
GUYANA’S BENZINEPRIJS LAAGSTE IN DE REGIO: EEN PIJNLIJKE VERGELIJKING VOOR SURINAME
| united news | Door: Redactie
ANALYSE : UNITEDREDACTIE
Terwijl de mondiale energiemarkt zucht onder de aanhoudende instabiliteit in het Midden-Oosten, tekent zich in het Caribisch gebied een scherp contrast af dat de fundamenten van het economisch beleid in de Guyana-Suriname-bekken blootlegt.
Guyana heeft zichzelf onlangs gepositioneerd als de regionale koploper met de laagste benzineprijzen, waarbij de retailprijs in juli daalde tot een opmerkelijke US$ 0,81 per liter—ver onder het wereldwijde gemiddelde van US$ 1,19. In schril contrast hiermee staat Suriname, dat ondanks de status van olieproducerend land en de recente invoering van een ‘price cap’ op 17 maart 2026, de consument aan de pomp nog steeds aanzienlijk meer laat betalen dan de westerbuur. Diesel is daar vastgesteld op SRD 53,27 en Unleaded op SRD 48,32 per liter. Het onderzoek naar deze kloof onthult dat de oorzaak niet ligt in de beschikbaarheid van de grondstof, maar in een radicaal ander fiscaal regime en politieke durf. Waar
In Suriname wordt de prijs aan de pomp namelijk verzwaard door de ‘Government Take’, een vaste belastingcomponent die de overheid noodzakelijk acht voor de begrotingsdiscipline en het overeind houden van de nationale economie onder druk van een zwakke Surinaamse dollar.
Dit creëert de paradoxale situatie waarin de Surinaamse burger, wonend op een bodem van olie, de wereldmarktprijs afrekent terwijl het staatsbedrijf Staatsolie een aanzienlijk deel van de lokale brandstofbehoefte zelf produceert. De kritische vraag die hieruit voortvloeit is waarom Staatsolie commerciële wereldmarkttarieven hanteert voor lokaal gewonnen en geraffineerde producten, terwijl Guyana door middel van agressieve belastingverlagingen de ‘Guyanese droom’ van betaalbare energie wel weet te realiseren.
Hoewel de Surinaamse regering probeert de samenleving te beschermen
UNITEDNEWS
| united news | Door: Redactie




































