• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

OLIEPRIJZEN KELDEREN WEER HARD | ONZEKERHEDEN OP DE MARKT HOUDT AAN

Ingediend door admin op

Foto: president Donald Trump.

De prijs van WTI-olie zakte donderdag tot onder USD 57,60 per vat, het laagste niveau sinds mei, onder druk van een grotere dan verwachte toename van de Amerikaanse oliereserves en onduidelijkheid.

De olieprijzen waren daarnaast volatiel na uitspraken van president Donald Trump, die verklaarde dat de Indiase premier Narendra Modi zou hebben toegezegd de invoer van Russische olie te stoppen.

Trump noemde dit een belangrijke stap om de wereldwijde olievoorziening te beïnvloeden en economische druk op Rusland uit te oefenen in het kader van de oorlog in Oekraïne. Een woordvoerder van de Indiase regering ontkende echter dat een dergelijke

afspraak was gemaakt en stelde dat besprekingen “nog gaande” zijn.

Ook Indiase raffinaderij-executives gaven aan geen informatie te hebben ontvangen over beleidswijzigingen, hoewel sommigen korte termijnreducties van Russische olie-imports verwachten.

De onduidelijkheid valt samen met gespannen handelsrelaties tussen de VS en India, na de 50% importtarieven die Trump eerder oplegde op Indiase goederen.

Tegelijkertijd uitte de Oil Marketing Association of Pakistan (OMAP) ernstige zorgen over wat zij noemt “onzorgvuldige druk” van de Oil and Gas Regulatory Authority (OGRA) op gedereguleerde petroleumproducten, zoals oplosmiddelen. Volgens OMAP gaat het verzoek van OGRA om klantniveau gegevens te verstrekken buiten hun wettelijke bevoegdheid, aangezien OGRA alleen toezicht

houdt op gereguleerde producten zoals benzine en diesel.

De dalende olieprijzen hebben ook gevolgen voor de financiële prestaties van oliemaatschappijen. Analisten van FactSet verwachten dat de sector, inclusief ExxonMobil (XOM), het grootste winstverlies binnen de S&P 500 zal laten zien tijdens het derde kwartaal cijferseizoen.

UNITEDNEWS

 

 

Minister Economische Zaken Suriname doet veldbezoeken en markeert nieuwe fase in Suriname-Guyana handelsrelaties

Ingediend door admin op

De Surinaamse minister van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie, de heer Andrew Baasaron, heeft tijdens zijn werkbezoek aan Guyana een veldbezoek gebracht aan de Guyana Marketing Coöperatie (GMC), een verwerking faciliteit en een industrieel terrein. Het bezoek vond plaats in het kader van de intensivering van de economische samenwerking tussen Suriname en Guyana, aansluitend op het vruchtbare overleg met de Guyanese minister van Toerisme, Industrie en Handel, Susan Rodrigues, die ook belast is met onderdelen van industriële ontwikkeling. Dit veldbezoek vond plaats op donderdag 16 oktober 2025.

Tijdens het bezoek kreeg de Surinaamse delegatie een rondleiding door de Guyana

shop, waar lokale producten worden gepromoot en afgezet op de binnenlandse en exportmarkt. De minister toonde zich onder de indruk van de manier waarop Guyana zijn landbouw- en agro-verwerkende sector organiseert rond toegevoegde waarde en markttoegang. “Dit is een inspirerend voorbeeld van hoe samenwerking tussen overheid en ondernemers de productieketen kan versterken,” zei de minister.

Tijdens het bezoek aan de verwerking faciliteit werd van gedachten gewisseld door beide ministers over de mogelijkheden voor het opzetten van een soortgelijke verwerking faciliteit in Suriname ter ondersteuning van onze KMO’s bij het verder ontwikkelen van hun producten. De minister benadrukte dat dergelijke initiatieven bijdragen

aan de regionale voedselzekerheid en export diversificatie, wat volledig past binnen het beleid van Suriname om de niet-oliesector te versterken.

Op het industrieterrein sprak de minister met lokale bedrijfsvertegenwoordigers en Guyanese functionarissen over hun industriële projecten, en hoe dit kan bijdragen aan het opzetten van onze eigen industrieterreinen.

Suriname en Guyana versterken samenwerking tijdens bilateraal overleg in Georgetown

Ingediend door admin op

Op dinsdag 14 oktober 2025 heeft Minister Melvin Bouva van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking  (BIS) samen met zijn Guyanese ambtgenoot, minister Hugh Todd, een bilateraal overleg gevoerd over het werkprogramma voor de verdere intensivering van de samenwerking tussen beide landen. De ontmoeting vond plaats op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Georgetown, in de marge van de International Business Conference, die van 14 tot en met 16 oktober wordt gehouden in Guyana.

Naast een formele kennismaking tussen beide ministers stond de ontmoeting in het teken van de opvolging van het bezoek van de Guyanese president Irfaan Ali aan

president Jennifer Geerlings-Simons in september van dit jaar. Beide bewindslieden bespraken concrete thema’s en actiepunten ter verdieping van de bilaterale samenwerking, waarbij de nadruk werd gelegd op het gezamenlijk potentieel van Suriname en Guyana als opkomende economische hubs binnen het Caribisch gebied en de regio.

De ministers onderstreepten het strategisch belang van versterkte diplomatieke, economische en infrastructurele banden als fundament voor duurzame ontwikkeling en regionale integratie. Daarbij werd stilgestaan bij de groeiende internationale aandacht voor de Suriname-Guyana corridor, die steeds meer wordt gezien als een nieuwe investeringszone die het Caribisch gebied verbindt met Latijns-Amerika en de wereldmarkt. Beide ministers spraken de

intentie uit om deze ontwikkeling actief te ondersteunen, in nauwe samenwerking met de private sector en multilaterale partners.

Tijdens het overleg kwamen onder meer de volgende onderwerpen aan bod: het Corantijnrivierbrugproject, de revitalisering van de Canawaima Ferry Service, samenwerking op het gebied van energie – inclusief duurzame alternatieven – en de implementatie van commissies binnen het Strategic Dialogue and Cooperation Platform (SDCP), waaronder de commissies voor landbouw, visserij, energie en toerisme. Ook werd gesproken over de heractivering van de Grenscommissie.

De ministers zijn overeengekomen voor de verdere uitvoering van de SDCP-afspraken, inclusief mandaten en evaluatiemomenten. De verschillende commissies zullen vanaf 1 november hun werkzaamheden hervatten. Verder is afgesproken dat de ministers in aanloop naar de volgende presidentiële werkbespreking later dit jaar opnieuw bijeenkomen om de voortgang te evalueren.

De ontmoeting verliep in een constructieve en toekomstgerichte sfeer, waarbij beide partijen hun toewijding uitspraken aan een versterkt partnerschap ter bevordering van stabiliteit, welvaart en samenwerking in de regio.

Minister Bouva werd tijdens het overleg vergezeld door Minister Andrew Baasaron van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie, Ambassadeur van Suriname in Guyana, Liselle Blankendal, onderdirecteur Internationale Handel, Shailesh Ramsingh, en tweede ambassade-secretaris Lucille Starke-Esajas.

Minister Economische Zaken van Suriname maakt sterke indruk op International Business Conference 2025 in Guyana

Ingediend door admin op

Tijdens het prestigieuze International Business Conference (IBC) 2025 in Guyana heeft de Surinaamse minister van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie, de heer Andrew Baasaron, een krachtige indruk achtergelaten. Tijdens het ministeriële panel dat op 14 oktober 2025 heeft plaatsgevonden met het als thema “Regional Powerhouses in Action – Guyana and Regional Partners’ Shared Vision for Growth” benadrukte de minister dat goed bestuur de motor is van duurzame groei in de regio.

Onder de aanwezige regionale leiders, investeerders en internationale partners benadrukte de minister dat goed bestuur, transparantie en samenwerking de sleutel zijn tot duurzame groei in het Caribisch gebied. “Wij

staan op een keerpunt”, zei de minister. “Onze natuurlijke rijkdommen kunnen pas echte welvaart brengen als we zorgen voor verantwoord bestuur, eerlijke verdeling en ruimte voor ondernemerschap.”

De bijdrage van de Surinaamse minister werd door aanwezigen geprezen als visionair en praktijkgericht. Terwijl veel aandacht uitging naar de oliesector, legde hij de nadruk op het belang van diversificatie van de economie, met speciale aandacht voor MSME’s, de creatieve sector, en groene innovatie. “Wij bouwen niet alleen aan economische groei, maar aan economische rechtvaardigheid. “Daarom zetten wij in op beleid dat kleine ondernemers toegang geeft tot financiering, kennis en markten, met intellectueel eigendom

als nieuw instrument voor krediet,” aldus de minister. De minister onderstreepte ook de noodzaak van een sterker partnerschap tussen Suriname en Guyana. “Wij delen niet alleen grenzen, maar ook een toekomst. Door gezamenlijke industriële ontwikkeling, grensoverschrijdende infrastructuur en investeringen kunnen wij onze economische basis versterken en onze bevolking meer kansen bieden.”

Aan de paneldiscussie hebben ook deelgenomen de Surinaamse minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking, de heer Melvin Bouva, de Guyanese ministers van Toerisme, Industrie en Handel, mevrouw Susan Rodrigues en de heer Robert Persaud, Foreign Secretary van het Ministerie van Buitenlandse Zaken en Internationale Samenwerking. Zij richtte zich in hun toespraak op regionale integratie, infrastructuur, energie en handel. De Surinaamse bijdrage onderscheidde zich door de focus op bestuur, duurzaamheid en inclusieve groei, waarmee Suriname zich positioneerde als verantwoordelijke regionale speler in de nieuwe economische realiteit van het Caribisch gebied. De IBC 2025 markeert een belangrijk moment in de samenwerking tussen Guyana, Suriname en de bredere CARICOM-regio.

LVV schenkt groenten en fruit aan Stichting Betheljada

Ingediend door admin op

Het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) heeft in het kader van Wereldvoedseldag een donatie van verse groenten en fruit overhandigd aan Stichting Betheljada. De overhandiging vond plaats op 16 oktober in het gebouw van de stichting.

Stichtingsdirecteur Kavita Mohan toonde zich dankbaar voor de geste en benadrukte dat Betheljada volledig afhankelijk is van donaties. “Door de economische situatie worden donaties steeds schaarser, terwijl de behoefte juist groeit,” zei Mohan.

Wereldvoedseldag wordt jaarlijks op 16 oktober herdacht. Op deze dag vraagt de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) aandacht voor voedselzekerheid wereldwijd. Het thema van dit jaar luidt: “Hand

in Hand, voor beter voedsel en een betere toekomst.”

Tijdens de donatie benadrukte Maitriedebie Jagroep, onderdirecteur Landbouwkundig Onderzoek, het belang van gezonde voeding. “Goed voedsel consumeren heeft direct invloed op betere productie,” aldus Jagroep. Ze wees erop dat het belangrijk is om alle groepen in de samenleving te betrekken bij het bevorderen van voedselzekerheid.

Bij een rondleiding door de stichting constateerde LVV dat er een grote behoefte is aan personeel en voedsel. Vorig jaar doneerde het ministerie een plantenkas aan Betheljada, die nog verdere ondersteuning behoeft. LVV bekijkt hoe het structureel kan bijdragen aan de stichting, onder meer door te helpen bij

zelfvoorzienende initiatieven.

Stichting Betheljada bestaat op 20 november 46 jaar en biedt zorg en onderdak aan ruim 60 bewoners met een beperking, in de leeftijd van 3 tot 48 jaar. De stichting wil haar capaciteit uitbreiden naar 70 bewoners, maar kampt met personeelstekorten en een tekort aan vrijwilligers.

Mohan deed een dringende oproep aan de samenleving en overheid: “Onze bewoners zijn kwetsbaar maar puur van ziel. Ze verdienen liefde, aandacht en steun. Betheljada kan dit niet alleen.”

GRANMORGU | SURINAME WERKT AAN OFFSHORE-READINESS

Ingediend door admin op

Foto: Deelnemers van TotalEnergies Supply Vessel Services (SVS).

Met de start van de productie van het GranMorgu-project van TotalEnergies in 2028 staat het land aan de vooravond van een belangrijke fase.

Lokale bedrijven, instellingen en professionals bereiden zich voor om te voldoen aan de eisen en standaarden van de offshore-supply chain.

Voor TotalEnergies gaat olieproductie in Suriname hand in hand met de ontwikkeling van Surinaamse talenten en bedrijven. Het Local Content beleid richt zich op training, certificering en het versterken van locale bedrijven. Het doel is om Surinaamse professionals klaar te stomen voor een actieve rol in offshore-operaties en kleine en middelgrote bedrijven

kansen te bieden in de supply chain.

Om deze ambitie in de praktijk te brengen, organiseerden TotalEnergies EP Suriname (TEEPSR) en de Maritieme Autoriteit Suriname (MAS) op 6 en 7 oktober een technische workshop Supply Vessel Services (SVS) in het Marriott Hotel in Paramaribo. Meer dan zeventig deelnemers, waaronder lokale bedrijven, technische experts en enkele internationale partners, kwamen samen om kansen in Suriname’s offshore-supply chain te verkennen en kennis te delen.

“Het is onmogelijk om een project van deze omvang uit te voeren zonder actieve bijdragen van Surinaamse bedrijven, overheidsinstanties en professionals,” zegt Hercules Medeiros, Field Operations Manager bij TEEPSR.

Suriname zet een

nieuwe stap in de ontwikkeling van zijn offshore-industrie.

Door internationale veiligheids- en milieustandaarden in lokale operaties te integreren, wil TotalEnergies ervoor zorgen dat de groei van de energie-industrie ook bijdraagt aan duurzame ontwikkeling in Suriname. Tijdens de SVS-workshop werden deze principes concreet gemaakt door middel van technische discussies, uitwisseling van ervaringen en het praktisch toetsen van de mate van gereedheid.

Supply vessels (bevoorradingsschepen) zijn de levensader van offshore-projecten en productieactiviteiten. Ze zorgen voor het vervoer van materiaal en ondersteunen de activiteiten op zee volgens strikte veiligheids- en operationele protocollen. Het ontwikkelen van lokale capaciteit op gebieden zoals maritieme inspecties, tankonderhoud, hydraulische reparaties en certificering is essentieel om meer van de offshore-supply chain in Suriname te behouden en duurzame kansen te creëren voor bedrijven en professionals.

De workshop gaf lokale aanbieders een concreet beeld van internationale operationele en veiligheidsnormen en liet zien hoe ver de lokale leveranciers hierin staan. Deelnemers vergeleken hun huidige capaciteit en deskundigheid met wereldwijde benchmarks en bespraken de stappen die nodig zijn voor certificering. “Je moet een managementsysteem hebben,” benadrukt Medeiros. “Dat is de eerste cruciale stap richting certificering.”

Certificering en gespecialiseerde vaardigheden kwamen regelmatig terug in de discussies. Suriname’s offshore-toekomst hangt niet alleen af van fysieke infrastructuur, maar vooral van menselijk kapitaal: goed opgeleide, gecertificeerde en voorbereide professionals.

“De workshop gaf ons een duidelijk beeld van de eisen voor GranMorgu,” zegt Mawdo Allendy, Marine Engineer bij Independent Measuring Services. “Maar er is een tekort aan jonge, gecertificeerde ingenieurs. Daar moeten we nu iets aan doen.”

Voor Mervel Kotzebue, CEO van DP World Suriname en vicevoorzitter van de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB), benadrukten de sessies de gedeelde verantwoordelijkheid:

“Ik zie dit als een zeer goede stap van TotalEnergies richting bedrijven die deel uitmaken van de supply chain. Het laat ons zien wat we als lokale bedrijven moeten doen om onze diensten echt naar het vereiste niveau te tillen.”

Het Supply Vessel Services-initiatief gaat verder dan trainingen. Het draait om het opbouwen van een ecosysteem waarin bedrijven, professionals en toezichthouders samenwerken.

Door samenwerking en kennisdeling is het mogelijk een supply chain te ontwikkelen met sterke lokale betrokkenheid en internationale kwaliteitsnormen.

Voor kleine en middelgrote ondernemingen opent dit de deur naar betrouwbare samenwerkingen in een geavanceerde industrie. Voor jonge professionals betekent het toegang tot carrières die de energietoekomst van het land zullen vormgeven.

TotalEnergies gaf dit als volgt aan:

“Onze aanpak gaat verder dan energie leveren. Het gaat om de ontwikkeling en het succes op lange termijn van Surinaamse bedrijven.”

Aan het einde van de workshop is de Supply Vessel Services Taskforce opgericht, een team van zeven leden dat de inzichten uit de workshop omzet in een concreet actieplan. Het team bestaat momenteel uit zes personen: Bryan Ristie (MAS), Wayne Martoredjo (APA), Amanda Sheombar (CNB), Nigel Sloot (Kepler Group), Cherie Fränkel (DP World) en Susan Bansropansingh (TEEPSR). Eén positie is nog vacant.

Hun taak is onder meer het opstellen van actieplannen, het bepalen van tijdlijnen voor certificering en het afstemmen met internationale partners om de naleving van offshore-standaarden te versnellen. Dit is een belangrijke stap voor Suriname richting actieve deelname aan de offshore-industrie. De fundamenten die vandaag worden gelegd op het gebied van systemen, procedures en standaarden, bepalen de kansen van morgen.

Door voortdurende samenwerking kan Suriname een supply chain ontwikkelen die lokale deelname stimuleert en internationale kwaliteitsnormen handhaaft. Zo ontstaat expertise en vertrouwen om de offshore-uitdagingen van Suriname aan te gaan, met kansen voor professionals, bedrijven en de hele samenleving.

PERSBERICHT|TOTALENERGIES

 

 

UITBETALING FORSE OVERBRUGGINGSTOELAGE ZORGSECTOR BEGONNEN

Ingediend door admin op

De overheid is gestart met het wegwerken van betalingsachterstanden aan zorgmedewerkers.

Werknemers van verschillende zorginstellingen hebben deze maand een extra bedrag van SRD 3.500 ontvangen, als onderdeel van de uitbetaling van de zogenoemde overbruggingstoelage.

Deze toelage, bedoeld als tijdelijke ondersteuning in afwachting van nieuwe loonreeksen, was sinds maart niet uitbetaald. Volgens minister André Misiekaba van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid betreft het de eerste tranche van een reeks betalingen die doorloopt tot het eerste kwartaal van 2026.

In de komende weken volgen nog twee uitkeringen van elk SRD 3.500, waarna de toelage weer maandelijks zal worden betaald.

“Omdat het per januari 2025 is ingegaan. Januari

en februari waren al betaald. Dus bij mijn aantreden zijn we ermee geconfronteerd dat wij vanaf maart moeten betalen,” verklaarde de minister woensdag voorafgaand aan de wekelijkse vergadering van de Raad van Ministers. De regering wil zich committeren aan de afspraken met de vakbonden om de achterstanden vóór het einde van het jaar grotendeels in te lopen. “Eind oktober, eind november en eind december hebben we afgesproken met Financiën. En het streven is ernaar om steeds twee maanden te betalen. Omdat we bezig zijn in te lopen,” aldus Misiekaba.

Tegelijkertijd werkt het ministerie aan een herziening van het loonbeleid. “Dus het

is niet zo dat de mensen een soort van 7.000 SRD opslag hebben gekregen op hun loon. Nee, het is het inlopen van de achterstanden van de overbrugging,” verduidelijkte hij.

UNITEDNEWS