• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Transparante regelgeving essentieel voor duurzame energie-investeringen

Ingediend door admin op

De publieke sector en relevante instellingen bij het creëren van waardevolle investeringsklimaten zijn op de tweede dag van de International Business Conference (IBC 2025) ook aan de orde gekomen. Anand Kalpoe, directeur van de Energie Autoriteit Suriname (EAS), deelde hierbij hoe de EAS zich inzet voor het opzetten van een transparant investeringsklimaat in de Surinaamse energiesector. Het doel is om zowel lokale als internationale investeerders duidelijkheid te bieden over de regelgeving, voorwaarden en controlemechanismen die van kracht zullen zijn, zodat zij met vertrouwen kunnen investeren. De IBC 2025, van 4 tot en met 6 februari, is een gezamenlijk initiatief

van de Suriname-Guyana Chamber of Commerce (SGCC) en de Suriname Investment and Trade Agency (SITA).

Kalpoe benadrukte dat de EAS momenteel werkt aan de ontwikkeling van een elektriciteitssectorplan, dat als richtlijn zal dienen voor de komende vijf jaar en als visie voor de komende twintig jaar. Dit plan behandelt belangrijke aspecten zoals de opwekking van energie, het vergroten van het aandeel zonne-energie en de bijbehorende technische, economische en financiële voorwaarden. “Het creëren van een gelijk speelveld en transparantie is essentieel. Door duidelijke regels vast te leggen, weten investeerders precies waar ze aan toe zijn. Hierdoor wordt het risico voor investeringen aanzienlijk

verminderd”, stelde Kalpoe.

Een belangrijk onderdeel van dit plan is de rol van Power Purchase Agreements (PPA’s), contracten die de voorwaarden voor de levering van energie tussen producenten en afnemers vastleggen, zoals prijs, volume en de duur van de energiegarantie. De EAS-directeur onderstreepte het belang van strikte naleving van deze contracten en het instellen van duidelijke controlemechanismen en sancties om te zorgen voor de uitvoering van de gemaakte afspraken.

Tot slot ging hij in op vragen die tijdens het netwerken op de conferentie werden gesteld over onder andere de huidige energiemix van Suriname en de grootste uitdagingen in de sector. “De grootste bottleneck in Suriname is de diversificatie van energiebronnen.” Volgens hem is het vergroten van het aandeel zonne-energie in de energiemix dan ook van cruciaal belang. “We moeten leren van best practices uit andere landen en, waar mogelijk, buitenlandse PPA’s voor zonne-energiesystemen aanpassen aan de Surinaamse situatie”, aldus directeur Kalpoe.

NIEUW HAVEN WORDT VERNOEMD NAAR VERMOORDE INSPECTEUR HERMAN GOODING

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Politie-inspecteur Herman Gooding.

Het politiestation Nieuw Haven zal deze maand officieel de naam dragen van Herman Gooding, de moedige politie-inspecteur die begin jaren negentig de invloedrijke legerleiding durfde te confronteren.

Gooding werd op brute wijze vermoord in 1990, kort na een conflict met de Militaire Politie (MP). Zijn dood, die nooit volledig werd opgehelderd, betekende ook het abrupte einde van zijn onderzoek naar de slachting in Moiwana en drugstransporten waarbij hoge legerfunctionarissen werden verdacht. De planning is om op 18 februari Nieuwe Haven naar hem te vernoemen.

Op 4 augustus 1990 begaf Gooding zich naar het hoofdkwartier van de MP te Fort

Zeelandia om opheldering te eisen over de gevangenneming van twee politieagenten. MP-commandant Gangpat weigerde echter de agenten vrij te laten, tenzij een eerder opgepakte militair, die zich had misdragen in een club, eveneens werd vrijgelaten. Gangpat dreigde zelfs met een aanval op het politiebureau als aan zijn eis niet werd voldaan. Gooding hield voet bij stuk en verliet het fort. Kort daarna werd hij doodgeschoten. Diezelfde nacht werd politiebureau Nieuw Haven onder vuur genomen met automatische wapens.

Minister van Justitie en Politie Kenneth Amoksi acht het passend om juist dit politiebureau te vernoemen naar de gevallen inspecteur. “Gooding symboliseert de strijd

voor rechtvaardigheid en het handhaven van de wet, zelfs onder extreme druk,” aldus Amoksi.

President Chandrikapersad Santokhi, zelf voormalig politiecommissaris, erkent dat het Korps Politie Suriname (KPS) nog steeds gebukt gaat onder de trauma’s van die periode, vooral onder de oudere generatie politiemensen. De bouw van het nieuwe hoofdbureau van politie op de hoek van de J.A. Pengelstraat en de Gemenelandsweg wordt eveneens gezien als een vorm van herstel, aangezien het vorige gebouw bij de staatsgreep van 1980 werd vernietigd door het leger.

De moord op Gooding betekende een zware klap voor het KPS. Er waren duidelijke aanwijzingen vanuit welke hoek de aanslag kwam, maar door de zwakte van de rechtsstaat in die tijd werd de zaak in de doofpot gestopt. Veel politiefunctionarissen verlieten daarop het land.

UNITEDNEWS

 

ALI EN SANTOKHI PRATEN NOGMAALS OVER BRUG CORANTIJNRIVIER | SURINAAMSE BIJDRAGE USD 118 MILJOEN

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: President Chandrikapersad Santokhi en zijn Guyanese ambtgenoot Irfaan Ali.

Er is Paramaribo overleg geweest tussen president Chandrikapersad Santokhi en zijn Guyanese ambtgenoot Irfaan Ali zullen over de langverwachte brug over de Corantijnrivier.

Hoewel de rivier zich volledig op Surinaams grondgebied bevindt, heeft Guyana toegezegd de helft van de kosten te dragen. Het benodigde budget is reeds gereserveerd, maar de financiering blijft een gevoelig punt voor Suriname vanwege de hoge staatsschuld.

Volgens minister Riad Nurmohamed van Openbare Werken (OW) kan Suriname zijn aandeel van ongeveer 118 miljoen USD zonder probleem ophoesten, maar de timing van de investering is cruciaal gezien de economische situatie.

De Chinese China Road & Bridge Corporation heeft aangegeven bereid te zijn de brug voor te financieren. Dit zou echter betekenen dat Suriname het bedrag als uitgavepost op de begroting moet opnemen. Minister Nurmohamed benadrukt dat de uiteindelijke beslissing hierover ligt bij het ministerie van Financiën en Planning.

“We zouden in feite honderd bruggen kunnen bouwen, want we lossen jaarlijks tussen de 300 en 500 miljoen USD af als gevolg van de torenhoge schuld van 4 miljard USD. De bouw van deze brug kost slechts 236 miljoen USD. Wij betalen jaarlijks 300 miljoen USD aan rentelasten aan andere banken en landen.

Deze brug kunnen we dus in één jaar bouwen,” stelt Nurmohamed. “Het geld is er, dat is niet het probleem. Het probleem is het juiste moment bepalen om de investering in de economie te plaatsen.”

President Ali was de afgelopen dagen in Suriname voor een internationale businessconferentie en heeft van de gelegenheid gebruik gemaakt om met president Santokhi de brugconstructie te bespreken. De vertraging in de uitvoering komt vooral van de Surinaamse zijde. Beide presidenten naderen het einde van hun ambtstermijn en hebben eerder beloofd dat de brug nog tijdens hun regeringsperiode gerealiseerd zou worden. Toch lijkt het onwaarschijnlijk dat de bouwwerkzaamheden voor 25 mei van start gaan, de dag waarop Suriname naar de stembus gaat. Minister Nurmohamed stelt echter dat er nog vooruitgang geboekt kan worden in de voorbereidende fase.

UNITEDNEWS

 

 

IBC 2025 belicht belang infrastructuur in duurzame ontwikkeling

Ingediend door admin op

Op de tweede dag van de International Business Conference (IBC 2025) is onder andere gediscussieerd over het belang van infrastructuur voor de duurzame ontwikkeling van Suriname. Minister Riad Nurmohamed van Openbare Werken (OW) wees hierbij op de significante invloed van infrastructuur bij grote economische ontwikkelingen in het land. De IBC 2025, van 4 tot en met 6 februari, is een gezamenlijk initiatief van de Suriname-Guyana Chamber of Commerce (SGCC) en de Suriname Investment and Trade Agency (SITA).

Minister Nurmohamed belichtte de belangrijkste infrastructuuraspecten toe die bepalend zijn voor de verdere economische groei van het land. “Als het gaat om grote

economische ontwikkelingen, is infrastructuur essentieel. Het is van groot belang dat de verbindingen binnen het land, van oost naar west en van noord naar zuid, goed zijn. De toegankelijkheid via water en lucht zijn eveneens van groot belang voor een gezonde economie”, aldus de bewindsman.

Hij bleef stilstaan bij drie belangrijke aspecten van infrastructuur die essentieel zijn voor de economische vooruitgang. Het eerste is het belang van wegen en verbindingen, waarbij de mogelijkheid om naar alle uithoeken van het land te reizen cruciaal is. De kwaliteit van de hoofdwegen speelt hierin een sleutelrol. Daarnaast noemde minister Nurmohamed de toegankelijkheid via water,

waarbij havens van groot belang zijn voor de aanvoer van goederen (scheepsimport). Verder benadrukte de bewindsman de essentiële rol van luchtvaartinfrastructuur c.q. luchthavens voor de verbindingen met andere landen.

Een ander belangrijk punt dat minister Nurmohamed benoemde, is het effect van klimaatverandering op de infrastructuur van Suriname. “We moeten rekening houden met de gevolgen van klimaatverandering, zoals wateroverlast. Dit heeft invloed op de staat van onze wegen, waardoor aanzienlijke investeringen nodig zijn om deze droog te houden”, verklaarde hij.

De focus van de conferentie was tevens gericht op de toekomstige ontwikkeling van industriële sectoren in het land. De OW-minister gaf hierbij aan dat er niet alleen op overheidsinvesteringen vertrouwd moet worden. “Privé-investeerders spelen een steeds grotere rol in de ontwikkeling van de infrastructuur. We hebben bijvoorbeeld gezien dat veel particuliere partijen zelf havens hebben gebouwd. Dit is een goed voorbeeld van een public-private partnership, waar de samenwerking tussen de overheid en het bedrijfsleven leidt tot gezamenlijke vooruitgang.”

Hoewel het nog niet geheel duidelijk is waar nieuwe havens precies zullen worden gevestigd, benadrukte minister Nurmohamed dat de ontwikkeling van infrastructuur altijd in nauw verband moet staan met de specifieke behoeften van de industrie.

Vp Brunswijk: “Wie geen pakketten wil, neemt ze niet. Maar ga geen mensen ophitsen”

Ingediend door admin op

De afwezigheid van de Surinaamse vicepresident Ronnie Brunswijk afgelopen maandag bij de start van de verdeling van de voedselpakketten uit India hoeft niet ver gezocht te worden. Volgens de tweede man van het land was hij niet uitgenodigd voor deze activiteit, maar slechts voor de lancering van een pocketboek over de mijlpalen van de regering van Suriname in de afgelopen vijf jaar.

Brunswijk stoort zich eraan dat bepaalde personen opzettelijk negatieve uitlatingen doen over deze pakketten, terwijl niemand verplicht wordt om ze te ontvangen. “Wie geen pakketten wil, neemt ze niet. Maar ga geen mensen ophitsen.

 

De president heeft ons medegedeeld dat

we voedselpakketten krijgen vanuit India, zodat we de arme mensen kunnen helpen. Dan hoor je een heleboel dingen in de gemeenschap, dat mensen dood zullen gaan van die pakketten.

Mijn God, de president van het land… wil hij zijn volk doodmaken? Ik denk het niet,” zei Brunswijk woensdag voor aanvang van de Raad van Ministers (RvM)-vergadering.

De vicepresident betreurt het dat sommige landgenoten deze pakketten afkeuren, terwijl een bevriende natie ze heeft gedoneerd om enige verlichting te brengen. Hij vermoedt dat deze negativiteit door bepaalde politieke partijen wordt gevoed.

“Ik ga niet op die toer. Als je voor die arme mensen wilt zorgen,

en er zijn pakketten gekomen, laat de mensen die ze wel willen hebben, ze gewoon nemen,” aldus de vicepresident.

 

Deskundigen informeren gemeenschap over voedselschenkingsprogramma van India

Ingediend door admin op

Op dinsdag 28 januari 2025 heeft minister Albert Ramdin van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking (BIBIS), samen met minister Amar Ramadhin van Volksgezondheid en minister Parmanand Sewdien van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV), tijdens een persconferentie toelichting gegeven op het voedselschenkingsprogramma van India ter ondersteuning van Suriname’s Integraal Sociaal Programma. De bijeenkomst vond plaats op het ministerie van BIBIS en had als doel de gemeenschap te informeren over de zorgvuldige voorbereidingen, kwaliteitscontroles en distributieplannen.

Minister Ramdin gaf aan dat de voedselhulp een tijdelijk ondersteuningsmiddel is binnen het bredere sociaal beleid van de regering. De samenwerking met India werd

besproken tijdens de 8ste Gemengde Commissie Vergadering (JCM) in december 2023 in New Delhi. Hierbij heeft minister Subrahmanyam Jaishankar van het ministerie van Buitenlandse Zaken van India, toegezegd na te zullen gaan hoe India Suriname verder kan ondersteunen in haar economische hervorming en duurzame ontwikkeling. Vervolgens werd de formele aanvraag in juni 2024 ingediend, waarbij Suriname specifieke kwaliteits- en verpakkingsnormen vaststelde. De eerste containers arriveerden in januari 2025, na een grondige inspectie en laboratoriumtests door Surinaamse instanties.

Het programma omvat een gevarieerd pakket van 28 voedingsmiddelen, waaronder linzen, erwten, poedermelk en millets. Millets, een voedzaam graan, wordt door de VN en

FAO gepromoot vanwege de klimaat- en gezondheidsvoordelen. Suriname onderzoekt mogelijkheden om dit gewas lokaal te verbouwen. Voedingsdeskundigen, waaronder Amrika Anroedh, lichtten tijdens de persconferentie de gezondheidsvoordelen van millets toe, met name voor diabetici en mensen met een glutenintolerantie. De directeur van Volksgezondheid, Rakesh Gajadhar Sukul, gaf aan dat het ministerie meer bekendheid zal geven aan het gebruik van deze producten. Minister Sewdien informeerde over een pilotproject met India voor de teelt van millets in Suriname, wat verdere voedselzekerheid en duurzaamheid zal bevorderen.

De 28 ontvangen producten zijn: zwarte linzen, rode linzen, gele linzen, kidneybonen (bruine bonen), gele erwten, kikkererwten, havermout, corn flakes, millets-meel, aardappelzetmeel, rozijnen, gemengde fruitjam, instant noodles, instant soepen, poedermelk, gerst, sorghum, losse thee, thee in zakjes, instant koffie, bruine suiker, gezonde beschuitjes, zout, zonnebloemolie, hele zwarte peperkorrels, hele komijnzaad, kurkuma of turmeric en knoflookpoeder.

Minister Ramdin kondigde aan dat de distributie van de voedselpakketten start op 3 februari 2025 in aanwezigheid van president Santokhi en de Indiase ambassadeur in Suriname, Subhash Gupta. De eerste fase richt zich op kwetsbare groepen via de “Food Baskets” en wijkkantoren van  het ministerie van Sociale Zaken.

Het ministerie van BIBIS heeft een nauwgezette voorbereiding gepleegd in samenwerking met de Keuringsdienst van het Bureau Openbare Gezondheidszorg (BOG), de Afdeling Plantenbescherming en Kwaliteitskeuringen van LVV, voedingsdeskundigen, de Presidentiele Werkgroep Sociaal Programma, het Surinaams Standaarden Bureau (SBB) en de Ambassade van India in Suriname en de Ambassade van Suriname in India.

Tijdens de persconferentie benadrukten de ministers dat alle producten voldoen aan strikte voedselveiligheids- en fytosanitaire normen. Rapportages van de betrokken inspectiediensten bevestigden de kwaliteit en veiligheid van de voedingsmiddelen. De ministers onderstreepten het belang van transparantie en regelmatige updates over het programma. Ook zal het Ministerie van BIBIS in samenspraak met de stakeholders regelmatig updates verstrekken over de voortgang van de fysieke distributie en voorlichting over de gezondheidsvoordelen van de producten, inclusief recepten en praktische gebruikstips. Minister Ramdin sloot af met een oproep tot gezamenlijke inspanningen voor een duurzame en inclusieve toekomst voor Suriname, waarin internationale samenwerking een sleutelrol speelt. Het voedselschenkingsprogramma is een uiting van de historische Suriname en India die teruggaat tot 5 juni 1873, toen de eerste contractarbeiders uit India arriveerden, met formele diplomatieke betrekkingen sinds 23 januari 1976.

Ideaal leiderschap; behoeften van een samenleving

Ingediend door admin op

Door de geschiedenis heen heeft iedere mensengemeenschap een of andere structuur gekend voor de bescherming en bevordering van de belangen van haar mensen. Dit betreft zowel de gemeenschappelijke belangen als individuele belangen. Bijvoorbeeld werden voor de bescherming tegen wateroverlast of vijanden van buitenaf, de grenzen verstevigd en bewaakt. En voor het zelfstandig maken van de bevolking werden samen opleidings- en

trainingsmogelijkheden gecreëerd. Voor zieken en behoeftigen werden systemen ontwikkeld voor individuele hulp. De gemeenschappelijke structuur zorgt voor een veilige en stabiele leefomgeving voor de individuen binnen de groep/de natie, waarin ieder zoveel mogelijk zelfstandig in zijn bestaan kan voorzien. Vrede en voorspoed vormen daarbij de leidende beginselen.

Heerschappij

Langzaamaan werden ideeën ontwikkeld om de heerschappij over de samenleving over te laten aan de bevolking zelf. Overgeërfde monarchieën werden vervangen door heerschappij door gekozen leiders, wat voor meer acceptatie van genomen beslissingen zorgde. Het toonbeeld van absolute macht van enkelen vormde de Franse koning Lodewijk XIV met zijn adagium L’état c’est moi” (Ik

ben de Staat). Ene Charles Louis de Secondat, meer bekend als Montesquieu (1689 –1755) ontwikkelde de leer van scheiding der machten die uiteindelijk in de meeste democratische staten in de grondwet werd opgenomen. Door een drieledige scheiding van de staatsmachten in een wetgevende, een uitvoerende en een rechtsprekende macht werd vorm gegeven aan de behoefte aan vrijheid en stabiliteit van de mensen. 

Ook in Suriname is het onderscheid bekend, met de volksvertegenwoordiging als de hoogste macht volgens de Grondwet. De bedoeling is dat de bevolking zeggenschap over zichzelf uitoefent, ook door de aanstelling en werkwijze van de personen die de drie machten bemensen. Democratie betekent immers heerschappij door de bevolking. De vraag of dit in Suriname gelukt is, wordt niet steeds positief beantwoord.

Voorbeeldfiguren

Leiders zijn voorbeeldfiguren, ook volgens vers 3:21 van de Bhagavad Gita: "Alle activiteiten die een groot man verricht, worden door gewone mensen nagevolgd. En alle normen die hij door zijn voorbeeldig handelen stelt, worden door de hele wereld nageleefd."

Als men naar iemand opkijkt, volgt men graag diens voorbeeld. Opgroeiende kinderen worden soms geïnspireerd door bepaalde artiesten en nemen ook een bijbehorend uiterlijk en de gedragswijze aan. Hieruit kunnen we al afleiden dat mensen voorbeeldfiguren nodig hebben. Inspiratie geeft energie en richting aan gedrag, zowel positief als negatief.

Leiderschap volgens Vedische geschriften

De vader, de docent en de regeringsleider zijn natuurlijke leiders, volgens uitleg van bovengenoemd vers door de guru’s. (Uiteraard kunnen wij overal waar "hij" staat, ook "zij" lezen en in plaats van de vader ook de moeder.) Omdat deze leiders verantwoordelijkheid dragen voor degenen die van hen afhankelijk zijn, behoren zij bekend te zijn met een vastgelegde basis aan morele codes. Verder wordt geleerd dat bij navolging van leiders die hun handelen baseren op vastgelegde normen, er vanzelf vrede en voorspoed binnen de samenleving heerst.

De grote strijd te Kurukshetra – waar de Bhagavad Gita plm. 5000 jaar geleden werd gesproken – volgde op de machtsovername door list en bedrog door Duryodhan. Er was strijd nodig om orde en recht te herstellen en heerschappij door rechtgeaarden in te stellen. De achtergrond is dat de mens zich door illusie van dit tijdelijk lichaam laat leiden door persoonlijke wensen en verlangens. Bij niet-vervulling volgt daarop woede en intolerantie. Hebzucht en trots zijn nog enkele van de gevolgen van het najagen van persoonlijke verlangens en dit alles, in onwetendheid van het eeuwig bestaan van de ziel.

De ideale leider is als een vader, zonder persoonlijke ambitie. Hij is een onbaatzuchtige dienaar en overstijgt een gerichtheid op eigen voordeel of eigen vooruitgang, voor zichzelf of de groep waartoe hij behoort. In het Srimad Bhagavatam vers 1.12.4 wordt koning Yudhisthira genoemd als de ideale leider die na de strijd te Kurukshetra werd geïnstalleerd en wiens heerschappij grote bloei voor de gehele natie bracht. Zijn kenmerk was dat hij bij alles wat hij deed, alleen de Allerhoogste wilde dienen, alles volgens de vastgelegde morele codes. Vrede en voorspoed voor de bevolking volgden vanzelf.

Welke leider inspireert?

Naast een veilig gevoel willen mensen – zeker in Suriname - ook leiders op wie zij kunnen bouwen en vertrouwen voor succes en vooruitgang in het leven. In vertrouwen komt het beste in de mens naar boven. Iedere persoon heeft waarde in de wereld. De kunst is om te ontdekken wat mensen inspireert om op hun eigen manier van betekenis te zijn voor zichzelf en hun omgeving. In inspiratie ligt de kracht van de ware leider. Niet in mooie beloften en wegkijken van zelfverrijking, corruptie en vriendjespolitiek.

Wat is úw basis, verkiezingskandidaat?

Shanti Gopalrai

MINISTER LANDVREUGD OP HET MATJE GEROEPEN OM WETTELIJKE INZAGE VERKIEZINGEN BINNENLAND

Ingediend door admin op

Fotocompilatie: Minister van Binnenlandse Zaken, Delano landvreugd | Auteur: Wilfred Leeuwin.

Voor de fracties in het parlement was het dinsdag bij de aanvang van de openbare vergadering even schrikken toen voorzitter Marinus Bee bekendmaakte vernomen te hebben dat de wettelijke inzage van kiezerslijsten in het binnenland, in tegenstelling tot Paramaribo en andere districten, nog niet is begonnen.

Bee maakte de regering het ernstige verwijt dat dit een wettelijke overtreding is. De terinzagelegging is bij wet vastgesteld op 14 januari tot 12 februari. Landvreugd, die afwezig was, werd naar het parlement gehaald om uitleg te geven over wat er aan de hand was.

Verwerpelijk

en onacceptabel noemden de verschillende fractieleiders dit handelen van de regering. Melvin Bouva (NDP) merkte op dat dit geen incident is, maar dat ook hij heeft vernomen dat verantwoordelijken van de regering schriftelijk hebben meegedeeld in het binnenland dat de wettelijke terinzagelegging pas op 5 februari zal aanvangen en tot 12 februari zal duren. “We moeten de regering op het hart drukken dat alle Surinamers evenveel recht hebben en dat de mensen in het binnenland niet minder zijn dan de mensen in Paramaribo,” zei de parlementariër. Obed Kanape, fractievoorzitter van de ABOP, zegt reeds voorspeld te hebben dat bij deze
verkiezingen met het nieuwe kiessysteem het binnenland in de vergetelheid zou geraken. “Maar laat het niet zo zijn dat het al begint bij de organisatie van de verkiezingen,” zei Kanape.

Ook de andere fractieleiders, Rabin Parmessar van de NDP, Evert Karto van de Pertjajah Luhur en Asiskumar Gajadien van de VHP, uitten hun bezorgdheid en eisten dat Landvreugd terstond het parlement kwam informeren. Het duurde tot laat in de middag voordat Landvreugd aan het woord kwam.

Volgens hem is de wettelijke terinzagelegging ook voor het binnenland officieel op 14 januari van start gegaan. Echter, door financiële en logistieke uitdagingen is er een onderbreking ontstaan in de organisatie van de verkiezingen.

Landvreugd verzekerde dat het financiële probleem inmiddels is opgelost. Het ministerie van Financiën heeft de benodigde financiële middelen overgemaakt naar het ministerie van Binnenlandse Zaken, dat op zijn beurt gelden heeft overgemaakt naar de districtscommissariaten en naar de buitenlandse leverancier die verkiezingsmateriaal moet aanleveren. “We hopen dat er geen andere knelpunten zijn en dat de trend die is ingezet door Financiën wordt voortgezet,” zei de minister. Volgens hem heeft het binnenland extra uitdagingen, maar hij erkende: “Uw college heeft gelijk, waar we geen prioriteit aan hebben gegeven, moet nu wel gebeuren. De regering wil niet de indruk laten ontstaan dat zij het binnenland niet op dezelfde manier behandelt als Paramaribo en omstreken,” aldus Landvreugd.

Zijn uitleg werd aangehoord, maar de kritiek op hem bleef. Voor de parlementariërs is het simpelweg ongehoord dat de regering op deze manier omgaat met een wettelijke voorziening, zeker als het gaat om de organisatie van de verkiezingen. Ook de mededeling van Landvreugd dat er naast de bureaus voor burgerzaken en online mogelijkheden pendeldiensten worden ingezet om burgers in het binnenland te bereiken, kon de irritatie niet wegnemen. Gajadien merkte op dat het integriteitsvraagstuk waarin Landvreugd verwikkeld is mogelijk doorspeelt in zijn functioneren als minister van Binnenlandse Zaken. Hij eiste dat de minister hierover het parlement zou informeren. Voorzitter Bee stak daar echter een stokje voor en zei dat dit op een andere manier in overleg met de regering zal plaatsvinden.

UNITEDNEWS

 

OOK WESTWOOD ZAL BORINGEN DOEN NAAR OLIE- EN GASVELDEN OFFSHORE SURINAME

Ingediend door admin op

Volgens Westwood Global Energy Group zullen er dit jaar wereldwijd tussen de 65 en 75 high-impact exploratieputten worden geboord.

Eind januari waren hiervan al zeven voltooid. Onder de geplande boringen bevinden zich 21 frontier-putten, waarbij nieuwe olie- en gasreserves zullen worden getest in onder meer de Sabah-, Rio Muni-, Westelijke Zwarte Zee-, Suriname-, Guyana- en Cauvery-bekkens.

In Suriname wordt de Korikori-put geboord in ondiep water, waar een Boven-Krijt-spel in het voorland van de diepe offshore-oliegebieden wordt getest. Daarnaast worden er mogelijk twee extra boringen uitgevoerd in het offshore Demerara-bekken, gericht op de Macaw- en Araku Deep-prospecten. In de westelijke Caribische Zee zal

Petrobras de Buena Suerte-put boren, die zich richt op Mioceen-reservoirs boven een basement high, nabij de recent ontdekte multi-Tcf Sirius-gasvondst.

Voor de Braziliaanse offshore-sector worden onder andere de Andorinha-put in het Campos-bekken, ten zuiden van Marlim Sul, en de Bumerangue-put in het Santos-bekken nauwlettend gevolgd. Bumerangue richt zich op een zuidelijke uitbreiding van de presalt-spelen in dit oliegebied.

Ongeveer 40% van de exploratieputten zal gericht zijn op projecten met een potentieel van meer dan 100 miljoen vaten olie-equivalent (MMboe) in reeds volwassen en verder ontwikkelende olie- en gasvelden. Dit verklaarde Jamie Collard, onderzoeksmanager exploratie bij Westwood.

Met deze intensieve boorcampagnes in strategische olie-

en gasgebieden blijft de sector wereldwijd zoeken naar nieuwe winbare reserves en uitbreiding van bestaande olie- en gasvelden.

UNITEDNEWS

 

 

Brunswijk: “Als er geen geld is, zeg dan dat er geen geld is”

Ingediend door admin op

 

De Surinaamse vicepresident Ronnie Brunswijk heeft vandaag opnieuw zijn misnoegen geuit over de manier waarop er geen middelen worden vrijgemaakt door het ministerie van Financiën en Planning.

Het feit dat het ministerie van Binnenlandse Zaken pas afgelopen maandag geld heeft ontvangen voor het bekostigen van de wettelijke terinzagelegging van de kiezerslijsten in het binnenland, keurt de tweede man van het land volledig af.

 

Aan de andere kant krijgen bepaalde groepen een salarisverhoging, terwijl in de praktijk blijkt dat de middelen niet aanwezig zijn om hen uit te betalen.

“Zo zien we dat de organisatie van de verkiezingen soms gewoon wordt belemmerd door financiële

zaken. Het geld is goedgekeurd, want wij keuren goed. Alles wat hier komt, wordt goedgekeurd. Maar of je het kunt innen, is een tweede punt.

Ik vind dat we eerlijk moeten zijn naar de gemeenschap toe. Als er geen geld is, zeg dan dat er geen geld is. En als je zegt ‘er is geld’, dan moet je dat geld ook vrijmaken,” zei Brunswijk voor aanvang van de Raad van Ministers (RvM)-vergadering.

Volgens de vicepresident moeten financiële middelen direct beschikbaar zijn zodra deze worden goedgekeurd in de RvM of bij de begrotingsbehandeling in het parlement. Hij vermoedt dat dit een tactiek is

van minister Stanley Raghoebarsing om met de beschikbare middelen te schuiven om alles alsnog te kunnen realiseren.

“Het is niet makkelijk wanneer ik met de minister praat. Dan vertelt hij de werkelijkheid. Dus dat betekent dat hij moet toveren,” aldus de vicepresident.