
Geen schikking in TAS-conflict; rechter doet maandag uitspraak
| starnieuws | Door: Redactie
Rechter Robert Praag doet maandag uitspraak in de twee kortgedingen over de leiding van de Telecommunicatie Autoriteit Suriname (TAS). De behandeling van de zaken duurde zondag ruim tweeënhalf uur. Een schikking bleef uit. De Raad van Commissarissen (RvC) en Wendy Jap-A-Joe staan lijnrecht tegenover elkaar over de vraag wie bevoegd is de organisatie te leiden en te vertegenwoordigen.
De RvC stelt dat de wettelijke benoemingstermijn van Jap-A-Joe als directeur is verstreken en dat de raad daarom het bestuur van TAS moet
RvC eist onmiddellijke overdracht
Advocaat Gerold Sewcharan, die namens TAS en de Staat optreedt, stelde dat Jap-A-Joe tijdig en persoonlijk schriftelijk op de hoogte is gebracht van het einde van haar benoeming. Volgens de RvC heeft zij op 19 en 20 oktober geweigerd mee te werken aan een ordelijke overdracht en werden leden van de raad de toegang tot TAS geweigerd.
De RvC wil dat de rechter Jap-A-Joe verplicht bedrijfsmiddelen en gegevens onmiddellijk over te dragen. Het gaat onder meer om inloggegevens, bankgegevens, autosleutels en andere zaken die nodig zijn om de organisatie te besturen. Ook wordt gevraagd haar en personen die haar vergezellen te verbieden het TAS-gebouw te betreden, zolang de juridische procedure
Volgens de raad is rechterlijk ingrijpen noodzakelijk om te voorkomen dat het bestuur van TAS wordt belemmerd. Daarbij is ook verzocht om, indien nodig, de sterke arm in te schakelen om uitvoering aan het vonnis te geven. Sewcharan drong aan op een uitspraak vandaag, omdat de RvC naar zijn zeggen zo snel mogelijk in staat moet worden gesteld zijn bestuurstaken uit te voeren.
Jap-A-Joe betwist bevoegdheid RvC
De advocaten van Jap-A-Joe, Iris Nazir en Chandra Algoe, voerden aan dat de RvC niet bevoegd is om namens TAS op te treden. Volgens hen moet de raad daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vorderingen. De verdediging stelt dat Jap-A-Joe sinds 2015 bij TAS in dienst is en dat zij op grond van een arbeidsovereenkomst uit 2021 nog altijd rechten heeft. In die overeenkomst is volgens haar advocaten een opzegtermijn van twaalf maanden opgenomen. Zij bestrijden dat het contract nietig
De advocaten wezen erop dat een eerder verzoek tot schorsing van Jap-A-Joe door de Raad van Ministers zou zijn afgewezen. Ook vroegen zij waarom hun cliënt geen toegang tot TAS zou mogen hebben zolang haar arbeidsrechtelijke positie niet is beëindigd. Volgens de verdediging is de overeenkomst uit 2021 gesloten ter uitvoering van een regeringsmissive. Dat de toenmalige president-commissaris het contract heeft ondertekend, maakt het volgens hen niet ongeldig.
De advocaten verweten de RvC bovendien dat een interne aangelegenheid door publieke uitlatingen is uitgegroeid tot een conflict dat heel Suriname bezighoudt. Volgens hen heeft het optreden van de raad geleid tot een vijandige werkomgeving.
Staat: benoeming is van rechtswege geëindigd
Namens de Staat werd aangevoerd dat de benoeming van Jap-A-Joe voor een bepaalde wettelijke termijn gold en dat deze termijn inmiddels is verstreken. Volgens de landsadvocaat is daarvoor geen afzonderlijk ontslagbesluit nodig. Ontslag en schorsing zijn volgens
Ook werd betoogd dat de RvC op grond van de wettelijke regeling bevoegd is het bestuur waar te nemen wanneer een directeur ontbreekt of verhinderd is. Van een bestuursvacuüm hoeft volgens de Staat daarom geen sprake te zijn.
De rechtsgeldigheid van de arbeidsovereenkomst uit 2021 werd eveneens betwist. Daarbij werd erop gewezen dat het contract door de toenmalige president-commissaris is ondertekend en niet door de bevoegde minister. Ook zou niet zijn gebleken van de vereiste goedkeuring door de Raad van Ministers. Tijdens de behandeling werd bovendien de vraag opgeworpen of de overeenkomst achteraf is opgesteld. De advocaten van Jap-A-Joe weerspraken deze bezwaren en hielden vol dat de overeenkomst rechtsgeldig is.
Schikkingspoging zonder resultaat
Na de pleidooien kwam de mogelijkheid van een schikking aan de orde. Die leverde geen overeenstemming op. De rechter gaf tijdens de behandeling
De RvC bleef aandringen op een snelle voorziening om het bestuur van TAS mogelijk te maken, terwijl Jap-A-Joe vasthield aan haar standpunt dat de raad niet bevoegd is haar buitenspel te zetten. Rechter Praag besloot uiteindelijk maandag uitspraak te doen.
De RvC stelt dat de wettelijke benoemingstermijn van Jap-A-Joe als directeur is verstreken en dat de raad daarom het bestuur van TAS moet
waarnemen. Jap-A-Joe bestrijdt dat de RvC haar zonder meer de toegang tot de organisatie kan ontzeggen. Zij beroept zich onder meer op een arbeidsovereenkomst uit 2021 en stelt dat zij nog altijd directeur is.
RvC eist onmiddellijke overdracht
Advocaat Gerold Sewcharan, die namens TAS en de Staat optreedt, stelde dat Jap-A-Joe tijdig en persoonlijk schriftelijk op de hoogte is gebracht van het einde van haar benoeming. Volgens de RvC heeft zij op 19 en 20 oktober geweigerd mee te werken aan een ordelijke overdracht en werden leden van de raad de toegang tot TAS geweigerd.
De RvC wil dat de rechter Jap-A-Joe verplicht bedrijfsmiddelen en gegevens onmiddellijk over te dragen. Het gaat onder meer om inloggegevens, bankgegevens, autosleutels en andere zaken die nodig zijn om de organisatie te besturen. Ook wordt gevraagd haar en personen die haar vergezellen te verbieden het TAS-gebouw te betreden, zolang de juridische procedure
loopt.
Volgens de raad is rechterlijk ingrijpen noodzakelijk om te voorkomen dat het bestuur van TAS wordt belemmerd. Daarbij is ook verzocht om, indien nodig, de sterke arm in te schakelen om uitvoering aan het vonnis te geven. Sewcharan drong aan op een uitspraak vandaag, omdat de RvC naar zijn zeggen zo snel mogelijk in staat moet worden gesteld zijn bestuurstaken uit te voeren.
Jap-A-Joe betwist bevoegdheid RvC
De advocaten van Jap-A-Joe, Iris Nazir en Chandra Algoe, voerden aan dat de RvC niet bevoegd is om namens TAS op te treden. Volgens hen moet de raad daarom niet-ontvankelijk worden verklaard in zijn vorderingen. De verdediging stelt dat Jap-A-Joe sinds 2015 bij TAS in dienst is en dat zij op grond van een arbeidsovereenkomst uit 2021 nog altijd rechten heeft. In die overeenkomst is volgens haar advocaten een opzegtermijn van twaalf maanden opgenomen. Zij bestrijden dat het contract nietig
is.
De advocaten wezen erop dat een eerder verzoek tot schorsing van Jap-A-Joe door de Raad van Ministers zou zijn afgewezen. Ook vroegen zij waarom hun cliënt geen toegang tot TAS zou mogen hebben zolang haar arbeidsrechtelijke positie niet is beëindigd. Volgens de verdediging is de overeenkomst uit 2021 gesloten ter uitvoering van een regeringsmissive. Dat de toenmalige president-commissaris het contract heeft ondertekend, maakt het volgens hen niet ongeldig.
De advocaten verweten de RvC bovendien dat een interne aangelegenheid door publieke uitlatingen is uitgegroeid tot een conflict dat heel Suriname bezighoudt. Volgens hen heeft het optreden van de raad geleid tot een vijandige werkomgeving.
Staat: benoeming is van rechtswege geëindigd
Namens de Staat werd aangevoerd dat de benoeming van Jap-A-Joe voor een bepaalde wettelijke termijn gold en dat deze termijn inmiddels is verstreken. Volgens de landsadvocaat is daarvoor geen afzonderlijk ontslagbesluit nodig. Ontslag en schorsing zijn volgens
dit standpunt andere juridische maatregelen dan het aflopen van een benoeming.
Ook werd betoogd dat de RvC op grond van de wettelijke regeling bevoegd is het bestuur waar te nemen wanneer een directeur ontbreekt of verhinderd is. Van een bestuursvacuüm hoeft volgens de Staat daarom geen sprake te zijn.
De rechtsgeldigheid van de arbeidsovereenkomst uit 2021 werd eveneens betwist. Daarbij werd erop gewezen dat het contract door de toenmalige president-commissaris is ondertekend en niet door de bevoegde minister. Ook zou niet zijn gebleken van de vereiste goedkeuring door de Raad van Ministers. Tijdens de behandeling werd bovendien de vraag opgeworpen of de overeenkomst achteraf is opgesteld. De advocaten van Jap-A-Joe weerspraken deze bezwaren en hielden vol dat de overeenkomst rechtsgeldig is.
Schikkingspoging zonder resultaat
Na de pleidooien kwam de mogelijkheid van een schikking aan de orde. Die leverde geen overeenstemming op. De rechter gaf tijdens de behandeling
geen voorlopig oordeel dat als uitgangspunt voor een regeling kon dienen.
De RvC bleef aandringen op een snelle voorziening om het bestuur van TAS mogelijk te maken, terwijl Jap-A-Joe vasthield aan haar standpunt dat de raad niet bevoegd is haar buitenspel te zetten. Rechter Praag besloot uiteindelijk maandag uitspraak te doen.
| starnieuws | Door: Redactie



































