• vrijdag 13 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Politieke salarissen versus economische draagkracht: hoe Suriname zich verhoudt tot Guyana en Trinidad & Tobago

| snc.com | Door: Redactie

De discussie over politieke beloningen in Suriname laait opnieuw op. Aanleiding vormt een vergelijking met Guyana en Trinidad and Tobago, waarbij niet alleen naar de hoogte van salarissen wordt gekeken, maar vooral naar de verhouding tussen die beloningen en de economische draagkracht van elk land.

Suriname heeft een bruto binnenlands product (bbp) van naar schatting tussen de USD 3,5 en 4 miljard, met een bbp per hoofd van ongeveer USD 6.000. Tegen die achtergrond ontvangen leden van De Nationale Assemblee (DNA) netto circa USD 2.700 per maand. Voor topfuncties binnen de rechterlijke macht kunnen de maandelijkse nettovergoedingen

oplopen tot ongeveer USD 29.000, afhankelijk van schaal en functie.

Wanneer deze cijfers worden afgezet tegen de regionale context, ontstaat een opvallend beeld.

Grotere economie, lagere beloning

Guyana heeft de afgelopen jaren een sterke economische groei doorgemaakt dankzij olie-inkomsten. Het land beschikt inmiddels over een bbp van ruim USD 15 miljard en een bbp per hoofd van meer dan USD 18.000. Toch liggen de maandelijkse salarissen van ministers en parlementsleden daar gemiddeld tussen de USD 3.000 en USD 5.000.

Trinidad and Tobago, met een economie van circa USD 30 miljard en een bbp per hoofd rond

USD 20.000, kent eveneens politieke salarissen die doorgaans variëren tussen USD 4.000 en USD 8.000 per maand. Deze vergoedingen staan in verhouding tot een stabielere en omvangrijkere economische basis.

Overzicht per land (bedragen in USD per maand)

LandParlementslidMinisterRechterlijke topfunctieBBP (indicatie)
Suriname± 2.700Tot ± 29.0003,5–4 mld
Guyana3.000–5.0003.000–5.000> 15 mld
Trinidad & Tobago4.000–8.0004.000–8.000± 30 mld

NB: Bedragen zijn omgerekend naar USD op basis van recente wisselkoersen en publieke informatie.

Economische schaal in beeld

Om de verschillen in draagkracht duidelijk te illustreren, toont onderstaande grafiek de economische omvang (BBP in miljard USD) van de drie landen.

Uit de grafiek blijkt dat Trinidad and Tobago met circa USD 30 miljard de grootste economie heeft, gevolgd door Guyana met USD 15 miljard. Suriname blijft met ongeveer USD 4 miljard aanzienlijk kleiner.

Deze verschillen in schaal geven extra context aan het debat over de verhouding tussen politieke beloning en economische draagkracht.

Disproportie als kernpunt

De kern van de discussie ligt niet zozeer in de absolute hoogte van de salarissen, maar in de verhouding tot de nationale economische capaciteit. Waar Guyana en Trinidad and Tobago hogere beloningen uitkeren binnen een veel grotere economische context, lijkt in Suriname de verhouding schever te liggen.

Critici wijzen erop dat politieke beloningen idealiter aansluiten bij de economische realiteit van het land. Wanneer de kloof tussen nationale draagkracht en beloningsstructuur te groot wordt, kan dat bijdragen aan maatschappelijke onvrede en een verminderd vertrouwen in het bestuur.

Conclusie

De vergelijking met Guyana en Trinidad and Tobago maakt duidelijk dat politieke beloning niet los kan worden gezien van economische realiteit. Transparantie, proportionaliteit en maatschappelijke draagkracht blijven cruciale elementen in het debat over beloningsstructuren binnen de publieke sector.

| snc.com | Door: Redactie