• dinsdag 11 August 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
Meer dan helft jonge Surinamers overweegt vertrek naar buitenland

Meer dan helft jonge Surinamers overweegt vertrek naar buitenland

| starnieuws | Door: Redactie

Suriname dreigt juist op het moment dat het land voor grote economische kansen staat een belangrijk deel van zijn jonge menselijk kapitaal kwijt te raken. Meer dan de helft van de Surinamers tussen 18 en 39 jaar overweegt binnen vijf jaar naar het buitenland te vertrekken voor werk, studie of een beter leven. Opvallend genoeg gaat het om een generatie die juist bijzonder bereid is in zichzelf te investeren: 92 procent van de jongeren wil aanvullende opleidingen of trainingen volgen als daarmee
de kans op een beter inkomen wordt vergroot.

Dat is een van de meest indringende uitkomsten van het Landelijk Perceptieonderzoek Suriname 3.0, uitgevoerd door onderzoeksbureau NIKOS in opdracht van het Ministerie van Olie, Gas en Milieu. Het onderzoek richt zich op de visies, verwachtingen en prioriteiten van Surinamers richting 2050.

Voor de totale onderzochte bevolking ligt de vertrekbereidheid aanzienlijk lager dan onder jongeren. Van alle respondenten zegt 36 procent te overwegen binnen vijf jaar naar het buitenland te vertrekken voor werk, studie of een beter leven. Een meerderheid van 54 procent overweegt dat niet. Zodra naar leeftijd wordt gekeken, verandert het beeld echter drastisch. Onder 18- tot 39-jarigen overweegt 54 procent een vertrek. Bij de groep van 40 tot en met 59 jaar is dat 31 procent en onder 60-plussers nog maar 16 procent. Meer dan de helft van de jongste onderzochte generatie houdt dus serieus rekening met een

toekomst buiten Suriname.


Het rapport waarschuwt er terecht voor dat een vertrekintentie niet betekent dat al deze mensen daadwerkelijk zullen emigreren. Maar de omvang van de groep wordt wel als een serieus signaal beschouwd. De cijfers krijgen extra betekenis tegen de achtergrond van de economische ontwikkeling die Suriname de komende jaren verwacht. Nieuwe olie- en gasactiviteiten kunnen banen, investeringen en andere economische mogelijkheden creëren. Juist daarvoor zal het land geschoolde arbeidskrachten nodig hebben.

Daar zit tegelijkertijd de opvallende tegenstelling in de onderzoeksresultaten. Dezelfde jonge Surinamers die het vaakst overwegen te vertrekken, blijken ook verreweg het meest bereid te zijn zichzelf verder te ontwikkelen. Van de 18- tot 39-jarigen zegt maar liefst 92 procent bereid te zijn extra opleidingen of trainingen te volgen wanneer dit de mogelijkheid biedt meer inkomen te verdienen. Bij de groep van 40 tot en met 59 jaar bedraagt dat 73 procent. Onder 60-plussers is het
24 procent. Het gaat daarmee niet om een generatie die weinig belangstelling heeft voor scholing of economische vooruitgang. Integendeel: de onderzoeksresultaten wijzen juist op een grote bereidheid onder jongeren om in kennis en vaardigheden te investeren.

Ontwikkelingspotentie 

Wanneer jongeren zich willen ontwikkelen, maar tegelijkertijd in groten getale overwegen hun toekomst elders te zoeken, kan het land een deel van het menselijk kapitaal verliezen dat nodig is om toekomstige economische kansen zelf te benutten. De onderzoekers wijzen expliciet op dit gevaar. De combinatie van grote scholingsbereidheid en sterke vertrekbereidheid laat volgens het rapport zien dat Suriname over veel ontwikkelingspotentieel onder jongeren beschikt, maar tegelijkertijd het risico loopt juist deze groep kwijt te raken. Als een aanzienlijk deel daadwerkelijk vertrekt, kan dat de uitstroom van menselijk kapitaal — de zogenoemde brain drain — verder versterken. Die zorg staat niet op zichzelf. In hetzelfde onderzoek noemt 22 procent van de respondenten het vertrek van

talent naar het buitenland als een van de grootste risico's voor de toekomstige ontwikkeling van Suriname. Eveneens 22 procent noemt onvoldoende onderwijs en vaardigheden. Vooral jongeren en hoger opgeleiden wijzen relatief vaak op het vertrek van talent.


Het rapport legt daarbij een belangrijk verband tussen beide problemen. Wanneer Suriname onvoldoende gekwalificeerde mensen opleidt en tegelijkertijd een deel van het beschikbare talent naar het buitenland ziet vertrekken, ontstaat dubbele druk op de beroepsbevolking. Dat kan juist in een periode van economische groei problematisch worden. Een tekort aan gekwalificeerd personeel kan ertoe leiden dat Suriname nieuwe economische mogelijkheden onvoldoende zelf kan benutten en voor kennis en arbeidskrachten sterker afhankelijk wordt van het buitenland.

Jongeren optimistischer
Opmerkelijk is bovendien dat de mogelijke vertrekdrang niet eenvoudig kan worden verklaard door pessimisme over Suriname. Het onderzoek laat juist zien dat jongeren positiever naar de toekomst van het land kijken dan oudere generaties. Landelijk verwacht
42 procent dat het in de toekomst beter zal gaan met Suriname, 32 procent denkt dat de situatie ongeveer hetzelfde blijft en 26 procent verwacht een verslechtering. De groep van 18 tot en met 39 jaar is volgens het onderzoek juist het meest positief over de toekomst. Daarmee ontstaat een paradoxaal beeld: jonge Surinamers zien mogelijkheden voor het land, zijn massaal bereid zich verder te scholen, maar meer dan de helft houdt tegelijkertijd de deur naar het buitenland open.

Dat maakt de uitkomst meer dan alleen een migratiecijfer. Het stelt een fundamentele vraag aan het toekomstige ontwikkelingsbeleid. De uitdaging voor Suriname is niet uitsluitend jongeren op te leiden voor de kansen die olie, gas en economische diversificatie kunnen brengen. Het land zal ook omstandigheden moeten creëren waardoor zij voldoende perspectief zien om hun kennis, ondernemerschap en arbeidskracht in Suriname in te zetten. Want economische kansen alleen zijn niet voldoende wanneer

een aanzienlijk deel van de generatie die ze moet benutten, overweegt elders een toekomst op te bouwen.

| starnieuws | Door: Redactie