• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

TOEKOMST BRUNSWIJK HANGT AAN EEN FLINTERDUN ZIJDEN DRAADJE

Ingediend door admin op

Foto: Vicepresident Ronnie Brunswijk, tevens voorzitter van de Abop. | Auteur: Armand Snijders.

Als er voor één politicus heel veel op het spel staat bij de verkiezingen, dan is het voor Abop-voorzitter Ronnie Brunswijk. Hij heeft zijn lot verbonden aan het resultaat dat zijn partij gaat halen.

In de verschillende – onbetrouwbare – peilingen worden de Abop steevast hooguit zes zetels toebedeeld, in het ongunstigste geval zijn het er slechts vier. Maar die peilingen vindt Brunswijk belachelijk, want “het kan nooit gebeuren dat de Abop vier zetels haalt. (…) Men wil paniek zaaien bij de Abop-gemeenschap.”

“Ze willen twijfels brengen bij de mensen,

het zijn allemaal misleiders”, zo wil hij doen geloven. Want in Sipaliwini, Brokopondo en Marowijne zijn er ongeveer 52.000 stemgerechtigden, wat goed zou zijn voor tien zetels. “En dan hebben we nog Paramaribo, Wanica, Saramacca, Nickerie, Coronie, Para en Commewijne.”

Brunswijk gelooft echt dat hij zoveel stemmen binnen zal halen, dat de weg naar het presidentschap voor hem open ligt. Hij verliest daarbij echter de keiharde realiteit uit het oog: de Abop is vooral een partij die Marrons en weinig stemmers van andere bevolkingsgroepen trekt.

Ook al vinden Brunswijk en zijn partijgenoten dat het een echte bromki yari-partij is en dus een

nationale partij. Maar dat beweren veel andere partijen ook, terwijl ze in werkelijkheid vooral voor de belangen van hun eigen – etnische – achterban opkomen.

Door verschillende factoren was zijn functioneren als vicepresident in de afgelopen vijf jaar ver onder de maat.

Vooropgesteld dat hij natuurlijk nooit vicepresident had mogen worden gezien zijn verleden, waarin hij in binnen- en buitenland tal van veroordelingen aan zijn broek heeft gekregen.

En niet voor de minste vergrijpen: in Nederland én Frankrijk kreeg hij bij verstek lange gevangenisstraffen wegens de betrokkenheid bij cocaïnehandel, in eigen land waren het vooral geweldsmisdrijven.

Dat hij het toch tot vicepresident schopte is vooral te danken aan de gebrekkige Kieswet, waarin niet is opgenomen dat mensen met een strafblad geen publieke functies mogen bekleden. En bovenal aan VHP-voorzitter Chandrikapersad Santokhi, die in 2020 de Abop nodig had om een regering te vormen en zelf president te worden en daarom aan alle eisen van Brunswijk voldeed.

Nu hij uiteindelijk ondanks alles vicepresident is, kunnen we de balans opmaken. Santokhi maakte het Brunswijk en zijn Abop(-ministers) zeker niet gemakkelijk, waardoor er al snel spanningen ontstonden, die tot nu toe voortduren. Brunswijk tuigde rond zijn kabinet een eigen netwerk op, waardoor het er op leek dat Suriname twee regeringen had.

Dat idee werd versterkt doordat Santokhi aparte regeringsvergaderingen belegde – naast de reguliere ministerraadsvergaderingen die door Brunswijk werden geleid – en daar vrijwel alle belangrijke besluiten nam.

Een van de voornaamste zaken die Brunswijk had kunnen forceren, was dat de behandeling van de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) op de agenda van De Nationale Assemblee gezet zou worden. Dat had hij in 2020, kort na zijn benoeming, ook beloofd tijdens een persconferentie.

Daar wordt sinds 1988 al door relevante groeperingen op gehamerd. Immers, met de WOB in de hand zijn regeerders en bestuurders verplicht openheid van zaken te geven over allerlei issues. Deze regering verzekerde daar serieus werk van te maken, maar er werd mee gedraald.

Ondanks allerlei schijnbewegingen van Assembleevoorzitter Marinus Bee (Abop) is het er uiteindelijk weer niet van gekomen. Waarschijnlijk wilde Brunswijk niet dat hij of zijn partij gedwongen konden worden de hele vuile was buiten te hangen.

Maar die was kwam vaak toch naar buiten, zeker als hij weer eens zijn boekje te buiten ging met geweldsincidenten (de kwestie Jason Pinas), het gelieg daarover in het hoogste college van staat en zijn onverantwoorde gedrag in zijn andere – dubieuze – hoedanigheden. Zoals als goudondernemer, als eigenaar van voetbalvereniging Inter Moengotapoe en bovenal als mati van de criminelen Piet Wortel en Joel ‘Bordo’ Martinus, de ondervoorzitter van de Abop.

Ondanks zijn reputatie en zijn bevlekte verleden – ook als vicepresident – gelooft Brunswijk er nog heilig in dat bij de aanstaande verkiezingen het pad naar het presidentschap zal worden geplaveid. De kans is echter eerder reëel dat hij veel minder dan de honderdduizend stemmen haalt waarop hij rekent.

En als hij zijn woord houdt, zal hij zich vervolgens terugtrekken uit de politiek. Dus het wordt erop of eronder voor hem. Zijn politieke toekomst hangt aan een flinterdun zijden draadje. Of dat gaat knappen, weten we zondagavond laat.

ANALYSE

USV: VALSE HOOP EN MANIPULATIE – STEMADVIES VOOR 25 MEI

Ingediend door admin op

Het Surinaamse volk is vredelievend, maar ook goedgelovig. Al vijftig jaar lang weten leiders zich te presenteren als redder van het volk — als een soort politieke “messias” die zegt op te komen voor de zwakkeren, terwijl ze in werkelijkheid systematisch het volk verarmen en zichzelf verrijken.

De grootste tragedie is dat deze zogenaamde “verlossers” eerst de armoede creëren waarin het volk terechtkomt, om zich vervolgens als de redder van datzelfde volk op te werpen. Een cynisch en doortrapt spel.

De ene leider liet stilletjes het volk leegbloeden: miljoenen verdwenen spoorloos uit de staatskas. De andere greep hard en genadeloos in via

het IMF — zonder bescherming voor de zwaksten. Die fatale klap wordt nog steeds gepresenteerd als een heldendaad, terwijl de mensen dagelijks lijden onder de gevolgen.

Hoe groter de armoede, hoe groter hun politieke greep. Want armoede maakt afhankelijk, en afhankelijkheid wordt gebruikt als stemmiddel. Staatsmiddelen die het volk toebehoren, worden als gunsten uitgedeeld: voedselpakketten, grondpapieren, beloftes, kruimels — in ruil voor stemmen. Dat is geen leiderschap. Dat is misleiding.

Het IMF werd binnengehaald met grote woorden over stabiliteit en herstel. Maar wat heeft de huidige leider in vijf jaar werkelijk gedaan voor ontwikkeling, productie of werkgelegenheid? Waar zijn de gestolen gelden

waarnaar hij zou “terugjagen”? Wat is er gedaan met de beloftes aan het volk? Behalve buitenlandse reizen en symbolisch beleid, is er geen structurele vooruitgang geboekt.

Suriname is gezegend met natuurlijke rijkdommen. Maar vijftig jaar na de onafhankelijkheid zijn we arm — niet door gebrek aan potentie, maar door gebrek aan oprechte leiders.

Zolang we blijven vallen voor mooie woorden en misleiding, verandert er niets. Op 25 mei hebben we een keuze: blijven we in deze vicieuze cirkel van verarming en bedrog, of kiezen we eindelijk voor verandering?

Bron: Drs. Asha Mungra Voorzitter – Unie van Surinaamse Vrouwen (USV)

GAJADIEN | ECONOMIE KWETSBAAR DOOR GROTE INFORMELE SECTOR

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien.

Suriname dreigt in economisch zwaar weer te belanden wanneer internationale compliance-regels binnenkort volledig van kracht worden.

Een belangrijke oorzaak is het omvangrijke aandeel van de informele sector, die naar schatting verantwoordelijk is voor 50 tot 60 procent van de totale economische activiteit. Deze situatie brengt ernstige risico’s met zich mee voor ondernemers, waarschuwt VHP-fractieleider Asiskumar Gajadien.

Volgens Gajadien is de informele sector een structureel probleem dat al jarenlang wordt genegeerd. Internationale instellingen zoals het Internationaal Monetair Fonds (IMF) hebben al eerder gewezen op het grote aandeel van deze sector in de Surinaamse economie. Nu steeds meer internationale financiële instellingen

streng toezien op transparantie en naleving van regelgeving, wordt de kwetsbaarheid van Suriname zichtbaar.

Indien ondernemers niet kunnen aantonen dat zij formeel geregistreerd zijn en voldoen aan internationale eisen, dreigen zij uitgesloten te worden van het internationale financiële verkeer.

Dit kan leiden tot beperkte toegang tot buitenlandse financiering, obstakels bij internationale handel en zelfs beperkingen bij lokale bancaire transacties.

De fractieleider benadrukt dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij ondernemers ligt. Volgens hem draagt ook het huidige belasting- en reguleringsbeleid bij aan de groei van de informele sector. Ondernemers worden onvoldoende gestimuleerd om hun activiteiten te formaliseren, waardoor het vertrouwen in het systeem afneemt

en steeds meer bedrijven buiten het officiële circuit opereren.

Gajadien roept op tot directe actie van de volgende regering en het nieuw te installeren parlement na de verkiezingen van 25 mei. Hij pleit voor een aanpak die niet alleen de regelgeving verbetert, maar ook ondersteuning biedt aan kleine en middelgrote ondernemingen om de overstap naar het formele circuit te maken.

UNITEDNEWS

 

 

 

SANTOKHI ZET VRAAGTEKENS BIJ GELOOFWAARDIGHEID PEILINGEN

Ingediend door admin op

Foto: President en VHP-voorzitter Chandrikapersad Santokhi gisteravond tijdens de slotbijeenkomst van de VHP in het VHP-centrum, Stichting De Olifant.

President en VHP-voorzitter Chandrikapersad Santokhi heeft vrijdagavond tijdens de slotmassameeting van zijn partij fel uitgehaald naar recente opiniepeilingen.

Ondanks meerdere metingen die wijzen op een mogelijke overwinning van de NDP, lijkt Santokhi vastbesloten om de gepresenteerde cijfers te negeren. De VHP-leider omschrijft de peilingen als onbetrouwbaar.

In plaats van te reageren met eigen data of transparante interne cijfers, stelt de president zonder onderbouwing dat de VHP nog steeds de grootste partij van het land is.

Hij suggereert dat de makers van de peilingen zich nog

zullen moeten verantwoorden, zonder namen te noemen of concrete aanwijzingen te geven.

Het afdoen van negatieve peilresultaten als een gecoördineerde aanval op de partij is niet nieuw in de Surinaamse politieke arena, maar het ondermijnt wel het publieke vertrouwen in onderzoeken. Door het werk van opiniepeilers op voorhand in diskrediet te brengen, verschuift Santokhi de aandacht van inhoudelijke discussie naar verdachtmakingen, zonder bewijs aan te dragen. Tegelijkertijd claimt hij dat de VHP geen behoefte heeft aan verkiezingsfraude en dat zijn partij een “zuivere strijd” voert.

Opvallend is dat Santokhi de suggestie wekt dat andere partijen de verkiezingsuitslag op voorhand willen delegitimeren. Volgens

hem proberen deze partijen zelfs internationale waarnemers te beïnvloeden met geruchten over corruptie en fraude. In plaats van dergelijke aantijgingen met feiten te staven of inhoudelijk te weerleggen, positioneert hij zijn eigen partij als slachtoffer van een campagne vol valse beschuldigingen.

UNITEDNEWS

 

ONZEKERHEID OVER PRESIDENTSKANDIDAAT BINNEN NDP HOUDT AAN

Ingediend door admin op

Binnen de Nationale Democratische Partij (NDP) blijft onduidelijkheid bestaan over de voordracht van de presidentskandidaat, ondanks de overtuiging van de partij om na de verkiezingen opnieuw regeringsverantwoordelijkheid te dragen.

De interne strijd wordt vooral zichtbaar in de aanhoudende kandidatuur van ondervoorzitter Ashwin Adhin, die niet wijkt van zijn ambitie om de presidentskandidaat namens de partij te worden.

Volgens de gangbare praktijk binnen Surinaamse politieke partijen ligt het voor de hand dat de partijvoorzitter of lijsttrekker als presidentskandidaat wordt gepositioneerd. In het geval van de NDP vervult Geerlings-Simons beide functies, maar Adhin wijkt af van deze lijn en stelt zich eveneens kandidaat. Hij

baseert zijn positie op zijn bestuurlijke ervaring en het vermogen om complexe beleidsprocessen efficiënt aan te sturen.

De kandidatuur van Adhin wordt ondersteund door een invloedrijke interne stroming binnen de NDP, met name de groep rondom voormalig voorzitterkandidaat Ramon Abrahams.

Deze vleugel van de partij heeft zich na het verliezen van het voorzitterschap niet neergelegd bij de nieuwe partijlijn en voert actief campagne voor Adhin als alternatief.

Ook binnen de coalitiepartner VHP zijn signalen merkbaar van interne heroverwegingen met betrekking tot het presidentschap. Zo circuleren er binnen de partij suggesties om defensieminister Krishna Mathoera naar voren te schuiven als alternatief voor zittend president

Chan Santokhi. De discussies daar verlopen echter minder gepolariseerd dan binnen de NDP.

UNITEDNEWS

PL CLAIMT VERHOGING SOCIALE UITKERINGEN ALS PARTIJPRESTATIE

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: voormalig minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, Uraiqit Ramsaran.

Pertjajah Luhur (PL), die recent de coalitie en regering verliet, positioneerde zich tijdens de verkiezingscampagne als initiatiefnemer van de verhogingen van sociale voorzieningen tijdens de afgelopen regeerperiode.

Volgens voormalig minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting, Uraiqit Ramsaran, zijn uitkeringen voor ouderen (AOV), kinderen (AKB), personen met een beperking en andere kwetsbare groepen uitgekeerd dankzij de PL.

Ramsaran, die drie jaar aan het hoofd stond van het ministerie, stelt dat de partij het fundament heeft gelegd voor het sociaal beleid in de afgelopen jaren.

Tijdens een recente partijbijeenkomst in Wanica gaf hij aan dat deze

verhogingen uitsluitend te danken zijn aan de inzet van de PL tijdens haar bestuursperiode binnen de regering.

Deze interpretatie wijkt af van het officiële regeringsstandpunt. Eerder werd door president Chandrikapersad Santokhi, tevens voorzitter van de VHP, verklaard dat de verhogingen van sociale uitkeringen voortvloeiden uit besluiten van de Raad van Ministers. Daarbij werd gewezen op het bredere sociaaleconomisch beleid in samenwerking met het Internationaal Monetair Fonds (IMF), waarin sociale bescherming als essentieel werd beschouwd om de gevolgen van hervormingen voor kwetsbare groepen te verzachten.

Gedurende zijn ambtsperiode werd er in De Nationale Assemblee regelmatig kritiek geuit op de trage uitbetaling en uitvoering

van sociale uitkeringen. Desondanks geeft Ramsaran nu aan teleurgesteld te zijn over het huidig beleid en stelt dat de sociale situatie sinds zijn vertrek is verslechterd.

UNITEDNEWS

SRD 130.000,00 VOOR NIEUWE DNA LEDEN IS HET GERECHTVAARDIGD?

Ingediend door admin op

Foto rechts: Ricky Stutgard

Recent is kenbaar gemaakt dat de nieuwe DNA leden tenminste SRD 130.000,00 aan schadeloosstelling zullen verdienen.

Verscheidene huidige  DNA leden hebben deze verhoging goed gepraat, maar vele Surinamers zijn nu de mening toegedaan dat ze op 25 mei 2025 niet naar de stembus te zullen gaan. Zij zijn de mening toegedaan niet mee te werken aan het produceren van DNA leden die slapend miljonairs worden, terwijl niet naar hun noden wordt geluisterd.

Tot wet verheven

Op 8 december 2023 hebben de DNA leden  Asiskumar  Gajadien en Geneviévre Mariëlle Jordan  een concept wet “ Wet geldelijke voorzieningen leden &

gewezen DNA” ingediend. Deze concept wet werd in 2024 goedgekeurd door het parlement. Op  de 29 november 2024 heeft president  CHANDRIKAPERSAD SANTOKHI de wet getekend en het is op 3 december 2024 door de Minister van Binnenlandse Zaken,  DELANO LANDVREUGD gepubliceerd.

Zij treedt in werking op de datum van aanvang van de eerstvolgende zittingsperiode van De Nationale Assemblée in 2025.

Bezoldiging DNA leden

De bezoldiging van de DNA leden is direct dan wel indirect gelinkt aan die van de president en is onderverdeeld in verschillende  functiegroepen. Voor de leden van De Nationale Assemblée wordt de volgende bezoldiging vastgesteld:

Volgens Artikel 14 Bestuurs-c.q. managementtoelage 1

wordt aan de volgende leden van De Nationale Assemblée, die naast reguliere werkzaamheden ook belast worden met bestuurlijke c.q. managementtaken, als volgt een maandelijks procentuele toelage toegekend:

Syncroniseren van privileges

Met wet “Wet Geldelijke Voorzieningen leden en gewezen leden van De Nationale Assemblée “  zijn  ook de extra privileges van de leden  gesyncroniseerd (gelijk gezet). Zo ontvangen alle DNA leden ook nog een vervoertoelage

 (SRD 26.594,00), representatie-toelage SRD 13.297,00), woonvoorziening

(SRD 13.297,00), telecommunicatie (SRD 4.966,00) en Veiligheidstoelage

(SRD 6.648,00).  

De DNA leden mogen in bijzondere gevallen ook nog genieten van Protocollaire voorzieningen en van een kindertoelage. Bovendien is bij overlijden ook sprake van een weduwe- dan wel weduwnaar toelage.

MEDISCHE VOORZIENINGEN

De medische voorzieningen zijn ook heel interessant om aan te geven want ze zijn  inclusief hun gezinsleden. Het betreft   all-in algehele medische eerste klasse ziektekostenverzekering met een keuzevrijheid van arts dan wel instelling zonder enige uitsluiting of beperking met betrekking tot paramedische behandelingen, specialistische behandelingen; medicamenten; kunst — en hulpmiddelen; onderzoeken; tandheelkundige behandelingen en alle bijbehorende voorzieningen; oor- en oogheelkundige behandelingen en alle bijbehorende voorzieningen

In de media is verschenen dat de nieuwe DNA leden SRD 130.000,00 aan schadeloosstelling, maar als alle voorzieningen opgeteld worden blijken wij met een veel groter bedrag te doen te hebben.

Schadeloosstelling DNA 2011 – 2025

De schadeloosstelling van de DNA leden is tussen 2011 en 2025 tenminste 5 keren (tabel 2) aangepast. Op 1 januari 2011 werd de schadeloosstelling gebracht op SRD 14.344,00. Maar nu zullen de nieuwe DNA leden  een bedrag van tenminste SRD 130.987,00 ontvangen. Dus van Januari 2011 tot juli 2025 hebben de DNA leden een verhoging gekend van niet minder dan 813%.

De ambtenaren, leerkrachten, docenten, verplegend – en winkelpersoneel hebben in de afgelopen 14 jaren geen 800% verhoging gekend. De vrije beroepen (artsen, juristen, ondernemers enz.) konden wel salarissen verhogen met percentages van 800% en hoger, maar het zijn onder andere de ambtenaren, leerkrachten, verplegend- en winkelpersoneel die het gelag moeten betalen.

In 2025 zijn ook de minimumuurloon en de armoedegrens aangepast. Per februari 2025 is de armoedegrens voor 1 persoon gesteld op SRD 7.337,00. De minimum uurloon is per 1 april 2025 gesteld op SRD 52.47. Dit betekent dat er werknemers zijn die voor de hele maand slechts SRD 8.395,20 verdienen. De nieuwe DNA leden zullen dus 15,6 maal meer dan het minimumloon verdienen en 17,8 maal meer dan de armoedegrens (tabel 3)

Is het gerechtvaardigd?

Om na te gaan als de verhogingen van de schadeloosstelling van de DNA leden gerechtvaardigd zijn  is het goed om na te gaan hoe de ontwikkeling van de prijzen van 2 bekende levensmiddelen zijn geweest.

In 2010 kostte een Chinese puntbrood  38 cent, in 2023 werd het SRD 5. Dit is een verhoging  van 1.215%. Een kippenei kostte in  2018 wel 75 cent, in 2025 is het SRD 10. Dus een verhoging van 1.233%.

Dat in 14 jaren tijd de schadeloosstelling van de DNA leden met 813% is verhoogt valt te begrijpen vanwege het feit dat de prijzen van de levensmiddelen torenhoog de lucht zijn ingegaan.

Onrechtvaardig is het dat vele DNA leden niets uitvoeren maar toch maandelijks zo’n bedrag zullen verdienen, terwijl vele ambtenaren keihard werken maar niet eens SRD 10.000,00 maandelijks ontvangen. Ze zijn genoodzaakt  daardoor 2 tot 3 jobs te verrichten om aan de vaste lasten te kunnen voldoen

Het is onrechtvaardig omdat steeds blijkt dat de DNA leden, die zelf steeds weer hun schadeloosstelling verhogen,  geen oor hebben voor de noden van het volk, maar zelf in luxe leven.

Stem voor degenen met een positieve trackrecord

Vele burgers zeggen nu dat ze op 25 mei 2025 niet naar de stembus gaan. Zij zijn de mening toegedaan niet mee te werken aan het produceren van luie DNA-leden die slapend miljonairs worden.

Vooral de twijfelaars en weigeraars wil ik adviseren wel te gaan stemmen, omdat ook al zullen maar 1.000 mensen naar de stembus gaan de schadeloosstelling zal toch betaald worden. Stem op DNA-kandidaten die een positieve trackrecord hebben van 10, 15 en 20 jaren. Stem op personen die zelf voordat ze de politieke arena instapten al bewezen hebben dat ze het met het land menen. Ga naar de stembus en doe het voor uw toekomst, de toekomst van uw kinderen en uw kleinkinderen.

Ik wil de stem zijn van alle leerlingen, studenten, leerkrachten en docenten.

Wij praten niet wij DOEn!  Stem op A20, lijst  2 Ricky Stutgard nummer 16. 

Advertorial

RONDHOUTMARKT LATIJNS-AMERIKA EN CARAÏBEN OP WEG NAAR 160 MILJOEN M³ EN USD 17,9 MILJARD IN 2035

Ingediend door admin op

De markt voor rondhout in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied zal naar verwachting tegen 2035 een volume van 160 miljoen kubieke meter bereiken, met een geschatte marktwaarde van 17,9 miljard Amerikaanse dollar.

Dat blijkt uit een nieuw rapport van marktonderzoeksbureau IndexBox. Volgens het rapport zal de markt over de periode 2024-2035 een gestage groei doormaken, met een samengesteld jaarlijks groeipercentage (CAGR) van +1,5% in volume en +1,8% in waarde. De toenemende vraag naar rondhout in de regio is de belangrijkste motor achter deze groei.

In 2024 bereikte het totale verbruik van rondhout 136 miljoen m³, wat een lichte daling van 0,2% betekende

ten opzichte van het voorgaande jaar. Ondanks deze tijdelijke terugval heeft de markt over de afgelopen jaren een overwegend stabiel consumptiepatroon laten zien.

De totale marktwaarde kwam in 2024 uit op 14,7 miljard dollar, een stijging van 2,3% vergeleken met 2023.

De landen met het hoogste verbruik in 2024 waren:

Deze drie landen waren samen goed voor 74% van het totale verbruik. Andere belangrijke verbruikers zijn Guatemala, Argentinië, Honduras en Uruguay, die samen nog eens 22% voor hun rekening namen.

De productie van rondhout in de regio bleef in 2024 vrijwel stabiel op 136 miljoen m³. Net als bij consumptie ligt de productieconcentratie voornamelijk

in Brazilië, Chili en Mexico – samen goed voor 74% van de totale output. Uruguay zag ook hier de sterkste stijging, met een CAGR van +15,9%. De totale productiewaarde bedroeg in 2024 ongeveer $14,8 miljard, met een lichte stijging ten opzichte van 2023. De piek in productiewaarde werd bereikt in 2018 met $16,3 miljard.

UNITEDNEWS

 

JONGEREN VAN SURINAAMSE AFKOMST IN NEDERLAND VAAK UITGESLOTEN EN ONTMOEDIGD

Ingediend door admin op

Foto: Jongeren in Nederland, onder wie van Surinaamse, Caribische en Afrikaanse afkomst, tijdens een protest. | Auteur: Armand Snijders.

Jongeren van onder meer Surinaamse afkomst in Nederland, maar ook met Caribische en Afrikaanse roots, botsen nog steeds op een systeem dat hen klein houdt.

“Ze zijn talentvol, veerkrachtig en ambitieus, maar worden te vaak uitgesloten en ontmoedigd”, zegt psychiater Glenn Helberg.

Hij deed zijn verontrustende uitspraak tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer over de doorwerking van het slavernijverleden. Tijdens het gesprek spraken wetenschappers, activisten en vertegenwoordigers van erfgoedinstellingen over structurele achterstanden, discriminatie en het belang van wettelijk verankerd herstel.

De bijeenkomst was onderdeel

van een voorbereidend traject op het Kamerdebat over het herstelbeleid na de excuses van premier Mark Rutte in december 2022. Een terugkerend punt was het onderwijs. Sprekers benadrukten dat ongelijkheid al vroeg begint. De potentie van zwarte jongeren wordt op basisscholen vaak niet gezien, terwijl het onderwijs nauwelijks ruimte biedt aan verhalen over slavernij, verzet en veerkracht.

“Er is weinig toetsing op of die geschiedenis daadwerkelijk wordt doorgegeven,” zei Astrid Elburg, de Surinaams-Nederlandse voorzitter van het Herdenkingscomité Slavernijverleden. “In tegenstelling tot bijvoorbeeld de Holocaust, is kennis over het koloniale verleden niet verplicht.”

Mitchell Esajas van The Black Archives stelde dat het ontbreken

van deze kennis bijdraagt aan institutioneel racisme. Hij wees op het ontbreken van herstelmaatregelen bij de afschaffing van de slavernij in 1863.

“In Suriname kregen plantage-eigenaren toen driehonderd gulden per tot slaaf gemaakte persoon, maar de slachtoffers zelf kregen niets. Er waren dus omgekeerde herstelbetalingen.”

Wendeline Flores van het Nationaal Instituut Nederlands Slavernijverleden (NiNsee) benadrukte dat herstelbeleid niet alleen over geld gaat. “Het gaat om wat mensen is afgenomen op het gebied van gezondheid, welzijn, mobiliteit en vooral waardigheid.” Ze pleitte voor meer onderzoek naar hoe deze achterstanden zijn ontstaan en hoe ze rechtvaardig kunnen worden hersteld.

Alle sprekers waren het erover eens dat herstel meer moet zijn dan symbolische gebaren. Het moet leiden tot duurzame maatregelen op het gebied van onderwijs, kansen en erkenning.

Ivette Forster, verbonden aan het Keti Koti Festival, formuleerde het scherp: “Wat heeft het noemen van slavernij en het nazeggen van excuses voor zin, als het systeem dat dit veroorzaakt heeft, blijft bestaan? Het is geen kwestie van schuld, maar van rechtvaardigheid.”

Ook de rol van het parlement kwam ter sprake. Sprekers benadrukten dat de Tweede Kamer zelf voortkomt uit instellingen die het slavernijsysteem mogelijk maakten. De kamer werd opgeroepen die geschiedenis te erkennen en jongeren actief te betrekken bij bewustwordingsprocessen.

Het gesprek benadrukte bovendien het belang van samenwerking binnen het Koninkrijk en met Suriname. Volgens Flores moet herstel recht doen aan verschillende contexten: wat in Europees Nederland werkt, is niet altijd toepasbaar in het Caribisch gebied of in Suriname.

UNITEDNEWS

OLIE BEPAALT KOERS BIJ SURINAAMSE VERKIEZINGEN

Ingediend door admin op

Bron: OilNow.gy

Nu Suriname zich opmaakt voor de algemene verkiezingen van 25 mei, staat de opkomende olie- en gassector centraal in het politieke debat.

De ontwikkeling van offshore-olievelden, met name het US$10,5 miljard kostende GranMorgu-project in blok 58, geleid door TotalEnergies, APA Corporation en Staatsolie, belooft een ingrijpende economische transformatie.

De verwachte productie van de eerste olie in 2028 brengt een veelbelovende toekomst met zich mee, maar roept ook de vraag op hoe deze rijkdom beheerd moet worden. De belangrijkste politieke partijen hebben elk hun eigen visie.

VHP: Royalties voor iedereen

De Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP), onder leiding van president Chandrikapersad Santokhi, legt de nadruk op

een eerlijke verdeling van de oliegelden. De partij presenteerde het programma Royalties voor Iedereen (RVI), waarbij burgers een spaarbewijs van US$750 ontvangen met een jaarlijkse rente van 7%, gefinancierd uit de royalty-inkomsten van blok 58.

Santokhi benadrukt transparantie en verantwoording bij het beheer van natuurlijke hulpbronnen. Olie-inkomsten moeten volgens hem worden herbelegd in sectoren zoals gezondheidszorg, onderwijs en infrastructuur.

NDP: Nationale regie en investeringen

De Nationale Democratische Partij (NDP), geleid door Jennifer Geerlings-Simons, bepleit een sterke rol van de staat in het toezicht op de olie-industrie. De partij wil de nationale infrastructuur uitbreiden, investeren in opleidingen voor lokale arbeidskrachten in de energiesector, en

olie-inkomsten gebruiken voor sociale voorzieningen zoals onderwijs, gezondheidszorg en huisvesting. De NDP is terughoudend tegenover directe geldtransfers en kiest voor langetermijninvesteringen.

NPS: Technologie en toezicht

Onder leiding van Gregory Rusland pleit de Nationale Partij Suriname (NPS) voor een technologisch geavanceerde aanpak. De partij wil een staatsinvesteringsfonds gebaseerd op blockchaintechnologie. Ondernemer Maya Parbhoe, kandidaat namens de NPS, stelt dat strikte begrotingsdiscipline en digitale controle essentieel zijn om toekomstige generaties te laten profiteren van de olieopbrengsten.

ABOP: Regionale gelijkheid en lokale participatie

De Algemene Bevrijdings- en Ontwikkelingspartij (ABOP), onder aanvoering van vicepresident Ronnie Brunswijk, richt zich op de ontwikkeling van achtergestelde regio’s. De partij wil dat binnenlandse gemeenschappen actiever deelnemen en pleit voor een meer evenwichtige verdeling van inkomsten, met speciale aandacht voor bewoners in het binnenland.

ABOP ondersteunt beleid dat buitenlandse oliebedrijven verplicht samen te werken met lokale ondernemers, om zo kennisoverdracht en regionale economische groei te stimuleren.

Lokale wetgeving blijft achter

Suriname beschikt nog niet over een lokale contentwet. Artikel 17 van de Petroleumwet moedigt weliswaar de tewerkstelling van Surinamers en het gebruik van lokale goederen en diensten aan, maar dit gebeurt op basis van vrijblijvende bepalingen zonder afdwingbare verplichtingen. Volgens critici zet dit Surinaamse bedrijven op achterstand, zeker in vergelijking met buurland Guyana, waar sterke wetgeving zorgt voor lokale participatie.

Hoewel de regering stappen heeft gezet richting een nationaal beleid op dit vlak, is er nog geen formele wetgeving tot stand gekomen.

Toekomst tussen vertrouwen en twijfel

Met de verkiezingen in aantocht is de toekomst van Suriname’s olie-industrie ongewis. Waar sommige partijen pleiten voor snelle ontwikkeling en directe verdeling van opbrengsten, benadrukken anderen juist behoedzaam bestuur, institutionele hervormingen en duurzaamheid.

De offshore-ontdekkingen bieden enorme kansen, maar bij veel burgers leeft scepsis. De vraag blijft of olierijkdom daadwerkelijk ten goede komt aan de samenleving, of verloren gaat in bureaucratie en mogelijk wanbeheer. Het beleid van de nieuwe regering zal niet alleen de energiesector bepalen, maar ook het vertrouwen van de bevolking – en daarmee de vraag of deze natuurlijke rijkdom zich vertaalt in tastbare vooruitgang voor iedereen.

POLITIEK