• woensdag 04 June 2025
  • Het laatste nieuws uit Suriname

BLTO praat met Ori alleen in aanwezigheid van president

Ingediend door admin op

De Bond Leraren bij het Technisch Onderwijs (BLTO) gaat niet in op een uitnodiging van onderwijsminister Henry Ori voor een gesprek. Het bestuur zegt dat de problemen bekend zijn bij de minister.

Geëist wordt dat achterstallige vergoeding van overuren wordt betaald aan alle leraren. Vanaf maandag is het werk neergelegd. De actie wordt gecontinueerd.


Slechts in aanwezigheid van de president wil het bestuur van de BLTO praten met de minister. Eerder is een brief geschreven aan president Chan Santokhi waarin gevraagd wordt om handelend op te treden. De bond zegt de minister  enkele malen op de hoogte te hebben gesteld over zaken, maar er is nooit antwoord ontvangen.


De BLTO verwacht dat de minister de ernst van de zaak inziet en er een supersnelle uitnodiging van de president komt voor overleg. "

De BLTO is een democratische vakbond en wij voeren de opdrachten van onze leden uit waarbij de overgrote meerderheid stelt dat zij pas het werk zullen hervatten na uitbetaling van de hun financiële tegoeden waarop zij reeds maandenlang wachten."

Bronto Somohardjo: “Gevoel dat na kandidaatstelling ze een politieke move zullen maken”

Ingediend door admin op

Ex-minister van Binnenlandse Zaken in Suriname Bronto Somohardjo wacht na zes maanden nog steeds op het resultaat van het onderzoek van de Centrale Landsaccountantsdienst (CLAD) over mogelijke malversaties onder zijn bewind.

“Wij hebben het gevoel dat na de kandidaatstelling ze misschien een politieke move zullen doen. Maar daarop zijn we ook voorbereid. Het zou al op 1 december klaar zijn, maar nu zijn we al zes maanden verder,” zei Somohardjo dinsdag na indiening van de kandidatenlijsten van de Pertjajah Luhur (PL) bij het Centraal Hoofdstembureau (CHS).

Somohardjo, die ondervoorzitter en lijsttrekker is, voerde aan dat hij zijn functie als minister van

Binnenlandse Zaken zou hebben neergelegd als hij op de kandidatenlijst was geplaatst. Precies zoals hij dat ook heeft gedaan toen er een schijn van malversaties werd gecreëerd op BiZa.

Of zijn opvolger Delano Landvreugd dat zal doen, laat hij aan hem en de president over. Landvreugd staat op nummer 19 op de lijst van de ABOP. Critici zien dit als belangenverstrengeling, aangezien de minister verantwoordelijk is voor de organisatie van de verkiezingen.

Er is echter geen verbod hierop, aangezien ook bij de vorige verkiezingen Mike Noersalim als toenmalige BiZa-minister ook op een kandidatenlijst heeft gestaan.

“U weet dat deze president met twee maten

meet, dus we verwachten ook niets van hem dit keer,” zei Somohardjo, die erbij blijft dat hij onterecht uit zijn functie is ontheven.

Taus: OPTSU uniek met onafhankelijke kandidaten

Ingediend door admin op
Imran Taus, lijsttrekker van OPTSU.

De samenwerkende politieke partijen verenigd onder de naam OPTSU schermt vol trots met onafhankelijke kandidaten op de kandidatenlijst voor De Nationale Assemblee. Lijstaanvoerder Imran Taus van de

PALU zegt dat dit aangeeft dat het om ‘toffe’ mensen gaat in de samenleving die het belang inzien dat zij los van een partijdiscipline op die manier wel kunnen deelnemen aan de nationale politiek. Sommige van deze onafhankelijk kandidaten staan goed bekend in de samenleving zoals Leendert Pocornie, Meredith Hoogdorp en Aniel Koendjbihari die een visuele beperking heeft.


Naast de onafhankelijke personen is de lijst een mengsel van kandidaten van de partijen, PALU, Wi Sranan, de PVRS, SDU en De nieuwe Wind. Op de lijst prijkt ook de naam van de bekende strafrecht advocaat Irvin Kanhai, die prominent lid is

van de PALU. Een ander haast unicum op de lijst is dat voorzitter Jim Hok van de PALU er niet op voorkomt. “Bij de PALU hebben we niet die traditie dat de voorzitter de lijst moet aanvoeren of zelf er op moet staan. In het vijftig jarig bestaan van de partij is dat maar twee keer voorgekomen. We gaan niet voor ego en populariteit”, zegt Taus.


Over het vertrek van de SPA, naar de NPS, die in eerste instantie ook tot OPTSU behoorde, zegt Taus: “De SPA is een gepasseerd station en geen aderlating”. Hij wil er verder niets van zeggen. Hij verzekert dat alle partijen in de samenwerking achter alle kandidaten op de lijst staan. “We hebben onze lijst goed samengesteld met mensen die draagvlak hebben en een serieuze bijdrage leveren aan de maatschappij”.


De lijsttrekker van OPTSU zegt dat, zeker de PALU en ook de overige partijen, waar zij ook belanden na de verkiezingen, consequent zullen blijven. "Als we zetels behalen of niet, als het is in de coalitie, oppositie of buitenparlementair, elke regering, elke coalitie mag er op rekenen dat wij hen kritisch zullen begeleiden, ongeacht waar we staan en daar zullen wij niet van afwijken”, stelt Taus in het vooruitzicht.

Column: En, we onthouden gezichten

Ingediend door admin op
Hans Breeveld

De datum is maandag 2 februari 2025. Nog enkele dagen en de terinzagelegging van de kiezerslijsten voor de verkiezingen van mei 2025 behoort tot het verleden. Sinds 1987 sta ik

onafgebroken op de kiezerslijst. Maar je weet nooit. Ik vraag dus aan mijn vrouw of ze er zin in heeft ons ervan te vergewissen of wij beiden ‘nog’ voorkomen op de kiezerslijst van het district waar we ingeschreven staan, wonen, maar in feite niet zo vaak vertoeven.


Overigens is het voor mij nog steeds een raadsel waarom het Centraal Bureau voor Burgerzaken (CBB-kantoor) aan de Indira Gandhi weg nr. 557 – met uitgebreide parkeermogelijkheden langs die weg – verplaatst werd naar de Jadoenath Missierweg. Een weg waarvan op het asfaltgedeelte 2 auto’s elkaar niet zouden kunnen passeren zonder met elkaar

in botsing te komen. Als er pal naast het asfaltgedeelte niet een betegeld deel was gelegd – kennelijk bedoeld als voet- en fietspad tegelijk - zouden de verkeersbrokken niet te overzien zijn.


Na mijn eerste bezoek aan het huidige CBB-kantoor kies ik er steevast voor te parkeren aan de Indira Gandhiweg om vervolgens net als de overige voetgangers en eventuele fietsers mij een weggetje te banen naar mijn bestemming tussen de vierwielers. Als ik op die bewuste morgen met mijn smartphone de situatie vastleg word ik aangemoedigd door een passerende bewoonster van de weg die mij vanuit haar auto toeroept: “Ja, meneer fotografeer het.  Hoe moet iemand nu zijn huis verlaten. Het is niet leuk meer om hier te wonen”.


Hoe zit het met de afdeling planologie van de verschillende ministeries? Ik denk in dit verband dan vooral aan die belast zijn met het maken van onze straten. Moet er niet serieuzer gepland worden welke gebieden voor publieke gebouwen moeten worden ingeruimd? Zou er niet strenger opgetreden moeten worden tegen zogenaamde verkavelaars, die zichzelf voortbewegen in auto’s als huizen, maar op hun zogenaamde verkavelingsprojecten straten projecteren breed genoeg voor dinky Toy autootjes?


Dan schiet plotseling een foto van president Chan - als groot voorvechter van grondconversie – mij door het hoofd. Grote lappen grond voor individuele burgers terwijl de collectiviteit zich in het publieke domein te vaak moet voortbewegen op minuscule paadjes. Moeten we niet eerst ordening brengen in het grondbeleid alvorens grondconversie experiment voort te zetten?


Als we het kantoor van CBB binnen mogen worden we ongevraagd toehoorders van een situatie waarbij een mevrouw met behulp van een foto van de ID-kaart van iemand die kennelijk in het buitenland zit zaken voor deze persoon wil doen op dat kantoor. Heel correct wijst de jonge CBB-bureauambtenaar de mevrouw erop dat zij haar niet kan helpen. Het betreffende CBB-stuk kan slechts verstrekt worden na overlegging van een (originele) ID-kaart en niet een kopie of een foto daarvan.


De mevrouw die haar verzoek steeds weer anders formuleert stelt plotseling met enige stemverheffing vast: “U luistert niet naar mij”. De jonge ambtenaar blijft professioneel kalm: “Ik heb u gehoord en u gezegd dat wij u slechts kunnen helpen als u met een ID-kaart komt. Wij werken niet met kopieën of foto’s van de ID-kaart.”


De mevrouw die zich ten onrechte verongelijkt voelt kan toch nog één handeling – kennelijk voor zichzelf - op het CBB-kantoor verrichten. Maar het tieren en schelden houdt aan. Mijn moeder zei ons vaak: Als je boos bent houd liever je mond, bika atibron no e meki bun pikin. (Boosheid brengt geen goede kinderen ter wereld). Ik heb deze odo ook vaak gebruikt, maar dat atibron ook een gedrocht kon produceren daar zou ik op die morgen getuige van zijn, want wat zegt ze in haar woede?: “En zo zullen we jullie ook behandelen als jullie bij ons komen.”  


Haar gemurmel brengt al gauw aan het licht dat zij verpleegkundige is.  Als zij in ‘haar’ ziekenhuis ons precies zo zou behandelen als de jonge ambtenaar van CCB haar op die dag had behandeld dan zouden wij allen een prima behandeling moeten krijgen is mijn nuchtere conclusie in eerste instantie. Maar als we haar boosheid in beschouwing nemen dan moeten we het ergste vrezen. Maar dat is het ergste nog niet. Kijkend in de richting van de stipt werkende ambtenaar stelt de miskende vrouw gesticulerend en met stemverheffing: “En we onthouden gezichten”. Wat een bedreiging uit de mond van iemand die waarschijnlijk ooit in een smetteloos wit uniform een beroepseed heeft afgelegd van trouwe assistentie aan patiënten. Is die mevrouw die eed vergeten?


Ik stond erbij, luisterde en schaamde mij voor die lawaaischopster. Wij klagen in deze dagen continu over onze politici, maar wij burgers hebben ook een constructieve bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van ons mooi land Suriname.


Hans Breeveld