• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Effect internationale samenwerking 

Ingediend door admin op

De Surinaamse president heeft in de marges van de Algemene Vergadering van de VN een ontmoeting gehad met de nieuwe Nederlandse premier. Er is voornamelijk gesproken over voortzetting van het samenwerkingsverband tussen de twee landen dat bekend staat als Makandra. Uit de berichtgeving is niet gebleken, dat dit programma belangrijke resultaten heeft opgeleverd. Er staat ook niet vermeld op welk niveau de programma’s zijn opgevoerd. Zo is onbekend welke beleidsgebieden goede resultaten hebben opgeleverd en welke nog goed moeten worden opgepakt. 

De indruk die wij hebben, en dat blijkt uit de berichtgeving van de regering zelf, is dat het programma niet

echt veel voordelen voor Suriname heeft opgeleverd. Door de regering zijn berichten gelanceerd over bijvoorbeeld watermanagement, strafrecht, corruptietrainingen binnen de Belastingdienst, reclassering, kustbeheer en de Rekenkamer. De vrees is dat in deze het vooral gaat om de financiering van consultancies uit… Nederland. En hoeveel effect anti-corruptietrainingen hebben gehad is een andere vraag. 

Toen deze regering aantrad, werd bericht dat Suriname nu uit een isolement zou worden gehaald. Daarmee bedoelde de nieuw aangetreden regering dat de relatie die moeizaam zou zijn verlopen met Nederland, zou worden hersteld. De verdere economische en sociale ontwikkeling van Suriname zou plaatsvinden in een goede samenwerking met

de Nederlandse regering. De oppositie beschuldigde de coalitie ervan Suriname te verkopen aan Nederland en dat we onze onafhankelijkheid kwijt zouden raken. Het samenwerkingsprogramma Makandra werd opgezet om een brede ontwikkelingssamenwerking met Nederlandse overheidsinstituten op te zetten. Daar kwam nog bij een ambassadeur die woont en werkt in Nederland, als onderdeel van het diaspora-concept. Ook kwam een diaspora-instituut in Nederland. Dit instituut bereikte niets waardoor de voorzitter haar functie na enige tijd haar functie ter beschikking stelde. Onder de nieuwe voorzitter werd het ook niks …. of wat is bereikt is een groot staatsgeheim. 

Als onderdeel van de samenwerking werden ook zogenaamde technische krachten ingeschakeld. Dit gebeurde dichtbij de president en in bedrijven als SLM. Inmiddels zijn zodanig onfrisse zaken naar buiten gekomen van deze heren en dames dat ze het land moesten uitvluchten, op dezelfde wijze als de hoofdveroordeelde van de 8 decembermoorden en een ondervoorzitter van ABOP die verdacht wordt van moord. Daarnaast mislukte faliekant ook het ‘fresh capital’ project door alertheid en bezwaren in DNA. Oprichting van dubieuze nv’s zoals Surfin mislukte; de nv’s waren dubieus, omdat kapitaal zou worden geïnvesteerd waarover niet de Surinaamse regering maar een schaduwregering zou gaan. 

De essentie van het verhaal is dat in de afgelopen periode er geen verbetering is gekomen in de samenwerking met Nederland. Zo hebben we in Suriname geen Nederlandse bedrijven en investeerders. De Nederlandse ambassadeur lanceerde een programma “Land zoekt Boer” zonder enig resultaat. De oorzaken zijn divers. Een van de mogelijke oorzaken is dat de Surinaamse ambassade in Nederland de capaciteit niet heeft om samenwerkingsverbanden te beklinken, bijvoorbeeld van ministerie naar ministerie. Verder hebben de verschillende onderdelen van de overheid niet helder op een rijtje op welke gebieden men hulp nodig heeft van Nederland. Een andere mogelijk oorzaak is dat de samenwerking met Suriname geen prioriteit heeft bij de Nederlandse regering. In projecten komt het voor dat de aanvragers van technische hulp niet in staat zijn hun aanvraag goed en concreet te formuleren. Maar, het kan ook voorkomen dat aanvragen onbehandeld liggen op de Nederlandse burelen en dat er geen systeem is om de vordering van ingediende projecten te monitoren. 

Het kan ook dat van Surinaamse zijde het diplomatieke kader ontbreekt of niet in staat is om de projecten door te geven aan Nederland en de juiste communicatie erona te houden. Samenwerkingsverbanden beginnen in eerste instantie via diplomatieke kanalen en daarna kunnen overheidsafdelingen met elkaar verder op basis van afspraken en tijdspaden die worden overeengekomen. Wanneer ingediende projecten onbehandeld blijven liggen, zullen de onderdelen van de overheid de neiging hebben om door te gaan met andere partners of zelf met eigen kader maatregelen uit te voeren, als dat er is. Maar het kan ook dat projecten on hold worden gezet. Het is namelijk bekend dat er weinig direct inzetbaar kader aanwezig is binnen de Surinaamse overheid.

Het Makandra programma is een programma tussen government en government, het gaat hierbij om een samenwerking tussen Surinaamse en Nederlandse overheidsinstellingen op diverse gebieden, zoals de justitieketen, klimaat, water, defensie en politie.  

Op 3 juni 2023 heeft de president van Suriname wederom het Diaspora Instituut Nederland (DIN) formeel geïnstalleerd. De regering geeft aan dat het beleid van de Surinaamse regering mede gericht is op een actieve inzet van de Surinaamse diaspora in de ontwikkeling van de Surinaamse economie. 

DIN speelt volgens de regering een cruciale rol in het stimuleren van initiatieven vanuit de Surinaamse gemeenschap in Nederland. De initiatieven zijn in eerste instantie gericht op drie speerpunten te weten: onderwijs, industrialisering en capacity building. 

DIN zal zich onder andere inzetten om enkele scholen van modern materiaal te voorzien, de productie en export van Surinaamse producten te stimuleren en om goed opgeleide mensen te stimuleren zich voor het land in te zetten. Van exporten die erbij zijn gekomen is niets te merken, wel van moeizame exporten van Surinaamse groenten. De inzet van Nederlandse deskundigen hier kan een doel zijn, maar de vorming en behoud van Surinaams kader is een beter doel. Een ander doel is het bevorderen van de relaties tussen organisaties, bedrijven, instituten en personen die in Suriname en Nederland zijn gevestigd om zodoende een bijdrage te helpen leveren aan de ontwikkeling van Suriname. 

Een beroepskeuze in een ongelijke wereld

Ingediend door admin op

Ibrahim, een fervent socialist, en zijn vriend Hans zitten samen op een bank in het park, genietend van de frisse lucht. “We leven in een tijdperk waarin geen onderdrukt volk tevreden kan zijn om de onderdrukker zijn gang te laten gaan zonder iets te doen”, begint Ibrahim. “Je hebt gelijk, Ibrahim,” antwoordt Hans bedachtzaam. “Maar hoe zie je dat precies voor je?”

“De rijke man heeft arme mensen nodig om te overleven”, vervolgt Ibrahim. “Hun manier van leven is gebaseerd op de criminalisering van de armen. Ze hebben het systeem zo ingericht dat de armen geloven dat de rijke criminelen hen

zullen helpen zich te verbeteren. Maar dat is een leugen.”

Hans leunt naar voren, geïnteresseerd. “Hoe bedoel je?”

“Denk er eens over na”, zegt Ibrahim. “Als de armen werkelijk geholpen zouden worden, wie zou dan het vuile werk van de rijken doen? Wie zou voor een minimumloon werken, klussen die niemand wil doen? De rijken hebben de onderdrukking nodig om hun luxueuze levensstijl te behouden.”

“Het is een cyclus”, realiseert Hans zich. “Ze houden de armen afhankelijk en in de veronderstelling dat er geen uitweg is.”

“Precies”, knikt Ibrahim. “Zolang de rijken profiteren van goedkope arbeid, zullen ze niets doen om de klassenongelijkheid echt

op te heffen. Het is aan ons, de onderdrukten, om op te staan en te eisen dat ons harde werk wordt gewaardeerd en eerlijk beloond.”

Hans glimlacht. “Je hebt me aan het denken gezet, vriend. Misschien is het tijd dat we echt iets gaan doen om dit systeem te veranderen.”

“Ja”, zegt Ibrahim strijdbaar. “We kunnen niet langer wachten op de rijken om ons te redden.”

Het talenbeleid in Suriname: Twijfels en lessen van Singapore

Ingediend door admin op

In ons land Suriname is al jaren geen besluit genomen over de belangrijkheid van de Engelse en/of Spaanse taal. De meningen zijn verdeeld en niet op één lijn. Een deel van de bevolking vindt dat, omdat we in Zuid-Amerika zijn, Spaans als verplichte leertaal op scholen moet worden ingevoerd. Anderen pleiten juist voor Engels vanwege onze ligging in de Caribische regio.

Het argument voor Spaans is begrijpelijk aangezien de dominante taal in Zuid-Amerika Spaans is. Echter, in het grootste en dichtstbevolkte land in Zuid-Amerika, Brazilië, wordt Portugees gesproken. Daar tegenover staat het belang van Engels, dat wereldwijd als de internationale taal

voor communicatie, wetenschap, technologie en zaken wordt beschouwd. Engels opent deuren naar wereldwijde kansen, maakt interculturele communicatie mogelijk en is vaak een vereiste voor hoger onderwijs en internationale handelsrelaties.

Terwijl Suriname worstelt met deze keuze, loopt de rest van de wereld vooruit. 

Een voorbeeld is Singapore, dat Engels als officiële taal heeft ingevoerd om de vele etnische groepen in het land te verenigen en de internationale handel te bevorderen. Hoewel de oorspronkelijke talen daar Mandarijn, Maleis, Tamil en diverse Chinese dialecten zoals Hokkien en Teochew zijn, heeft de keuze voor Engels als verbindende taal hun vooruitgang aanzienlijk bevorderd.

Als Suriname zijn positie wil

verbeteren op het wereldtoneel, is het cruciaal dat we snel een weloverwogen keuze maken met betrekking tot ons talenbeleid. Willen we aansluiten bij de rest van de Caribbean met Engels, of willen we juist onze Zuid-Amerikaanse buren beter begrijpen met Spaans? Of misschien moeten we een tweetalig beleid overwegen om het beste van beide werelden te benutten. Wat duidelijk is, is dat aarzeling en besluiteloosheid ons kostbare kansen laten missen terwijl de wereld snel vooruitgaat.

De impact van geweld in de media: Een oproep tot positieve rolmodellen in Suriname

Ingediend door admin op

Het recente geweld tussen Rinaldo Mussendijk meer bekend als ‘Powisi’, en Reynold van Els, meer bekend als ‘Peppy , heeft veel stof doen opwaaien en heeft onder de samenleving bezorgdheid gewekt. De situatie roept vragen op over de impact van dit soort conflicten, vooral op de jongeren . Zij kijken op naar invloedrijke figuren, en het is van groot belang hoe deze figuren zich gedragen en welke boodschappen zij uitzenden. Geweld als middel om meningsverschillen op te lossen of om aandacht te vragen, is een verontrustende boodschap die niet alleen de huidige generatie, maar ook toekomstige generaties kan beïnvloeden.

Burgers maken

zich zorgen dat herhaalde media-aandacht voor dit soort geweld het idee kan normaliseren dat conflicten met geweld opgelost moeten worden. Ricardo M. heeft zijn mening aan de redactie van Dagblad gegeven: “Dit kan jongeren een vertekend beeld geven van hoe zij zelf met meningsverschillen moeten omgaan. Het is cruciaal dat er meer aandacht komt voor dialoog en communicatie als alternatieve methoden voor conflictbeheersing. Ik vind dat de mensen binnen de samenleving geroepen moeten worden om dan ook steeds sterker op te roepen tot de noodzaak van positieve rolmodellen die jongeren inspireren om vreedzaam en constructief om te gaan met verschillen
van mening.”

Suniel R voegt toe: “Het is een verantwoordelijkheid van zowel de gemeenschappen als de autoriteiten om educatieve programma’s en bewustwordingscampagnes op te zetten. Deze initiatieven kunnen jongeren de les bijbrengen dat geweld nooit de oplossing is, en benadrukken dat respect en begrip voor elkaar essentieel zijn in interpersoonlijke relaties. Door een veilige ruimte te creëren waar jongeren kunnen leren over conflictbeheersing en wederzijds respect, kunnen we een cultuur bevorderen die gewelddadige uitingen afkeurt.”

In deze bredere discussie over invloedrijke personen, hun verantwoordelijkheden, en de rol van media, ligt een uitdaging voor de samenleving: hoe kunnen we samen een omgeving creëren waarin geweld niet de norm is, en waarin jongeren groeien in een cultuur van respect en communicatie? Het is tijd voor een gezamenlijke inspanning naar verandering.

CS

Belang van zonnebrandcrème voor mensen met donkere huidskleur in Suriname

Ingediend door admin op

De zon is ongeveer 150 miljoen kilometer van de aarde verwijderd.

Suriname, met zijn subtropische klimaat, ervaart intense zonnestraling en sterke UV-stralen. Een veelgestelde vraag is of zonnebrandcrème noodzakelijk is voor mensen met een donkere huidskleur.

Volgens experts is het antwoord ja. 

Ondanks de hogere concentratie van melanine in een donkere huid, die enige bescherming biedt tegen UV-stralen, is zonnebrandcrème nog steeds belangrijk. 

Melanine kan de huid langzamer verbranden en een lagere kans op huidkanker bieden, maar het elimineert deze risico’s niet volledig.

Intense zonnestraling kan huidbeschadiging, zoals zonnebrand, vroegtijdige veroudering en zelfs huidkanker veroorzaken, ongeacht de huidskleur. 

Dermatoloog dr. Jane legt uit: “Ik heb veel

patiënten met een donkere huid gezien die dachten dat ze geen zonnebrandcrème nodig hadden, maar uiteindelijk last kregen van huidproblemen.”

Voorbeeld: een patiënt met een donkere huidskleur ontwikkelde ernstige zonnevlekken en huidveroudering omdat hij dacht dat hij geen bescherming nodig had. Daarom adviseren experts zonnebrandcrème aan iedereen, ongeacht huidskleur, om de huid tegen de schadelijke effecten van UV-stralen te beschermen.

SLM vliegtuig raakt beschadigd op Schiphol

Ingediend door admin op

Een Airbus A340-600 die door Surinam Airways wordt ingezet op de Mid-Atlantische route heeft vanmorgen schade opgelopen op Schiphol.

De redactie van Waterkant.Net verneemt dat het incident kort na de aankomst van het toestel uit Suriname gebeurde, toen het vliegtuig per ongeluk werd geraakt door een backscatter-scanner van de douane, een apparaat dat wordt gebruikt voor het controleren van goederen en bagage.

De Airbus A340-600, die door Surinam Airways wordt gehuurd voor haar internationale vluchten, werd bij de schade-inspectie na aankomst als ongeschikt bevonden om te vertrekken.

Het is nu nog onduidelijk of het probleem op korte termijn verholpen kan worden en het vliegtuig

morgen nog kan vertrekken.

Padieboeren zullen strijdbijl weer opgraven, als regering zich niet houd aan de afspraken

Ingediend door admin op

Padieboeren hopen dat de regering dit keer haar belofte nakomt en de toegezegde compensatie uiterlijk begin oktober uitbetaald. Zo twee seizoenen (april jl) terug hebben boeren vanwege ernstige perikelen die zich voor deden hoge kosten gemaakt. Boeren moesten vanwege de enorme waterschaarste ten gevolge van de extreme droogte en het uitvallen van de Wakay pompen extra brandstof aanschaffen om hun gewas te redden. Sommigen hebben echter ook niet kunnen inzaaien vanwege beperkte financiële middelen.  

Als gevolg van de extreme droogte bedroeg de opbrengst van padie per   hectare nauwelijks 40 tot 50 balen van 79 kg. De boeren eisten toen een

prijs van meer dan srd 1000 per baal, echter waren de opkopers niet bereid dat bedrag te betalen. De boeren kregen uiteindelijk tussen srd 500 en srd 600 uitbetaald. 

President Chandrikapersad Santokhi heeft toen de boeren beloofd het verschil te compenseren uiterlijk augustus. Helaas, kon de regering toen de financiële middelen niet uitbetalen vanwege beperkte mogelijkheden. Als reden werd ook aangegeven dat er afspraken waren met het IMF om de uitgaven te beperken, zodat de IMF tranche niet in gevaar kwam.

Boeren hebben een week lang geprotesteerd en hebben na  onderhandelingen met de president de strijdbijl begraven. Er waren onvolkomenheden voor wat

de registratie lijst betreft, die opgezuiverd is nadat een commissie van actieve boeren veldonderzoek heeft verricht. Het bleek dat niet 30.000 hectare, zoals eerst was opgegeven. ingezaaid is, maar 20.000 hectare .

De regering had in eerste instantie 60 miljoen SRD en later 70 miljoen toegezegd om uit te keren in verschillende dat categorieën op basis van aantal uitgezaaide en onvolledig uitgezaaide arealen. Het komt in feite neer op srd 3500 per hectare neer. 

Padieboeren kijken reikhalzend uit naar de uitbetaling, zoals beloofd, in de eerste week van oktober. Ze gaan geen genoegen nemen met een of ander excuus voor de zoveelste keer. Ze zullen niet schromen om als het nodig is, de strijdbijl op te graven. 

Nw Nickerie, 26 september

Radjoe Bhikharie

Boerenactivist 

Rapport wijst op verdubbeling van illegale visserij in Frans-Guyanese wateren 

Ingediend door admin op

In een op 16 september gepubliceerde studie van Ifremer, CRPMEM Guyana (Comité Regional das Pescas e Produção Marinha da Guyana) en WWF-Frankrijk , komt naar voren, dat de visserijdruk veroorzaakt door illegale buitenlandse boten in de wateren van Frans-Guyana de afgelopen 12 jaar is verdubbeld. 

De data zijn verzameld tussen september 2023 en april 2024 door middel van overflights, waarbij is vastgesteld dat zich dagelijks gemiddeld 56 buitenlandse boten illegaal in Frans-Guyanese wateren bevinden, tegenover ‘slechts’ 20 legale Franse boten: bijna 74% van de vissersboten in Frans-Guyana vist illegaal. Deze boten komen in het oosten vanuit Brazilië en in het westen

vanuit Guyana en Suriname. 

Het rapport van Ifremer, CRPMEM Guyana en WWF-Frankrijk benadrukt de ernst van de toegenomen illegale visserij. Terwijl de populatie van de Noordwest-Atlantische (NWA) lederschildpadden (aitkanti), alarmerend afneemt en de productie van bang bang in Frans-Guyana instort, gebruiken illegale schepen drijfnetten van vele kilometers lengte, waartegen visbestanden en zeeschildpadden in de historisch rijke kustgebieden geen kans maken. 

Wanneer er meer vis uit de oceaan wordt gehaald dan er door natuurlijke aanwas bij kan komen, wordt dit overbevissing genoemd. Zonder adequate maatregelen kan overbevissing leiden tot het verdwijnen van vissoorten met alle ecologische en economische gevolgen van dien. Een preliminaire

analyse die WWF-Guianas liet uitvoeren naar het voortplantingsvermogen van vijf vissoorten waar in Suriname en Guyana op gevist wordt (Willems, T., E. Liverpool and M. Hiwat. 2023) wijst op overbevissing.

Regionale visserijproblematiek vereist een regionale aanpak. 

Het WWF werkt samen met de respectievelijke autoriteiten om IUU-visserij (Illegal, unreported and unregulated) in Guyana, Suriname en Frans-Guyana aan te pakken. Het afgelopen jaar zijn er regionale bijeenkomsten georganiseerd om de samenwerking en gegevensuitwisseling tussen de drie landen te bevorderen. Het pas verschenen rapport bevestigt de urgentie van deze activiteiten, en WWF blijft zich met volle toewijding inzetten.

Milieuproblemen door microplastics bij wasgoed in Suriname

Ingediend door admin op

Ondanks alles zijn Surinamers een schoon en net volk. We baden regelmatig en zorgen ervoor dat onze kleren schoon blijven door deze te wassen. Echter, realiseren we ons niet altijd waar de vezels van onze kledingstukken naartoe gaan na het wassen.

In onze riolering en in open goten in buurten, belanden deze vezels in grote kreken en rivieren en worden uiteindelijk geconsumeerd door vissen, die wij vervolgens eten.

Microplastics vormen een groeiend probleem. Wanneer we synthetische stoffen zoals polyester in de wasmachine wassen, komen microscopische plasticdeeltjes los van onze kleren. 

Uit onderzoek van wetenschappers van de Britse Newcastle University blijkt dat delicate wasprogramma’s,

die extra water gebruiken, de meeste microplastics vrijgeven. Bovendien belanden deze microplastics via het riool in zeeën, waar ze al zijn aangetroffen in plankton, vissen en zelfs walvissen. Dit vergroot het risico van plasticverontreiniging in onze voedselketen.

Onderzoekers vonden ook microplastics in menselijke feces, wat ons leert dat plastic deeltjes in ons lichaam terechtkomen door vis te consumeren. Hoewel we nog niet zeker zijn van de impact op de menselijke gezondheid, is het duidelijk dat deze vervuiling schadelijk is voor het zeeleven. Het is daarom essentieel om bewuster om te gaan met onze waspraktijken. 

Tips zoals het vermijden van halflege wasjes kunnen

helpen de hoeveelheid microplastics die in onze watervoorzieningen terechtkomt, te verminderen. Samen kunnen we bijdragen aan een schonere en gezondere omgeving.