• vrijdag 17 April 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Suriname moet blijven investeren om de Tier 1-status te behouden

Ingediend door admin op

Minister Harish Monorath van Justitie & Politie (JusPol) is tevreden met de erkenning van de blijvende plaatsing van Suriname in Tier 1 in het 2025 Trafficking in Persons Report van de Verenigde Staten. Dit betekent dat Suriname goed bezig is in de strijd tegen mensenhandel en voldoet aan de internationale eisen.

Volgens de minister toont deze erkenning aan dat de Surinaamse overheid zich hier blijvend voor inzet. Het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken heeft het 2025 Trafficking in Persons Report (Mensenhandelsrapport) uitgebracht. Ook de Amerikaanse ambassade in Paramaribo erkent deze blijvende plaatsing.

De minister geeft aan ervoor te zullen

zorgdragen dat Suriname de internationale richtlijnen blijft volgen, maar benadrukt tevens dat er geïnvesteerd moet worden om de Tier 1-status te behouden.

Soeknandan aan DNA-leden: je vertegenwoordigt alle Surinamers

Ingediend door admin op

Ambassadeur Manorma Soeknandan heeft vandaag gereageerd op racisme in Suriname. ‘Het gaat de samenleving verzieken, als het niet al verziekt is’, stelt zij. Hiermee doelt zij op uitspraken van parlementariërs die gebasseerd zijn op etniciteit.

Het volk in totaliteit betaalt de salarissen van DNA-leden; zij dienen zich ook alszodanig op stellen. ‘Dit is geen gedrag dat we kunnen toestaan in Suriname’, stelt ze.

Soeknandan vindt dat racisme ons land in een fysieuze cirkel houdt, waar we nergens mee komen. Zij vraagt zich af wat het gevolg is voor de jongere generatie.

SOZAVO start uitgifte van Moni Karta

Ingediend door admin op

Het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SoZaVo), is officieel van start gegaan met de distributie van de Moni Karta. Met deze kaart wil het ministerie, burgers beter en eenvoudiger ondersteunen bij het aanvragen van sociale voorzieningen. De uitgifte van de Moni Karta start in Paramaribo, waar het merendeel van de voorbereidingen inmiddels is afgerond. Vervolgens zal de distributie gefaseerd worden uitgebreid naar de overige districten. In Brokopondo en Sipaliwini ontvangen cliënten vooralsnog hun uitkering in contanten, mede vanwege praktische en infrastructurele uitdagingen. In beide districten is de kaart echter al deels ingevoerd, en het streven is om ook daar

stapsgewijs over te gaan op het digitale systeem.

Minister Diana Pokie geeft aan dat de Moni Karta functioneert als een bankpas waarop sociale uitkeringen zoals Algemene Kinderbijslag (AKB), de AlgemeneOudedagsvoorziening (AOV), financiële bijstand voor Mensen met een beperking (MmeB), Zwakke Huishoudens (ZwHh) en de Koopkracht Versterking (KKV) worden gestort. Met dit systeem worden ook achterstanden van 2022 tot en met delen van 2025 uitgekeerd. Volgens de bewindsvrouw worden problemen direct opgelost door een speciaal team. Daarnaast moet de Moni Karta de dienstverlening verbeteren en burgers beter begeleiden naar zelfredzaamheid.

Het ministerie is ook bezig met het opschonen en verbeteren van het Beneficiary

Information System (BIS), het administratieve systeem voor sociale voorzieningen. Dit gebeurt onder meer door het invoeren van een sociaal registratienummer en het koppelen van verschillende gegevens in een registratiesysteem. Het doel is om meer controle en transparantie te creëren en misbruik van uitkeringen te voorkomen.

Minister Pokie benadrukt dat sociale uitkeringen bedoeld zijn als tijdelijke ondersteuning en niet als vervanging van een salaris. “Het beleid moet zo worden ingericht dat gezinnen die nu in moeilijke omstandigheden verkeren, in de toekomst zelfstandig en actief kunnen deelnemen aan het economisch leven. De Moni Karta is daarbij een eerste stap richting modernisering en gerichte ondersteuning”, stelt de minister.

Met de introductie van de Moni Karta zet het ministerie een belangrijke stap richtingdigitalisering en meer efficiëntie in de sociale dienstverlening. Minister Pokie benadrukt daarbij dat ook de inwoners van Sipaliwini en Brokopondo, die momenteel nog contant worden uitbetaald, geleidelijk zullen worden meegenomen in dit digitaliseringsproces.

Jadnanansing geeft startsein voor nieuw SAO-trainingsjaar 2025-2026

Ingediend door admin op

De onderminister van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid (VWA), dr. Raj Jadnanansing, heeft op woensdag 1 oktober het nieuwe trainingsjaar 2025-2026 van de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO) officieel geopend. In totaal zijn 220 cursisten van start gegaan met de opleidingen Koeltechniek, Elektrohuisinstallatie, GaWaSa (Gas, Water en Sanitatie), Textiele Werkvormen, Auto Body Repair, Verpleegassistent, Bouw en Lichte Constructie Lassen.

De onderminister benadrukte bij deze gelegenheid dat de cursisten een bewuste en moedige keuze hebben gemaakt door na het afhaken of verlaten van het reguliere onderwijs alsnog te investeren in hun toekomst via een vakopleiding bij de SAO. Volgens hem getuigt deze

stap van doorzettingsvermogen en eigen verantwoordelijkheid. Hij gaf aan dat de SAO niet alleen vaktechnische vaardigheden aanbiedt in onder meer zorg, techniek en ondernemerschap, maar ook bijdraagt aan de persoonlijke ontwikkeling van de deelnemers. Daarbij gaat het om basiswaarden zoals discipline, servicegerichtheid, communicatie  en stressbestendigheid — essentiële elementen om succesvol te functioneren op de arbeidsmarkt.

Jadnanansing benadrukte dat Suriname zich voorbereidt op nieuwe economische kansen, waaronder de gas- en olie-industrie, en dat goed opgeleide vakmensen daarvoor hard nodig zijn. De onderminister sprak zijn waardering uit voor de keuze van de deelnemers om niet thuis te blijven zitten, maar actief te investeren

in hun toekomst. Hij wenste hen kracht en doorzettingsvermogen toe om de opleiding succesvol af te ronden. Tot slot verklaarde hij het nieuwe vakschooljaar officieel geopend.

In haar toespraak benadrukte SAO-directeur Joyce Lapar het maatschappelijke belang van het opleidingsaanbod. Veel cursisten zijn volgens haar voortijdig uit het regulier onderwijs gestapt en krijgen bij de SAO een tweede kans om zich te kwalificeren voor de arbeidsmarkt. Wie dit traject aangaat, toont volgens haar de wil om te werken aan een beter toekomst- en loopbaanperspectief. Zij onderstreepte dat vakvaardigheden alleen niet voldoende zijn voor duurzame participatie aan de samenleving. Basic life skills spelen volgens haar een cruciale rol — zoals discipline, op tijd komen, regels naleven, schoon en veilig werken, en kunnen luisteren en communiceren. Lapar sprak haar dank uit aan het ministerie van VWA voor de subsidie die de vaktrainingen voor vroegtijdige schoolverlaters toegankelijk maakt. Dankzij de subsidie betalen de cursisten volgens haar slechts SRD 200 per cursus, en SRD 750 voor de opleiding Verpleegassistent.

Namens de raad van bestuur van de SAO en de vakbond sprak Ronald Hooghart de cursisten bemoedigend toe. Hij riep hen op om het beste uit zichzelf te halen en de geboden kansen ten volle te benutten. Daarbij benadrukte hij dat vakopleidingen een cruciale rol spelen in de ontwikkeling van het land. Volgens Hooghart is het van groot belang dat de overheid sterker blijft investeren in beroepsonderwijs, aangezien de toekomstige groei van Suriname vooral ligt in productie en vakmanschap.

Paramaribo, 2 oktober 2025Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en ArbeidVoorlichting Welzijn en Arbeid

Onderminister VWA, dr. Raj Jadnanansing, heeft op woensdag 1 oktober officieel het nieuwe trainingsjaar 2025-2026 van de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO) geopend.

Eerste groep SAO-GAWASA-deelnemers gecertificeerd volgens het Micro Credential-systeem

Ingediend door admin op

De afdeling GAWASA is geüpgraded en op woensdag 1 oktober 2025 vond de symbolische overhandiging plaats van HENCO-materialen door de heer Kaliar van Shaike’s Group aan de Stichting Arbeidsmobilisatie en Ontwikkeling (SAO). Tegelijkertijd werd een samenwerkingsovereenkomst ondertekend tussen de SAO en Shaike’s Group. Ook mochten vijf geslaagden hun GAWASA-certificaat  volgens het Micro Credential-systeem in ontvangst nemen. De onderminister van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid (VWA), dr. Raj Jadnanansing, was bij deze gelegenheid aanwezig.

Aan de training namen vier medewerkers van Shaike’s Group deel en één medewerker van D. Lala Waterinstallatie en Techniek. De deelnemers kregen zowel theorie- als praktijklessen en legden

een examen af. Daarbij maakten zij ook kennis met het werken met HENCO-materiaal, een modern leidingsysteem dat veel gebruikt wordt in de installatietechniek, vooral voor sanitaire en verwarmingsinstallaties. Het doel is dat de deelnemers in de nabije toekomst als erkend installateur aan de slag kunnen. De training werd uitgevoerd volgens het Micro-Credential-concept, waarbij deelnemers in een kort en doelgericht leertraject specifieke kennis en vaardigheden opdoen die direct aansluiten bij de behoeften van de arbeidsmarkt.

Bij de uitreiking van de vijf GAWASA-certificaten lichtte SAO-directeur Joyce Lapar toe hoe belangrijk het Micro-Credential-systeem is voor de Surinaamse arbeidsmarkt. Deze verkorte vorm van certificering is

sterk gericht op praktische toetsing: deelnemers worden beoordeeld op wat zij daadwerkelijk kunnen, niet alleen op theorie. Dankzij een donatie van de directie van het genoemde bedrijf konden HENCO-materialen worden ingezet, inclusief aanvullend instructiemateriaal dat in bruikleen werd verstrekt. Ook werd de praktijkruimte van de SAO voorzien van nieuwe ledverlichting om de werkomstandigheden te verbeteren.

Lapar sprak haar waardering uit voor deze concrete samenwerking tussen de vakschool en het bedrijfsleven. Naast de materiële ondersteuning ontving de SAO ook een donatie van 3.000 euro van het bedrijf aan gebruiksmateriaal, wat de trainingskwaliteit verder heeft versterkt. Volgens haar is dit een krachtig voorbeeld van local content: bedrijven investeren in de opleiding van toekomstige vakmensen, die op hun beurt voldoen aan de eisen van de markt.

Hoewel moderne materialen worden ingezet, blijft er volgens Lapar ook ruimte voor traditionele ambachtelijke vaardigheden. Veel bestaande installaties in woningen vereisen nog steeds herstelwerk met oude materieel, en vakmensen moeten beide systemen beheersen. SAO ziet het dan ook als haar taak om mensen op te leiden die beschikken over zowel moderne technieken als klassiek vakmanschap.

Onderminister Jadnanansing sprak zijn waardering uit voor de inzet van SAO bij de toepassing van het Micro-Credential-systeem. Volgens hem vormt deze certificering een waardevol kwaliteitskeurmerk dat duidelijk maakt dat deelnemers niet alleen theorie beheersen, maar aantoonbaar vakbekwaam zijn op de werkvloer. Hij feliciteerde de SAO met het succes van de training en prees de vijf deelnemers die nu officieel gecertificeerd zijn. Daarnaast sprak hij zijn dank uit aan het donerende bedrijf voor de waardevolle bijdrage aan de upgrading van de praktijkfaciliteiten van de SAO, en uitte hij de hoop dat meer bedrijven dit voorbeeld zullen volgen. Aansluitend vond de ondertekening plaats van de samenwerkingsovereenkomst tussen de directie van de SAO en de directie van Shaike’s Group.

Paramaribo, 2 oktober 2025Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en ArbeidVoorlichting Welzijn en Arbeid

De eerste geslaagden binnen het GAWASA-traject volgens het Micro Credential-systeem mochten hun SAO-certificaat in ontvangst nemen. Verder op de foto: onderminister VWA Raj Jadnanansing en directeur SAO, Joyce Lapar.

SOZAVO start uitgifte van Moni Karta voor betere toegang tot sociale voorzieningen

Ingediend door admin op

Het ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SoZaVo), is officieel van start gegaan met de distributie van de Moni Karta. Met deze kaart wil het ministerie, burgers beter en eenvoudiger ondersteunen bij het aanvragen van sociale voorzieningen. De aftrap vond plaats op donderdag 2 oktober 2025 bij de Kamer van Koophandel en Fabrieken (KKF).

De uitgifte van de Moni Karta start in Paramaribo, waar het merendeel van de voorbereidingen inmiddels is afgerond. Vervolgens zal de distributie gefaseerd worden uitgebreid naar de overige districten. In Brokopondo en Sipaliwini ontvangen cliënten vooralsnog hun uitkering in contanten, mede vanwege praktische en infrastructurele uitdagingen.

In beide districten is de kaart echter al deels ingevoerd, en het streven is om ook daar stapsgewijs over te gaan op het digitale systeem.

Minister Diana Pokie geeft aan dat de Moni Karta functioneert als een bankpas waarop sociale uitkeringen zoals Algemene Kinderbijslag (AKB), de Algemene Oudedagsvoorziening (AOV), financiële bijstand voor Mensen met een beperking (MmeB), Zwakke Huishoudens (ZwHh) en de Koopkracht Versterking (KKV) worden gestort. Met dit systeem worden ook achterstanden van 2022 tot en met delen van 2025 uitgekeerd. Volgens de bewindsvrouw worden problemen direct opgelost door een speciaal team. Daarnaast moet de Moni Karta de dienstverlening verbeteren

en burgers beter begeleiden naar zelfredzaamheid.

Het ministerie is ook bezig met het opschonen en verbeteren van het Beneficiary Information System (BIS), het administratieve systeem voor sociale voorzieningen. Dit gebeurt onder meer door het invoeren van een sociaal registratienummer en het koppelen van verschillende gegevens in een registratiesysteem. Het doel is om meer controle en transparantie te creëren en misbruik van uitkeringen te voorkomen. Minister Pokie benadrukt dat sociale uitkeringen bedoeld zijn als tijdelijke ondersteuning en niet als vervanging van een salaris. “Het beleid moet zo worden ingericht dat gezinnen die nu in moeilijke omstandigheden verkeren, in de toekomst zelfstandig en actief kunnen deelnemen aan het economisch leven. De Moni Karta is daarbij een eerste stap richting modernisering en gerichte ondersteuning”, stelt de minister.

Met de introductie van de Moni Karta zet het ministerie een belangrijke stap richting digitalisering en meer efficiëntie in de sociale dienstverlening. Minister Pokie benadrukt daarbij dat ook de inwoners van Sipaliwini en Brokopondo, die momenteel nog contant worden uitbetaald, geleidelijk zullen worden meegenomen in dit digitaliseringsproces.

Suriname en Canada zetten versterken relatie op agenda

Ingediend door admin op

Sébastien Sigouin, de niet-residerende ambassadeur van Canada, heeft zijn opwachting gemaakt bij president Jennifer Simons. Dit deed hij op donderdag 2 oktoker 2025. Het betrof een kennismakingsbezoek op het Kabinet van de President, waarbij ook minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) aanwezig was. De ontvangst heeft in een hartelijke sfeer plaatsgevonden en er zijn concrete onderwerpen aan de orde gekomen.

De Canadese diplomaat heeft alvorens hij op het kabinet werd ontvangen, op BIS een onderhoud gehad met minister Bouva. Op zijn programma in Suriname heeft hij een reeks bezoeken aan verschillende ministers. Het doel is

de bilaterale banden met de nieuwe regering onder leiding van president Simons verder aan te halen. De ontmoeting met het staatshoofd hield meer in dan alleen beleefdheden. President Simons heeft sterk het belang van een goede bilaterale samenwerking onderstreept, hetgeen ook door de ambassadeur is benadrukt.

Een centraal thema was de focus op Surinames economische agenda. Het staatshoofd heeft specifiek gevraagd om samenwerking op het gebied van vocational training (beroepsopleidingen), een erkend expertisegebied van Canada. Dit is van cruciaal belang vanwege de door de president ingezette koers naar diversificatie van de economie. Minister Bouva geeft aan dat er verder gesproken is

over investeringsmogelijkheden. Canadese bedrijven hebben interesse in de regio én Suriname.

Daarnaast kwamen ook het klimaat en milieu aan bod, met name het behoud van het Surinaamse bos, tegenover goede compensatie. “De gesprekken eindigden in een goede en constructieve sfeer, met de intentie om in de komende periode een aantal concrete samenwerkingsprojecten op te starten”, aldus de bewindsman.

Suriname en UNDP gaan samenwerking intensiveren

Ingediend door admin op

Suriname en het United Nations Development Programme (UNDP), het VN-agentschap voor internationale ontwikkeling, gaan hun samenwerking intensiveren. Daartoe is er op donderdag 2 oktober 2025 een onderhoud geweest tussen president Jennifer Simons en Katy Thompson, de UNDP-vertegenwoordiger voor Suriname en Guyana. Zij werd op het kabinet ontvangen voor een kennismakingsbezoek. Volgens minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS) bevestigt de ontmoeting de goede samenwerking tussen Suriname en de UNDP.

Een van de speerpunten van president Simons was de expertise van de UNDP op het gebied van decentralisatie. Dit werkgebied van de VN-organisatie, dat gericht is op

local government en wetgeving, werd door het staatshoofd sterk benadrukt als een aspect waar de kennis van de UNDP goed kan worden ingezet. Daarnaast kwam de uitdaging van de ease of doing business aan de orde, gericht op het creëren van een beter ondernemers- en investeringsklimaat. Ook hier werden raakvlakken gevonden voor toekomstige samenwerking.

Minister Bouva zegt dat het aspect klimaat en milieu opnieuw op de agenda is gekomen, wat internationaal een topprioriteit is. De bewindsman haalde het standpunt van de president aan welke gedeeld is met de UNDP-vertegenwoordiger, namelijk: “Wij hebben ons bos, wij behouden het en wij willen van

u weten en met u kijken hoe kunnen wij dat goed omzetten in ontwikkeling”.

De UNDP-vertegenwoordiger heeft toegezegd Suriname te zullen ondersteunen binnen het country programma, door UNDP’s internationale netwerk en expertise in te zetten. Gezien de internationale uitdaging van een afnemend ontwikkelingsbudget voor de VN, werd ook gesproken over nieuwe vormen van samenwerking, zoals het gebruik van over-en-weer expertise en capaciteitsversterking.