
Kanhai betwist beeld van Bouterse als couppleger en wijst op Nederlandse rol
| suriname herald | Door: Redactie
Advocaat Irvin Kanhai stelt dat de rol van Nederland bij de militaire coup van 25 februari 1980 in Suriname onvoldoende aandacht krijgt. Volgens hem moeten de geschiedenis van de staatsgreep en de daaropvolgende politieke ontwikkelingen opnieuw worden belicht.
Kanhai, die Desi Bouterse 23 jaar lang juridisch heeft bijgestaan, betwist dat Bouterse uitsluitend als couppleger moet worden herinnerd. De advocaat, die ook een goede vriend en medestander van de overleden leider van de revolutie was, zei dat Bouterse eerder had ingegrepen omdat Nederland volgens hem een coup wilde plegen.
In een interview met LIM FM verwees Kanhai naar het laatste woord dat Bouterse tijdens het strafproces uitsprak en later publiceerde. Daarin zou Bouterse volgens de advocaat hebben verklaard dat hij niet de rol van Soeharto, maar die van Soekarno op zich had genomen.
Kanhai verbindt die uitspraak aan zijn stelling dat Nederland destijds invloed wilde uitoefenen op de machtsverhoudingen
De advocaat stelt dat Bouterse dit aanbod niet accepteerde en dat daarna de couppoging van Wilfred Hawker volgde. Hij verwees daarbij naar verklaringen en documenten die volgens hem zijn gepubliceerd, maar gaf in het interview geen verdere onderbouwing voor zijn lezing.
Kanhai vindt dat de Nederlandse betrokkenheid bij de gebeurtenissen rond de coup en de periode daarna niet mag worden genegeerd. Hij pleit voor een evenwichtigere geschiedschrijving en stelt dat Nederlandse archieven selectief informatie vrijgeven.
De advocaat erkende dat Bouterse er niet in is geslaagd zijn politieke doelen volledig te verwezenlijken. Hij wees daarbij op de coups en de politieke instabiliteit in de periode van 1980 tot 1987.
Over de historische betekenis van Bouterse zei
| suriname herald | Door: Redactie




































