• dinsdag 07 July 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Slavernij en onjuiste aantallen

Slavernij en onjuiste aantallen

| starnieuws | Door: Redactie

Ook de president heeft zich afgelopen week laten vangen door een groot narratief dat niet correct is. In een DNA-vergadering zei ze: ‘Vandaag, 1 juli, afschaffing van slavernij, maar ook einde van iets wat ik genocide noem, als ik naar de cijfers kijk van het aantal Afrikanen dat naar Suriname is gebracht, en de 33.000 die er maar over waren in 1863.’ 
Tussen 1668 en 1827 zijn er bijna 300.000 Afrikanen door de West-Indische Compagnie en particuliere Nederlandse handelaren naar Suriname getransporteerd.
Alle bewegingen van slavenreizen zijn weergegeven in de database waar de schepen, bemanning en lading nauwkeurig per land zijn aangegeven. Bij de Emancipatie werden er 34,800 slaven in Suriname geëmancipeerd. De berekening zou dan zijn dat 98% overleden is aan directe gevolgen van slavernij. 

Berekening

Dit is een verkeerde wiskundige insteek. Het is niet correct de import over 157 jaren af te zetten tegen het aantal in één teljaar, 1863. Voor elke twee mensen die naar Suriname zijn gebracht, zouden er twee kinderen geboren moeten worden en volwassenheid bereiken om een stabiel bevolkingsaantal te behouden. Mochten er meer pasgeborenen sterven, wat het geval was, dan nam de bevolking af. In Suriname is nooit een belangrijke bevolkingsgroei geweest tijdens de slaventijd. Dit was het gevolg van slechte leefomstandigheden zoals woonruimte en voedsel. Na de afschaffing van de slavenhandel (in 1808) werd dat beter, middels wetgeving in 1821. Tot de invoering van

de bevolkingsadministratie (1828) vond er smokkel plaats en werden er illegaal slaven aangevoerd. Maar de grootste oorzaken van overlijden waren slechte hygiënische toestanden, gebrek aan medicijnen zoals penicilline en epidemieën. 

Cijfers over de slavernij kunnen afgeleid worden uit de jaarlijkse hoofdgeldlijsten, belasting die per persoon werd afgedragen. Dan blijkt dat het hoogste aantal slaven over een jaar hoogstens 60.000 bedroeg. Daarnaast werden er naar 1863 toe velen vrijgekocht, gemanumitteerd (vanaf 1828 zo’n 6.364 personen). Ook waren er inmiddels enkele duizenden weggelopen van de plantages, de Marrons. Dan valt 34.800 in 1863 te begrijpen. 

De census van 1811
In dat jaar werd de eerste census voor Suriname gehouden onder leiding van Gouverneur Bonham. De originele boeken liggen in de National Archives in London. Het Nationaal Archief te Den Haag heeft een digitale kopie: NA 1.11.06.21. In 1811 waren er 2.029 blanke inwoners met hun gezinnen. Zij hadden in totaal 7.115 slaven
in Paramaribo. De vrije ‘couleurlingen en Neegers’ plus hun gezinnen hadden in aantal de blanken overtroffen en vormden een groep van 3.075 mensen, die 2.599 slaven hielden. Maar liefst 42.223 slaven woonden op de plantages. Voor dit specifieke jaar toont de inventaris een totale bevolking van 57.041.

Op het Instituut voor Maatschappijwetenschappelijk Onderzoek (Anton de Kom Universiteit) zijn studenten bezig om gegevens van 531 plantages in te voeren zodat deze kunnen worden weergegeven in doorzoekbare databases. Dit in samenwerking met de Radboud-Universiteit van Nijmegen. Vervolgens kunnen er allerlei conclusies worden getrokken, bijvoorbeeld de verhouding mannen, vrouwen, jongens en meisjes, maar ook wie er in Afrika geboren was, of in Suriname (Creolen). En het aantal geboorten en overlijdens op de plantage. Dit geldt dan voor 1 specifiek jaar, maar is wel een indicatie. Vervolgens zullen ook de stadsgegevens worden geïnventariseerd. Na eerste bestudering van cijfers blijkt al hoeveel zelfwerkzaamheid gemanumitteerde vrouwen bezaten

en alleen hun huishouden draaiden.     


Grote narratieven

Er zijn maar weinig mensen die teruggaan naar de bronnen. In veel studies citeert de onderzoeker eerder gepresenteerde cijfers, zonder zelf te onderzoeken wat er gebeurd is. Deze cirkelcitering zorgt ervoor dat grote narratieven zich in ons Cultureel Geheugen nestelen, en deel gaan uitmaken van de geschiedenis. Onderzoek kan tot nuancering leiden. Een vaak geciteerde uitspraak is bijvoorbeeld dat de slaven gemiddeld niet ouder werden dan 40 jaar. De enorm hoge kindersterfte wordt daarin niet verdisconteerd. Rond 1950 was de gemiddelde leeftijd 50 jaar, sinds de Emancipatie was er dus geen enorme verbetering. Die is pas gekomen na de invoering van riolering en ontwikkeling van medicijnen. Momenteel is het gemiddelde 73 jaar. 


Zo zijn er veel verhalen die in Suriname als geschiedenis worden aangenomen. De slavernij was verschrikkelijk en er zijn afschuwelijke straffen uitgevoerd. Toch moeten we niet vergeten dat Suriname

een wingewest was. Daar moest geld gemaakt worden, en dat doe je niet door een volk systematisch uit te moorden. Dat is wat de term genocide betekent. Dit vond wel plaats op de Caribische eilanden, waar mensen in zee werden gejaagd om de grond te confisqueren. Maar de Surinaamse Inheemsen die verdreven werden, vluchtten het bos in, waar de gouvernementssoldaten ze niet konden achtervolgen. Zo zijn er veel grote, als waarheid geaccepteerde narratieven, verhalen die bij nader onderzoek genuanceerd kunnen worden. 


Daarnaast dient er ook gewaarschuwd te worden tegen het verschijnen van steeds meer AI-gegenereerde filmpjes over Suriname/Ghana/Guyana met daarin onjuiste informatie. Deze worden breed verspreid, en zo nieuwe onjuiste elementen aan het Collectieve Geheugen vastgehecht. Daar moeten we ons van bewust zijn, omdat achteraf (na wetenschappelijk onderzoek) deze informatie niet blijkt te kloppen.  

Drs. Hilde Neus  
Promotie-onderzoeker Suriname 18e eeuw
Hilde.neus@uvs.edu

| starnieuws | Door: Redactie