• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

Training Professioneel Vertrouwenspersoon van start in het kader van Wet Geweld en Seksuele Intimidatie

Ingediend door admin op

De Faculteit der Juridische Wetenschappen van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (ADekUS) en het Ministerie van Arbeid, Werkgelegenheid & Jeugdzaken (AWJ) organiseren in samenwerking met de Vrije Universiteit van Amsterdam een driedaagse training getiteld “Professioneel Vertrouwenspersoon, Intern en Extern”. De training is op woensdag 12 maart officieel van start gegaan en duurt tot 17 maart 2025 op de campus aan de Leysweg. In totaal nemen 24 cursisten deel, afkomstig van de universiteit, AWJ en parastatale instellingen.

Deze training moet gezien worden in het kader van de implementatie van de Wet Geweld en Seksuele Intimidatie Arbeid die is aangenomen

in november 2022. Deze wet heeft als doel geweld en seksuele intimidatie op de werkvloer of in werkverband te voorkomen en tegen te gaan. Volgens deze wet mogen werknemers hun eigen vertrouwenspersonen aanstellen. De vertrouwenspersoon heeft een strikt vertrouwelijke taak, zonder onderzoekende of klachtoplossende bevoegdheden. Dit onderscheidt de functie van die van de klachtencommissie en voorkomt belangenverstrengeling in de uitvoering van taken. De vertrouwenspersoon hoeft bovendien niet per se werknemer van het betreffende bedrijf te zijn. De essentie van de functie van een vertrouwenspersoon is het bieden van een laagdrempelig en vertrouwelijk aanspreekpunt voor medewerkers of betrokkenen die te maken
krijgen met ongewenst gedrag, zoals seksuele intimidatie, discriminatie, pesten of andere vormen van grensoverschrijdend gedrag. Op de training wordt vooral aandacht besteed aan het juridisch kader waarbinnen een vertrouwenspersoon opereert.

Met deze training zetten het ministerie en de Faculteit der Juridische Wetenschappen een belangrijke stap in de implementatie van deze functie. In de wet worden twee juridische mechanismen geïntroduceerd: een interne klachtenprocedure voor grotere bedrijven met voldoende infrastructuur, menskracht en kapitaal, en de vertrouwenspersoon, die de drempel voor slachtoffers, klokkenluiders en getuigen verlaagt om deel te nemen aan het klachtensysteem. Werkgevers met meer dan 30 werknemers zijn verplicht een klachtenprocedure in te stellen en een klachtencommissie aan te wijzen.

Minister Steven Mac Andrew benadrukte in zijn openingswoord het belang van de implementatie van wetgeving. Hij gaf aan dat wetten hun doel voorbijschieten als ze niet worden uitgevoerd en slechts ‘papieren wetten’ blijven. De minister wees erop dat de functie van vertrouwenspersoon in de Wet Geweld en Seksuele Intimidatie is opgenomen en onderstreepte het belang van een effectieve implementatie. Personen die met gevoelige kwesties zitten, moeten volgens Mac Andrew vol vertrouwen bij een vertrouwenspersoon terechtkunnen. Hij benadrukte dat deze professionals kwesties op een professionele en vertrouwelijke manier moeten behandelen. Daarnaast pleitte de bewindsman voor de adoptie van de wet in de publieke sector, aangezien misstanden niet alleen in de private sector voorkomen. Hij gaf tevens aan dat de Arbeidsomstandighedenwet (ARBO-wet), die momenteel ter goedkeuring bij De Nationale Assemblee (DNA) ligt, ook een rol toekent aan vertrouwenspersonen. Mac Andrew sloot af met de oproep om dit trainingsprogramma voort te zetten, zodat meer organisaties en bedrijven getrainde vertrouwenspersonen kunnen inzetten.

Tijdens de openingsceremonie spraken naast de minister ook de rechtsgeleerde Nancy Tai Apin, docent en coördinator van de training, en de rechtsgeleerde Rinette Djokarto, decaan van de Faculteit der Juridische Wetenschappen. Tai Apin die de initiatiefneemster en trekker is van deze training gaf aan dat ze verheugd is dat de functie van vertrouwenspersoon sinds 2022 wettelijk is verankerd in de Wet Geweld en Seksuele Intimidatie. Ze benadrukte echter dat ze al veel eerder de noodzaak zag om deze functie wettelijk verplicht te stellen. Daarnaast sprak ze haar dank uit aan de minister en de Vrije Universiteit van Amsterdam voor hun bijdrage aan de totstandkoming van de training.

De decaan van de faculteit onderstreepte op haar beurt het belang van wetstoepassing en gaf aan blij te zijn dat deze training na anderhalf jaar voorbereiding eindelijk van start kon gaan. Ze benadrukte de cruciale rol van vertrouwenspersonen binnen organisaties en de noodzaak van hun professionele training.

Paramaribo, 12 maart 2025Communicatie UnitMinisterie van Arbeid, Werkgelegenheid & Jeugdzaken

Deelnemers aan de training “Professioneel Vertrouwenspersoon, Intern en Extern” georganiseerd door de Faculteit der Juridische Wetenschappen van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (ADekUS) en het Ministerie van Arbeid, Werkgelegenheid & Jeugdzaken (AWJ) in samenwerking met de Vrije Universiteit van Amsterdam. 

Ramadhin adviseert Hasrat met pensioen te gaan

Ingediend door admin op

Minister Amar Ramadhin van Volksgezondheid adviseert Humphrey Hasrat, oud-medisch directeur van Staatsziekenfonds (SZF) om met pensioen te gaan. Hij reageert op uitspraken van Hasrat in de media, waarbij Ramadhin is uitgemaakt voor snotaap. Ook zou de minister bedankt moeten worden.

Ramadhin vindt dat het juist Hasrat is die heeft bijgedragen aan het kapot gaan van de zorg in Suriname. Met name bij het SZF is er wanbeleid gevoerd, zijn er geen jaarrekeningen uitgebracht en is de schuld torenhoog. De accountant spreekt van vermeende malversaties.

De minister zegt dat ook de sector last had van Hasrat en zijn bejegeningen. Hij vindt dat

het tijd wordt dat de 78-jarige Hasrat met pensioen gaat.

Erfgenamen bezorgd: ‘vanaf 1 mei 2025 bestaan boedelplantages niet meer in Suriname’

Ingediend door admin op

Update: De Federatie van Para Plantages houdt op zondag 16 maart een bespreking over de in werking treding van het Nieuw Burgerlijk Wetboek.

—-

Erfgenamen van percelen op boedelgronden op plantages, zijn bezorgd over het Nieuw Burgelijk Wetboek, dat op 1 mei 2025 van kracht wordt. Daarin zou het zelfbeschikkingsrecht van boedelplantages en haar bewoners zijn vernietigd.

De erfgenamen, bewoners en eigenaren van boedelplantages, dus ook iedereen die gronden heeft geerfd, worden nu niet meer erkend en zijn verworden tot gebruikers van de gronden. Zij maken zich zorgen dat zij hun plantages verliezen als ze niet kunnen aantonen dat ze erfgenamen zijn.

Ook zullen alle erfgenamen hun plantages verliezen als ze geen ‘goed’ beheersplan kunnen indienen en de plantagebesturen hebben geen gezag, macht en wettelijke instrumenten meer om hun plantagegronden te claimen omdat ze niet worden genoemd in de wet.

De erfgenamen en bewoners vrezen da zij landloze burgers worden omdat ze geen eigendomsrechten kunnen claimen. De overheid gaat geheel voorbij aan het feit dat plantagebewoners wonen op gronden die langer dan anderhalve eeuw geleden zijn gekocht of verkregen in allodiaal eigendom en erfelijk bezit. De overheid beroept zich erop dat alle oorspronkelijke kopers zijn overleden.

De rechtmatige erfgenamen van boedelplantages willen zich sociaal

en juridisch verenigen en krachtig opkomen voor hun historisch-culturele verworven rechten. ‘De overheid en DNA moeten weten dat deze onrechtvaardige juridische aanval hard zal worden afgeslagen’, staat in een verklaring waar ABC de hand op heeft weten te leggen.

U kunt de volledige verklaring hier lezen:

Toename in vorderingen tegen de Staat; meer dan SRD 193 miljoen aan dwangsommen in 2025

Ingediend door admin op

Op 11 maart 2025 vond een werkoverleg plaats tussen de Procureur-Generaal, Garcia Paragsingh, en de focal points van Bureau Landsadvocaten. Daarbij zijn de zorgwekkende toename van civiele vorderingen tegen de Staat Suriname, evenals de hoge dwangsommen die worden opgelegd bij niet-uitgevoerde vonnissen, aan de orde gekomen. De gepresenteerde cijfers gaven een duidelijk beeld van de situatie:

Het doel van het overleg was het presenteren van de jaarcijfers en het bespreken van de voortgang van civiele vorderingen tegen de Staat Suriname. Gedurende de bespreking gaven de deelnemers aan welke obstakels zij tegenkomen bij het vertegenwoordigen van de Staat Suriname in rechte.

De Procureur-Generaal benadrukte het

belang van  tijdige uitvoering van vonnissen en een goede samenwerking tussen de focal points. Oplossingen werden bedacht voor de geconstateerde knelpunten.

CDS: president honoreert onheffing drie dc’s

Ingediend door admin op

De Communicatie Dienst Suriname maakt bekend dat brieven met het verzoek tot ontheffing van drie distriktscommissarissen, zijn ontvangen op het Kabinet van de President. De brieven zouden ‘ruim op tijd’ ontvangen zijn.

De onderhavige raadsvoorstellen zijn inmiddels ter behandeling aangeboden en staan op agenda van de regeringsraadsvergadering van vandaag. Het gaat om de volgende dc’s:

Volgens CDS zijn er gesprekken gevoerd met deze dc’s. De president heeft aangegeven hun verzoeken te honoreren en zij zullen te zijner tijd instructies ontvangen aangaande de overdracht aan de nog aan te wijzen waarnemers.

De drie dc’s zullen meedoen aan de verkiezingen. Dat is strijdig

met hun functie van voorzitter van het Hoofdstembureau in hun district, vertelt de directeur van Binnenlandse Zaken, Nasir Eskak. Hij was vanmorgen in ABC Actueel te gast over deze kwestie:

PVP zal tot het laatste moment strijden voor deelname aan de verkiezingen

Ingediend door admin op

De Progressief Verheffende Partij (PVP) zal tot het laatste moment strijden voor deelname aan de verkiezingen van 2025. De kortgedingrechter heeft besloten dat de partij niet conform een bepaling in de statuten en het huishoudelijk reglement heeft gehandeld, voor de registratie bij het Centraal Hoofdstembureau (CHS). Nadat het CHS de registratie afwees, is de partij in administratief beroep gegaan bij de president, die het vervolgens ook afwees. Daarna werd een kortgeding aangespannen, waarbij de rechter vanochtend uitspraak deed in het nadeel van de partij.

De voorzitter van de PVP, Roy Bhikarie, zegt tegen ABC dat hij het vonnis nog

niet in handen heeft. Echter, hij weet nu al dat de partij in hoger beroep gaat. En als dat ook geen vruchten afwerpt, zal hij internationaal zijn recht zoeken. Hij vindt dat een deel van de samenleving wordt uitgesloten om haar stem uit te brengen.

De PVP stelt zich op het standpunt dat drie van de vijf bestuursleden een besluitenlijst moeten tekenen zodat die rechtsgeldig is. Aangezien er vijf bestuursleden zijn, kunnen de overige twee geen invloed op besluiten uitoefenen wanneer de meerderheid reeds overeenstemming heeft. Het CHS vindt dat alle vijf bestuursleden de lijst moeten ondertekenen.

President Santokhi verwelkomt Indiase ondernemers in Suriname

Ingediend door admin op

Tijdens een speciaal diner heeft president Chandrikapersad Santokhi de Indiase Fact-Finding Mission toegesproken. Het staatshoofd benadrukte in zijn toespraak de strategische samenwerking tussen Suriname en India en riep Indiase bedrijven op om te investeren in Suriname. Het dinner werd gehouden op 11 maart in Maharaja Palace.

“Het is een eer en een genoegen om deze bijzondere delegatie van Indiase ondernemers in Suriname te verwelkomen”, verklaarde president Santokhi. “Dit markeert een historisch moment, omdat het de eerste keer is dat zo’n grote delegatie van Indiase bedrijven naar Suriname komt om investeringsmogelijkheden te verkennen. Hun aanwezigheid hier zal de internationale zakelijke relaties

tussen Suriname en India versterken.”

De president onderstreepte de economische en technologische kracht van India en de vele kansen die samenwerking met Suriname kan bieden. “India is wereldwijd toonaangevend op het gebied van economische en technologische ontwikkeling, maar ook in sectoren zoals landbouw, energie, onderwijs, digitale innovatie en farmacie. In combinatie met de natuurlijke rijkdommen en strategische ligging van Suriname kunnen wij samen grootse resultaten bereiken.”

President Santokhi gaf aan dat Suriname openstaat voor buitenlandse investeringen en actief werkt aan het verbeteren van het ondernemingsklimaat. “Wij hebben deze samenwerking nodig om economische groei te stimuleren, en tegelijkertijd bieden wij Indiase bedrijven de

mogelijkheid om de Caribische en Zuid-Amerikaanse markten te betreden” aldus de president. Hij verwees ook naar de recente benoeming van de Surinaamse minister van Buitenlandse Zaken als secretaris-generaal van de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), wat nieuwe mogelijkheden biedt voor internationale handelsbetrekkingen. “Met onze vertegenwoordiging in de OAS kunnen wij de toegang tot nieuwe markten vergemakkelijken en zorgen voor een sterker netwerk binnen de regio.”

Een belangrijk punt dat de president aanhaalde was de verbetering van de connectiviteit tussen India en Suriname. “Het is mijn instructie aan Surinam Airways om directe vluchten tussen onze landen te realiseren” zei het staatshoofd. “Er is een enorme behoefte aan betere verbindingen, niet alleen voor handel en investeringen, maar ook om familiebanden en culturele relaties te versterken.” Daarnaast benadrukte hij het belang van de financiële sector en nodigde Indiase banken uit om zich in Suriname te vestigen. “Hier ligt de toekomst voor olie en gas, voor carbon credits en groene obligaties. Jullie banken horen hier aanwezig te zijn om deze groeimogelijkheden te ondersteunen.”

President Santokhi benadrukte dat de Fact-Finding Mission slechts het begin is van een langdurige en vruchtbare samenwerking. “Deze missie is geen conclusie, maar het begin van een gedeelde reis naar duurzaam succes”, zei hij. Hij prees de vooruitgang die al is geboekt met het voorbereiden en ondertekenen van verschillende Memoranda of Understanding (MOU’s), die als katalysator zullen dienen voor verdere investeringen en groei.

Tot slot sprak de president zijn dank uit aan alle Indiase ondernemers en delegatieleden die hebben bijgedragen aan het succes van deze missie. “Laten we inzichten omzetten in actie, discussies in concrete plannen en aspiraties in realiteit. Suriname is open voor zaken en toegewijd aan het creëren van een omgeving waarin innovatie, ondernemerschap en investeringen kunnen floreren.”

De Fact-Finding Mission omvatte diverse B2B-bijeenkomsten, bedrijfsbezoeken en gesprekken met overheidsfunctionarissen, waarmee een solide basis is gelegd voor toekomstige economische en zakelijke betrekkingen tussen Suriname en India.

Onteigening boedelplantages per 1 mei 2025

Ingediend door admin op

Minstens vijftien jaren roepen Mr. Carlo Jadnanansingh en Mr. Dr. Chequita Ramautar-Akkal publiekelijk dat boedelplantages maatschappelijke problemen veroorzaken en de ontwikkeling van Suriname stagneren. Ze onderzochten jarenlang hoe de overheid deze
plantages op rechtmatige wijze kon onteigenen. Hierover publiceerden ze vaker artikelen in Surinaamse kranten.

Deze dreiging werd juridisch vastgelegd toen Mr. Dr. Chequita Ramautar-Akkal promoveerde in oktober 2015 met het proefschrift 'Boedelproblematiek in Suriname'. Daarin stelt ze dat de plantage boedelgronden de ontwikkeling van Suriname stagneren omdat:
- erfgenamen vaak niet weten dat ze eigenaar zijn of hoeveel mede-eigenaren er zijn
- verkoop en overdracht van deze gronden bijna onmogelijk is
- erfgenamen geen hypothecaire leningen kunnen sluiten (met de grond als onderpand) waardoor ontwikkelingsinvesteringen niet mogelijk zijn
- districtsontwikkeling daardoor niet op gang komt, waardoor de landelijke ontwikkeling stagneert.

Ramautar-Akkal roept de overheid
op om Suriname te ontwikkelen door de volgende maatregelen door te voeren:   
- De titels, aard en omvang van de boedelgronden wettelijk vast te stellen
- Overgaan tot verdeling van de boedelgronden aan personen die voldoen aan de uitgiftevoorwaarden en duidelijk kunnen bewijzen dat ze erfgenamen zijn  
- Terugname van de gronden als blijkt dat er geen erfgenamen meer zijn

Nu, tien jaar later lezen we dat bovengenoemde standpunten zijn verwerkt in het nieuw Surinaams Burgerlijk Wetboek (BW) dat dit jaar in DNA is aangenomen en ingaat op 1 mei 2025. De overheid mag nu zelf handelen zegt Ramautar-Akkal en verduidelijkt het als volgt:   

a. De overheid mag de boedelgronden verdelen en delen hiervan toekennen aan de gebruikers (bewoners worden gebruikers genoemd)
b. Deze gebruikers moeten hun persoonlijke aanvraag indienen bij het ministerie van Openbare Werken
c. Elke gebruiker moet bij de aanvraag ook een beheersplan indienen waaruit duidelijk blijkt dat hij in staat is om de grond tot ontwikkeling te brengen.
d. Het ministerie van Openbare Werken bestudeert de stukken en brengt advies uit.
e. De rechter beslist over het wel of niet toekennen van grond
f. Ook personen die kunnen aantonen dat ze een verbinding hebben met de grond, mogen hun aanvraag indienen. (dus ook vreemden mogen aanvragen)  
g. De grond kan ook toegewezen worden aan de staat Suriname of aan een stichting.
h. Zowel de staat als de stichting kunnen de gronden ontwikkelen of verkopen of uitgeven in erfpacht of anders. (Interview Ramautar, februari 2025)

De gevolgen voor de eigenaren van plantage boedelgronden?
1. Vernietiging van het verworven zelfbeschikkingsrecht van boedelplantages en haar bewoners;
2. De bewoners van boedelplantages zijn verworden tot gebruikers van de gronden;
3. De bewoners zullen hun plantages verliezen als ze niet kunnen aantonen dat ze erfgenamen zijn;
4. Alle erfgenamen zullen hun plantages verliezen als ze geen 'goed' beheersplan kunnen indienen;
5. De plantagebesturen hebben geen gezag, macht en wettelijke instrumenten meer om hun plantagegronden te claimen.  
6. Plantagebewoners zijn nu echte paria’s geworden, landloze burgers, ze kunnen nu geen eigendomsrechten claimen.
7. De overheid gaat geheel voorbij aan het feit dat plantagebewoners wonen op gronden die langer dan anderhalve eeuw geleden zijn gekocht of verkregen in allodiaal eigendom en erfelijk bezit.

Opvallend in deze onsmakelijke ontwikkelingen is dat:
1. Verschillende oorspronkelijke kopers van de boedelplantages pas in staat waren de door hun bewerkte en bewoonde gronden te kopen, nadat de overheid hiervoor schriftelijk toestemming verleende in de periode na de wettelijke afschaffing van de slavernij op 1 juli 1863. Nu wil dezelfde overheid hun eigen maatregel terugdraaien.
2. De overheid heeft vanaf 1863 op verschillende momenten bewezen respectvol om te gaan met de belangen van de plantage eigenaren. Verschillende historische overeenkomsten tussen plantagebesturen en de overheid getuigen hiervan  bijvoorbeeld:
- de overeenkomsten voor bauxietwinning met plantage Onoribo;
- de aanleg van de spoorwegverbinding in 1903 (onder meer met de plantages Onoribo, Overtoom Osembo, Onverwagt, Mijnhoop/Valkenburg, La Prosperité en de Vierkinderen);
- de aanleg van de Kennedy Highway (ondermeer de plantages Onverwagt, Overtoom en La Prosperité).
3. Plantages toegang verleenden aan de overheid en prive (vreemde) instituten en personen tot hun grondgebieden. Bijvoorbeeld de vestiging van:
- Religieuze faciliteiten (De EBG kerk van de plantages Overtoom, Osembo, Onverwagt/ de RK kerk van plantage De Vierkinderen)
- Productiebedrijven (De Surinaamse Spoorwegen in 1903; De Surinaamsche Waterleiding Maatschappij in 1935); verschillende winkels en bakkerijen (vanaf 1900)
- Tientallen toeristische faciliteiten, voornamelijk vakantiewoningen (vanaf 1930).    

Wat nu?

De rechtmatige erfgenamen van boedelplantages moeten zich sociaal en juridisch verenigen en krachtig opkomen voor hun historisch-culturele verworven rechten. De overheid en DNA moeten weten dat deze onrechtvaardige juridische aanval hard zal worden afgeslagen.


Elviera L. Bruce-Sandie              


Gajadien: “Als geval Kadensi werkelijk zo is, zal selectiecommissie bepalen dat hij niet op de lijst mag komen”

Ingediend door admin op

Asiskumar Gajadien, ondervoorzitter van de Vooruitstrevende Hervormingspartij in Suriname (VHP), vermoedt dat lijstduwer Arnold Boekoeroe, beter bekend als de artiest Kadensi, niets over zijn veroordeling in het buitenland aan de selectiecommissie van de partij heeft verteld.

In dit geval zal de selectiecommissie in stelling gebracht moeten worden om het juiste oordeel te geven. Indien het geval van Kadensi inderdaad waar is, verwacht Gajadien dat de selectiecommissie zal bepalen dat Kadensi niet op de lijst mag komen.

“Binnen de selectiecommissie is het zo dat men een opgave dient te doen van wat de achtergrond is van zo’n persoon. Of men al dan niet

in aanraking is gekomen met de justitiële autoriteiten. Ik vermoed dat dit niet is opgegeven, want anders zou zo’n persoon niet op de kandidatenlijst staan,” zei Gajadien tegenover het Surinaamse mediabedrijf ABC.

Volgens Gajadien moeten alle 51 voorlopige kandidaten van de VHP een screeningsproces doorlopen voordat zij op de definitieve lijst worden geplaatst, vooral de nieuwe kandidaten. De VHP-topper verwacht dat de selectiecommissie zich spoedig over dit geval zal buigen vanwege het congres dat zondag wordt gehouden.

“De VHP is juist een partij die tot uiting brengt wat zij in haar beleid voert. En als het werkelijk zo is, dan zal er

een besluit worden genomen. En ik ken dat besluit min of meer wel en dat is dat zo’n persoon niet op de lijst zal komen,” aldus Gajadien.

Wonny Hieralal eerste IOL afgestudeerde in Geschiedenis

Ingediend door admin op

Wonny Hieralal (43) schreef eind januari zowel letterlijk als figuurlijk geschiedenis door als eerste persoon van het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL) af te studeren met een Bachelor in Geschiedenis. Zij behaalde een 9 als eindcijfer.

Haar onderzoek, “Een kort historisch onderzoek naar het Geschiedenisonderwijs vanuit het perspectief van leerlingen op de VOJ-scholen van de gemeente Sanatan Dharm (2021-2022)”, werpt een frisse blik op een belangrijke vraag: Sluit het geschiedenisonderwijs aan bij de belevingswereld van leerlingen?

Met een beschrijvende en analyserende aanpak biedt haar studie waardevolle inzichten en concrete aanbevelingen om het vak aantrekkelijker en effectiever te maken.

Daarnaast introduceert

Hieralal methoden om geschiedenislessen boeiender te maken, zodat leerlingen zich niet alleen herkennen in het verleden, maar er ook echt iets van meenemen voor de toekomst.

Haar afstudeerthesis is in boekvorm uitgegeven, waarvan zij op maandag 10 maart een exemplaar heeft geschonken aan de Universiteitsbibliotheek van Suriname.