• woensdag 29 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
DNA sommeert Brunings tot verantwoording over vissterfte: Na 7 weken willen we antwoorden

DNA sommeert Brunings tot verantwoording over vissterfte: Na 7 weken willen we antwoorden

| starnieuws | Door: Redactie

Minister Patrick Brunings gaat in op vragen van Assembleeleden.

De Nationale Assemblee (DNA) heeft minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu dinsdag naar het parlement laten komen om verantwoording af te leggen over de massale vissterfte in de Saramaccarivier. Vrijwel alle fracties uitten scherpe kritiek op het uitblijven van duidelijkheid over de oorzaak van de milieuramp, de gebrekkige communicatie met de getroffen dorpen en de trage voortgang van het onderzoek. Uiteindelijk kreeg de regering de opdracht om later deze week met uitgebreidere

antwoorden terug te keren naar het parlement.


Brunings schetste de stappen die sinds de eerste meldingen van de vissterfte bij Totikamp zijn gezet. Volgens hem werden direct water- en vismonsters genomen, de dorpsgemeenschappen gewaarschuwd om geen rivierwater te gebruiken en geen vis te consumeren en werden drinkwater en voedsel beschikbaar gesteld. Omdat Suriname niet over voldoende laboratoriumcapaciteit beschikt, moesten de monsters via Frans-Guyana uiteindelijk naar gespecialiseerde laboratoria in Frankrijk worden gestuurd. Daarnaast is de Environmental Crime Unit van het Openbaar Ministerie belast met het forensisch onderzoek naar de oorzaak van de vervuiling.

De minister erkende dat de communicatie met de getroffen gemeenschappen beter had gekund. Achteraf bezien had de regering volgens hem zichtbaarder aanwezig moeten zijn in het gebied. Ook zei hij dat de calamiteit heeft blootgelegd dat Suriname dringend behoefte heeft aan een nationaal milieurampenplan en beter uitgeruste laboratoria om sneller analyses te kunnen uitvoeren.


Die uitleg nam de
zorgen in het parlement echter niet weg. Assembleeleden wilden weten waarom de bevolking zeven weken na de eerste meldingen nog altijd niet weet waardoor de vissterfte is veroorzaakt. Zij vroegen hoe lang bewoners nog geen gebruik mogen maken van rivierwater en vis, of alle getroffen dorpen voldoende drinkwater en voedsel ontvangen en waarom de communicatie met de lokale bevolking zo moeizaam verloopt. Ook werd aangedrongen op strengere controle op de goudsector en betere bescherming van gemeenschappen die afhankelijk zijn van de rivier voor hun dagelijks bestaan.

Meerdere parlementariërs drongen aan op volledige openheid over de mogelijke veroorzaker van de vervuiling. Zij vroegen welke concessiehouder in beeld is, welke bedrijven chemische stoffen gebruiken, welke inspecties zijn uitgevoerd en welke maatregelen zullen volgen als blijkt dat sprake is van nalatigheid of illegale lozingen. Ook werd gevraagd of de uiteindelijke vervuiler aansprakelijk wordt gesteld voor de ontstane schade en de kosten van het

onderzoek.


Brunings zei dat een vermoedelijke veroorzaker inmiddels in beeld is, maar dat hij geen namen wil noemen zolang de laboratoriumresultaten en het forensisch onderzoek niet zijn afgerond. Volgens hem worden de laatste analyseresultaten binnen ongeveer twee weken verwacht. Pas daarna kan definitief worden vastgesteld wat de oorzaak van de vervuiling is en wie daarvoor verantwoordelijk is. De minister benadrukte dat hij niemand wil beschermen, maar ook niemand zonder sluitend bewijs wil aanwijzen.


Enkele onder wie NDP-fractieleider Rabin Parmessar,  stelden dat concrete vragen onbeantwoord waren gebleven en benadrukten dat de regering verplicht is de volksvertegenwoordiging volledig te informeren. Zij wezen erop dat juist bij een milieuramp transparantie essentieel is voor het vertrouwen van de bevolking. Parmessar benadrukte dat de regering verplicht is om De Nationale Assemblee volledig te informeren en mag er geen enkele relevante informatie aan de volksvertegenwoordiging worden onthouden. "Geen enkele informatie, ik herhaal met kapitale letters, geen enkele informatie mag het

parlement worden onthouden," hield hij de minister voor. Als bepaalde gegevens vertrouwelijk zijn, kan de regering daarvoor desnoods een vergadering in comité-generaal aanvragen, stelde hij. Parmessar zei "enorme teleurstelling" te voelen over de beantwoording, omdat volgens hem op geen van zijn concrete vragen over onder meer concessiehouders, bedrijven en de hulpverlening aan getroffen dorpen inhoudelijk was ingegaan. Hij noemde die manier van omgaan met het parlement "niet de plaats van de regering naar het parlement toe."


Na afloop van het debat zegde de regeringscoördinator Marinus Bee toe dat donderdag een uitgebreidere beantwoording van de openstaande vragen zal komen. Daarbij komen meerdere ministers aan het woord om de gestelde vragen te beantwoorden. 

| starnieuws | Door: Redactie