• zondag 22 February 2026
  • Het laatste nieuws uit Suriname

MULTINATIONALS LATEN BANANENLANDEN ACHTER MET SCHULDEN, ARMOEDE EN STILTE

Ingediend door admin op

De recente beslissing van Chiquita Brands om al haar activiteiten in Panama te staken en ruim duizend werknemers te ontslaan, is meer dan louter nieuws uit Centraal-Amerika. Het is een terugkerend fenomeen in Zuid-Amerikaanse en Caribische landen en dient als een luide waarschuwing voor Suriname, dat de potentie heeft om een belangrijke speler te worden in de mondiale bananenexport, maar ook de littekens van het verleden draagt.

De Amerikaanse bananengigant Chiquita heeft een definitieve streep gezet onder haar aanwezigheid in Panama. Dit resulteert in het ontslag van 1.189 resterende werknemers, een besluit dat op 18 juli 2025 van kracht wordt. Eerdere

stakingen hadden al geleid tot het schrappen van zo’n 5.000 banen. De directe gevolgen zijn desastreus voor de provincie Bocas del Toro, waar de haven van Almirante – ooit Chiquita’s belangrijkste bananenterminal – al maanden inactief is. Chiquita was een levensader voor de lokale economie, en haar vertrek laat een enorme leegte achter, met onzekerheid over de toekomst van de uitgebreide logistieke infrastructuur.

Een Bittere Geschiedenis van Afhankelijkheid en Vertrek

Deze gebeurtenis in Panama is geen op zichzelf staand incident in de regio. De geschiedenis van Latijns-Amerika is doorspekt met verhalen over machtige fruitmaatschappijen – vaak de voorlopers van Chiquita – die

diep ingrepen in de lokale economieën en zelfs politieke systemen, wat leidde tot de term ‘bananenrepubliek’. Bedrijven vestigden zich, profiteerden groots, maar lieten bij vertrek vaak een spoor van economische ruïnes en werkloosheid achter.

Suriname kent deze pijnlijke erfenis maar al te goed. In de jaren zestig probeerde Chiquita zelf voet aan de grond te krijgen in de Surinaamse bananensector, maar stuitte op politieke weerstand. Het Belgische FAI (Fruit Agricultural Industries) nam die rol over en beheerste jarenlang de Surinaamse bananenexport. Echter, begin jaren 2000 herhaalde de geschiedenis zich op een bittere wijze: FAI vertrok plotseling, met miljoenen aan schulden en onbetaalde verplichtingen. Duizenden Surinamers verloren hun baan, plantages bleven verlaten achter, en de staat en de gemeenschappen werden berooid achtergelaten.

De Huidige Status van de Surinaamse Bananenindustrie

Na het vertrek van FAI werd de bananensector in Suriname in 2002 via de Stichting tot Behoud van de Bananensector in Suriname (SBBS) een staatsbedrijf, mede dankzij steun van de Europese Unie. Hoewel er periodes waren van succes, zoals het behalen van het ‘Global GAP’-certificaat in 2008 voor export naar de Europese markt, kampte SBBS ook met uitdagingen zoals stakingen en de wereldwijde economische crisis. In 2014 vond een privatisering plaats, waarbij een Nederlandse groep, onderdeel van het voedingsimperium van de Belgische ondernemer Hein Deprez, 90 procent van de aandelen overnam. Echter, ook deze investering liep uit op een financiële kater voor Suriname, met schulden van miljoenen dollars en de noodzaak voor de Surinaamse overheid om in 2020 noodgedwongen het roer weer over te nemen. De bananensector in Suriname is vandaag de dag een relatief kleine speler op de exportmarkt vergeleken met andere exportproducten als goud, maar het potentieel blijft onmiskenbaar.

Een Oproep tot Economische Zelfbeschikking

Het scenario in Panama moet een wake-upcall zijn voor Suriname. Gezien de vruchtbare gronden, het geschikte klimaat en de ligging heeft Suriname alle faciliteiten om niet alleen een groot bananenexportland te worden, maar dit op een duurzame en soevereine wijze te doen. De les van het verleden is duidelijk: overmatige afhankelijkheid van externe spelers en gebrek aan controle over de eigen keten kan leiden tot economische en sociale rampspoed.

Nu Minister Basaron zijn ambitie uitspreekt om de kloof tussen publieke en private sector te dichten en Suriname naar “zelfbeschikking” te leiden, ligt er een cruciale taak om de bananensector – en andere strategische sectoren – te herstructureren. Dit betekent investeren in lokale capaciteit, het ontwikkelen van duurzame productieprocessen, diversificatie van exportmarkten en het creëren van een robuuste, eerlijke keten die Surinaamse arbeiders en de Surinaamse economie op de lange termijn ten goede komt. Alleen zo kan Suriname voorkomen dat de geschiedenis zich herhaalt en de rijke potentie van haar land ten volle benut wordt.

UNITEDNEWS

NIEUW VISUMTOESLAG VAN 250 DOLLAR ZAL GEVOLGEN HEBBEN VOOR REIZIGERS NAAR DE VS

Ingediend door admin op

Bron: Business.am

Een visumtoeslag van 250 dollar (215 euro) zal worden opgelegd aan reizigers die een niet-immigratievisum nodig hebben om de VS binnen te komen.

Reizigers uit landen die niet deelnemen aan het Visa Waiver Programma zijn onderworpen aan deze nieuwe vergoeding. De reisindustrie is bezorgd dat deze extra kosten het toerisme naar de Verenigde Staten verder zullen ontmoedigen.

Een nieuwe “visumintegriteitstoeslag” van 250 dollar (215 euro) zal worden opgelegd aan veel bezoekers die de VS binnenkomen, waardoor de reiskosten aanzienlijk zullen stijgen. De vergoeding werd goedgekeurd als onderdeel van een breder wetgevingspakket dat in juli werd ondertekend.

De vergoeding is van toepassing op

mensen die een niet-immigratievisum nodig hebben om de VS binnen te komen. Dit omvat een groot aantal visumcategorieën, waaronder toeristen-, studenten- en werkvisa.

Reizigers uit landen die niet deelnemen aan het Amerikaanse visumontheffingsprogramma zullen aan deze nieuwe belasting worden onderworpen.

Vrijstellingen en implementatie

Landen die momenteel deelnemen aan het Visa Waiver Programma, zoals die in Europa en Azië, staan hun burgers toe om de VS voor toeristische of zakelijke doeleinden voor maximaal 90 dagen zonder visum binnen te komen. Deze mensen zijn vrijgesteld van de nieuwe visumtoeslag van 250 dollar. Ze moeten echter wel een ESTA (Electronic System for Travel Authorization)-tarief van 21

dollar (18 euro) aanvragen en betalen voordat ze de Verenigde Staten binnen mogen.

De invoeringsdatum voor de “visumintegriteitsvergoeding” is nog niet vastgesteld. Maar het zou mogelijk kunnen samenvallen met het begin van het nieuwe fiscale jaar in oktober 2025. Het is ook nog onduidelijk welke instantie verantwoordelijk is voor het innen van de vergoeding. Waarschijnlijk zullen reizigers de 250 dollar moeten betalen wanneer ze hun visum ontvangen.

Zorgen van de reisindustrie

De invoering van deze extra vergoeding heeft tot bezorgdheid geleid in de reisindustrie. Critici zijn van mening dat het toerisme naar de VS hierdoor nog verder ontmoedigd zal worden, vooral in een tijd waarin het aantal bezoekers al daalt. Ze wijzen erop dat de vergoeding de ervaring van de reiziger niet verbetert en integendeel een barrière vormt voor potentiële bezoekers.

Geen invloed op reizigers uit België en buurlanden

Hoewel de ‘visumintegriteitstoeslag’ van 250 dollar veel toeristen zou kunnen ontmoedigen, heeft deze maatregel geen invloed op reizigers uit België, Nederland, Luxemburg en Frankrijk, aangezien zij onder het Visa Waiver Programma vallen. Voor hen blijft de aanvraag voor een ESTA vereist, maar de extra visumkosten blijven buiten beschouwing.

TRAVEL

Minister Emanuel neemt warm afscheid van haar Staf op ROS

Ingediend door admin op

In een warme en dankbare sfeer heeft minister Gracia Emanuel van Regionale Ontwikkeling en Sport(ROS) op 14 juli officieel afscheid genomen van haar directe staf. De bijeenkomst vond plaats op het ministerie aan de Kwattaweg en stond in het teken van wederzijdse waardering en reflectie .

Minister Emanuel sprak vol dankbaarheid over haar team en de samenwerking van de afgelopen jaren. Ze benadrukte dat het succes van het ministerie het resultaat is van gezamenlijke inzet, professionaliteit en loyaliteit. “Ik neem afscheid met een dankbaar hart,” aldus de bewindsvrouw.

Ook vanuit de staf werd er veel waardering uitgesproken voor het leiderschap van

de minister. Zo spraken directeuren Maverick Boejoekoe en Gordon Touw Angie Tjouw met respect over haar daadkracht, doorzettingsvermogen, visie en het warm hart dat zij had voor haar mensen.

Hermien Pavion benadrukte in haar toespraak dat de minister meer was dan alleen een meerdere. “Ze gaf leiding met gezag, maar ook met liefde.”

Melissa Fredericks blikte met voldoening terug op de afgelopen periode en prees vooral de positieve samenwerking met de minister.

Ook in de toespraken van de onderdirecteuren werd dank uitgesproken aan de minister voor het vertrouwen en de ruimte die zij bood om te groeien binnen hun functie. Daarnaast spraken zij

hun waardering uit voor de collegialiteit en samenwerking met hun medestafleden

De middag werd informeel afgesloten met drankjes en snacks. Naast blijdschap over de behaalde resultaten, vloeiden er ook hier en daar tranen bij het afscheid.

Met dit warme samenzijn is er een passend einde gekomen aan de ambtstermijn van minister Emanuel bij het Ministerie van Regionale Ontwikkeling en Sport.

Minister Huur neemt de scepter over bij Regionale Ontwikkeling

Ingediend door admin op

De nieuwe minister van Regionale Ontwikkeling, Miquella Huur, heeft vandaag officieel de scepter overgenomen van haar voorganger, Gracia Emanuel. De protocolaire overdracht vond plaats op het ministerie, waar minister Huur hartelijk werd verwelkomd door de staf en het personeel.

In haar eerste toespraak sprak minister Huur vol overtuiging over haar visie: “Het is een grote eer om als oud-medewerker nu uw minister te zijn.” Ze benadrukte het belang van decentralisatie, participatief bestuur en het stimuleren van ondernemerschap, in lijn met het regeerakkoord Simons-Rusland.

Ze kondigde aan het ministerie zichtbaar en mobiel te willen maken, met beleid dat van onderaf wordt opgebouwd,

van Galibi tot Apoera en van Atjoni tot Drietabbetje. Daarbij wordt ingezet op samenwerking met traditionele gezagsdragers, coöperaties en jongerenorganisaties. Ook wil ze interne processen verbeteren, investeren in personeel en het huisvestingsprobleem van het ministerie oplossen.

Directeur Mavrik Boejoekoe en onderdirecteur Sharma Leeflang spraken hun steun uit namens het directie team, evenals DNA-vicevoorzitter Ronnie Brunswijk, die opriep tot eenheid binnen het ministerie.

De dag werd afgesloten met een rondleiding en feestelijke entertainment.

MINISTER BASARON: BRUGGENBOUWER TUSSEN POLITIEK EN BEDRIJFSLEVEN VOOR SURINAME 2.0

Ingediend door admin op

Sinds zijn aantreden als minister van Economische Zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie (EZ), profileert Andrew Basaron zich als een ware bruggenbouwer. Als ondernemer en manager brengt hij een frisse, pragmatische aanpak naar het landsbestuur. Zijn uitgesproken ambitie is om de kloof tussen de publieke en private sector te dichten en Suriname naar een nieuw tijdperk van zelfbeschikking te leiden.

Basaron begon zijn zakelijke carrière in 2002, wat leidde tot de oprichting van AMPS in 2007. Dit bedrijf levert essentiële diensten, zoals ononderbroken stroomvoorziening voor kritieke faciliteiten in ziekenhuizen en industriële locaties. Zijn bijdragen aan Suriname zijn divers, van het opzetten van

bovengrondse elektriciteitsnetwerken en duurzame zonne-energieprojecten tot de realisatie van waterzuiveringsinstallaties die gemeenschappen voorzien van veilig drinkwater. Na het afronden van zijn masteropleiding in de VS keerde hij in 2001 terug naar Suriname en heeft hij 24 jaar lesgegeven aan de Anton de Kom Universiteit. Hij gelooft sterk in het investeren in jong talent om braindrain tegen te gaan en ondernemerschap in sectoren als ICT en landbouw te stimuleren. Daarnaast hebben hij en zijn familie in 2014 een kinderhuis en in 2015 een basisschool opgericht, wat zijn brede maatschappelijke betrokkenheid onderstreept.

Deze diepgaande kennis van de private sector en zijn maatschappelijke werk

vormen de kern van zijn politieke filosofie. “Ik ben nu wél politicus, want mijn ministerschap is een politieke aanstelling,” stelt hij nuchter. “Maar ik wil vooral bruggen bouwen tussen politiek en bedrijfsleven, tussen beleid en praktijk.

“ Zijn visie op “Suriname 2.0” draait om het geven van een nieuwe dynamiek aan de economie, waarbij niet gewacht wordt op olie en gas, maar de focus ligt op produceren, exporteren en eerlijke verdeling van welvaart. Hij wil zijn ervaring inzetten om het ministerie efficiënter en resultaatgerichter en met name faciliterend te maken voor het bedrijfsleven nationaal als internationaal.

De bewindsman heeft de afgelopen dagen benut voor een uitgebreide oriëntatie binnen zijn ministerie, inclusief kennismakingsbezoeken aan dependances. Tijdens deze bezoeken benadrukte hij het belang van open communicatie, transparantie en een veilige werkomgeving. Hij wil investeren in menskracht en capaciteit door middel van gerichte trainingen en digitalisering, met als doel een efficiëntere dienstverlening en het tegengaan van corruptie. Basaron is zich terdege bewust van de uitdagingen, zoals het tekort aan deskundig personeel en de hoge winkelprijzen, met name in het binnenland. Hij belooft deze knelpunten aan te pakken door talent aan te trekken en te onderzoeken waar in de keten ingrepen nodig zijn om prijzen betaalbaar te maken. Zijn boodschap is duidelijk: de overheid moet faciliteren, niet blokkeren, en corruptie aanpakken. Met zijn achtergrond als ondernemer en zijn duidelijke visie op samenwerking en innovatie, lijkt minister Basaron vastbesloten om de brug te slaan tussen beleid en praktijk, en zo een fundament te leggen voor een welvarend, rechtvaardig en producerend Suriname.

UNITEDNEWS

Formele overdracht door gewezen ministers Nurmohamed en Dasai aan Waarnemend Minister Drs. André Misiekaba

Ingediend door admin op

Op donderdag 17 juli 2025 heeft de officiële protocoloverdracht plaatsgevonden op het ministerie van Openbare Werken. Bij deze gelegenheid droeg de gewezen minister, Dr. Riad Nurmohamed, zijn taken over aan de nieuw aangestelde waarnemend minister, Drs. André Misiekaba.

In zijn afscheidsrede sprak gewezen minister Nurmohamed zijn oprechte dank uit aan alle medewerkers voor de prettige samenwerking gedurende zijn ambtstermijn. Hij benadrukte dat er in de afgelopen decennia veel werk is verzet en dat hij met voldoening terugblikt op de bereikte resultaten. Tevens wenste hij de waarnemend minister veel succes toe bij het voortzetten van de werkzaamheden op het ministerie.

Ook Dr.

Marciano Dasai, gewezen minister van Ruimtelijke Ordening en Milieu, voerde het woord. Hij stond stil bij de vele projecten die de afgelopen jaren op het gebied van milieu zijn uitgevoerd en benadrukte de intensieve en vruchtbare samenwerking met zijn collega, minister Nurmohamed. Dr. Dasai droeg formeel zijn taken over en gaf aan dat met ingang van heden het directoraat Ruimtelijke Ordening onder het ministerie van Openbare Werken zal ressorteren.

Waarnemend minister Drs. André Misiekaba bedankte zijn voorgangers voor hun inzet en het vertrouwen. In zijn toespraak gaf hij aan dat de uitdagingen op het ministerie enkel gezamenlijk kunnen worden aangepakt. “Zonder

de ondersteuning en medewerking van het personeel zal het niet mogelijk zijn de taken succesvol uit te voeren,” aldus minister Misiekaba. Hij benadrukte dat samenwerking centraal zal staan. Na de overdracht heeft de waarnemend minister een gedeeltelijke rondleiding gekregen in het gebouw, waarbij hij onder meer de afdelingen Voorlichting, MPU, ICT, Coördinatie Districten, Informatie-units, OSW en PMA heeft bezocht. Tijdens deze gelegenheid maakte hij tevens kennis met het aanwezige personeel.

Met deze overdracht is een nieuwe fase ingeluid voor het ministerie, dat vanaf heden officieel de naam draagt: Ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening.

RAAD VAN ADVIES (RVA) | CURAÇAOSE JONGERENWET IS DISCRIMINEREND

Ingediend door admin op

Bron: Curaçao.nu

De Raad van Advies (RvA) kraakt de nieuwe jongerenwet van de Staten, die werkzoekenden tot 30 jaar vrijstelt van loonbelasting en sociale lasten.

De regeling is volgens de Raad juridisch kwetsbaar, financieel onvoldoende onderbouwd en mogelijk discriminerend. Pas na ingrijpende aanpassingen kan de wet volgens de Raad in werking treden. De ‘Landsverordening bevordering arbeidsparticipatie jongeren en jongvolwassenen’ is een initiatief van Statenleden en werd in maart in ontwerp goedgekeurd.

De wet moet het voor werkgevers aantrekkelijker maken om jongeren aan te nemen door fiscale lasten te verlagen. Maar volgens de Raad ontbreekt een overtuigende onderbouwing waarom juist jongeren deze voordelen krijgen

en anderen met een vergelijkbaar inkomen niet.

Miskenning van rechtsbeginselen

De Raad wijst op strijdigheid met artikel 3 van de Staatsregeling van Curaçao en artikel 14 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Jongeren die onder deze regeling vallen, houden meer nettoloon over dan andere werkenden met hetzelfde brutoloon. De wet maakt daardoor onderscheid tussen gelijke gevallen, zonder dat duidelijk is waarom dat noodzakelijk of gerechtvaardigd is.

Ook op uitvoeringsniveau rammelt de regeling. De Sociale Verzekeringsbank (SVB), die verantwoordelijk is voor het innen van premies en uitbetalen van uitkeringen, is buiten de uitvoering gehouden. De wet legt die taak volledig

bij de Inspectie der Belastingen, wat volgens de Raad “de soepele werking ernstig kan belemmeren”.

Daarnaast ontbreekt een heldere toezichtstructuur, is de terminologie in de wet inconsistent en wordt in de toelichting gesproken over voordelen voor werkgevers die in de wetstekst zelf niet voorkomen. De memorie van toelichting bevat bovendien meerdere bepalingen die juridisch gezien niet bindend zijn, omdat ze niet zijn opgenomen in de wettekst.

Financiële onderbouwing schiet tekort

De Raad noemt de cijfermatige onderbouwing van de wet onbetrouwbaar. De werkloosheidscijfers die als basis dienen voor de verwachte kosten en besparingen, spreken elkaar tegen. Ook de inschatting dat een werkloze jongere de overheid 2.378 gulden per maand kost, noemt de Raad “niet realistisch”.Hoewel de Raad het doel van de wet – het bevorderen van werkgelegenheid voor jongeren – ondersteunt, adviseert zij de regering om de wet pas in werking te laten treden nadat alle fundamentele tekortkomingen zijn hersteld via een aanvullend wetgevingstraject.

Zonder aanpassing dreigt de wet volgens de Raad in de praktijk onuitvoerbaar te worden en juridisch onderuit te gaan. Een bekrachtiging zonder correcties acht de Raad onverantwoord. De bal ligt nu bij de regering.

REGIO

 

SURINAME PLEIT BIJ VN VOOR GELIJKE KANSEN EN DUURZAME ONTWIKKELING

Ingediend door admin op

De Surinaamse delegatie, geleid door Elizabeth Bradley van het ministerie van Buitenlandse Zaken, benadrukte in vier interventies de prioriteiten van het land op het gebied van gezondheidszorg, gendergelijkheid, werkgelegenheid en oceaanbescherming.

Tijdens het forum, dat loopt van 14 tot 23 juli 2025, stond de evaluatie van vijf Duurzame Ontwikkelingsdoelen centraal.

Suriname presenteerde onder meer de resultaten van het Health Systems Improvement Programme en het WHO-certificaat voor malaria-eliminatie als bewijs van zijn inzet voor SDG 3 (gezondheid). Bradley benadrukte dat sterke gezondheidszorg fundamenteel is voor menselijke waardigheid.

Op het gebied van gendergelijkheid (SDG 5) wees Suriname op recente wetten tegen discriminatie en seksuele intimidatie,

maar erkende ook de blijvende uitdagingen rond gelijke lonen en de vertegenwoordiging van vrouwen in leiderschapsrollen.

Wat betreft fatsoenlijk werk (SDG 8) lichtte de delegatie initiatieven toe voor het bevorderen van werkgelegenheid voor jongeren, vrouwen en Inheemse gemeenschappen. Innovatieve sectoren als duurzaam toerisme en digitale technologieën krijgen hierbij prioriteit.

Ook de bescherming van oceanen en kustgebieden (SDG 14) kreeg aandacht. Suriname gaf aan in te zetten op ruimtelijke ordening, wetgeving en de strijd tegen illegale visserij, mede in het licht van de ontwikkeling van de offshore energiesector.

Samen met CARICOM en andere kleine eilandstaten drong Suriname aan op eerlijke financiering en betrouwbare data

voor duurzame ontwikkeling. Op 22 juli zal het land zijn tweede Vrijwillige Nationale Evaluatie (VNR) presenteren.

UNITEDNEWS

 

Man aangehouden voor mishandeling

Ingediend door admin op

De verdachte S.P. (35) is op zaterdag 19 juli 2025 voor mishandeling van zijn vriendin C.R. (29) aangehouden. De politie van het bureau Livorno, kreeg op vrijdag 18 juli 2025 de melding van mishandeling op een adres in het politieressort en deed de plek aan voor onderzoek.

Uit het voorlopige onderzoek is naar voren gekomen dat de verdachte de jonge vrouw meerdere slagen in het gezicht heeft toegebracht, omdat zij langer weg was gebleven, toen zij de oom van haar partner thuis had afgezet. De verdachte raakte verhit hetgeen tot een uitbarsting van geweld leidde. Ondanks de aangeefster hem probeerde

uit te leggen wat zich had voorgedaan, weigerde hij naar haar te luisteren.

Zij liep een snee op onder haar oog en hield een bult over op haar voorhoofd. Met een visum werd het slachtoffer voor medische behandeling verwezen naar de Spoed Eisende Hulp van het Academisch Ziekenhuis Paramaribo.

De verdachte werd opgespoord en is op 19 juli 2025 door de wetsdienaren in de kraag gevat en ter voorgeleiding overgebracht naar het politiebureau. Na overleg met het Openbaar Ministerie is de verdachte hangende het onderzoek door de politie in verzekering gesteld.