
UN Permanent Forum over inheemse vraagstukken – uitvoering van het OAS-vonnis
| starnieuws | Door: Redactie
Recentelijk, op 9 augustus 2026, heeft er over de hele wereld een herdenking van de inheemse volkeren plaatsgevonden. Terwijl de feestelijkheden voor dit jaar zijn afgelopen, is de politieke turbulentie omtrent hun rechtsbescherming nog onverkort gaande. Volgens het United Nations Permanent Forum on Indigenous Issues (UNPFII), een adviserend orgaan van de Economische en Sociale Raad, moet er nog heel veel gebeuren op het gebied van de rechtsbescherming van de ongeveer 370 miljoen inheemsen over de hele wereld.
Internationale verplichtingen
Suriname is
Inmiddels ligt er al 11 jaar een vonnis in de zaak van de Kaliña en Lokono (sinds november 2015) te wachten op uitvoering. Dit is erg lang. Inheemse volkeren worden aan de ketting gehouden door opeenvolgende regeringen. Hoe lang moeten de inheemsen nog wachten?
Nakoming van het arrest Lokono en Kaliña
Het arrest van 25 november 2015 (Case of the Kaliña and Lokono Peoples vs. Suriname) wacht op uitvoering. De inheemse gemeenschappen doen tevergeefs een beroep op volledige uitvoering. In 2016 verscheen op Starnieuws
Initiatieven met de gemeenschappen omtrent de uitvoering van het belangrijke vonnis zijn jaar in, jaar uit uitgebleven. Dit verdraagt zich niet met een democratie en rechtsstaat. We kunnen gevoeglijk aannemen dat de Grondwet hiermee al jaren op haar fundamenten aan het wankelen is.
Non-acceptatie door inheemsen
Een pluriforme samenleving verdient respect en bescherming, niet alleen tijdens feestelijke gebeurtenissen en evenementen, maar ook daarbuiten. De integratie van inheemsen is zoek; bitter weinig is merkbaar, terwijl de noodzaak tot bescherming van hun rechten, leefgemeenschappen en tradities, maar ook de uitvoering van het vonnis, geen verder politiek uitstel duldt. Het is veeleer een urgente nakomingskwestie.
Is nakoming dan afdwingbaar?
Eigenlijk zou deze vraag voorgelegd moeten worden aan het Permanent Forum on Indigenous Issues (UNPFII). Maar er is ook iets anders, namelijk het instellen van een nakomingsvordering tegen de Staat Suriname. De Surinaamse Staat loopt een zeer groot
In dit verband wordt verwezen naar een uitspraak, weliswaar op het Afrikaanse continent, in een zaak in Kenia van de Ogiek-gemeenschappen in het Mau Forest. De Keniaanse overheid schond de rechten van duizenden inheemse burgers en maakte zich schuldig aan onrechtmatige onteigening van gronden die aan deze gemeenschap toebehoorden en aan gedwongen verdrijving uit hun woningen.
In de jaren 2017 en 2022 werd Kenia veroordeeld wegens schendingen van het Afrikaanse Handvest en tot betaling van compensatiegelden. Kenia vertraagde de uitvoering van het arrest met allerhande argumenten. Met betrekking tot deze vertragingen maakten belanghebbenden een aparte procedure aanhangig.
Het in Arusha, Tanzania, gevestigde Afrikaanse Hof maakte korte metten met deze vertragingstactieken en veroordeelde de Staat Kenia op 4 december 2025 met een compliance decision, namelijk wegens “het falen van de Staat Kenia om zijn eerdere vonnissen uit
Wat nu?
Voor de Surinaamse inheemse gemeenschap zou dit vonnis van het regionale Afrikaanse Hof ongetwijfeld een belangrijke inspiratiebron kunnen zijn om de eigen zaak kracht bij te zetten. Niet mag worden uitgesloten dat deze jarenlange vertraging met een hoge kans van slagen in het voordeel van de belanghebbenden zou kunnen uitwerken.
Een verzoek tot een nakomingsvonnis bij de OAS-Commissie is dus zeer wel reëel, zeker wanneer men de excessieve periode van 11 jaar in acht neemt, terwijl opeenvolgende regeringen hebben verzuimd uitvoering te geven aan het vonnis. Het valt te bezien hoe de inheemsen thans hun opties overwegen, maar de mogelijkheden zijn er.
Het is vermeldenswaard dat Suriname onder andere partij is bij de volgende mensenrechtenverdragen, die de kans op succes alleen maar kunnen vergroten:
- het Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke
- het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten (ECOSOCUL), 1966;
- de Inter-Amerikaanse Conventie (Pact van San José, 1969);
- United Nations Declaration on the Rights of Indigenous Peoples (UNDRIP), verklaring ondersteund door Suriname op 13 september 2007.
mr. drs. Sardhanand Panchoe
internationaal jurist
Internationale verplichtingen
Suriname is
partij bij de belangrijkste mensenrechteninstrumenten. Als zodanig zijn wij dus deel van de internationale rechtsorde. Er zijn verplichtingen verankerd in artikel 7 lid 2, in samenhang met artikel 101 van de Grondwet van 1987 (gewijzigd in 1992). Wij kunnen ons dus niet onttrekken aan zulke verplichtingen. Deze gebondenheid blijkt ook uit artikel 103 van de Grondwet, in samenhang met de artikelen 105 en 106.
Inmiddels ligt er al 11 jaar een vonnis in de zaak van de Kaliña en Lokono (sinds november 2015) te wachten op uitvoering. Dit is erg lang. Inheemse volkeren worden aan de ketting gehouden door opeenvolgende regeringen. Hoe lang moeten de inheemsen nog wachten?
Nakoming van het arrest Lokono en Kaliña
Het arrest van 25 november 2015 (Case of the Kaliña and Lokono Peoples vs. Suriname) wacht op uitvoering. De inheemse gemeenschappen doen tevergeefs een beroep op volledige uitvoering. In 2016 verscheen op Starnieuws
een artikel dezerzijds.
Initiatieven met de gemeenschappen omtrent de uitvoering van het belangrijke vonnis zijn jaar in, jaar uit uitgebleven. Dit verdraagt zich niet met een democratie en rechtsstaat. We kunnen gevoeglijk aannemen dat de Grondwet hiermee al jaren op haar fundamenten aan het wankelen is.
Non-acceptatie door inheemsen
Een pluriforme samenleving verdient respect en bescherming, niet alleen tijdens feestelijke gebeurtenissen en evenementen, maar ook daarbuiten. De integratie van inheemsen is zoek; bitter weinig is merkbaar, terwijl de noodzaak tot bescherming van hun rechten, leefgemeenschappen en tradities, maar ook de uitvoering van het vonnis, geen verder politiek uitstel duldt. Het is veeleer een urgente nakomingskwestie.
Is nakoming dan afdwingbaar?
Eigenlijk zou deze vraag voorgelegd moeten worden aan het Permanent Forum on Indigenous Issues (UNPFII). Maar er is ook iets anders, namelijk het instellen van een nakomingsvordering tegen de Staat Suriname. De Surinaamse Staat loopt een zeer groot
risico op een ‘nakomingsveroordeling’ indien de OAS-Commissie hiertoe een verzoek krijgt.
In dit verband wordt verwezen naar een uitspraak, weliswaar op het Afrikaanse continent, in een zaak in Kenia van de Ogiek-gemeenschappen in het Mau Forest. De Keniaanse overheid schond de rechten van duizenden inheemse burgers en maakte zich schuldig aan onrechtmatige onteigening van gronden die aan deze gemeenschap toebehoorden en aan gedwongen verdrijving uit hun woningen.
In de jaren 2017 en 2022 werd Kenia veroordeeld wegens schendingen van het Afrikaanse Handvest en tot betaling van compensatiegelden. Kenia vertraagde de uitvoering van het arrest met allerhande argumenten. Met betrekking tot deze vertragingen maakten belanghebbenden een aparte procedure aanhangig.
Het in Arusha, Tanzania, gevestigde Afrikaanse Hof maakte korte metten met deze vertragingstactieken en veroordeelde de Staat Kenia op 4 december 2025 met een compliance decision, namelijk wegens “het falen van de Staat Kenia om zijn eerdere vonnissen uit
te voeren”. Dit was ernstig genoeg en belanghebbenden kregen het recht aan hun zijde.
Wat nu?
Voor de Surinaamse inheemse gemeenschap zou dit vonnis van het regionale Afrikaanse Hof ongetwijfeld een belangrijke inspiratiebron kunnen zijn om de eigen zaak kracht bij te zetten. Niet mag worden uitgesloten dat deze jarenlange vertraging met een hoge kans van slagen in het voordeel van de belanghebbenden zou kunnen uitwerken.
Een verzoek tot een nakomingsvonnis bij de OAS-Commissie is dus zeer wel reëel, zeker wanneer men de excessieve periode van 11 jaar in acht neemt, terwijl opeenvolgende regeringen hebben verzuimd uitvoering te geven aan het vonnis. Het valt te bezien hoe de inheemsen thans hun opties overwegen, maar de mogelijkheden zijn er.
Het is vermeldenswaard dat Suriname onder andere partij is bij de volgende mensenrechtenverdragen, die de kans op succes alleen maar kunnen vergroten:
- het Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke
Rechten (BUPO), 1966;
- het Internationaal Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten (ECOSOCUL), 1966;
- de Inter-Amerikaanse Conventie (Pact van San José, 1969);
- United Nations Declaration on the Rights of Indigenous Peoples (UNDRIP), verklaring ondersteund door Suriname op 13 september 2007.
mr. drs. Sardhanand Panchoe
internationaal jurist
Zie ook eerder artikel op Starnieuws
| starnieuws | Door: Redactie




































