De boeren in Wanica en Saramacca hebben geen seminars nodig, geen crisiscommissies, geen persconferenties om te vertellen waarom zoveel gebieden zijn ondergelopen. Ze hebben niks aan algemene verhalen over “inventarisatie”, “coördinatie” en
“integrale aanpak”. Ze hebben droge landbouwgronden nodig. Want terwijl ministers praten, verzuipen de groenten letterlijk op het veld.
Wat moet een landbouwer met antwoorden als dat er nog aanbestedingen gehouden moeten worden voor een pompgemaal te Uitkijk? Dat de kanalen die dichtbegroeid zijn nog niet opgehaald zijn omdat de
graafmachines elders dringend nodig waren. Dat in mei en juni de kanalen die afwateren naar het Saramaccakanaal opgehaald zullen worden, terwijl hun sopropo, boulanger, antroewa, peper, tomaat en tayerblad binnen 24 uur wegrotten onder water?
De sluis te Uitkijk (Creola) kan het water vanuit het Saramaccakanaal niet afvoeren naar de
Saramaccarivier omdat de waterstand zelfs bij eb gelijk blijft. Voor rehabilitatie en ontwatering van het 25 km lange kanaal tussen Saramacca- en Surinamerivier heeft US$ 35 miljoen gekost, maar er is nog geen verlichting gekomen.
Minister Mike Noersalim gaf zelf toe dat veel gewassen niet langer dan één etmaal onder water
kunnen blijven zonder vernietigd te raken. Toch zijn voorlichters nog steeds bezig met “inventariseren”, terwijl de schade zich met het uur opstapelt. De vraag is dus simpel: wat heeft een landbouwer aan inventarisatie als zijn inkomen ondertussen verdrinkt?
Wat mensen wilden horen tijdens die spoedpersconferentie was iets totaal anders.
Ze wilden horen dat vanaf dezelfde dag extra graafmachines de kanalen zouden aanpakken. Dat trenzen en lozingen onmiddellijk zouden worden opgehaald. Dat noodpompen ingezet zouden worden. Dat er een registratiepunt zou komen voor getroffen landbouwers. Dat de regering noodsteun zou voorbereiden voor kleine zelfstandigen die geen salarisstrook, geen vaste baan
en geen vangnet hebben.
Van de ruim 40 Leidingen (A en B) in de ressorten Saramaccapolder en Kwarasan zijn nog geen 3 opgehaald. Een jarenlange verwaarlozing.
Maar dat hoorden ze niet. Wat ze kregen was een algemeen verhaal over crisisplannen die nog gemaakt moeten worden, seminars die gehouden zullen worden
en commissies die zaken gaan bekijken. Intussen staat het water nog steeds op het land. En dat is frustrerend, deprimerend en bloeddruk verhogend. Landbouwers zijn al jaren aan hun lot overgelaten. De kanalen die moeten zorgen voor ontwatering zijn op veel plekken dichtgegroeid met wied. Onderhoud werd jarenlang uitgesteld. Regering
na regering schoof het probleem voor zich uit. Er werd geleend, gepland, gepraat en vergaderd. Maar structurele oplossingen kwamen niet.
Nu zitten honderden hectares landbouwgrond gevangen in een systeem dat letterlijk niet meer kan afwateren. Het wrange is dat de regering tegelijkertijd spreekt over landbouw als prioriteit. President Jennifer Simons zei
nog tijdens de nieuwjaarsreceptie van de Vereniging van Economisten in Suriname dat de agrarische sector centraal staat binnen het economisch beleid van haar regering. Landbouw zou de sleutel zijn voor voedselzekerheid, prijsstabiliteit, werkgelegenheid en brede welvaart.
Mooie woorden, maar landbouw wordt niet beschermd met toespraken. Landbouw wordt beschermd met functionerende afwatering, met pompen,
met onderhoud, visie en met snelheid van handelen. Niet met bureaucratische traagheid. De prijzen van groenten zijn nu al omhooggeschoten. Dat zal alleen erger worden. Want wanneer oogsten verloren gaan, ontstaat schaarste. En schaarste betekent hogere prijzen op de markt. Uiteindelijk betaalt niet alleen de boer de rekening, maar iedere burger.
Hoe wil Suriname
ooit serieus spreken over “voedselschuur van de regio” terwijl landbouwgebieden bij elke zware regenval veranderen in stuwmeren? Hoe wil men investeringen aantrekken in de agrarische sector als boeren weten dat één etmaal regen hun volledige investering kan vernietigen? Hoe wil men jongeren motiveren om in de landbouw te gaan als
zij zien hoe kleine landbouwers zonder bescherming, verzekering of compensatie alles kunnen verliezen?
De realiteit is hard: voor veel boeren is het letterlijk pompen of verzuipen. En momenteel wordt er niet gepompt. De regering moet begrijpen dat dit geen theoretisch waterloopkundig vraagstuk meer is. Dit is een sociale en economische crisis die
mensen rechtstreeks raakt in hun bestaanszekerheid. Een landbouwer leeft van wat van het land komt.
En dat land staat onder water!
Nita Ramcharan