• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Renzo Tjon A Joe zwemt deze zomer voor Nederland op WK in Singapore

Ingediend door admin op

De bekende zwemmer Renzo Tjon A Joe heeft zich officieel gekwalificeerd voor de wereldkampioenschappen zwemmen in Singapore, en dat doet hij dit keer niet voor Suriname, maar voor Nederland.

Via zijn sociale media maakte hij het nieuws zelf bekend: “Trots om te mogen aankondigen dat ik me voor mijn ‘eerste’ wereldkampioenschappen voor Nederland deze zomer in Singapore heb gekwalificeerd.”

Tjon A Joe, die jarenlang uitkwam voor Suriname en meerdere internationale medailles op zijn naam heeft staan, is geen onbekende in het zwemcircuit. Zijn overstap naar Nederland vorig jaar markeerde een nieuw hoofdstuk in zijn sportcarrière, waarin hij nu onder de vlag

van Oranje het internationale zwemveld zal betreden.

De wereldkampioenschappen in Singapore zijn een belangrijk moment voor Renzo. Niet alleen omdat het zijn debuut is voor Nederland, maar ook omdat het toernooi geldt als voorbereiding op de Olympische Spelen van 2028.

Met zijn kwalificatie bewijst hij dat hij nog steeds tot de top behoort. Fans in zowel Suriname als Nederland reageren enthousiast op het nieuws. “Of hij nu voor Suriname of Nederland zwemt, wij zijn trots op zijn doorzettingsvermogen en prestaties,” klinkt het op sociale media.

Renzo Tjon A Joe zal deze zomer dus opnieuw het wereldtoneel betreden, ditmaal in Singapore – met

als doel: pieken voor Oranje.

Costa Rica met penalty in blessuretijd langs Suriname in openingswedstrijd Gold Cup 2025

Ingediend door admin op

De nationale mannenvoetbalselectie van Suriname (Natio) is zondagavond met een doelpuntrijk duel begonnen aan de Gold Cup 2025. In het Snapdragon Stadium in San Diego (Verenigde Staten) verloor Natio met 4-3 van Costa Rica.

Costa Rica begon sterk en kwam al binnen 19 minuten op een 2-0 voorsprong: een fraai ingeschoten bal in de 14e minuut en een benutte strafschop vijf minuten later zorgden voor een vroege achterstand voor Suriname. In de 34e minuut bracht Natio de spanning terug met een prachtige kopbal: 2-1.

Na rust kwam Suriname sterk uit de kleedkamer. Na kansen over en weer van beide landen boog

Suriname in vijf minuten de achterstand om in een 2-3 voorsprong, dankzij een geplaatst schot in de 59e minuut en een benutte strafschop in de 64e minuut.

Toch wist Costa Rica in de 76e minuut weer op gelijke hoogte te komen: 3-3. In de slotfase kregen beide ploegen kansen op de winst, maar pas diep in blessuretijd viel de beslissing. In de 13e minuut van de extra tijd kreeg Costa Rica opnieuw een strafschop, die onberispelijk werd binnen geschoten: 4-3.

Suriname speelt op woensdag 18 juni de volgende groepswedstrijd tegen Mexico.

CBDC INVOERING IN NEDERLAND: ZAL KUNNEN LEIDEN TOT TRANSMIGRATIE NAAR SURINAME?

Ingediend door admin op

Suriname, met zijn Nederlandse taal en historische banden, wordt hierbij vaak als een mogelijk toevluchtsoord genoemd. De realiteit van CBDC-implementaties elders en de unieke Surinaamse cultuur van tijdperceptie nuanceren dit beeld.

Critici van een CBDC, zoals de digitale euro, waarschuwen voor een ongekende uitbreiding van overheidscontrole op persoonlijke financiën. Angsten over het ‘programmeren’ van geld, het verlies van financiële anonimiteit en verhoogd toezicht op transacties, vinden voedingsbodem bij burgers die het vertrouwen in overheidsinstituties al geschaad zien. Het vooruitzicht dat een CBDC een “toeslagenaffaire maal twintintig” kan betekenen in termen van overheidsingrijpen, creëert een concrete motivatie om elders een leven op

te bouwen.

Initieel leek Suriname een aantrekkelijke bestemming. De afwezigheid van een taalbarrière en de schijnbare afwezigheid van directe CBDC-implementatie of een vergelijkbare mate van digitale financiële regulering, maakte het land tot een vrijhaven. Echter, dit beeld is complexer geworden. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) steunt de introductie van een CBDC en moedigt landen wereldwijd aan om hierin proactief te zijn. De Centrale Bank van Suriname (CBvS) bestudeert dan ook de mogelijkheden van een eigen CBDC. Dit wijst erop dat Suriname, onder invloed van mondiale financiële instanties, wel degelijk stappen zet richting digitale valuta.

De ervaring van Nigeria met de eNaira, haar

eigen CBDC, dient als een belangrijke waarschuwing. Ondanks grote overheidsinspanningen kampte de eNaira met een zeer lage adoptie. Gebrek aan draagvlak onder de bevolking, gevoed door zorgen over privacy, controle en het ontbreken van duidelijke voordelen ten opzichte van bestaande betaalmethoden, leidde tot wijdverbreide inactiviteit van digitale wallets. Dit benadrukt dat een CBDC alleen succesvol kan zijn als er brede publieke acceptatie is en als de voordelen duidelijk zijn.

Voor de discussie over transmigratie betekent dit het volgende: de zorgen over een Nederlandse CBDC, versterkt door de Nigeriaanse ervaring die aantoont dat deze angsten in de praktijk tot weerstand leiden, kunnen inderdaad een sterke ‘push’-factor zijn voor Nederlanders. Zij zoeken mogelijk een plek waar hun financiële vrijheden en privacy beter gewaarborgd lijken.

Surinaamse Cultuur: De Factor ‘Tamarra oftewel Morgen’

Echter, de aantrekkingskracht van Suriname als een ‘haven’ wordt niet alleen genuanceerd door zijn eigen exploratie van een CBDC, maar ook door een diepgeworteld aspect van de Surinaamse cultuur: de ‘alles komt morgen‘-mentaliteit, vaak met een knipoog aangeduid als een waarheidsgetrouwe satire.

Deze culturele eigenschap houdt in dat maatschappelijke veranderingen en beleidsimplementaties in Suriname vaak pas na aanzienlijke tijd – soms 10 of zelfs 20 jaar – volledig tot wasdom komen. Dit kan zowel een zegen als een uitdaging zijn voor transmigranten.

Voor Nederlanders die juist de snelle en soms dwingende implementatie van beleid in Nederland vrezen, kan deze Surinaamse eigenschap initieel geruststellend zijn. Het zou kunnen betekenen dat, zelfs als Suriname een CBDC invoert, de daadwerkelijke, allesomvattende integratie in het dagelijkse leven veel trager verloopt dan verwacht, waardoor men meer tijd heeft om zich aan te passen of andere alternatieven te zoeken. Suriname biedt in die zin mogelijk een veel langere overgangsperiode of een minder directe impact van beleid dan men in Europa zal ervaren.

Uiteindelijk zal de omvang van transmigratie afhangen van een complex samenspel van factoren: de concrete invulling en acceptatie van een CBDC in Nederland, de perceptie van vrijheden en maatschappelijke controle, de economische en sociale stabiliteit in zowel Nederland als Suriname, en hoe Suriname zijn eigen digitale financiële toekomst zal vormgeven, inclusief het tempo van implementatie. De discussie benadrukt de diepgewortelde vrees voor technologische ontwikkelingen en de voortdurende zoektocht naar persoonlijke soevereiniteit in een steeds digitaler wordende wereld, waarbij de ‘veiligheid’ van een alternatieve bestemming mogelijk ook aan verandering onderhevig is, zij het in een ander tempo.

Bronnen: IMF staat achter introducie centrale bank digitale valuta CBDC – UnitedNews.sr Diverse rapporten en analyses over de eNaira van de Centrale Bank van Nigeria en het IMF.

UNITEDNEWS

 

 

SURINAME ONTVANGT EERSTE LMACHINES VOOR MARKOESAFABRIEK VAN INDIA

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij Parmanand Sewdien en de Indiase minister van Buitenlandse Zaken Subrahmanyam Jaishankar.

Suriname heeft de eerste zending fruitverwerkingsmachines ontvangen onder een MKB-subsidie van 1 miljoen Amerikaanse dollar, toegekend door de Indiase regering.

De levering is bestemd voor het opzetten van een gespecialiseerde markoesafabriek (passievrucht) en vormt een belangrijk onderdeel van een breder ontwikkelingsproject gericht op waardecreatie in de Surinaamse landbouwsector. Naast deze MKB-subsidie heeft India ook een bedrag van 10 miljoen dollar toegezegd ter versterking van voedselzekerheid in Suriname, als onderdeel van de bredere bilaterale samenwerking.

Het initiatief moet de lokale verwerking en verpakking van markoesa verbeteren

en biedt nieuwe kansen voor kleinschalige landbouwproducenten. Tegelijkertijd wordt ingezet op het vergroten van exportmogelijkheden naar regionale en internationale markten.

De ondersteuning werd aangekondigd door de Indiase minister van Buitenlandse Zaken, Subrahmanyam Jaishankar. De uitvoering van het project wordt begeleid door het Indiase adviesbureau NABARD Consultancy Services (NABCONS), dat in juli 2024 een haalbaarheidsstudie uitvoerde. Die bevestigde het economisch potentieel en de duurzaamheid van het initiatief.

De relatie tussen Suriname en India kreeg een impuls tijdens het staatsbezoek van de Indiase president Droupadi Murmu in juni 2023. Tijdens dit bezoek werden verscheidene overeenkomsten ondertekend, onder meer op het gebied van landbouw, medische

regelgeving en erkenning van niet-conventionele geneeswijzen.

Minister Jaishankar besprak vorig jaar tijdens een CARICOM-vergadering in New York, waaraan ook toenmalig Surinaams minister Albert Ramdin deelnam, verdere samenwerking met de regio. Daarbij stonden thema’s als digitale infrastructuur, gezondheid, schone energie, capaciteitsopbouw en dronegebruik centraal.

De levering van de machines markeert een volgende stap in de versterking van de economische samenwerking tussen India en Suriname, met directe voordelen voor de agroverwerkingssector en het MKB.

UNITEDNEWS

SURINAME HEEFT RECHT EXXONMOBIL AAN TE KLAGEN BIJ OLIERAMP VOOR KUST GUYANA

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: De Guyanese vicepresident Bharrat Jagdeo.

Suriname heeft het volste recht om oliereus ExxonMobil juridisch aansprakelijk te stellen in het geval van een olieramp voor de kust van buurland Guyana.

Dat bevestigde de Guyanese vicepresident Bharrat Jagdeo donderdag tijdens zijn wekelijkse persconferentie, te midden van groeiende zorgen over de gevolgen van een mogelijke olielek in de regio. Hoewel Guyana ExxonMobil verplichtingen oplegt via zijn nieuwe wet, garandeert deze geen bescherming voor Suriname en andere buurlanden. In het geval van een ramp zal Suriname dus zelf juridische actie moeten ondernemen.

De mededeling komt op een moment dat Guyana zijn omstreden Oil Spill Liability Law

heeft goedgekeurd, ondanks stevige binnenlandse en internationale kritiek.

Volgens Jagdeo verplicht de nieuwe wet ExxonMobil en diens partners ertoe volledige verantwoordelijkheid te dragen voor schade veroorzaakt door een olielek, inclusief de schoonmaakkosten en alle gevolgschade.

Echter, de wet geldt uitsluitend binnen de jurisdictie van Guyana. “Wij wetgeven voor de staat Guyana,” verklaarde Jagdeo.

Studies en milieuorganisaties waarschuwen al jaren dat een ernstige olieramp in de diepzee van het Stabroek-blok, waar ExxonMobil intensief actief is, gevolgen kan hebben voor minstens 14 eilandstaten in de Cariben, evenals voor Suriname. De oceaanstromingen in het gebied maken het waarschijnlijk dat olievervuiling zich snel over grote afstanden kan

verspreiden.

Vicepresident Jagdeo verwees niet naar concrete bilaterale afspraken met buurlanden, maar benadrukte dat de financiële garanties die ExxonMobil moet afgeven, “in lijn moeten zijn met de nieuwe wet en alle aansprakelijkheden moeten dekken.” Voor Suriname betekent dit dat er géén automatische bescherming of compensatie wordt voorzien, tenzij men ExxonMobil rechtstreeks aanklaagt.

UNITEDNEWS

 

HISTORICUS HASSANKHAN | NATIONAAL INSTITUUT GESCHIEDENIS EN CULTUUR NU MEER DAN OOIT NOODZAKELIJK

Ingediend door admin op

Foto: Maurits Hassankhan, historicus verbonden aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname.

De uitslag van de gehouden verkiezingen maakt opnieuw duidelijk dat etnocentrisme nog altijd een hardnekkig onderdeel is van de Surinaamse samenleving.

Dat stelt Maurits Hassankhan, historicus verbonden aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname. Volgens hem onderstreept dit de dringende noodzaak voor reflectie én institutionele versterking van het historisch en cultureel bewustzijn. Er is volgens hem kennelijk nog steeds een gebrek aan verdraagzaamheid en onderling begrip.

Hij pleit daarom voor spoedige oprichting van het Nationaal Instituut Geschiedenis en Cultuur, dat momenteel in voorbereiding is en ondergebracht zal worden in

een gebouw van het Ministerie van Openbare Werken aan de Jaggernath Lachmonstraat.

Het idee voor het instituut stamt uit 2010 en werd destijds opgenomen in het Meerjaren Ontwikkelingsplan van het eerste kabinet-Bouterse. In 2012 werd een eerste aanzet gedaan, maar politieke en organisatorische obstakels zorgden ervoor dat daadwerkelijke uitvoering uitbleef. Nu, meer dan tien jaar later, is de oprichting opnieuw actueel en wordt deze verwacht rond de regeringswisseling in juli. Volgens Hassankhan gaat het om een nationaal project dat boven partijpolitiek uitstijgt.

Het instituut moet fungeren als platform voor historisch onderzoek, kennisdeling en het bevorderen van onderlinge culturele waardering. “Als samenleving moeten

we beter begrijpen wie we zijn en waar we vandaan komen,” zegt hij. Het Nationaal Instituut zal onder meer educatief materiaal ontwikkelen, wetenschappelijk onderzoek verrichten en publieksactiviteiten organiseren. Daarmee moet het bijdragen aan het versterken van een inclusieve Surinaamse identiteit en het verminderen van etnische verdeeldheid.

UNITEDNEWS