel en goederen moeten betalen.

Voor het kunnen voldoen aan deze kosten moet een exporteur ongeveer 75% van de opbrengsten terug naar Suriname halen. Dit komt neer op een jaarlijkse instroom van 675 miljoen USD, 63% meer dan de vraag (250 miljoen USD) of ruim twee keer de 35%-retentieregeling.

Daarnaast ontvangt de overheid meer dan 800 miljoen USD per jaar van de twee grote goudbedrijven en Staatsolie aan royalty’s, winstbelastingen en dividenden. De verklaring van de governor en minister dat de koersstijging wordt veroorzaakt door exporteurs die zich niet aan de retentieregeling houden, blijkt daarmee niet geheel juist.

Krachten op de Markt

Volgens de CBvS zouden exporteurs hebben aangegeven dat zij niet aan de retentieregeling konden voldoen, omdat banken hun USD’s niet wilden kopen. Sinds juni 2021 is de Open Markt Operatie (OMO) ingezet, waarmee banken hun SRD’s konden beleggen en zelf rendement konden bepalen. Hierdoor werd de handel in USD minder aantrekkelijk. Vermogende handelaren, waaronder cambio’s, hebben hun activiteiten stilgelegd om hun SRD’s via banken in de OMO te beleggen. Dit betekent dat er sinds 2021 een overschot aan USD’s van ten minste 1,5 miljard USD uit de kleineschalige goud-, rijst-, vis- en houtsector opgebouwd zou moeten zijn.

Een tekort aan USD’s na 2 september 2024 kan dus alleen ontstaan als de 3,2 miljard USD (4 x 800 miljoen USD per jaar) aan overheidsinkomsten niet beschikbaar is op de markt, en het overschot van 1,5 miljard USD van de kleine exportsectoren van de markt is verdwenen. Daarnaast zouden exporteurs over voldoende SRD’s moeten beschikken of een dergelijk aanbod krijgen dat ze geen noodzaak voelen om hun exportopbrengsten te verkopen aan banken of cambio’s.

Tijdens de persconferentie gaf de governor aan dat de CBvS nog niet in staat is om de USD’s van exporteurs op te kopen. Hierdoor blijven enkel de “machten” over die, volgens de governor en minister van Financiën, de wisselkoers kunnen beïnvloeden. De vraag rijst hoe deze “machten” aan zulke grote hoeveelheden SRD’s komen en waarom ze bereid zouden zijn om hun SRD’s tegen een lage waarde af te staan.

De Invloed van de CBvS

De CBvS is de enige instantie die SRD’s in grote hoeveelheden kan uitgeven. Deze “machten” kunnen de USD’s alleen uit de markt halen door meer te bieden dan de marktprijs, wat onder normale omstandigheden tot verlies zou leiden. Echter, door goedkoop verkregen SRD’s in grote hoeveelheden in bezit te hebben, kunnen ze dit toch rendabel maken. Uit de uitspraken van de governor en de minister blijkt dat zij weten dat er dergelijke “machten” op de markt actief zijn. De vraag blijft waarom er tot nu toe geen maatregelen zijn genomen, ondanks dat de CBvS beschikt over de nodige monetaire instrumenten en wettelijke bevoegdheden om in te grijpen.

INGEZONDEN

Vrouw met 101 cocaïne bolletjes aangehouden op JAP-luchthaven

Ingediend door admin op

De politie heeft afgelopen nacht omstreeks 04.00 uur een 50-jarige vrouw met 101 cocaïne bolletjes in haar bagage aangehouden op de Johan Adolf Pengel luchthaven in Suriname.

De reiziger viel tijdens visitatie door de mand toen zij op het punt stond om naar St. Maarten te vertrekken. Het totale gewicht van de bolletjes bedraagt 1.140 gram.

De verdachte M.K. werd ermee geconfronteerd en verklaarde dat de bolletjes medicijnen waren.

Gezien de hoeveelheid van de verboden substantie is de verdachte overgedragen aan de Narcotica Brigade.

Het onderzoek duurt voort.

President Santokhi positief over achtste beoordeling IMF

Ingediend door admin op

Suriname mag zich voorbereiden op een positieve beoordeling door de IMF in december. Dit gaf president Chandrikapersad Santokhi optimistisch aan in een gesprek met de Communicatie Dienst Suriname op vrijdag 8 november 2024. De leiding van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) in Suriname was eerder deze week bij het staatshoofd ter voorbereiding op de achtste evaluatie van het hervormingsprogramma dat gericht is op het herstellen en versterken van de Surinaamse economie. Dit herstelprogramma, ondersteund door internationale partners zoals de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB), de Wereldbank en de Caribbean Development Bank, richt zich op de herstructurering van schulden en het doorvoeren

van essentiële economische hervormingen. De samenwerking met het IMF is van cruciaal belang voor het versterken van het vertrouwen bij internationale schuldeisers en partners, hetgeen een belangrijke bijdrage levert aan de duurzame financiële stabiliteit van Suriname.

Sinds de start van het programma heeft Suriname zeven succesvolle evaluaties doorlopen, waarbij het IMF de inzet van de regering heeft geprezen. Ondanks de aanzienlijke uitdagingen en inspanningen van de bevolking heeft de regering prioriteit gegeven aan het afbouwen van subsidies en het bieden van gerichte steun aan kwetsbare doelgroepen. Deze hervormingen worden uitgevoerd volgens de hoge normen en voorwaarden van het IMF, waarmee Suriname

zich positioneert als een betrouwbare partner voor verdere economische samenwerking. “Als wij zeven zware beoordelingen achter de rug hebben, zouden de achtste en de negende geen probleem moeten zijn”, onderstreepte de regeringsleider.

Met het oog op toekomstige inkomsten uit olie- en gasontwikkelingen richt de regering zich op een duurzame en verantwoorde inzet van deze middelen. Dit omvat strategische investeringen in de diversificatie van de economie, de verduurzaming van de energiesector en de versterking van essentiële sectoren zoals onderwijs, gezondheidszorg en openbare veiligheid. Daarnaast benadrukt de regering haar inzet om de koopkracht van de bevolking te verbeteren en salarissen te verhogen, als erkenning voor de inspanningen en offers die de samenleving heeft gebracht tijdens deze periode van hervormingen. De regering blijft zich vastberaden inzetten voor een stabiele en welvarende toekomst voor Suriname.

SURINAME HEEFT BUITENLANDSE KRACHTEN NODIG VOOR EFFECTIEVE ECONOMISCHE ONTWIKKELING

Ingediend door admin op

Foto: Minister van Buitenlandse Zaken, Albert Ramdin.

De behoefte aan een brede nationale discussie over bevolkings- en migratiebeleid wordt steeds dringender.

Uit recente analyses blijkt dat de beoogde nationale ontwikkeling niet haalbaar is zonder een aanzienlijke toename van gekwalificeerde arbeidskrachten, vooral in diverse vitale sectoren. Hulp van buitenlandse arbeidskrachten is daarom onontbeerlijk.

Het concept voor een Nationaal Migratiebeleid is inmiddels gereed en zal op 20 november officieel gepresenteerd worden. Dit beleid bevat maatregelen die het aantrekkelijker moeten maken voor buitenlandse arbeidskrachten om naar Suriname te komen en bij te dragen aan sectoren waar een tekort aan Surinaamse krachten heerst of waar weinig interesse

voor bestaat.

Hierbij gaat het onder meer om de agrarische sector, de bouw, en de opkomende olie- en gassector.

Minister van Buitenlandse Zaken, Albert Ramdin, zegt dat Suriname vooruit moet kijken en moet anticiperen op de demografische en economische behoeften van de komende decennia. Met de toekomstperspectieven richting 2050-2060 bekijken, vooral de ontwikkelingen in olie, gas, goud en andere bronnen, is deze discussie volgens de minister onvermijdelijk. Hij onderstreept dat een structureel bevolkingsbeleid cruciaal is voor het realiseren van de nationale ontwikkelingsdoelen. “We hopen dat er op nationaal niveau een brede discussie op gang komt over het bevolkingsbeleid,” aldus de minister.

UNITEDNEWS

 

 

TOERISMEMINISTERS GUYANA EN SURINAME VERWACHTEN GROTE ONTWIKKELINGEN MET LUCHTVERBINDING CAL

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Minister Uraiqit Ramsaran van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT), en De Guyanese minister van Toerisme, Oneidge Walrond.

De nieuwe tweewekelijkse vlucht van Caribbean Airlines (CAL) tussen Georgetown en Paramaribo wordt door de regeringen van Suriname en Guyana gezien als een belangrijke stap in de versterking van de toeristische connecties en reisopties.

De Guyanese toerismeminister Oneidge Walrond is daar lovend over. Ook de Surinaamse minister Uraiqit Ramsaran van Transport, Communicatie en Toerisme (TCT) ziet een flinke stimulans voor de toerismesector, en verwacht dat veel meer reizigers naar Suriname zullen komen. “Wij zijn op de juiste weg. Laten we deze reis samen vervolgen.

Het belang van toerisme voor de economie van een land mogen we niet onderschatten. Suriname is een land vol diversiteit, en we kunnen onze culturele rijkdom en natuurlijke schoonheid inzetten om toeristen aan te trekken. Laten we onze diversiteit op een positieve en productieve manier benutten”, zegt de minister Ramsaran.

“Deze nieuwe luchtverbinding is een waardevolle stap voorwaarts in de verdere toeristische en zakelijke uitwisseling tussen onze landen,” aldus de Guyanese minister. Met de groeiende internationale belangstelling in de olie- en gassector zullen zowel Suriname als Guyana volgens Walrond profiteren van de betere connectiviteit.

Minister Ramsaran verzekerde Caribbean Airlines en andere luchtvaartmaatschappijen

van de volledige ondersteuning van zijn ministerie. “Caribbean Airlines en alle andere luchtvaartmaatschappijen kunnen rekenen op de versterking en steun van het ministerie van TCT, in het belang van passagiers en alle betrokkenen. Laten we blijven samenwerken aan de ontwikkeling van de luchtvaartsector, die een enorm potentieel heeft. Laten we deze reis gezamenlijk voortzetten.”

UNITEDNEWS

 

CHOF is orgaan constitutionele rechtspraak

Ingediend door admin op

De juridisch veelzijdige Carlo Jadnanansing stelt op Starnieuws van 6 november de vraag of het CHOF behoort tot de rechterlijke macht. Een belangrijke vraag. Alvorens deze vraag te beantwoorden behandelt hij trefzeker de theoretische grondslag van de democratische fundering van het staatsbestel. Te weten de doctrine van de Trias Politica. De leer van de scheiding der machten

Terecht preciseert hij dat

in werkelijkheid gesproken moet worden van de spreiding der machten. Hij betoogt dat het CHOF niet past in de drie onderscheiden machten van de triasleer en poneert daarom dat de eeuwenoude leer van de trias politica voor Suriname als verouderd moet gelden. Volgens hem heeft het CHOF naast de drie bekende machten een aparte status. De relatieve toevoeging van een soort 4e macht voor Suriname naast de mondiaal geaccepteerde drie machten leer is spectaculair en op het eerste gezicht creatief maar constitutioneel niet acceptabel en onnodig.  

De Grondwet gaat  namelijk uit van slechts drie machten: een rechtsprekende, wetgevende en uitvoerende macht. 

Het voorstel het CHOF buiten de triasleer te ordenen en te typeren als een orgaan sui generis, een soort vreemde eend in de bijt, is niet in overeenstemming met de in de Grondwet gegeven structuur.  Het CHOF heeft tot taak wetten te toetsen aan de grondwet en relevante verdragen. Het al dan niet ongrondwettig verklaren van let wel een wet is naar zijn aard te duiden als constitutionele rechtspraak. Dat geldt overal in de wereld, waar constitutionele toetsing is toegestaan.  

Volgens de geldende Surinaamse Grondwet, kan de wetgever, met uitzondering voor civiele rechtspraak, ook andere organen dan de rechterlijke macht met rechtspraak belast, belasten met rechtspraak. Ook niet-rechters kunnen belast worden met rechtspraak. De Wet Constitutioneel Hof kan als een voorbeeld gelden van een wet die de bevoegdheid om recht te spreken toekent aan een ander orgaan dan de gewone rechterlijke macht. 

De aanleiding van het artikel van Jadnanansing is mijn bewering tijdens het congres van het CDR in oktober jl., waar ik de stelling betrok dat uitspraken van het CHOF als een vorm van rechtspraak moeten worden geduid. Deze stelling heb ik eerder uitgesproken en uitgewerkt in verschillende artikelen in het Surinaams Juristenblad. De tegenwerping van Jadnanansing op mijn stelling dat besluiten van het Constitutioneel Hof een vorm van rechtspraak is, is begrijpelijk. Hij baseert zich onder meer op de Wet op het Constitutioneel Hof die helder aangeeft dat het CHOF zich noch met wetgeving noch met rechtspraak mag inlaten. Maar deze en andere vergelijkbare citaten op dit punt uit de wetgevingsgeschiedenis van het CHOF kunnen worden gekwalificeerd als bezweringsformules. 

De typering dat het CHOF zich niet mag inlaten met de politiek, of rechtspraak is het resultaat van een compromis na 45 jaar discussie en verschillende mislukte wetsvoorstellen. Dat het CHOF in 2020 operationeel kon worden is te danken aan de wens die ontstond in 2016 om de gewijzigde amnestiewet grondwettig te doen verklaren. Het doel was het 8 decemberproces te doen staken als het CHOF deze wet als grondwettig zou hebben betiteld. Dat plan is niet gelukt. Het CHOF is volgens de mvt een onafhankelijk staatsrechtelijk toetsingsorgaan, dat zich niet mag inlaten met wetgeving. Maar toch werd het CHOF bevoegd democratisch tot stand gekomen wetten om zeep te helpen.  

De amnestiewetten, de Kiesregeling, en de verhoging van de waarborgsom, zijn voorbeelden waarin de politiek gedwongen werd de bestaande wet in te trekken. Juist vanwege deze gevreesde interventie in de macht van de wetgever wordt in Nederland tot dusver constitutionele toetsing niet toegestaan. Het ongrondwettig verklaren van wetten moet worden gezien als de hoogste vorm van rechtspraak. Het juridisch kaltstellen van een democratische wet tegen de zin van de wetgever, kan staatsrechtelijk alleen door de rechterlijke macht. 

Het CHOF beoefent een specifieke tak van de rechtspraak: constitutionele rechtspraak. Het ooit gesloten politiek compromis om het beest niet bij de naam te noemen kan de werkelijkheid van de constitutionele rechtspraak niet aan het oog onttrekken. De wetgever maakt fouten, soms zijn die fouten ondragelijk. De introductie van het CHOF in de Grondwet van 1975, was onderdeel van een aantal voorstellen om de rechterlijke macht te versterken, ten opzichte van de politiek.  De rechterlijke macht kreeg tot taak om als poortwachter op te treden voor de rechtsstaat. 

Om de Grondwet en de democratie te beschermen tegen toevallige politieke meerderheden. Het CHOF werd in de Grondwet de taak toebedeeld de wetgever bij de les te houden. Alleen de rechter kan in de Triasleer democratische wetten effectief aan banden leggen.

Het wegkijken van de rechtsprekende functie van het CHOF verhindert de erkenning dat daardoor de positionering van het CHOF kwetsbaar is. Door de benoemingsprocedure is de onafhankelijkheid bij mogelijke benoeming van politieke loyalisten kwetsbaar. Alleen al om die reden moet de rechtsprekende positie van het CHOF verder versterkt worden.

Hugo Fernandes Mendes

Strenge controle op mica-platen, extra licht en hunting LED lampen op auto’s

Ingediend door admin op

De politie in Suriname gaat strenger controleren op het naleven van de verkeersregels, met speciale aandacht voor illegale aanpassingen aan voertuigen.

Het Korps Politie Suriname (KPS) heeft opgemerkt dat steeds meer bestuurders auto’s uitrusten met extra licht in kleuren zoals rood, blauw en groen, waaronder de zogenaamde ‘hunting LED’-lampen. Dit soort aanpassingen is niet toegestaan en kan andere weggebruikers in verwarring brengen.

Daarnaast constateert de Surinaamse politie dat kentekenplaten vaak worden afgedekt met micaplaten, wat de leesbaarheid van de nummers ernstig belemmert. Dit is een methode die veel door criminelen wordt gebruikt om herkenning te voorkomen en langere tijd uit handen van

de politie te blijven.

Bij het constateren van deze overtredingen zal de politie strikte maatregelen nemen. Dit kan variëren van het opleggen van boetes tot het in beslag nemen van het voertuig voor herkeuring. De politie benadrukt dat dergelijke overtredingen niet alleen de verkeersveiligheid in gevaar brengen, maar ook bijdragen aan crimineel gedrag op de openbare weg.

Het KPS doet een dringend beroep op alle weggebruikers om zich te houden aan de verkeersregels. Bestuurders wordt gevraagd geen illegale aanpassingen te doen aan hun voertuigen en ervoor te zorgen dat hun kentekenplaten duidelijk leesbaar zijn. Deze controles zijn bedoeld om de veiligheid op

de weg te vergroten en overtreders aan te pakken.

Met deze extra controles hoopt de politie een bijdrage te leveren aan een veiligere verkeerssituatie en een daadkrachtige aanpak van criminele activiteiten.

OLIEBAZEN MULTINATIONALS BEZORGD OVER CONFLICTEN IN DE WERELD

Ingediend door admin op

Terwijl de olieprijzen worden gedreven door geopolitieke spanningen, komen topmanagers uit de olie-industrie samen op de grootste energieconferentie van de regio.

Hun grootste zorgen zijn de conflicten in het Midden-Oosten en de gespannen relaties tussen de VS en China. Een nieuw rapport van Bloomberg wijst op de bezorgdheid onder leidinggevenden over de impact van deze conflicten op de olievoorziening en de marktstabiliteit.

BP-CEO Murray Auchincloss benadrukte de risico’s van de spanningen in het Midden-Oosten, in het bijzonder de situatie tussen Israël en Iran, dat lid is van de OPEC. “Het conflict in het Midden-Oosten is momenteel waarschijnlijk het grootste risico. We opereren

in vijf of zes landen in de regio — we maken ons uiteraard zorgen over de veiligheid van onze mensen en de beveiliging van de energievoorziening,” aldus Auchincloss.

De kans op mogelijke verstoringen in de olievoorziening maakt handelaren nerveus, gezien het belang van de regio in de wereldwijde energieproductie.

Daarnaast draagt de complexe relatie tussen de VS en China bij aan de onzekerheid op de markt. Shell-CEO Wael Sawan vraagt aandacht voor het belang van “wat er gebeurt op de as tussen de VS en China,” gezien de mogelijkheid dat de verkozen president Donald Trump hoge tarieven voor China invoert. Sawan wees

op de noodzaak van gediversifieerde energie-investeringen en stelde: “Wij geloven fundamenteel dat de wereld meer energie nodig zal hebben en dat er ook behoefte zal zijn aan andere vormen van energie.”

Ondanks de economische vertraging in China, die de groei van de olievraag vertraagt, blijven leidinggevenden optimistisch over de lange termijn. Terwijl het Internationaal Energieagentschap (IEA) verwacht dat de wereldwijde vraag vóór 2030 kan pieken, zijn OPEC en Saudi Aramco optimistischer, vooral gezien de recente economische stimuleringsmaatregelen van China.

De leidinggevenden gaven uiteenlopende visies op de vraag naar olie op lange termijn. Petronas-CEO Muhammad Taufik verwacht dat de vraag tot ruim na 2030 zal aanhouden, terwijl Eni-CEO Claudio Descalzi opmerkte dat de huidige prijsvolatiliteit investeringen kan vertragen, waardoor oliefutures mogelijk stijgen. Ook al beweegt de wereld zich richting schonere energie, is er een consensus onder olie-executives dat aanhoudende investeringen in olievoorziening noodzakelijk blijven om aan de vraag in de komende jaren te voldoen.

UNITEDNEWS

 

KAMALA HARRIS’ CAMPAGNE IN DE RODE CIJFERS: EEN FINANCIËLE SCHOK

Ingediend door admin op

Foto: Vicepresident Kamala Harris | Bron: Newsmax

Het verkiezingsavontuur van vicepresident Kamala Harris eindigde met een duizelingwekkende schuld van meer dan 20 miljoen dollar, zo blijkt uit recente berichtgeving.

Volgens Politico’s bureauchef Christopher Cadelago bracht Harris’ campagne weliswaar meer dan een miljard dollar op, maar zat er slechts 118 miljoen in kas op 16 oktober, terwijl de schulden opliepen. Het nieuws veroorzaakte opschudding en leidde zelfs tot roep om een grondige financiële controle.

Een voormalige medewerker van de campagne legde de verantwoordelijkheid bij campagneleider Jen O’Malley Dillon, die volgens hen te veel geld uitgaf aan luxe evenementen en concerten met sterren zoals Katy

Perry, Lizzo, Eminem en Bruce Springsteen. Hierdoor zouden essentiële campagneprioriteiten, zoals investeringen in sociale media, in het gedrang zijn gekomen.

Harris, die slechts 107 dagen op eigen titel campagne voerde nadat zij de 81-jarige president Joe Biden had vervangen als koploper op de Democratische ticket, zag de uitgaven snel oplopen. Ondanks overweldigend positieve media-aandacht, bleef de steun van kiezers uit. Een analyse van het Media Research Center (MRC) toonde aan dat Harris in de media veel gunstiger werd behandeld dan haar Republikeinse tegenkandidaat, met een verschil van maar liefst 63 procentpunten in positieve berichtgeving.

Hoewel de mediawaarde van deze positieve berichtgeving wordt

geschat op minstens drie keer de kosten van traditionele reclame, wist Harris met haar miljardencampagne en ruim drie miljard aan verdiende media-aandacht niet voldoende kiezers aan te trekken. De presidentsverkiezingen van 2024 markeerden bovendien de duurste campagne uit de Amerikaanse geschiedenis, waarbij zelfs het record van de verkiezingen van 2020 en 2012 werd overtroffen.

UNITEDNEWS|US-POLITICS