• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

A20 overmoedig, nog niet ready voor regeermacht

Ingediend door admin op

De politieke partij A20 heeft in verband met haar 5-jarig bestaan een persconferentie gehouden en daarbij aangegeven dat de partij ready is voor regeermacht. Wij zijn van die overtuiging van de partij niet overtuigd. A20 is een nieuwe partij en daar ligt het helemaal niet aan. Het heeft te maken met de wijze waarop de partij zich profileert, de durf van de partij om zich te onderscheiden, de ideologie van de partij en heel concrete beleidsdromen die de partij heeft voor het geval ze regeerverantwoordelijkheid krijgt. De vele regeerformaties in Suriname hebben geleerd dat concrete beleidsdromen en intenties met een

zekere nuance moeten worden gebracht in Suriname en dat ze ook zo door de kiezers moeten worden behandeld. 

Een concrete beleidsmaatregel bijvoorbeeld kan zijn: het direct koppelen van de sociale uitkeringen aan het geldende minimumloon in het land. Nu is het zo dat in Suriname regeringsformaties niet springen, omdat partijen zich niet kunnen vinden in de concrete beleidsmaatregelen en uitgangspunten van het beleid. Bij regeerformaties zien we dat men ongeduldig is om de coalitie te vormen en zijn de beloofde beleidsmaatregelen al heel snel vergeten. 

Een land waar men vast blijft houden wat men aan de kiezer heeft beloofd is Nederland. Regeerformaties

duren daarom in dit land heel lang en als het ware moeten formateurs politieke partijen dwingen om tot elkaar te komen en in de regeringscoalitie te zitten. De immorele gierigheid om mee te doen voert niet de boventoon, maar wel in Suriname. 

Beloofde beleidsmaatregelen uit de partijprogramma’s kunnen in Suriname hooguit op de onderhandelingstafel komen om dan gedeeltelijk te sneuvelen. Dat weerhoudt de vorming van de coalitie niet. Achteraf rechtvaardigen partijen hun gierigheid om deel te nemen aan regeercoalities waar ze inhoudelijk (dus qua beleid) niet meetellen, dat ze erbij waren in de hoop om ‘de wilde jongens’ in toom te houden. Onder dit mom hebben democratische partijen ook in de jaren ’80 hun exponenten afgevaardigd om in regeringen onder militaire regimes deel te nemen. Het draaide daadwerkelijk om gierigheid en zakkenvullerij (grond inpikken etc.). 

In elk geval denken wij dat A20 een slap aftreksel is van de ook op christelijke leest gestoelde partij DOE die door getoonde gierigheid en immoraliteit is uitgegleden en niets veel christelijks meer voorstelt. A20 is niet ready voor regeermacht, omdat de exponenten van de partij zich meer profileren als pastors en niet als politici. Politici praten over dingen die ze concreet willen doen en politici moeten niet bang zijn om beloften te doen. Want zonder beloften is er geen partijprogramma. Geen beloften doen betekent dat de politicus zichzelf niet vertrouwt of weet dat hij een leugenaar is en de beloften niet zal waarmaken. 

A20 draait maar op 1 punt en dat is dienstbaar leiderschap. Dienstbaar leiderschap betekent dat de leiders zich als dienaren moeten opstellen van het volk en dat ze hun belangen op de eerste plaats zetten, en niet hun geneugten en verlangens naar het materiële. Dat is een goed uitgangspunt, maar concreet heeft de partij niets aangedragen hoe ze dat leiderschap zal garanderen. Hoe zal de partij waarborgen dat hun leiders dienstbaar en daardoor ook eerlijk zullen zijn? Waarschijnlijk vindt de voorzitter dat hij dienstbaar en eerlijk is en dat mensen daarvan moeten uitgaan, dat hij niet zal zwichten voor Satan. Maar tot ‘in’ de kerk kan Satan nog mensen verleiden tot het kwade, kijk maar naar de vele zaken van kindermisbruik in de kerk. Bovendien, al zou het de partij lukken om geloofwaardig te zijn in het aanbieden van dienstbare leiders, dan nog is het nog een te smalle basis voor regeerverantwoordelijkheid. Ten eerste zal men in een coalitie moeten meedoen en DOE heeft bewezen dat christelijke partijen bijvoorbeeld niet principieel het mandaat hoeven terug te geven.

DOE-exponenten hebben in de coalitie een scheve schaats gereden en een minister uit hun gelederen moest voor ‘boefachtigheid’ worden ontslagen vanwege het willen slopen van de staatskas via een stichting. De partij zelf nam geen maatregelen tegen deze minister en andere exponenten in de regering. 

Ten tweede kan een partij niet puur voortgaan op basis van een wens om eerlijk te zijn. Naast een goede inborst moet men ook verstand hebben van het staatsrechtelijke, het politieke systeem, de complexe relatie tussen de 3 machten en andere publieke organen en vooral het bestuurlijke. Men moet genoegzaam vanuit een hoog niveau het binnenste hebben gezien van de regering en het parlement van Suriname. Vanuit een afstand zaken aanschouwen en willen veranderen zal leiden tot debacles. 

A20 wil een technisch kabinet, maar Suriname kent dat niet: wij kennen een politiek kabinet waar vaktechnische experts of misbaksels als ministers kunnen worden geplaatst. Een technisch kabinet is technisch als het zodanig onafhankelijk en onaantastbaar is dat het of zijn ministers niet afgezet kunnen worden door DNA. Dus A20 droomt een niet-realiseerbare dus oneerlijke droom en sleept de kiezers daarin mee. Dat is in principe het begin van kiezersbedrog en contra de droom van het dienstbaar en integer leiderschap.  

We zeggen dat A20 niet ready is, omdat de partij van het bestuurlijke niet op de hoogte is, dus niet etaleert hoe men met succes een regering (op basis van eerlijkheid) moet sturen naar haalbare en te behalen sociaal-economische doelen. A20 is net een voetbalvereniging die alleen lijkt te gaan voor de prijs van de ‘sportiefste vereniging’, en niet voor het kampioenschap. De politiek heeft qua karakter iets venijnigs, omdat het uiteindelijk gaat om concurrentie. Het is op den duur in de politieke arena net een bokswedstrijd en die win je niet met geweldloosheid. 

Wij vinden dat A20 onredelijk is door van kiezers te verlangen dat ze alleen op basis van vertrouwen in een leider die eerlijk is, hun zegen aan hem moeten geven tijdens de verkiezingen. Dat zou bijna neerkomen op geestelijke chantage, iets wat niet onbekend is in de Surinaamse politiek uit de postkoloniale periode. A20 moet om echt een alternatief te zijn, serieus met politici op de kiezers afkomen, die Sranantongo en lokale talen moeten praten. En het draait niet alleen om dienstbaar leiderschap, het is wel een goed begin, temeer daar dienstbare leiders als een blad aan een boom kunnen omdraaien naar asociaal.  

VS: Wetenschappers ontdekken dat ook potvissen een soort alfabet gebruiken

Ingediend door admin op

Amerikaanse onderzoekers zijn erin geslaagd om met AI de taal van potvissen te analyseren en zo een heus potvisalfabet op te stellen.

Potvissen communiceren met elkaar door middel van klikgeluiden. Amerikaanse onderzoekers stelden vast dat het een heuse taal is, zo zijn de klikgeluiden tussen jagende potvissen anders dan die wanneer er bijvoorbeeld een nieuw kalf in de kudde komt.

Wel gebruiken de potvissen telkens dezelfde geluiden, maar ze combineren ze dus anders.

Door microfoons te bevestigen aan een zestigtal potvissen in de Oost-Caribische Zee, konden de wetenschappers 8.719 coda’s – het woord dat ze aan potviszinnen gaven – vastleggen. Die

koppelden ze dan weer aan de situatie waarin de potvissen op dat moment verkeerden.

Een hangjongere: “Thuis is er eten maar geen liefde, aandacht en rust, je hebt de hele tijd ruzie”

Ingediend door admin op

“De situatie thuis speelt ook een belangrijke rol in het leven van een kind”, zegt Quintus. Hij is een tienner en is liever over straat dan thuis. In gesprek met een redactrice van Dagblad Suriname, geeft Quintus aan dat hij een hangjongere is geworden. 

“Als kind ga je een rolmodel zoeken en dat gebeurt vaak binnen de familie, maar als de situatie thuis niet goed is, ga je het elders zoeken of raak je op den duur in de war. Mijn leven is helemaal niet te beschrijven en dit leidt ook tot veel zorgen voor mezelf over hoe mijn toekomst er

eigenlijk uit zal zien”, zegt Quintus. 

“Thuis is er eten, maar geen liefde, aandacht en rust, je hebt de hele tijd ruzie. Mijn vader gaat keer op keer tekeer met mijn moeder om de kleinste dingen. Toen ik jonger was probeerde ik mijn moeder te beschermen, maar op den duur werd ik ook geslagen, werd mij pijn gedaan en werd ik vernederd. Ik besloot dan liever over straat te blijven. Mijn vriendenkring is geen goed voorbeeld, maar is een manier om weg te zijn van al de pijn en stress thuis.” 

Quintus is nog schoolgaande en koos ervoor om ook te werken

na school. Na het werk hangt hij met zijn vrienden en wacht tot hij slaap krijgt om naar huis te gaan. “Ik slaap vaak in een hangmat bij een vriend thuis, want dan hoor ik thuis niets, soms is er om twee uur in de ochtend nog ruzie tussen mijn ouders. Ze tegenspreken doe ik niet of iets veroorzaken om het erger te maken. Natuurlijk, als ik in de buurt ben en mijn vader zijn hand optilt ga ik er wel tussen. maar uiteindelijk heeft het geen zin”, aldus Quintus. 

“Hangen lost problemen niet op, maar verlicht mijn hoofd”

“Hangen met de jongens lost mijn problemen niet op, maar verlicht wel mijn hoofd, oog en hart”, zegt Quintus. De tiener geeft aan dat hij ook zijn passies en interesses heeft, maar dat doet hij op zijn tijd. “Ik werk en probeer alle kleine beetje te sparen om iets voor mezelf te doen of als ik iets voor mijn moeder kan betekenen. Over straat heb je ook wel andere uitdagingen, maar je moet je hoofd goed gebruiken”, zegt Quintus. 

“Niet omdat je thuissituatie erg is, moet je jouw leven ook verergeren. Ik maak gevallen mee dat de politie enkele vrienden van mij komen zoeken, mij ondervragen of soms ook beschouwen als een crimineel maar ik weet dat ik niet participeer in zulke activiteiten. Trouwens veel mensen van de buurt kennen mijn situatie, uiteindelijk is het ook geen geheim wat er thuis gebeurt. Mijn vrienden vragen mij vaak wat ik ga doen als ik een grote som geld zou winnen. Ik zou ten eerste een erf kopen en een huis bouwen  waarin ik mijn moeder kan zetten en ook een business kan starten. Natuurlijk heb ik ook wensen en doelen die ik wil bereiken in mijn leven en dat laat ik niet uit me halen, door geen enkele situatie.”

“Het maakt niet uit waar ik ben, ik probeer er het beste van te maken op een eerlijke manier. Het zou ook wel goed zijn als jongeren die een probleem hebben ook als mij konden denken. Je voelt je thuis niet comfortabel, maar probeer je eigen omgeving dan naar jouw stemming te veranderen.”

Quintus adviseert de jongeren om het leven rustig aan te nemen. “Rennen achter iets of het leven loopt vaak verkeerd af. Niemand kiest ervoor om in een moeilijke situatie te zijn, maar jij kan er een verandering in aan brengen. Als er kinderen zijn, denk er ook goed over na want wat je meemaakt kan dubbel verwerkt worden door de kinderen. Wees een goed voorbeeld, geef liefde en aandacht zodat het niet buiten wordt gezocht. Die dingen worden ook wel anders opgevat door kinderen als zij het niet hebben geleerd of gekregen”, aldus Quintus. 

“Ik werk mijn pijn anders uit, maar er zijn velen die het van kwaad tot erger maken.”

TM

Brazilië: Paard gered van dak bij overstromingen: Al zeker meer dan 100 doden  

Ingediend door admin op

Het dodental als gevolg van ernstige overstromingen in het zuiden van Brazilië is opgelopen tot 107, zei de civiele bescherming donderdag, terwijl de reddingsoperaties in de staat Rio Grande do Sul doorgingen.

Als dramatisch symbool van de ramp redden reddingswerkers een paard dat al twee dagen gevaarlijk vastzat op een dak in een zwaar overstroomde stad.

Op televisiebeelden was te zien dat het paard schrijlings op het dak van een boerderij aan de rand van Canoas, een stad ten noorden van Porto Alegre, stond.

Het dier werd door brandweerlieden vastgezet en in een Zodiac-opblaasboot geladen om het in veiligheid te

brengen.

Er wordt de komende dagen nog meer regen voorspeld, wat de vrees doet toenemen dat het waterpeil verder zal stijgen in de overstroomde hoofdstad van de staat Porto Alegre en de nabijgelegen stad waar straten in rivieren zijn veranderd.

Minstens 136 mensen worden nog steeds vermist en ruim 165.000 mensen zijn ontheemd uit ondergelopen huizen en gered door boten en helikopters.

Partners van beroerte slachtoffers lopen hoger risico op depressie

Ingediend door admin op

Een recente studie gepubliceerd in JAMA Network Open toont aan dat echtgenoten van personen die een beroerte, hartaanval of hartfalen hebben ervaren, een aanzienlijk hoger risico lopen op het ontwikkelen van depressie vergeleken met degenen wiens partners deze gezondheidsproblemen niet hebben gehad. 

Het onderzoek, uitgevoerd door het Japan Health Insurance Association-programma onder 277.142 getrouwde paren, toont dat echtgenoten van mensen met cardiovasculaire incidenten 13% tot 14% meer kans hebben op depressie. Dit risico was hoger bij koppels waar een beroerte of hartfalen voorkwam dan bij degenen met een hartaanval. 

De depressie kan gerelateerd zijn aan de extra druk van het missen van

werk, financiële lasten, verminderde lichaamsbeweging en slaapgebrek.

De resultaten benadrukken de noodzaak van uitgebreide preventiezorg voor de geestelijke gezondheid van partners die geconfronteerd worden met de cardiovasculaire aandoeningen van hun echtgenoten.

Exxon financiert Guyana-grenszaak bij het ICJ niet

Ingediend door admin op

De president van ExxonMobil Guyana, Alistair Routledge, heeft ontkend dat het bedrijf de Guyana-zaak Essequibo bij het Internationaal Gerechtshof (ICJ) financiert. Deze verklaring komt na beschuldigingen van Venezuela dat Exxon de deelname van Guyana aan de zaak zou financieren. De zaak draait om de geldigheid van een arbitraal vonnis uit 1899 dat de grens tussen de twee Zuid-Amerikaanse landen bepaalde.

Zelfs al zou Exxon de kosten van Guyana’s deelname aan de Essequibo-grenszaak bij het ICJ op zich nemen, zullen ze dat nooit officieel bevestigen. Een dergelijke erkenning zou worden gezien als directe inmenging in een internationaal conflict, wat Exxon in een

lastige positie zou brengen.

Exxon heeft er alle belang bij dat de uitspraak in het voordeel van Guyana valt, gezien de aanzienlijke olievoorraden die het bedrijf in het betwiste gebied heeft ontdekt. Een paar miljoen dollar aan juridische kosten is een verwaarloosbaar bedrag in vergelijking met de miljarden dollars aan potentiële inkomsten die op het spel staan.

Echter, openlijke financiering van Guyana’s zaak zou Exxon blootstellen aan kritiek van Venezuela, dat de grenskwestie met Guyana betwist. Bovendien zou het andere internationale oliebedrijven die in Guyana actief zijn kunnen afschrikken.

Om deze redenen is het waarschijnlijker dat Exxon Guyana op een discrete manier zal

steunen, zonder dit publiekelijk te bevestigen. Dit zou kunnen betekenen dat het bedrijf financiële middelen doneert aan anonieme fondsen die Guyana’s juridische team ondersteunen, of dat het juridische expertise of andere diensten aanbiedt.

Het is belangrijk om te benadrukken dat dit pure speculatie is. Er is geen bewijs dat Exxon Guyana’s zaak bij het ICJ financieel steunt. De ware aard van de betrokkenheid van Exxon zal waarschijnlijk pas onthuld worden wanneer de grensgeschil definitief is beslecht.

Venezuela betwist de geldigheid van het vonnis en eist tweederde van Guyana’s grondgebied op. Guyana heeft het ICJ om een definitieve beslissing over de kwestie gevraagd.

Hoewel Venezuela de jurisdictie van het ICJ niet erkent, heeft het Hof deze in een uitspraak bevestigd. Guyana heeft al $ 18 miljoen uitgegeven aan juridische kosten voor de zaak bij het ICJ.

De Veiligheidsraad van de VN heeft beide landen onlangs opgeroepen zich te houden aan de bevelen van het ICJ, waaronder een verbod voor Venezuela om zich te bemoeien met Guyana’s controle over het Essequibo-gebied.

Een uitspraak in de zaak wordt eind 2025 verwacht.

DE GROTE CYBERAANVAL MOET NOG KOMEN

Ingediend door admin op

Bron: Business Am

Terwijl organisaties zich wereldwijd wapenen tegen cyberdreigingen, zijn cybercriminelen ook op een ander front actief.

Cyberaanvallen vormen intussen een belangrijk wapen in veel geopolitieke conflicten, hoewel we daar veel nog niet van gezien hebben. Cyberaanvallen tegen landen zijn niet nieuw. Al in 2007 kreeg Estland te maken met een reeks gecoördineerde aanvallen op onder meer overheidsinstanties, banken en media.

De aanvallers, wellicht afkomstig uit Rusland, maakten vooral gebruik van DDoS, Distributed Denial of Service. Dat is een methode waarbij hackers opzettelijk het verkeer van een server, service of netwerk proberen verstoren. Ze sturen zoveel verzoeken door tot het systeem de toestroom

van aanvragen niet meer aankan. In Estland was dat de basis van de eerste echte cyberoorlog. Sindsdien heeft Estland grote stappen gezet en promoot het land zichzelf als een van de meest ontwikkelde regio’s wat betreft beveiliging van IT-infrastructuur.

Bijna twee decennia later zien we dat cyberaanvallen vaak veel gebruikte tactieken zijn in een poging om landen te destabiliseren. In de marge van de oorlog in Oekraïne is het aantal incidenten ook elders toegenomen. Zo heeft het nabijgelegen Roemenië een toenemend aantal aanvallen gemeld, maar ook andere verder weg gelegen landen, zoals Italië, hebben meer aanvallen gezien op infrastructuur, overheid, banken, gezondheidsdiensten, enzovoort.

Ook het aanvallen van gevoelige data voor spionage of het verspreiden van fake news horen daarbij.

Iedereen valt iedereen aan

Aanvallen lijken momenteel van overal te komen en iedereen te kunnen treffen. Alleen hangt het van de impact en de sensibiliteit af of de aanval in de media verschijnt. Zeker in 2024, een jaar met wereldwijd veel belangrijke verkiezingen, moeten we het cyberfront in de gaten houden. Al is er natuurlijk geen verkiezing nodig om een geopolitieke cyberaanval op te zetten.

Meer en meer zien we overigens een trend waarbij zich twee fronten vormen, met de westerse landen aan de ene kant en bepaalde Oosterse/Aziatische landen aan de andere. Zuid-Amerika en vooral India zijn voorlopig nog vraagtekens. India heeft niet alleen een enorme populatie, het land werkt ook vaak samen met Europese bedrijven, waardoor het vandaag al een impact heeft op onze IT.

Cyberoorlog

Het goede nieuws is dat het aantal gerapporteerde cyberincidenten begin dit jaar is afgenomen. Een mogelijke verklaring is het feit dat systemen intussen beter beveiligd zijn, een gevolg van conflicten zoals de oorlog in Oekraïne en wetgevende acties om platformen van cybercriminelen neer te halen.

Al moeten we ook vaststellen dat we allicht nog maar een fractie gezien hebben van wat een goed georganiseerde geopolitieke cyberaanval kan aanrichten. Vooralsnog is de impact van cybercriminaliteit na het conflict in Oekraïne relatief beperkt gebleven tot wat volgens de verwachtingen een brede “cyberoorlog” zou worden. Toch is zeker dat cyberaanvallen in oorlogsvoering een belangrijk wapen zullen worden.

Hoewel vandaag de dag nog niet veel mensen overleden zijn ten gevolge van een cyberaanval, is het potentieel er wel en moeten we op onze hoede zijn voor die grote aanval die er wellicht nog aankomt.

Tot op heden gebruikten landen cyberaanvallen op een redelijk milde manier, maar in principe hebben ze nu al toegang tot mensen met de vaardigheden om een grootschalige aanval op te zetten.

Europa moet investeren

We weten ook niet wat er achter de schermen gebeurt in ‘minder toegankelijke landen’ zoals Noord-Korea. Voor Europa is het daarom belangrijk fors te investeren in meer autonomie in cybersecurity. Vandaag zijn we immers te afhankelijk van externe technologie en vaardigheden om onze data te beschermen.

Met AI, 6G en kwantumcomputing aan de horizon moeten we in elk geval alert blijven. En beseffen dat de volgende grote oorlog zich voor een belangrijk stuk in de cyberwereld zal afspelen.

TECH

 

RUST LIJKT TERUG GEKEERD OP OPENBARE WERKEN

Ingediend door admin op

 

Foto: Riad Nurmohamed, Minister van Openbare Werken (OW).

Het Ministerie van Openbare Werken (OW) heeft besloten om de aangekondigde ‘no work-no pay’-maatregel voorhaar stakend personeel in te trekken.

Deze beslissing volgt na opheffing van de gedeeltelijke werkonderbreking door de drie vakbonden op het ministerie. Het gaat hierbij om de Algemene Werknemersorganisatie van het Ministerie van Openbare Werken (AWOW), de Bond Personeel Openbaar Groen en Afvalbeheer (BPOGA) en de Werknemersorganisatie Openbare Werken (WOOW).

De rechter maande de ambtenaren aan om hun actie per direct te beëindigen. Aangezien er gehoor is gegeven aan het vonnis van de rechter, heeft de leiding van OW ook besloten

om sancties tegen het stakend personeel te parkeren.

De vakbondsactie was een uiting van ontevredenheid over de verhoogde stroomtarieven. OW-minister Riad Nurmohamed vindt dat er in principe geen arbeidsconflict is en dat de bonden te snel hebben gekozen voor actie. Hij stapte naar de rechter, en die stelde de overheid in het gelijk.

De minister had liever gezien dat er eerst overleg met hem was gepleegd alvorens te beslissen tot elf uur te werken als protest tegen de verhoogde stroomtarieven. “Mijn kantoor staat altijd open”, zegt hij. De spontante werkneerlegging apprecieerde hij niet.

UNITEDNEWS

GERELATEERD AAN:STROOMTARIEVEN FORS OMHOOG

 

 

 

IMF TIKT SURINAME OP DE VINGERS VOOR TEGENVALLENDE STAATSINKOMSTEN

Ingediend door admin op

Fotocompilatie:Minister Stanley Raghoebarsing van Financiën en Planning en hoofd IMF-missie, Anastasia Guscina.

De overheid zal harder moeten trekken om haar inkomsten te verhogen, aangezien de targets in de eerste vier maanden van dit jaar niet zijn gehaald.

De staat kan hierdoor in grote financiële problemen geraken. Het blijkt zelfs dat de inkomsten zijn gedaald. Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) heeft dit onder de aandacht van de regering gebracht tijdens de zesde beoordeling van het herstelprogramma die deze week gaande is.

Tussen januari en april zijn slechts 80% van de geprojecteerde belastinginkomsten binnengekomen. Minister Stanley Raghoebarsing van Financiën en Planning noemt dit percentage “slecht”

en benadrukt dat het richting de 95% moet.

Het IMF heeft vooral gewezen op de inkomsten uit de Belasting Toegevoegde Waarde (btw), invoerrechten en accijnzen. Raghoebarsing bevestigt dat het IMF de regering hierover heeft aangesproken.

Het IMF-team is momenteel in Suriname om te praten over de zesde beoordeling van het herstelprogramma, waarbij een bedrag van 55 miljoen USD gemoeid is, indien de targets worden gehaald.

De steun van het IMF heeft de regering geholpen om haar financiële verplichtingen na te komen, maar na afloop van het programma in maart 2025 kan Suriname moeilijkheden ondervinden om haar schulden af te lossen als de staatsinkomsten

niet toenemen.

UNITEDNEWS

GERELATEERD AAN:IMF: REGERING ZAL STRENG MOETEN BLIJVEN MET HERVORMINGSMAATREGELEN