• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Zebrapaden in Meerzorg, Nieuw Amsterdam en Tamanredjo opgeknapt

Ingediend door admin op

In aanloop naar het nieuwe schooljaar op 1 oktober 2025 heeft het Ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening (OWRO), in samenwerking met lokale districtsinstanties, tientallen zebrapaden en verkeersplateaus opnieuw gemarkeerd. De werkzaamheden vonden in de week van 25 september plaats in de ressorten Meerzorg, Nieuw Amsterdam en Tamanredjo en maken deel uit van een grotere campagne om de verkeersveiligheid voor schoolgaande kinderen te verbeteren.

Volgens het ministerie keren jaarlijks duizenden kinderen lopend, fietsend of met het openbaar vervoer terug naar school. Versleten wegmarkeringen en slecht zichtbare oversteekplaatsen kunnen daarbij een risico vormen, vooral tijdens de drukke ochtend- en middaguren.

Door de markeringen te vernieuwen wil OWRO de veiligheid vergroten en automobilisten attenderen op de aanwezigheid van kwetsbare weggebruikers.

In totaal werden meer dan twintig strategische locaties aangepakt. In Meerzorg ging het onder meer om de Hadji Iding Soemitaweg (bij OS Meerzorg 1, MULO G. Sewrajsingh en de RGD-poli), de Bindadienweg en de Weg naar Peperpot. In Nieuw Amsterdam werden onder andere de Commissaris Roblesweg en de Wilhelminastraat vernieuwd, terwijl in Tamanredjo de Oost-Westverbinding (bij OS De Hulp, VOJ La Solitude en OS Potribo) en de Liefongweg werden aangepakt.

“De veiligheid van onze kinderen op weg naar school is geen luxe, maar

een fundamenteel recht. Als ministerie nemen wij daarin onze verantwoordelijkheid door actief in te grijpen op plekken waar de nood het hoogst is,” aldus OWRO-woordvoerder Chirmoti A.

Het ministerie benadrukt dat zelfs kleine ingrepen, zoals het hermerken van een zebrapad, een groot verschil maken voor verkeersveiligheid en bewustwording. OWRO roept alle weggebruikers daarom op om hun verantwoordelijkheid te nemen en extra voorzichtig te rijden in schoolomgevingen.

Minister Brunings bezoekt Nickerie in kader van World Cleanup Day

Ingediend door admin op

Op vrijdag 19 september 2025 bracht minister Patrick Bruinings van Olie, Gas en Milieu (OGM) samen met een delegatie van het ministerie een bezoek aan Nickerie. Het bezoek stond in het teken van World Cleanup Day, die jaarlijks wereldwijd op 20 september wordt gehouden.

De gezamenlijke schoonmaakactie begon met een kort woord van welkom door een vertegenwoordiger van het districtscommissariaat Nickerie. Vervolgens kreeg de minister het woord. In zijn toespraak benadrukte hij dat Suriname een gezegend land is, maar dat dit ook betekent dat er verantwoordelijkheid gedragen moet worden om het land schoon en leefbaar te houden.

Minister Brunings wees op

het belang van bewustwording en gedragsverandering bij de samenleving: “Wanneer we deze dag niet meer hoeven te organiseren, dan pas zijn we geslaagd. Misschien gebeurt dat volgend jaar, misschien pas over vijf jaar, maar we moeten blijven doorgaan,” aldus de minister.

Daarnaast sprak hij een krachtige leuze uit in het Sranantongo: “Kon kenki a denki”, wat betekent “Laten we ons denkwijze veranderen.” Volgens de minister is juist die verandering in denken en doen essentieel om Suriname schoon te houden en te werken aan een duurzamer toekomstperspectief.

Hij kondigde tevens aan dat de regering naast schoonmaakacties ook bewustwordingscampagnes zal starten, waaronder video’s, billboards

en mogelijk ook stevige boetes. Het uiteindelijke doel is een groen Suriname 3.0, waarin het dumpen van afval tot het verleden behoort en burgers samen zorgdragen voor een schoon land.

Na afloop werden er schoonmaakmaterialen overhandigd en ging de delegatie samen met enkele vrijwilligers en medewerkers van het directoraat Openbaar Groen en Afvalbeheer van het Ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening (OWRU) aan de slag. Gezamenlijk werd er schoongemaakt op de locatie Rotterdam in Nickerie.

Het resultaat mocht er zijn: in totaal werden 85 zakken gevuld met plastic, aluminiumblikken en restafval. Voordat het afval werd afgevoerd, werd het eerst gewogen door een vertegenwoordiger van de Green Heritage Fund Suriname (GHFS). De bedoeling is om na te gaan hoeveel plastic, aluminiumblikken en restafval er aanwezig zijn. Zo kan precies worden vastgesteld hoeveel Surinamers eigenlijk van deze materialen gebruiken en hoe dit verbruik op termijn kan worden verminderd.

Na de schoonmaak bracht de minister tevens een beleefdheidsbezoek aan de districtscommissaris van Nickerie Nisha Kurban. Hierbij werd benadrukt dat samenwerking tussen regering, districtsbestuur en samenleving van groot belang is om Suriname duurzaam schoon te houden.

Ook Leonsberg in actie tijdens World Cleanup Day

Ingediend door admin op

Na de opruimactie in Nickerie op vrijdag 19 september, stond op zaterdag 20 september ook Leonsberg in het teken van World Cleanup Day, de grootste opruimactie ter wereld. Vanuit Leonsberg vertrokken vrijwilligers per boot naar Braamspunt om daar de kust schoon te maken. Net als elders in het land, werd er ook hier flink de handen uit de mouwen gestoken om Suriname schoner te maken.

Tijdens de opening spraken vertegenwoordigers van verschillende organisaties en instanties de aanwezigen toe. De heer Glenn Ramdjan van Support Recycling Suriname benadrukte het belang van gedragsverandering en afvalscheiding. Mevrouw Monique Pool van het Green Heritage Fund Suriname wees op

de kwetsbaarheid van het ecosysteem bij Braamspunt en het belang van een schoon leefmilieu voor zowel mens als dier.

Ook DC Budike Marlon van Paramaribo Noord richtte zich tot de groep en riep op om afval niet alleen vandaag, maar elke dag verantwoord te behandelen: “Un yep krin Sranan, un yep krin a kondre.”

De dag werd afgesloten door minister Patrick Brunings van Olie, Gas en Milieu (OGM), die benadrukte dat de overheid naast opruimacties vooral wil inzetten op gedragsverandering en bewustwording: “Suriname is te mooi om vervuild te worden – en we kúnnen veranderen.”

Tijdens het inzamelen werd het vuil gelijk gescheiden

in plastic, aluminium en restafval. Voordat het werd afgevoerd, zijn alle zakken gewogen. In totaal werden er maar liefst 95 zakken vuil verzameld.

Naast de organisaties waren er ook jongeren aanwezig, waaronder leden van Pater Anton Donicie padvindersgroep, die met veel enthousiasme meewerkten. Aan het einde van de dag kregen de jongeren van deze groep elk een schooltas met noodzakelijke schoolbenodigdheden als blijk van waardering voor hun inzet.

Ondanks de grote hoeveelheid afval overheerste het gevoel van saamhorigheid en vastberadenheid om samen te bouwen aan een schoner Suriname.

“World Cleanup Day is maar één dag, maar een schone toekomst vraagt om 365 dagen inzet.”

Gesprek met Franse ambassadeur over continuering van het BIO-PLATEAUX-project

Ingediend door admin op

Op 24 september 2025 vond een belangrijke ontmoeting plaats tussen het Ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM), de Franse ambassadeur in Suriname, Nicolas de Lacoste, en vertegenwoordigers van het BIO-PLATEAUX-project. Centraal stond de voortzetting én verdieping van dit grensoverschrijdende initiatief en de rol die Suriname daarin kan vervullen.

BIO-PLATEAUX wordt mede gefinancierd door de Europese Unie in het kader van het Interreg Amazon Cooperation Program. Het project richt zich op het delen van data, kennis en ervaringen over water en biodiversiteit in aquatische ecosystemen in Frans-Guyana, Brazilië en Suriname, met bijzondere aandacht voor de grensrivieren zoals de Maroni en

de Oyapock.

Tijdens het gesprek gaf de bewindsman aan dat Suriname zich bewust is van de eindigheid van natuurlijke hulpbronnen, waaronder olie. Daarom is het van groot belang om te investeren in kennis, onderzoek en het duurzaam beheren van ecologische systemen. Kleinschalige goudwinning werd daarbij genoemd als een grote milieu- en sociale risicofactor: vervuiling door kwik, ontbossing, verstoring van waterlopen en verlies van biodiversiteit vormen een serieuze bedreiging voor zowel ecosystemen als gemeenschappen.

Het ministerie wil een actieve bijdrage leveren aan de operationele invulling van BIO-PLATEAUX. Dit gebeurt door data, onderzoek en monitoring in kwetsbare gebieden te faciliteren en tegelijkertijd de capaciteit

van nationale milieudiensten te versterken, zodat betrouwbare analyses en rapportages kunnen worden uitgevoerd. Ook wordt de samenwerking met lokale en internationale partners verder uitgebouwd om best practices toe te passen op het gebied van waterkwaliteit, biodiversiteit en aquatische ecosystemen. Specifieke aandacht gaat daarbij uit naar het in kaart brengen en beperken van de risico’s van kleinschalige goudwinning, bewustwordingscampagnes voor duurzaam gebruik van natuurlijke hulpbronnen en een oriëntatie in het werkgebied om de gezamenlijke uitdagingen en kansen beter te begrijpen.

Vanuit het BIO-PLATEAUX-consortium en de Franse ambassade werd bevestigd dat men bereid is de samenwerking voort te zetten en ondersteuning te bieden, zowel technisch als op het gebied van capaciteitsopbouw en kennisdeling.

De ontmoeting legde daarmee een fundament voor een vernieuwde en versterkte samenwerking, waarbij Suriname niet enkel deelnemer is, maar een sturende rol op zich neemt in het beheer van haar grensrivieren en aquatische biodiversiteit.

Kennismakingsbezoek Ministerie van Olie, Gas en Milieu met IDB-leiding

Ingediend door admin op

Op donderdag 25 september 2025 vond een kennismakingsgesprek plaats tussen de minister van Olie, Gas en Milieu, Patrick Brunings, en mevrouw Adriana La Valley, Country Representative van de Inter-Amerikaanse Ontwikkelingsbank (IDB) in Suriname, samen met haar team. Dit courtesy bezoek stond in het teken van een open uitwisseling over de toekomstvisie van Suriname en de rol van partnerschappen in het realiseren daarvan.

Tijdens het overleg sprak de bewindsman zijn waardering uit voor de langdurige samenwerking met de IDB en benadrukte hij dat Suriname zich bevindt in een transitieperiode waarin duurzaamheid en institutionele versterking centraal staan. De regering is vastbesloten de

koers te verleggen naar een nieuwe ontwikkelingsfase, aangeduid als “Suriname 3.0”.

Deze visie bouwt voort op de Green Development Strategy (GDS), die richting geeft aan de integratie van economische groei, sociale vooruitgang en milieubescherming. Suriname 3.0 staat voor een land dat zijn natuurlijke rijkdommen op verantwoorde wijze benut. Inkomsten uit nieuwe sectoren – zoals olie en gas – moeten worden ingezet om brede welvaart te creëren, instituties te versterken en te investeren in de toekomst van het volk. Daarbij werd benadrukt dat de olie- en gassector eindig is en dat het ontwikkelen van groene sectoren essentieel is voor een duurzame en

toekomstbestendige economie.

Verder werd onderstreept dat samenwerking met internationale partners, en in het bijzonder de IDB, van groot belang is om deze ambitie te realiseren. Het gaat daarbij niet alleen om financiële steun, maar ook om technische begeleiding, kennisuitwisseling en gezamenlijke ontwikkeling van innovatieve oplossingen voor de uitdagingen die voor ons liggen.

De IDB gaf aan bereid te zijn Suriname te ondersteunen waar nodig, met specifieke aandacht voor de versterking van de Nationale Milieu Autoriteit (NMA). Het vergroten van de capaciteit van deze instelling werd gezien als een cruciale stap om milieubeleid effectief uit te voeren en de duurzaamheid van de ontwikkelingskoers te waarborgen.

De minister benadrukte dat Suriname internationaal zichtbaar en tevens een voorbeeld wil zijn als land dat kiest voor duurzaamheid, transparantie en goed bestuur. Door te investeren in sterke instituties en een solide beleidsbasis wil het land zijn geloofwaardigheid vergroten en bijdragen aan mondiale inspanningen voor duurzame ontwikkeling en klimaatbestendigheid.

De ontmoeting markeerde een belangrijke stap in de verdere verdieping van de samenwerking. Beide partijen spraken de intentie uit om in de komende periode gezamenlijk te werken aan een concrete agenda die de nationale prioriteiten van Suriname ondersteunt en tegelijkertijd regionale en internationale doelstellingen dichterbij brengt.

GUYANA ZET IN OP KWARTAALFEESTEN OM TOERISME TE VERDRIEVOUDIGEN

Ingediend door admin op

Foto: De Guyanese minister van Toerisme Susan Rodrigues | Bron: Demerara waves

Guyana wil elk kwartaal een groot evenement organiseren om het toerisme fors te stimuleren en tegen 2030 jaarlijks minstens één miljoen bezoekers te trekken.

 Dat zei minister van Toerisme Susan Rodrigues maandag tijdens een bijeenkomst met touroperators in het Arthur Chung Conference Center.

Volgens Rodrigues sluiten de geplande festiviteiten aan bij bestaande nationale hoogtepunten zoals Mashramani, Onafhankelijkheidsdag, Pasen en Kerstmis. “We werken eraan dit vast te leggen en koppelen het aan evenementen die u al kent,” lichtte zij toe.

De minister meldde dat het aantal bezoekers dit jaar achttien procent hoger ligt dan

in dezelfde periode van 2024.

De regering streeft ernaar dat binnen vijf jaar jaarlijks zo’n drie miljoen mensen door Guyana reizen, waarvan ongeveer een derde toeristen. “Realistisch gezien geloven we dat we tegen 2030 minimaal één miljoen bezoekers per jaar kunnen verwelkomen,” aldus Rodrigues.

Om dit te bereiken wil het ministerie samen met de private sector internationale topartiesten aantrekken en complete reisarrangementen ontwikkelen voor periodes waarin traditioneel veel gereisd wordt. De promotie richt zich nadrukkelijk ook op de Guyanese diaspora. Luchtvaartmaatschappijen zullen worden gevraagd promotievideo’s en drukwerk aan boord te verspreiden.

Rodrigues sprak eerder op de dag met hoteleigenaars over betaalbare accommodatie, met

name voor terugkerende Guyanezen. Zij verzocht hotels met hogere tarieven kamers aan te bieden vanaf minimaal 200 Amerikaanse dollar per nacht, maar waarschuwde goedkopere hotels hun prijzen niet kunstmatig te verhogen. “Acceptatie en betaalbaarheid moeten centraal staan als we het toerisme willen laten groeien,” benadrukte ze.

Sinds haar aantreden na de verkiezingen van 1 september heeft Rodrigues de opdracht het hele jaar door een hoge bezettingsgraad in alle hotels te realiseren. Ze wees daarnaast op het belang van hoge kwaliteitsnormen voor logies en veilig vervoer. De regering werkt aan een nationaal toerismebeleid, een plan voor locatieontwikkeling, systematische dataverzameling en het inwinnen van bezoekersfeedback. Binnen enkele weken worden geïnteresseerden uitgenodigd voorstellen in te dienen voor de bouw van lodges en resorts.

Tot slot riep de minister de toerismesector op een kalender samen te stellen met vaste, betaalbare maandelijkse evenementen, niet alleen voor buitenlandse bezoekers maar ook voor inwoners zelf. “Onze eigen mensen kunnen onze beste ambassadeurs en pleitbezorgers zijn om het patriottisme aan te wakkeren,” zei Rodrigues.

UNITEDNEWS|REGIO

 

GOUDPRIJS OP WEG NAAR 4.000 DOLLAR | CENTRALE BANKEN WAKKEREN STIJGING AAN

Ingediend door admin op

Bron: Business.am

De goudprijs zou binnenkort 4.000 dollar (3.425 euro) per ounce (31,1 gram) kunnen bereiken.

Dat wordt gedreven door de noodzaak voor centrale banken in opkomende markten zoals China om hun goudreserves aanzienlijk te vergroten. Bart Melek, Global Head of Commodity Strategy bij TD Securities, gelooft dat deze trend zich zal voortzetten, zei hij in een interview met zowel Bloomberg als TD Wealth. Dat komt doordat deze landen streven naar een reservequote die vergelijkbaar is met die van ontwikkelde landen.

Melek noemt verschillende factoren die zijn stijgende vooruitzichten ondersteunen.

Het voortdurende monetaire versoepelingsbeleid van de Federal Reserve (Fed), dat verdere renteverlagingen zou kunnen

inhouden, maakt het voor beleggers goedkoper om goudposities aan te houden. Daarnaast ziet hij ook hernieuwde interesse in goudfondsen van ETF-beleggers.

Bovendien wijst Melek erop dat de goudreserves van China slechts een klein deel van de totale reserves uitmaken in vergelijking met landen als de Verenigde Staten en Duitsland. Dit verschil suggereert een aanzienlijk potentieel voor toekomstige goudaankopen door centrale banken. Zij zouden miljoenen ounces aan de markt kunnen toevoegen.

Hoewel Melek erkent dat dit een geleidelijk proces zal zijn, benadrukt hij het langetermijnkarakter van deze investeringsprogramma’s, die meestal tientallen jaren duren in plaats van slechts enkele jaren. Hij verwijst ook naar

berichten over de mogelijke opkomst van China als opslagplaats voor de goudreserves van andere landen, waarbij het land gebruikmaakt van geopolitieke onzekerheid om landen aan te trekken die aarzelen hun activa in traditionele westerse centra op te slaan.

UNITEDNEWS|GEO-ECONOMIE

 

 

Onder­minister Jadnanansing bespreekt samenwerking met OIC

Ingediend door admin op

De onderminister van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid, dr. Raj Jadnanansing, nam van 22 tot 24 september 2025 in Baku (Azerbeidzjan) deel aan de High-level Roundtable on Innovative Labour and Employment Strategies van de Organisatie voor Islamitische Samenwerking (OIC). Het was de eerste keer dat Suriname op ministerieel niveau aanwezig was bij een OIC-overleg over arbeid. Suriname is sinds 1996 lid van de OIC.

In de marge van de bijeenkomst sprak Jadnanansing met Azar Bayramov, directeur-generaal van het OIC-Arbeidscentrum. Daarbij kwamen verschillende samenwerkingsmogelijkheden aan bod, zoals de versterking van de arbeidsinspectie (vooral in de olie- en gassector), modernisering van arbeidswetgeving, verbetering van nalevingsmechanismen

en de ontwikkeling van programma’s voor vaardigheden en leer-werk-trajecten.

Ook werd gesproken over beleid rond veiligheid en gezondheid op het werk. De onderminister nodigde Bayramov uit voor een officieel bezoek aan Suriname.

Tijdens de Roundtable hield Jadnanansing een toespraak over de informele economie. Hij lichtte de uitdagingen van Suriname toe en verwees naar maatregelen die in voorbereiding zijn via de tripartiete Commissie Beleid Formalisering, onderdeel van het Decent Work Country Program III (2023–2026). Ook benadrukte hij het belang van welzijnsbeleid, met aandacht voor veilige werkplekken, middelenmisbruik, suïcidepreventie en huiselijk geweld.

Suriname heeft daarnaast de wens uitgesproken toe te treden tot het OIC-Arbeidscentrum en

zal daarvoor het statuut moeten ratificeren. Het land ziet hierin kansen voor technische assistentie, als aanvulling op de samenwerking met de ILO. De directeur-generaal van het Arbeidscentrum gaf aan dat de prioriteiten van Suriname serieus zullen worden meegenomen.