• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

DNA HOUDT HEARING OVER WET DUURZAAM NATUURBEHEER

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: DNA-ondervoorzitter Dew Sharman en assembleelid Josafat Kanape.

De commissie van rapporteurs voor de wet Duurzaam Natuurbeheer heeft maandag een ééndaagse Public Hearing georganiseerd ter afronding van haar werkplan voor het initiatiefwetsvoorstel, ingediend door assembleelid Josafat Kanape.

Het doel van deze wet is het vaststellen van regels betreffende het duurzaam beheer van de natuur door een op te richten Suriname Natuurbeheer Autoriteit.

Deze Public Hearing bood een platform voor belanghebbenden die tot nog toe niet betrokken waren bij het vooronderzoek. Farzia Hausil, consultant bij Conservation International Suriname (CIS), gaf een presentatie over de inhoud en doelstellingen van de wet. Na de presentatie volgde

een open discussie, waarbij diverse inzichten werden gedeeld. Tijdens deze sessie werd gestreefd naar een brede consensus over de hoofdlijnen van het wetsvoorstel.

DNA-ondervoorzitter Dew Sharman wijst op het cruciale belang van de wet, vooral vanwege Surinames unieke natuurlijke rijkdom. “Met meer dan 90 procent van ons land bedekt door groen, rust er op ons als natie een bijzondere verplichting, om zorgvuldig met onze natuur om te gaan”, aldus Sharman.

Hij benadrukt dat de wet is gebaseerd op drie fundamentele principes die zorgvuldig in balans moeten worden gehouden. Ten eerste gaat het om het behoud van natuurwaarden. De natuur herbergt volgens Sharman

onschatbare waarden, variërend van biodiversiteit tot toerismepotentieel, en Suriname moet deze rijkdommen beschermen voor toekomstige generaties.”

Verder geeft Sharman aan dat het gaat om het respect voor lokale gemeenschappen. De rechten van Inheemse en tribale gemeenschappen, die al generaties lang in harmonie met deze gebieden leven, dienen namelijk gerespecteerd te worden. Het derde principe is het economisch belang. De ondervoorzitter erkent dat bepaalde delen van de natuur soms benut moeten worden voor economische voordelen. Echter, dit moet altijd gebeuren met zorg voor het behoud van de natuur, zodat er een evenwicht is tussen economische ontwikkeling en ecologische duurzaamheid.

De kracht van de wet ligt volgens Sharman in de breed gedragen input van alle betrokkenen. “We willen een wet die niet alleen solide en stabiel is, maar die ook rekening houdt met de diversiteit van belangen. De inzichten die vandaag zijn verzameld, zullen bijdragen aan een wet die zowel de natuur beschermt als economische ontwikkeling mogelijk maakt.” Roy Mohan, voorzitter van de commissie van rapporteurs, gaf bij de opening aan dat de resultaten van de hearing de laatste verfijningen van het wetsvoorstel zullen helpen vormgeven. Het aangepaste voorstel zal vervolgens in een openbare parlementsvergadering worden behandeld.

UNITEDNEWS

WEGEN IN WANICA WORDEN GEASFALTEERD

Ingediend door admin op

Foto: President Santokhi zegent het zwaar materieel met een plengoffer voor een vlot verloop van de werkzaamheden.

De regering heeft zaterdag het startsein gegeven voor de asfaltering van drie wegen in het district Wanica. Het gaat om de Verlengde Sastrodisoemaweg, de Zwampweg en de Sabanweg.

Enkele doelen van deze wegenaanpak, die tot het Nationaal Infrastructuur Programma (NIP) behoort, zijn het verminderen van de verkeersdrukte op de Indira Gandhiweg en het bijdragen aan de ontwikkeling van het district.

OW-minister Riad Nurmohamed liet weten dat er plannen zijn voor buurten zoals Latour, Winti Wai, het P&D project en buurten in andere districten. “Alle districten krijgen

kansen”, zei de bewindsman.

President juichte het project toe en onderstreepte het strategische belang van de aanpak van de infrastructuur, niet alleen voor Wanica, maar voor heel Suriname.

Het staatshoofd blikte terug naar zijn jongere jaren toen hij ook zelf in het gebied heeft gewoond en de slechte staat van de wegen heeft meegemaakt.

Volgens Vikash Moenna, onderdirecteur Droge Civieltechnische Werken van het ministerie van Openbare Werken (OW), zal het project naar verwachting minimaal vier maanden duren, hoewel de regentijd voor enige vertraging kan zorgen. Moenna benadrukte dat het ontlasten van drukke wegen, zoals de Indira Gandhiweg, een belangrijke overweging is bij het

prioriteren van infrastructuurprojecten.

Districtscommissaris Bholanath Narain van Wanica-Noordwest sprak van een heugelijk feit. Hij wees op het belang van goede infrastructuur voor onder andere stimulering van productie en economische ontwikkeling. Aangezien er veel boeren in de omgeving wonen, zal dit zeker bijdragen aan voedselzekerheid. Narain riep de bewoners op om hun verantwoordelijkheid te nemen voor het onderhoud van de wegen, om de duurzaamheid van deze investering te waarborgen.

UNITEDNEWS

BUZA-MINISTER GUYANA BESPREEKT PROTEST MET SURINAAMSE AMBASSADEUR

Ingediend door admin op

Foto: De Guyanese minister van Buitenlandse Zaken, Hugh Todd, en de Surinaamse ambassadeur, Liselle Blankendal.

Naar aanleiding van Surinames protestnota over plannen van de Guyanese regering om nog meer beheersdaden in het Tigrigebied uit te voeren is Surinames ambassadeur in Guyana door de minister van Buitenlandse Zaken van het westerbuurland ontboden voor een gesprek.

De ontmoeting tussen ambassadeur Liselle Blankendal en minister Hugh Todd vond maandag plaats.

In een verklaring stelt het ministerie van Buitenlandse Zaken dat minister Todd tijdens het onderhoud het nationale beleidskader van Guyana schetste dat betrekking heeft op het leveren van sociale diensten, waaronder onderwijs en gezondheidszorg, en bestaande

infrastructuur om humanitaire ondersteuning en andere noodhulpdiensten te faciliteren aan afgelegen gemeenschappen binnen wat hij noemde “het grondgebied van Guyana”.

De minister en ambassadeur bespraken ook het bevorderen van de bilaterale samenwerkingsagenda via het Strategic Dialogue Cooperation Platform (SDCP), waaronder de brug over de Corantijnrivier en voorbereidingen voor het houden van een vergadering van de grenscommissie tussen Guyana en Suriname.

De eerstvolgende bijeenkomst van het Strategisch Dialoog Samenwerkingsplatform tussen de twee landen staat gepland voor februari 2025.

Het MOU dat dat platform oprichtte, werd ondertekend door Guyana en Suriname tijdens een bezoek van president Irfaan Ali aan Suriname in november 2020 met als

doel de samenwerking te verbeteren door de oprichting van verschillende werkgroepen op een aantal gebieden, waaronder infrastructuur, landbouw, veiligheid, gezondheid, handel en milieu.

Vorige week ontbood minister Albert Ramdin de ambassadeur van Guyana om te protesteren tegen de plannen van de Guyanese regering om een landingsbaan en een school te bouwen in het Tigrigebied dat tot het grondgebied van Suriname behoort, maar sinds 1969 door Guyanese militairen wordt bezet. Ramdin hield de ambassadeur voor dat de aanwezigheid van Guyanezen in het Tigrigebied in strijd is met afspraken die in 1970 zijn gemaakt.

Zondag sprak president Ali over de ontwikkelingsplannen voor Camp Jaguar in het gebied. Hij zei dat er mensen in het gebied wonen die behoefte hebben aan overheidsdiensten en benodigdheden. “Op dit moment is de infrastructuur om hen te bedienen, om voedsel en humanitaire hulp daarheen te krijgen, een enorme uitdaging voor de mensen die daar wonen”, zei hij.

UNITEDNEWS

GERELATEERD AAN: AMBASSADEUR GUYANA OP HET MATJE GEROEPEN VOOR UITSPRAKEN GUYANESE PRESIDENT OVER TIGRI

 

VARKENSKWEKER WIL CONCURRENTIEPOSITIE VERBETEREN MET EIGEN VEEVOER

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Mennonieten bij de varkenskwekerij Suriname Pig Farms.

Door zelf grondstoffen te produceren voor veevoer wil varkenskwekerij Suriname Pig Farms haar kostprijs verlagen om een betere concurrentiepositie te hebben op de exportmarkt.

Het bedrijf fabriceert al zijn eigen voer, maar met geïmporteerde grondstoffen. “Dat gaat veranderen”, zegt Lex van Dijk van Suriname Pig Farms. Hij treft voorbereidingen om op zijn areaal in het Tibitigebied op grote schaal mais, soja en sorgum te planten. Intussen is al 120 hectare weiland omgeploegd door mennonieten die zijn binnengehaald om in het bedrijf te werken.

Van Dijk: “Als proef heb ik zeven families laten overkomen, van wie

de laatste drie afgelopen weekend. Zij gaan bij mij werken, omdat we op grote schaal mais, soja en sorgum gaan planten voor het maken van veevoer. Zo kan ik op Barbados concurreren tegen de Amerikanen, omdat mijn kostprijs lager wordt.” Hij legt uit dat 70 procent van de kostprijs om varkensvlees te produceren in voer zit. “Die beesten eten verschrikkelijk veel.” Van Dijk besloot tot een pilot door mennonieten te halen vanwege hun kennis en ervaring met grootschalige productie van mais en soja. “Ze zijn op het veld bezig. We nemen proeven. Ze zijn hier voornamelijk voor kennisoverdracht.”

Tot nu toe

is hij zeer tevreden over hun werkhouding. De mensen zijn gehuisvest op het bedrijfsterrein. Ze hebben gebouwen die moesten worden gerestaureerd zelf onder handen genomen. “Ze staan al om vijf uur ‘s morgens op en pakken stevig aan.” In de eerste fase van het pilot zal nog vóór het einde van dit jaar honderd hectare mais worden geplant omdat Suriname Pig Farms al enige ervaring heeft opgedaan met dit gewas. Op een kleiner areaal zal soja worden geplant, voordat ook die productie zal worden uitgebreid.

Voordeel bij soja is volgens Van Dijk dat eerst olie wordt geproduceerd voordat met “het schroot” veevoer kan worden gemaakt. “We gaan dus ook onze eigen olie produceren. Overall wordt het een win-winsituatie.”

De ondernemer zegt met zijn aanpak Suriname te willen overtuigen dat mennonieten niets kwaads in de zin hebben zoals wordt beweerd. “In Suriname moeten we eerst zien, dan geloven. Si na bribi.” Hij is ervan overtuigd dat de mennonieten een toegevoegde waarde kunnen hebben voor de Surinaamse economie, vooral voor de veesector.

Met goedkoper veevoer, omdat de grondstoffen lokaal worden geproduceerd, kan de totale sector profiteren meent de varkenskweker. Hij wijst erop dat in Suriname ontzettend veel eerder in cultuur gebrachte terreinen braak liggen. Van Dijk noemt daarbij vroegere rijstarealen in Nickerie, maar ook landerijen in andere districten waar niets mee wordt gedaan. Die zouden door mennonieten weer in productie kunnen worden gebracht.

Minister Steven Mac Andrew van Arbeid, Werkgelegenheid en Jeugdzaken (AWJ) zegt desgevraagd dat ook mennonieten een werkvergunning nodig hebben, maar dat bij het ministerie geen aanvraag hiervoor is binnengekomen. De groep die in het afgelopen weekend is aangekomen en waartoe ook vrouwen en kinderen behoren, is kort na aankomst op de Johan Adolf Pengel-luchthaven te Zanderij naar Suriname Pig Farms in het Tibitigebied gebracht.

MacAndrew: “Noch in het kader van MKV-aanvragen noch direct is AWJ benaderd voor werkvergunningen voor deze groep vreemdelingen. Indien mennonieten toch arbeid verrichten voor een werkgever in Suriname, dan zijn deze mensen illegaal tewerkgesteld en is er sprake van overtreding van de wet. De werkgever kan dus worden beboet door de Arbeidsinspectie van AWJ.”

De bewindsman benadrukt dat mennonieten niet boven de wet staan en dat werkgevers, evenals in het geval van andere vreemdelingen die niet behoren tot de uitzonderingscategorieën, een werkvergunning nodig hebben om ze in loondienst te nemen. Hij stelt verder dat, indien een MKV (machtiging kort verblijf) is verstrekt, de aanvraag voor een werkvergunning op AWJ dient te geschieden en dat, indien alle benodigde documenten direct worden verstrekt, de aanvraag binnen een paar weken kan zijn afgehandeld.

MacAndrew zegt dat AWJ het bedrijf zal oproepen en erop wijzen dat voor elke vreemdeling, die niet tot een uitzonderingscategorie behoort een werkvergunning verplicht is. “Het bedrijf zal dan ook erop worden gewezen dat binnen een bepaalde periode deze werkvergunningen moeten zijn geregeld.”

Te zijner tijd zal tijdens controle ook worden nagegaan of er sprake is van kinderarbeid. “Op dit moment is het nog te vroeg om te praten over kinderarbeid, omdat geen gevallen bekend zijn, maar bij controle zal hierop worden gelet”, waarschuwt de bewindsman. Van Dijk zegt dat zijn bedrijf al bezig is de aanvraag voor werkvergunningen in orde te maken. Hij benadrukt evenwel dat nog geen van de mennonieten die door hem zijn binnengebracht in loondienst is. “Niemand werkt voor een salaris. Dat is de afspraak die met hen is gemaakt.” Momenteel voorzien de mensen zelf in hun onderhoud.

Hij stelt dat bij de agrarische activiteiten op zijn terrein geen sprake is van ontbossing of kaalkap. Het gaat om weilanden die worden omgeploegd. “Ik ben Surinamer in hart en nieren. Ik hou van mijn land. Niet één boom wordt gekapt.” De ondernemer stelt verder dat de mensen die door hem zijn binnengebracht uitsluitend op zijn arealen activiteiten ontplooien. “We zijn niet bezig op overheidsterreinen en ook niet in gebieden van de inheemsen. Alles gebeurt op mijn terrein, onder mijn begeleiding, mijn toezicht, onder mijn controle.”

Onlangs stelde assembleelid Iona Edwards (NDP) vragen aan de regering over de mennonieten die zij nabij Goliath in West-Suriname had gesignaleerd. Ze wilde weten of het gaat om mennonieten die op basis van afspraken tussen Terra Invest Suriname en de regering als pilot naar Suriname zouden worden gehaald om in het binnenland op grote schaal aan landbouw te doen. “Via Terra Invest zijn er op dit moment in het geheel geen mennonieten in het land”, zegt Ruud Souverein van Terra Invest. “Mennonieten die via mijn bedrijf in Suriname waren, kwamen alleen voor een week of tien dagen en zijn altijd volgens planning weer vertrokken.”

Het plan van Terra Invest stuitte op hevig protest vanuit de samenleving omdat de mennonieten zich in het binnenland zouden vestigen, maar vooral vanwege de wijze waarop ze in andere landen landbouw bedrijven. Voor hun activiteiten worden enorme arealen ontbost wat volgens critici ook in Suriname zou gebeuren. Dit zou volgens hen de biodiversiteit in de gebieden waar ze zouden opereren schade toebrengen en ook Surinames status als meest beboste land ter wereld onder druk zetten.

UNITEDNEWS

Cubaan op bromfiets bij thuiskomst overvallen

Ingediend door admin op

Voor een woning aan de Jules Chin A Foengstraat in Suriname, werd maandagavond een gewapende overval gepleegd.

Het slachtoffer, de 32-jarige A.L., arriveerde op zijn bromfiets bij zijn huis toen hij bij de poort werd overmeesterd door twee mannen. Eén van de overvallers was gewapend met een vuistvuurwapen.

Onder dreiging van het vuurwapen wisten de daders de bromfiets en persoonlijke eigendommen van het slachtoffer buit te maken.

Vervolgens vluchtten zij samen op de bromfiets in de richting van de Plutostraat. Gelukkig bleef het slachtoffer fysiek ongedeerd, maar de schrik zat er goed in.

De politie van Geyersvlijt werd na de overval ingeschakeld en is

een onderzoek gestart.

Vooralsnog ontbreekt elk spoor van de daders, maar de Surinaamse politie zet alles op alles om het duo op te sporen en aan te houden.

Gestolen dienstvoertuig van NH teruggevonden in district Para

Ingediend door admin op

Een dienstvoertuig van het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen (NH) die op een tijdstip gelegen tussen 16.00 uur n.m. van maandag 25 op dinsdag 26 november 2024 omstreeks 07.00 uur v.m. zonder toestemming was ontvreemd , is op maandag 2 december 2024 teruggevonden op een locatie in het distrikt Para. Een medewerker deed op 26 november 2024 aangifte contra derden op het politiebureau. Naar zeggen van de aangever is het defect voertuig dat geparkeerd stond op het parkeerterrein van de Geologische Mijnbouwkundig Dienst (GMD) vermoedelijk door de daders weggesleept. Naderhand bleek op 26 november 2024 bij controle op het terrein

dat een dienstvoertuig ontbrak. De politie werd hierna in kennis gesteld en werd er een onderzoek gestart.

Aan de aanhouding van de daders wordt naarstig gewerkt. De afdeling Recherche Paramaribo is belast met het onderzoek.

Inbraak en brandstichting woning in Para

Ingediend door admin op

Tijdens een inbraak in een van beton opgetrokken woning in het district Para hebben criminelen ook brand gesticht. De gordijnen van de slaapkamers zijn in brand gestoken. De matrassen hebben eveneens vlam gevat. De muren en het plafond hebben schroeischade opgelopen.

H.S. (44) had gisteren zijn huis in de ochtend verlaten. Toen hij rond 20.00 uur thuiskwam merkte hij dat

de voordeur was geforceerd. Hij zag een dikke rook binnen en schakelde de brandweer in die erger heeft kunnen voorkomen.

De indringers hebben onder andere een televisietoestel en de beveiligingscamera's meegenomen. De politie is nog bezig met het onderzoek.

Monumentale gebouwen Coronie en Nickerie in gevaar!

Ingediend door admin op
Op deze foto’s is goed te zien in welke staat bepaalde beschermde monumentale panden verkeren in zowel Coronie als Nickerie. Foto rechts: Het kerkje te Burnside, Coronie. Foto links: Het monument aan de Anastraat 20 te Nw Nickerie. (Foto's: CMZ)

Coronie en Nickerie, ooit bekend om hun rijke cultuurhistorische waarde en unieke architectuur, worden momenteel geconfronteerd met een alarmerend probleem: het
toenemende verval van monumentale panden. Deze gebouwen, die getuigen van de geschiedenis, identiteit en veerkracht van onze samenleving, dreigen onherstelbaar verloren te gaan. Dit zijn de bevindingen van de Commissie Monumentenzorg (CMZ), die de afgelopen week een werkbezoek bracht aan het westen van het land om zich te oriënteren op de staat van de monumentale gebouwen.

Het verval is volgens de commissie het gevolg van een combinatie van factoren, waaronder onvoldoende middelen voor onderhoud, een gebrek aan bewustzijn over het belang van erfgoed, en de impact van het tropische klimaat. In Coronie staan historische houten huizen, ooit symbool van de koloniale

geschiedenis en traditionele bouwstijl, in zeer slechte staat. Ook in Nickerie raken waardevolle panden, die de economische en sociale bloei van het district weerspiegelen, in verval.

Een indruk van inspectiewerkzaamheden in Coronie en Nickerie door leden van de CMZ.

De monumentale panden in deze twee districten zijn van grote waarde, zowel voor de bewoners aldaar als voor de bredere Surinaamse samenleving. Voor veel bewoners waarmee is gesproken, blijken de monumenten een tastbare herinnering te zijn aan hun roots en familiegeschiedenis. Zonder tijdige maatregelen riskeren we volgens de CMZ niet alleen fysieke structuren te verliezen, maar ook een belangrijk deel van onze nationale identiteit.

In een gesprek met de districtscommissaris van Nickerie, Senrita Gobardhan, heeft de CMZ haar een rapport aangeboden over de jaarlijkse monumentenopname, met een oordeel over de fysieke staat van de ongeveer 300 monumentale panden in ons land, inclusief die in Nickerie. Uit dat rapport blijkt dat het gros van de panden in slechte staat verkeert. Bij die gelegenheid heeft de commissie een beroep gedaan op de burgermoeder voor handhaving van de wetgeving ter bescherming van monumentale gebouwen in het district. Hoewel er een Monumentenwet bestaat, blijkt dat een groot deel van de eigenaren hun monumenten willens en wetens laten vervallen. 

Door bewustwording en kennis bij bestuursambtenaren in het district te vergroten, kunnen zij beter bijdragen aan het behoud van het cultureel erfgoed. Daarom is afgesproken dat de commissie trainingen zal verzorgen voor deze groep over de waarde, het belang, de wetgeving en de bescherming van monumenten. Hierdoor beoogt de Commissie Monumentenzorg niet alleen de bescherming van monumentale panden te verbeteren, maar ook dat bestuursambtenaren een proactieve rol kunnen spelen in het stimuleren van erfgoedbewustzijn. In Coronie heeft de commissie gesprekken gevoerd met Vincent Kenswil van de Coöperatie Coronie Tourism Cluster die tijdelijk het beheer heeft gekregen over het Staatslogeergebouw, dat ook behoort tot de beschermde monumentale gebouwen, om erfgoedtoerisme te promoten.

Leden CMZ: Philip Dikland (adviseur), Mandela Jap-A-Joe (voorzitter), Rianne Doelahasori (lid), 

Priscilla Atma (ondervoorzitter) en Imro Smith (secretaris). Rechts: overhandiging van het rapport over 

de jaarlijkse Monumentopname door Jap-A-Joe aan de dc van Nickerie, Senrita Gobardhan.   

De Commissie Monumentenzorg zal na dit bezoek aan het westen van het land bij het ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur meer dan ooit aandringen op het instellen van een monumentenfonds om eigenaren te helpen met leningen en/of subsidies voor onderhoudskosten. Ook zal er worden gepleit voor belastingvoordelen, zoals belastingaftrek voor onderhoudskosten, en zullen er strategieën worden ontwikkeld voor publiek-private partnerschappen voor het beheer van monumentale panden die in eigendom van de overheid zijn. 

De commissie roept zowel lokale als nationale stakeholders op tot dringende actie om dit gedeelde erfgoed te beschermen. Zonder tijdige maatregelen riskeren we de beschermde monumentale gebouwen in het westen van het land te verliezen. Deze gebouwen dragen immers bij aan het collectieve geheugen, de trots en het erfgoed van Suriname als natie. Het verlies van deze monumenten zou niet alleen fysieke schade veroorzaken, maar ook een onherstelbare impact hebben op de historische en culturele identiteit van het land.

Opleiding Oil & Gas geïntroduceerd op AMTO

Ingediend door admin op

Met de introductie van de opleiding Oil & Gas en Petroleumtechniek op de Avond Middelbare Technische Opleidingen (AMTO) wordt er wederom een belangrijke stap gezet richting de toekomst van Suriname. De introductie vond op maandag 2 november plaats in de trainingszaal Mensa van het studentenhuis aan de Leysweg. Dit gebeurde middels de onthulling van het naambord “AMTO Opleiding Oil & Gas en Petroleumtechniek” door president Chandrikapersad Santokhi. De nieuwe studierichting behelst het opleiden van technisch geschoolde professionals, die een sleutelrol moeten spelen in de olie- en gasindustrie van Suriname.

President Santokhi noemde de olie- en gasindustrie een “game changer” voor

Suriname. Hij wees erop dat de opleiding perfect aansluit bij de verwachte volledige opstart van de olie- en gasproductie over enkele jaren. “De afgestudeerden van deze opleiding zullen een cruciale rol spelen in deze transformatie”, aldus het staatshoofd. Met deze opleiding wordt er volgens hem niet slechts geïnvesteerd in de toekomst van jongeren, maar ook in een duurzame en welvarende toekomst voor het hele land.

Minister Henry Ori van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur sprak zijn enthousiasme uit over de opleiding en de kansen die deze biedt voor Surinaamse jongeren. De bewindsman stond ook stil bij de diversiteit van het docententeam, dat

bestaat uit buitenlandse deskundigen en ervaren Surinaamse docenten van zowel het Natin als het AMTO. “Deze opleiding is een prachtige mix van expertise en innovatie. Het biedt onze jongeren niet alleen de tools om te excelleren, maar bereidt hen ook voor op een sector die centraal staat in de economische groei van ons land”, aldus minister Ori.

Na de onthulling van het naambord, verzorgde docent Henny Zeegelaar het openingscollege als startsein voor de opleiding. Hij gaf aan wat de studenten mogen verwachten en legde de nadruk op het praktijkgerichte karakter van de opleiding. Gedurende de vierjarige opleiding krijgen studenten de gelegenheid stage te lopen bij bedrijven zoals de Staatsolie Maatschappij Suriname N.V., maar zij kunnen mogelijk ook naar het buitenland gestuurd worden om bepaalde vaardigheden op te doen. Zeegelaar zegt dat er al vanaf het eerste studiejaar praktijkmomenten zijn, zodat studenten vroeg kennismaken met het vak. Vanaf het tweede jaar vindt er meer diepgang plaats. De basisvakken in dit traject zijn wiskunde, natuurkunde en scheikunde.

Bousaid over privatisering staatsbedrijven: meer onderzoek nodig vóór uitvoering

Ingediend door admin op

Er zou veel meer onderzoek gedaan moeten worden voordat de regering overgaat tot privatisering van staatsbedrijven. Dat stelt Jim Bousaid, die lid was van de inmiddels ontbonden ‘Stuurgroep State Owned Enterprises’, die in kaart bracht wat de status van de staatsbedrijven is. Een eindrapport hierover werd onlangs behandeld door de regering. Bousaid pleit voor een goede aanpak van een privatiseringsplan. In 2020 heeft oud-financiënminister Armand Achaibersing een plan gepresenteerd om over te geaan tot privatisering van staatsbedrijven met de bedoeling om efficientie en ordening te brengen in de staatshuishouding.

De stuurgroep bestond uit 9 leden, waaronder Viren Adjodhia, Stephen

Smit, Glenn Gersie en Bousaid. Na een screening van ongeveer een jaar, heeft de stuurgroep 163 staatsbedrijven geïdentificeerd. Er is aanbevolen om 30 te liquideren, 29 te behouden, 33 te privatiseren en 71 op termijn te privatiseren.

Bousaid benadrukt dit het in deze fase om een ‘quickscan’ in hoofdlijnen, zodat er een overzicht is van de bedrijven. De stuurgroep heeft aanbevolen dat veel meer onderzoek moet plaatsvinden en dat een commissie een gedegen privatiseringsprogramma opstelt en uitvoert. De privatisering moet op een ordelijke manier gebeuren.