
2026 markeert nieuw strategisch kader voor Suriname richting 2030
| cds | Door: Redactie
Dit jaar markeert een belangrijk overgangsmoment voor Suriname, omdat het huidige Meerjaren Ontwikkelingsplan (MOP) afloopt. Daarmee wordt 2026 niet alleen een nieuw begrotingsjaar, maar ook het begin van een nieuw strategisch kader voor het land. Het voorgaande zei president Jennifer Simons tijdens haar jaarrede bij de Nieuwjaarsreceptie van de Vereniging van Economisten in Suriname (VES), op donderdag 15 januari 2026 in het Assuria Event Center.
Het staatshoofd deelde mee dat vanaf dit kwartaal gezamenlijk wordt gewerkt aan een nieuw Meerjaren Ontwikkelingsplan (MOP) voor de periode richting 2030. Dit MOP zal het centrale kader vormen waarin beleidsprioriteiten, macro-economische doelstellingen, investeringskeuzes en
Volgens de president is dit noodzakelijk om ervoor te zorgen dat beleid, begroting en uitvoering op elkaar blijven aansluiten, ook wanneer externe omstandigheden wijzigen. “Het nieuwe MOP wordt een werkdocument met duidelijke, meetbare doelen en periodieke monitoring”, zei het staatshoofd. Daarbij hecht de regering grote waarde aan de inbreng van deskundigen, waaronder de Vereniging van Economisten in Suriname (VES), het bedrijfsleven, maatschappelijke organisaties en de academische gemeenschap.
“Beleid moet niet alleen richting geven, maar ook worden doorgerekend”, benadrukte president Simons. Terwijl het nieuwe
Om de koers richting 2030 te verankeren, komt een reeks concrete maatregelen voor 2026 en daarna aan. Zo kondigde het staatshoofd aan. Op het gebied van fiscale discipline en schuldbeheer wordt gewerkt aan het operationaliseren van een semi-autonome Belastingdienst, verdere digitalisering van aangiften, risico-gestuurde controles en snellere invordering van accijnzen op schadelijke en luxegoederen. Inefficiënte subsidies worden rationeel afgebouwd, waarbij de vrijgekomen middelen worden ingezet voor gerichte inkomenssteun aan kwetsbare huishoudens.
Wat betreft governance en transparantie is het streven om de wetgeving voor het Spaar- en Stabilisatiefonds uiterlijk medio 2026 af te ronden, met duidelijke stortings- en opnameregels, onafhankelijke bestuurders en verplichte jaarlijkse rapportage. Daarnaast worden de nieuwe aanbestedingswet en de anti-corruptiewet geïmplementeerd, wordt de Sociaaleconomische Raad ingevuld en worden nieuwe conceptwetten voor investeringen en speciale economische zones ingediend.
Alle staatsbedrijven worden doorgelicht en waar mogelijk gedigitaliseerd. Verlieslatende ondernemingen worden geherstructureerd of gerationaliseerd, terwijl andere prestatiecontracten en transparante verslaggeving krijgen. In samenwerking met banken en internationale partners wordt een kredietgarantieregeling voor het MKB opgezet om investeringen in landbouw, toerisme, industrie en de digitale economie te stimuleren.
Daarnaast wordt het local content-beleid wettelijk verankerd en start in 2026 een Nationale Werkgelegenheidsagenda, gekoppeld aan een investeringsfonds voor beroepsonderwijs, stageplaatsen en re-skillprogramma’s. Ook wordt gewerkt aan één elektronisch loket voor investeerders om vergunningverlening en bedrijfsregistratie te versnellen. Op het gebied van energie en duurzaamheid komt er een meerjarenplan voor de energietransitie, met inzet op hernieuwbare energie, energie-efficiëntie en geïntegreerd bos- en landgebruik om zowel deviezen te genereren als CO₂-credits te benutten.
Verder benadrukte president Simons dat in 2026 gerichte en acute investeringen in gezondheid en onderwijs worden gedaan. Deze investeringen zijn beperkt in omvang, maar noodzakelijk om verdere achteruitgang te voorkomen en toekomstige economische groei mogelijk te maken. “Dit alles is onderdeel van goed bestuur en onze verantwoordelijkheid tegenover het volk van Suriname”, besloot het staatshoofd.
| cds | Door: Redactie



































