• vrijdag 23 October 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname
De echte crisis zit niet in de kouseband, maar in het landbouwmodel

De echte crisis zit niet in de kouseband, maar in het landbouwmodel

| starnieuws | Door: Redactie

De nieuwe Europese melding over te hoge concentraties bestrijdingsmiddelen in Surinaamse kouseband is ernstig. Niet alleen omdat exportzendingen worden afgekeurd, en niet alleen omdat de volksgezondheid mogelijk risico loopt. De werkelijke vraag is veel fundamenteler: wat zegt dit over de manier waarop wij omgaan met de levende bodem waarop onze samenleving rust?

De discussie wordt vaak vernauwd tot residunormen, toegelaten concentraties en wettelijke limieten. Alsof een landbouwproduct veilig wordt zodra het net onder een administratieve grenswaarde blijft. Dat is een gevaarlijke
illusie. Een norm is geen natuurwet. Ze is het resultaat van politieke en economische onderhandelingen, wetenschappelijke aannames en industriebelangen. Wat vandaag als "toegelaten" geldt, kan morgen verboden worden. De geschiedenis van de landbouw kent tientallen voorbeelden van middelen die jarenlang veilig werden verklaard en later schadelijk bleken voor mens, dier en ecosysteem.
Het gaat er echter niet om hoeveel bestrijdingsmiddelen we nog verantwoord kunnen gebruiken.

Al decennialang stelt Stichting Ecosystem 2000 publiekelijk dezelfde cruciale vraag: wat doet deze vorm van landbouw met bodem, water, biodiversiteit en uiteindelijk met de mens zelf? Die vraag is gebaseerd op meer dan theorie. In de voorbije decennia hebben talrijke projecten in Suriname en daarbuiten aangetoond dat gezonde bodems, biodiversiteit en voedselproductie elkaar kunnen versterken wanneer landbouw opnieuw samenwerkt met levende systemen in plaats van ze te bestrijden.

Een levende bodem is geen substraat waarin planten groeien. Het is een complex ecosysteem van
schimmels, bacteriën, insecten, wormen en miljoenen andere organismen die samen voedsel produceren, water vasthouden, koolstof opslaan en ziektewerend vermogen opbouwen. Wanneer bestrijdingsmiddelen systematisch worden ingezet, worden niet alleen ongewenste organismen getroffen. Ook dit ondergrondse levensweb wordt beschadigd. En vooral het ziektewerend vermogen vermindert drastisch!
En daar begint het echte gezondheidsprobleem.

Een verarmde bodem produceert voedsel met een lagere voedingswaarde, vraagt steeds meer kunstmest en chemische correcties en wordt uiteindelijk afhankelijk van externe inputs. Wat begint als een technische oplossing, eindigt in een vicieuze cirkel van afhankelijkheid. Niet de boer wint. Niet de consument. Alleen de leveranciers van meststoffen, pesticiden en geïmporteerde productiemiddelen profiteren.
Dat is extractivisme in zijn zuiverste vorm.

Wij putten niet alleen grondstoffen uit de aarde. Wij putten ook bodemvruchtbaarheid, biodiversiteit, waterkwaliteit en uiteindelijk menselijke gezondheid uit. En vervolgens behandelen we de schade als een technisch probleem dat met nóg meer technologie moet worden opgelost.
Het
is daarom positief dat Suriname werkt aan een nieuwe Levensmiddelenwet. Maar een wet die uitsluitend kijkt naar residuen op groenten is onvoldoende. Een werkelijk toekomstgericht voedselbeleid moet vertrekken vanuit bodemgezondheid, biodiversiteit en ecologische veerkracht.

De vraag moet niet zijn hoeveel gif we wettelijk kunnen toelaten.
De vraag moet zijn hoeveel leven we kunnen herstellen.

Suriname bezit nog steeds een van de grootste natuurlijke rijkdommen ter wereld: levende ecosystemen, relatief schone bodems en een landbouwsector die nog niet volledig geïndustrialiseerd is. Dat is geen achterstand. Het is een unieke voorsprong. In plaats van de fouten van grootschalige industriële landbouw te kopiëren, zou Suriname kunnen uitgroeien tot een voorbeeld van regeneratieve landbouw in de tropen. Een landbouw die werkt mét het bodemleven in plaats van ertegen. Een landbouw die voedsel produceert zonder haar eigen fundament te vernietigen.

Want uiteindelijk zijn gezonde mensen niet mogelijk zonder gezonde bodems. Helaas zijn
gezonde bodems niet mogelijk binnen een systeem dat leven behandelt als een productiefactor. Dat is de werkelijke les achter deze kousebandcrisis. Niet dat één partij groenten werd afgekeurd, maar dat ons landbouwdebat nog steeds draait rond normen en controles, terwijl de kernvraag veel dieper ligt: hoe keren we terug naar een landbouw die het leven vergroot in plaats van verbruikt?
Dat is geen technische vraag.
Dat is een beschavingsvraag.

Jef Crab

Planetair Burger

| starnieuws | Door: Redactie